BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van de agenda van de gemeenteraad van 28 september 2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van de data van de commissies.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist dat het bestek met nr. 2026/862 en de raming voor de opdracht “Vernieuwing en optimalisatie van het Lierse geschenkbonnensysteem”, opgesteld door Algemene zaken - aankoop en overheidsopdrachten en dit in opdracht van team ondernemen worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de openbare procedure.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal en Europees niveau.
De offertes dienen het bestuur ten laatste te bereiken op 10 november 2026 om 08.05 uur.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist principieel akkoord te gaan met de partiële splitsing van Woonstroom BV met een disproportionele verdeling van de nieuwe aandelen van Thuisrand BV.
Art 2 :
Het college beslist het dossier ter goedkeuring aan de gemeenteraad voor te leggen.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist conform art. 6.3.5 van het Onroerenderfgoedbesluit toelating te verlenen voor het tijdelijk verplaatsen van het reliekschrijn van Sint-Gummarus tijdens de Sint-Gummarusprocessie op 11 oktober 2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist conform art. 6.3.5 van het Onroerenderfgoedbesluit toelating te verlenen voor het transporteren van de reliekboom van Sint-Gummarus naar het restauratieatelier in Lubbeek.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het snoeien en rooien van bomen in de Beatrijslaan, Nazaretdreef en Neerloop toe te wijzen aan Bergenboomverzorging BV, Goorstraat 3a te 2970 Schilde.
BESLUIT
Art 1 :
Het college gaat akkoord met de prijsindexering voor het archeologisch onderzoek fase 3 op de Normaalschool door de firma Adede.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de opdracht voor het aanplanten van bloembollen op begraafplaats Kloosterheide, Beekstraat en Mechelpoort toe te wijzen aan JUB, Robijnslaan 43 te 2211TG, Noordwijkerhout (Nederland).
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de aanpassingswerken aan de verwarmingsinstallatie van de colibrantkapel toe te wijzen aan de firma KVT nv.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist dat het bestek met nr. 2026/866 en de raming voor de opdracht “aanstellen studiebureau voor conditiestaatmeting op grondgebied van Lier”, opgesteld door Algemene zaken - aankoop en overheidsopdrachten en dit in opdracht van het technisch bureau - gebouwen worden goedgekeurd. De lastvoorwaarden worden vastgesteld zoals voorzien in het bestek en zoals opgenomen in de algemene uitvoeringsregels van de overheidsopdrachten voor aannemingen van werken, leveringen en diensten.
Bovengenoemde opdracht wordt gegund bij wijze van de vereenvoudigde onderhandelingsprocedure met voorafgaande bekendmaking.
De aankondiging van de opdracht wordt ingevuld, goedgekeurd en bekendgemaakt op nationaal niveau.
De offertes dienen het bestuur ten laatste te bereiken op 9 oktober 2026 om 08.05 uur.
Het college gaat akkoord met de actualisatie van het ereloon van de ontwerper en de spreiding over de periode 2026-2028.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist toelating te verlenen voor de organisatie van de 6e Lierse Vlaaikeswandeling op zondag 18 oktober 2026 tussen 08u00 en 20u00 met vertrek en aankomst op atletiekpiste Netestadion, Aarschotsesteenweg 3.
Art 2 :
De deelnemers dienen de wegcode te volgen.
De adviezen van de brandweer dienen opgevolgd te worden.
Omwille van bepaalde weersomstandigheden (vb. wind > 5 bft, storm, extreme droogte/hitte, brandindex,…) kunnen te allen tijde door de burgemeester extra maatregelen worden opgelegd in functie van de openbare veiligheid.
Art 3 :
Het college verleent toelating voor de plaatsing van tijdelijke bewegwijzering.
