BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het aanvraagdossier volledig en ontvankelijk te verklaren en zodoende goedkeuring te verlenen aan de toekenning van de 64ste premie voor invulling leegstaande handelspanden in het Lierse kernwinkelgebied (i.c. de 2de premie in 2026).
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van onderstaand huishoudelijk reglement en beslist dit door te sturen naar de gemeenteraad ter goedkeuring.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist geen aanpassingen te doen aan deze twee deelgebieden:
Deelgebied 1: Scouting Lier en de Ernstige Hond en
Deelgebied 10: Recreatiegebieden Nazareth en Kriekenstraat.
Art 2 :
Het college beslist volgende deelgebieden uit de plancontour van het RUP te schrappen:
● Deelgebied 2: Chiro Jut
● Deelgebied 5: Hoefslag VOR
● Deelgebied 6: Zevenbergen:
● Deelgebied 8: Lierse Posthengelaars
● Deelgebied 9: Tallaerthof
● Deelgebied 12: recreatiegebied ’t Spui (Konijneneiland)
Art 3 :
Het college beslist vijf deelgebieden te wijzigen op basis van de adviezen en inspraakreacties
● Deelgebied 3: LRV De Heideruiters
● Deelgebied 4: Tennisclub 't Sas
● Deelgebied 7 Herakles
● Deelgebied 11: Recreatiegebied Marnixdreef
● Deelgebied 13: Ring West
Art 4 :
Het college beslist de opstart van een masterplan voor de geïntegreerde ontwikkelingsvisie voor Ring West.
Art 5 :
Het college beslist het voeren van bijkomend onderzoek naar de mogelijkheden voor HAG-compensatie
Art 6 :
Het college beslist het inwinnen van juridisch advies over de afwijkingsmogelijkheden voor RUP ‘Hoogdynamische recreatie Hoge Velden – Posthoorn’ in functie van het uiteindelijke programma.
Art 7:
Het college beslist het informeren van de eigenaarsvan de deelgebieden die uit het RUP Recreatie zullen worden gehaald.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het wijzigen functie van handel met wonen naar handel met kantoor te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
● De bijgevoegde maatregelen opgelegd in het advies van Brandweerzone Rivierenland (ref. P18073-003/01) van 2 januari 2026 strikt na te leven.).
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken;
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist dat een proces verbaal van sluiting wordt opgemaakt met de melding dat er 1 bezwaarschrift(en) werden ingediend.
De elementen uit de verschillende bezwaren zijn van die aard dat ze niet kunnen worden bijgetreden.
Art. 2:
Het college beslist de aanvraag ingediend inzake het uitbreiden vrijstaande eengezinswoning, te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 3:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
● De veiligheidsafstanden en de algemene voorwaarden m.b.t. bouwaanvragen dienen strikt te worden nageleefd (zie bijlage infrabel).
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken;
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist dat een proces verbaal van sluiting wordt opgemaakt met de melding dat er 1 bezwaarschrift(en) werden ingediend.
Art. 2:
Het college beslist de aanvraag ingediend inzake het verkavelen in 2 loten voor halfopen bebouwing, voorwaardelijk te vergunnen.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 3:
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken;
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het uitbreiden eengezinsrijwoning te weigeren.
BESLUIT
Art. 1:
Het college beslist om vrijstelling van belasting toe te kennen wegens renovatiewerken voor de woning met dossiernummer EN25-00019872, met ingang van 30/10/2025 tot 29/10/2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om een ambtelijke vrijstelling van belasting toe te kennen voor de woning met dossiernummer EN19-008479, met ingang van 24/09/2025 tot 23/09/2027.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de betwisting ingediend door de eigenaars tegen de opname op de inventaris van leegstand voor de woning met dossiernummer LS202557, ontvankelijk en gegrond te verklaren.
Art 2 :
Het college beslist dat de houder van het zakelijk recht jaarlijks tijdig een aangifte tweede verblijf moet indienen volgens het geldende belastingreglement op tweede verblijven, en dit gedurende het effectieve gebruik als tweede verblijf.
De eerstvolgende aangifte dient te gebeuren uiterlijk 30 juni 2026 voor aanslagjaar 2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de betwisting ingediend door de eigenaars tegen de opname op de inventaris van leegstand voor de woning met dossiernummer LS202558, ontvankelijk en gegrond te verklaren.
Art 2 :
Het college beslist dat de houder van het zakelijk recht jaarlijks tijdig een aangifte tweede verblijf moet indienen volgens het geldende belastingreglement op tweede verblijven, en dit gedurende het effectieve gebruik als tweede verblijf.
De eerstvolgende aangifte dient te gebeuren uiterlijk 30 juni 2026 voor aanslagjaar 2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de woning met dossiernummer LS202226 (interne nummer 20221209_142135) ambtelijk te schrappen uit het leegstandsregister met ingang van 06/08/2024, de inschrijving in het bevolkingsregister.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de woning met dossiernummer LS201944 (interne nummer 2019043) ambtelijk te schrappen uit het leegstandsregister met ingang van 30/09/2024, de inschrijving in het bevolkingsregister.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de schrappingsaanvraag voor de woning met dossiernummer LS202478 niet goed te keuren.
De woning blijft opgenomen in het leegstandsregister.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de woning met dossiernummer LS202352 ambtelijk te schrappen uit het leegstandsregister met ingang van 22/04/2024, de inschrijving in het bevolkingsregister.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de betwisting ingediend door de eigenaars tegen de opname op de inventaris van leegstand voor de woning met dossiernummer LS202561, ontvankelijk maar ongegrond te verklaren.