De bewegwijzering dient aan volgende voorwaarden te voldoen :
● tijdelijke borden/pijlen mogen niet aan verkeersborden of –lichten, verlichtingspalen of bomen bevestigd worden
● de tekst op de borden/pijlen mag uitsluitend betrekking hebben op het evenement
● de borden/pijlen mogen geen gelijkenis vertonen met verkeersborden of –tekens
● de borden/pijlen mogen de weggebruikers (zowel voertuigen, fietsers en voetgangers) niet hinderen
De bewegwijzering mag één dag voor het evenement aangebracht worden en moet één dag later terug verwijderd worden
De verantwoordelijkheid van de stad kan niet ingeroepen worden bij eventuele schade of ongeval n.a.v. de plaatsing van de bewegwijzering.
Voor de plaatsing van bewegwijzering op een gewestweg dient de aanvrager bovendien ook de toelating te vragen van het Agentschap Wegen en Verkeer.
De aanvrager dient vooraf een afbeelding van de te plaatsen borden/pijlen te bezorgen aan de dienst evenementen.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist toelating te verlenen aan wijkcomité Den Oever voor de plaatsing van hun kerststal op het grasveld van het Gebroeders Doxplein van vrijdag 4 december 2026 tem zaterdag 16 januari 2027.
Art 2 :
Het college gaat akkoord met de organisatie van een kerstborrel op zaterdag 19 december 2026 van 14u00 tot 22u00 en de plaatsing van een extra tent van 32m² naast de kerststal.
Het college beslist aan de organisator machtiging te verlenen voor het schenken van gedistilleerde/sterke dranken tijdens de kerstborrel in het kader van een occasionele drankgelegenheid.
Art 3 :
Er mogen geen beschadigingen aan het openbaar domein aangebracht worden.
De adviezen van de brandweer dienen opgevolgd te worden.
Alle tijdelijke constructies dienen stevig verankerd te worden zodat ze bestand zijn tegen weersomstandigheden.
Omwille van bepaalde weersomstandigheden (vb. wind > 5 bft, storm, extreme droogte/hitte, brandindex,…) kunnen te allen tijde door de burgemeester extra maatregelen worden opgelegd in functie van de openbare veiligheid.
Art 4 :
Verplicht gebruik van herbruikbare drankrecipiënten. Ook voor eten wordt de voorkeur gegeven aan herbruikbaar cateringmateriaal.
Andere afvalfracties die ontstaan bij het evenement (verpakkingsafval, papier en karton, glas, etensresten...) dienen in de eerste plaats vermeden te worden en in de tweede plaats maximaal gerecycleerd. Het aandeel restafval dient zo klein mogelijk gehouden te worden. De organisatie en deelnemers staan zelf in voor het correct afvoeren van het afval, dwz sorteren en aanbieden als huishoudelijk of bedrijfsafval. Het afval mag niet in de publieke vuilnisbakken worden gedeponeerd.
OPGELET: vanaf 1 januari 2024 is het verplicht om keukenafval en etensresten te sorteren. In een zone waar bezoekers eten, is het aangewezen om een inzamelbak voor etensresten te plaatsen. Ook daar waar het eten bereid wordt, moet een apart recipiënt voorzien worden. De deelnemers en bezoekers van het evenement dienen hier ook over ingelicht te worden.
Het openbaar domein wordt door de organisatie nadien gecontroleerd en waar nodig geveegd/opgeruimd.
Indien er flyers of promomateriaal worden uitgedeeld, gelieve op zoek te gaan naar duurzame producten en producten te vermijden die makkelijk zwerfvuil worden.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist toelating te verlenen aan café Het Belofte Land, Begijnhofstraat 7, voor de organisatie van een jubileumweekend op vrijdag 9 oktober en zaterdag 10 oktober 2026.
Art 2 :
Het college beslist volgende afwijkingen op de geluidsnormen voor elektronisch versterkte muziek toe te staan:
Op vrijdag 09/10/2026
● mag het geluidsniveau van de muziek tussen 21u00 en 03u00 niet meer bedragen dan 90 db(A) Laeq,15 min
● dienen de muziekactiviteiten stipt beëindigd te worden om 03u00
Op zaterdag 10/10/2026
● mag het geluidsniveau van de muziek tussen 21u00 en 03u00 niet meer bedragen dan 90 db(A) Laeq,15 min
● dienen de muziekactiviteiten stipt beëindigd te worden om 03u00
Art 3 :
De organisator dient zich te houden aan volgende voorwaarden:
De organisator moet de omwonenden binnen een straal van 200 m rond het evenement
uiterlijk één week voor het evenement informeren en de gegevens van de organisator of
verantwoordelijke meedelen.
De organisator voorziet een geluidsmeter met permanente registratie, die permanent de
LAeq, 15 min-waarde meet. Deze geluidsmeter dient opgesteld te worden tussen het
publiek, aan de DJ- of PA-installatie. De resultaten van de meting dienen telkens binnen de 2
dagen in tabelvorm aan de stad Lier bezorgd te worden (evenementen@lier.be).
Tijdens het evenement dienen ramen en deuren gesloten te blijven.
De organisator dient erop toe te zien dat het evenement zich niet uitbreidt naar het openbaar
domein en daarmee de openbare rust verstoort.
De beslissing dient op eenvoudig verzoek aan de toezichthoudende diensten getoond
kunnen worden.
Het college neemt kennis van de roofvogeldemonstratie die zal doorgaan op 10/10/2026 aan de A. Vanderpoortenlaan 35 te Lier.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het wijzigen functie boven glv en regularisatie werken anders uitgevoerd dan vergund. te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
● De bijgevoegde maatregelen opgelegd in het advies van Brandweerzone Rivierenland (ref. P10948-002/01) van 14 augustus 2026 strikt na te leven.).
● Wijziging van de functie 'handelszaak' voor unit B naar 'dancing, restaurant en café' in alle vergunde plannen, zoals ook in de beschrijvende nota aangevraagd.
● Afsplitsing unit B van de rest van het gebouw mag niet leiden tot het verlies van de horecafunctie of een andere functie die conform de Beleidsvisie Detailhandel dd. 26/01/26 is
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 3:
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Deze omgevingsvergunning beperkt zich tot de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen. Eventueel onvergunde vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen worden hiermee niet stilzwijgend goedgekeurd en dienen deel uit te maken van een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken. Meer informatie over groenvoorzieningen kan u terugvinden in het programma van eisen groeninrichting op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/natuur-milieu-en-duurzaamheid/groen/groeninrichting-in-lier
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het slopen en herbouwen achterbouwen van eengezinsrijwoning en optoppen zadeldak te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
● Gevelopeningen moeten waterdicht afsluitbaar gemaakt worden tot minimaal op 6,67 mTAW. Ter hoogte van openingen, zoals deuren, e.d., moet men schotten voorzien. Die moeten geplaatst worden bij dreigende overstromingen. Ook de gevelbekleding moet waterondoorlatend zijn tot dit peil. Dit alles moet duidelijk op de plannen aangeduid staan.
● De kelder moet waterdicht gemaakt tot minimaal 6,67 mTAW. Alle gevelopeningen en doorboringen van de kelderwand zoals voor verluchting, nutsleidingen, toegangen, … moeten waterdicht afgewerkt worden. Men mag bovendien geen schadegevoelige infrastructuur in de kelder onderbrengen.
● Aansluitingen op de openbare riolering moeten voorzien worden van een terugslagklep.
● Er moeten een hemelwaterpomp en aanvoerleidingen voorzien worden naar elk toilet, wasmachine en dienstkranen voor poetswater, tuin en terras.
● Geen bezwaar betreffende het aanbrengen van gevelisolatie tot een maximale dikte van 14 cm (incl. afwerking) voorbij de rooilijn o.w.v. voldoende voetpadbreedte. Kosten voor het (tijdelijk) verplaatsen van installaties van openbaar nut (nutsleidingen, openbare verlichting, verkeersborden,...) zijn ten laste van de aanvrager.
● Voor aansluiting riolering zijn de standaard richtlijnen van Pidpa voor centraal gebied van toepassing (zie bijlage).
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 3:
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Deze omgevingsvergunning beperkt zich tot de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen. Eventueel onvergunde vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen worden hiermee niet stilzwijgend goedgekeurd en dienen deel uit te maken van een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken. Meer informatie over groenvoorzieningen kan u terugvinden in het programma van eisen groeninrichting op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/natuur-milieu-en-duurzaamheid/groen/groeninrichting-in-lier
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het slopen en herbouwen achterbouwen van eengezinsrijwoning en optoppen met zadeldak te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
● Gevelopeningen van het te behouden woninggedeelte moeten waterdicht afsluitbaar gemaakt worden tot minimaal op 6,67 mTAW. Ter hoogte van openingen, zoals deuren, e.d., moet men schotten voorzien. Die moeten geplaatst worden bij dreigende overstromingen. Ook de gevelbekleding moet waterondoorlatend zijn tot dit peil. Dit alles moet duidelijk op de plannen aangeduid staan.
● Aansluitingen op de openbare riolering moeten voorzien worden van een terugslagklep.
● Er moeten een hemelwaterpomp en aanvoerleidingen voorzien worden naar elk toilet, wasmachine en dienstkranen voor poetswater, tuin en terras.
● Geen bezwaar betreffende het aanbrengen van gevelisolatie tot een maximale dikte van 14 cm (incl. afwerking) voorbij de rooilijn o.w.v. voldoende voetpadbreedte. Kosten voor het (tijdelijk) verplaatsen van installaties van openbaar nut (nutsleidingen, openbare verlichting, verkeersborden,...) zijn ten laste van de aanvrager.
● Voor aansluiting riolering zijn de standaard richtlijnen van Pidpa voor centraal gebied van toepassing (zie bijlage).
●
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 3
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Deze omgevingsvergunning beperkt zich tot de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen. Eventueel onvergunde vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen worden hiermee niet stilzwijgend goedgekeurd en dienen deel uit te maken van een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken. Meer informatie over groenvoorzieningen kan u terugvinden in het programma van eisen groeninrichting op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/natuur-milieu-en-duurzaamheid/groen/groeninrichting-in-lier
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het isoleren en verbouwen te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
● De voorwaarden opgelegd in voorgaande omgevingsvergunning (2024/252) blijven onverminderd van toepassing:
○ De nieuw op te richten tuinmuur moet beperkt worden tot een hoogte van 2 m.
○ Kosten voor het (tijdelijk) verplaatsen van installaties van openbaar nut (nutsleidingen, openbare verlichting, verkeersborden, fietsnieten,...) zijn ten laste van de aanvrager.
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 3:
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Deze omgevingsvergunning beperkt zich tot de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen. Eventueel onvergunde vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen worden hiermee niet stilzwijgend goedgekeurd en dienen deel uit te maken van een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken. Meer informatie over groenvoorzieningen kan u terugvinden in het programma van eisen groeninrichting op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/natuur-milieu-en-duurzaamheid/groen/groeninrichting-in-lier
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het wijzigen functie van gelijkvloers handelspand naar inkom en garage en verbouwen gevel te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
• De aanpassing van het openbaar domein (voetpad, boordstenen, straatkolk, goot) aan de aangevraagde oprit dient te gebeuren door de stad.
Een aanvraag hiervoor gebeurt via de website van de stad : https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/verlagen-boordstenen-en-aanleg-oprit
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 3:
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Deze omgevingsvergunning beperkt zich tot de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen. Eventueel onvergunde vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen worden hiermee niet stilzwijgend goedgekeurd en dienen deel uit te maken van een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken. Meer informatie over groenvoorzieningen kan u terugvinden in het programma van eisen groeninrichting op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/natuur-milieu-en-duurzaamheid/groen/groeninrichting-in-lier
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het wijzigen functie van handelshuis naar handel en wonen + verbouwen te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 3:
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
Deze omgevingsvergunning beperkt zich tot de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen. Eventueel onvergunde vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen worden hiermee niet stilzwijgend goedgekeurd en dienen deel uit te maken van een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag.
Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken. Meer informatie over groenvoorzieningen kan u terugvinden in het programma van eisen groeninrichting op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/natuur-milieu-en-duurzaamheid/groen/groeninrichting-in-lier
Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het uitbreiden met een dakappartement te weigeren.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het uitbreiden en wijzigen van handelspand met 1 woning naar een meergezinswoning met 2 wooneenheden te weigeren.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de woning met dossiernummer LSW202523 te schrappen uit het leegstandsregister met ingang van 24/02/2026, de datum van het eerste plaatsbezoek.
Art 2 :
Het college beslist dat bovenvermelde woning voldoet aan het reglement tweede verblijven.
De houder van het zakelijk recht moet jaarlijks tijdig een aangifte tweede verblijf indienen volgens het geldende belastingreglement op tweede verblijven, en dit gedurende het effectieve gebruik als tweede verblijf.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de volgende lijst betaalbaarstellingen, dienstjaar 2026, betaalbaar te stellen voor een totaal bedrag van 1.376.075,22 euro : mandaatlijsten 508, 509, 510, 511, 512, 513, 514, 515, 516, 517, 518, 522, 523, 524, 525, 526, 528, 533.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het belastingkohier op "Verspreiding niet-geadresseerde reclamedrukwerken en gelijkgestelde producten en sampling/flyering", 2e kwartaal dienstjaar 2026, vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren voor een totaal bedrag van 58.569,09 euro.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het belastingkohier op "Onbewoonbare, ongeschikte, verwaarloosde, bouwvallige of leegstaande woningen en/of gebouwen", dienstjaar 2026, vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren voor een totaal bedrag van 120.000 euro.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het verslag van de vorige vergadering dd. 7 september 2026 goed te keuren.
Het college neemt kennis van de agenda met acties en evenementen tijdens de novemberfoor 2026.
BESLUIT
Art 1:
Het college beslist dat de woning niet kan opgenomen worden als meergezinswoning bestaande uit twee entiteiten in het vergunningenregister van de stad. De woning is een eengezinswoning.
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van de beslissing van de deputatie.
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van de hoorzitting van de Dienst Omgevingsberoepen (OMBER) op 29/09/2026.
BESLUIT:
Art 1 :
Het college neemt kennis van de hoorzitting van de Dienst Omgevingsberoepen (OMBER) op 04/08/2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van het arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen.
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van het arrest van de Raad voor Vergunningsbetwistingen.
Art 1:
Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het advies van dienst Omgeving en beslist dat de voorwaarde met betrekking tot de deelwagen niet moet worden uitgevoerd.
Art 2:
Het college van burgemeester en schepenen beslist dat het verkoopbaarheidsattest wordt afgeleverd voor de verkaveling OV V 2020/12.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het slopen tuinhuis te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
Er worden geenspecifieke stedenbouwkundige voorwaarden opgelegd.
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 3:
Volgende bepalingen zijn van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Deze omgevingsvergunning beperkt zich tot de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen. Eventueel onvergunde vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen worden hiermee niet stilzwijgend goedgekeurd en dienen deel uit te maken van een afzonderlijke omgevingsvergunningsaanvraag.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken. Meer informatie over groenvoorzieningen kan u terugvinden in het programma van eisen groeninrichting op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/natuur-milieu-en-duurzaamheid/groen/groeninrichting-in-lier
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Art 1 :
Het college vaardigt volgende tijdelijke politieverordening op het wegverkeer uit: in het belang van de openbare orde, rust en veiligheid zullen tijdelijke verkeersmaatregelen genomen worden voor de organisatie van Dode Hoek Educatie op woensdag 23/09/2026 en donderdag 24/09/2026.
Art 2 :
Volgende tijdelijke verkeersmaatregelen zullen ingesteld worden:
Inname voorzien op woensdag 23/09/2026 ( 07.00u tot 13.00u) en donderdag 24/09/2026 (van 07.00u tot 17.00u) parking van het R Veremansplein.
SIGNALISATIE :
Parkeer- en stilstaanverbod
Locatie zie plan : E3 met onderbord “23/09/2026 en 24/09/2026”
Voldoende nadars te voorzien !
Dit geeft de mogelijkheid om tussen 7 en 8 uur te takelen indien nodig. Men kan zodra de ruimte vrij(gemaakt) is deze zone visueel en fysiek afscheiden van de openbare weg met nadars. De organisatie staat dan zelf in voor het beheer van deze ruimte.
De verkeersborden E3 worden verwijderd zodra de zone vrij(gemaakt) is.
De visueel en fysiek afgebakende ruimte maakt dan tijdelijk geen deel uit van de openbare weg.
Parkeerverbod te plaatsen door de stadsdiensten. Zij leveren ook de nadars.
Het afbakenen van de ruimte (plaatsen en wegzetten van de nadars) dient door de organisatie te gebeuren.
Art 3 :
De verkeersmaatregelen worden bekend gemaakt aan de weggebruiker met de passende verkeerstekens overeenkomstig artikel 12 van de verkeerswet (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 4
Inbreuken worden gestraft zoals voorzien in de wet van het wegverkeer (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 5
Afschrift van huidig besluit wordt overgemaakt aan de Griffies van de Rechtbank van Eerste Aanleg en de Politierechtbank te Mechelen.
BESLUIT
Art 1 :
Het college vaardigt volgende tijdelijke politieverordening op het wegverkeer uit: in het belang van de openbare orde, rust en veiligheid zullen tijdelijke verkeersmaatregelen genomen worden voor de organisatie van het schoolfeest van basisschool Het Spoor op zaterdag 26/09/2026.
Art 2 :
Volgende tijdelijke verkeersmaatregelen zullen ingesteld worden:
Parkeerverbod van huisnummer 8 t.e.m 18
Afdekken tegenstrijdige signalisatie
SIGNALISATIE :
Parkeerverbod
E1 met onderbord “zaterdag van 8.00u tot 19.00u”
Levering en plaatsing van het parkeerverbod door de stadsdiensten.
Art 3 :
De verkeersmaatregelen worden bekend gemaakt aan de weggebruiker met de passende verkeerstekens overeenkomstig artikel 12 van de verkeerswet (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 4
Inbreuken worden gestraft zoals voorzien in de wet van het wegverkeer (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 5
Afschrift van huidig besluit wordt overgemaakt aan de Griffies van de Rechtbank van Eerste Aanleg en de Politierechtbank te Mechelen.
Art 1 :
Het college vaardigt volgende tijdelijke politieverordening op het wegverkeer uit: in het belang van de openbare orde, rust en veiligheid zullen tijdelijke verkeersmaatregelen genomen worden voor de organisatie van Memorial Marieke Vervoort op zaterdag 30/10/2026.
Art 2 :
Volgende tijdelijke verkeersmaatregelen zullen ingesteld worden:
Parkeerverbod
Wanneer:
Van vrijdag 02/10/2026 (16.00u) tot zondag 04/10/2026 (12.00u)
Verkeersmaatregelen:
Parkeerverbod
Parkeerverbod voor inname openbaar domein voor 40 parkeerplaatsen thv torengebouw kant atletiekpiste
E1’s te plaatsen met vermelding ‘ Vrijdag vanaf 16.00u t.e.m. Zondag 12.00u’
Levering en plaatsing van het parkeerverbod door de stadsdiensten.
Art 3 :
De verkeersmaatregelen worden bekend gemaakt aan de weggebruiker met de passende verkeerstekens overeenkomstig artikel 12 van de verkeerswet (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 4
Inbreuken worden gestraft zoals voorzien in de wet van het wegverkeer (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 5
Afschrift van huidig besluit wordt overgemaakt aan de Griffies van de Rechtbank van Eerste Aanleg en de Politierechtbank te Mechelen.
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van de lijst bestelbonaanvragen Stad Lier voor een totaal bedrag van 21.012,71 euro, aangemaakt in week 37 van 2026, die de volledige goedkeuringsflow doorlopen hebben.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.