BESLUIT
Art 1 :
Het college keurt de lijst bestelbons gewone en buitengewone dienst LPL goed voor een totaal bedrag van 18.087,95 euro (van bestelbonnummer 41 tot en met bestelbonnummer 55).
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de volgende lijst betaalbaarstellingen, dienstjaren 2025 en 2026, betaalbaar te stellen voor een totaal bedrag van 4.766.730,32 euro : mandaatlijsten 919, 920, 921, 923, 924, 925, 926, 927, 928, 8, 9, 10, 11, 12, 13, 14, 15, 16, 17, 18, 19, 20, 21, 22, 23, 24, 25, 26, 35, 36.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de volgende mandaatlijsten, dienstjaren 2025 en 2026, betaalbaar te stellen voor een totaal bedrag van 307.738,32 euro : van mandaatlijstnummer 3 tot en met mandaatlijstnummer 4.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het belastingkohier op "Onbewoonbare, ongeschikte, verwaarloosde, bouwvallige of leegstaande woningen en/of gebouwen", dienstjaar 2025, vast te stellen en uitvoerbaar te verklaren voor een totaal bedrag van 58.800 euro.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de beslissingsbevoegdheid in het kader van het reglement betreffende stedelijk subsidiereglement inzake inzameling van zwerfvuil door erkende jeugdbewegingen te delegeren aan de algemeen directeur.
Art 2 :
Het college beslist dat elk half jaar, nl. in juni en in december, een overzicht van de toegekende en geweigerde aanvragen moet gerapporteerd worden.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om dit dossier ter goedkeuring door te sturen naar de gemeenteraad.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de ontwerpakte betreffende de kosteloze overdracht van de innames 1, 2 en 23 in het project 'Kesselsesteenweg' goed te keuren.
Art 2 :
Het college beslist om dit dossier ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de ontwerpakte betreffende het opstalrecht aan de KLJ goed te keuren.
Art 2 :
Het college beslist om dit dossier ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om de ontwerpakte betreffende de gratis grondafstand van de hierna opgesomde onroerende goederen goed te keuren:
● Een perceel grond met aanhorigheden, gekadastreerd volgens recent kadastraal uittreksel sectie A, perceel nummers 350/F/P0000, 354/H/ P0000, 356/E/P0000, 357/F/P0000, 371/K/P0000, 393/F/P0000, 393/G/ P0000, 394/F/P0000, 394/M/P0000, 394/N/P0000, 395/F/P0000, 407/D/ P0000, 967/D/P0000 en delen van perceel nummers 344/E/P0000, 344/G/P0000, 344/H/P0000, 345/H/P0000, 346/L/P0000, 369/G/P0000, 371/F/P0000, 395/C/P0000 en 395/G/P0000, thans met gereserveerd perceelsidentificatienummer 12392/A/1018/A/P0000, met een totale oppervlakte volgens het hierna vermeld opmetingsplan opgemaakt door landmeter-expert Jolanda Cardoen van vier hectare zesenvijftig are dertig komma dertig centiare (4ha 56a 30,30ca) en aangeduid op dit plan als lot één (1);
● Een perceel grond met aanhorigheden, gekadastreerd volgens recent kadastraal uittreksel sectie A, perceel nummers 432/N/P0000 en 432/R/P0000 met een totale oppervlakte volgens het hierna vermeld opmetingsplan opgemaakt door landmeter-expert Jolanda Cardoen van vijf are achtenveertig komma vijfenzeventig centiare (5a 48,75ca) en aangeduid op dit plan als lot twee (2).
Art 2 :
Het college overweegt om dit dossier ter goedkeuring door te sturen naar de gemeenteraad.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist principieel akkoord te gaan met het aanvragen van middelen in het kader van projectoproep 60 addendum van Europa WSE:”samen bouwen aan sociale netwerken in jouw regio” en de cofinanciering te voorzien vanuit bestaande personeelskost.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist principieel akkoord te gaan om de overeenkomst met Vlotter Vervoer opnieuw aan te gaan voor een periode van 6 jaar en stuurt dit door naar de gemeenteraad voor goedkeuring.
Art. 2 :
Het college beslist akkoord te gaan met de verhoging van de vergoeding van 0,32 euro naar 0,33 euro. Jaarlijks wordt dit bedrag geïndexeerd.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het artikel 265 van de RPR als volgt te wijzigen.
"Premies en geschenken
Art. 265. §1. Alle medewerkers met minstens een halftijdse aanstelling krijgen een geschenk in geld en/of in geschenkbon als volgt :
• bij 25 jaar dienst : 500 euro
• bij pensionering :
○ Indien minder dan 10 jaar dienst: 200 euro
○ Tussen 10 en 20 jaar dienst: 300 euro
○ Tussen 20 en 30 jaar dienst: 400 euro
○ Meer dan 30 jaar dienst: 500 euro
• ter gelegenheid van het huwelijk of wettelijke samenwoning van de medewerker :
150 euro in centrumbonnen
• ter gelegenheid van de geboorte of adoptie van een kind van de medewerker : 50 euro in centrumbonnen
Voor de personeelsleden die minder dan halftijds zijn aangesteld, worden de eerste 4 bedragen gehalveerd.
Het college bepaalt de uitvoeringsmodaliteiten.
§1bis. Voor medewerkers die met pensioen gaan na 35 jaar dienst of meer én die voor 1 januari 2026 geen premie ter waarde van 750 euro voor 35 jaar dienst ontvangen hebben, geldt dat zij bij pensionering een bedrag van 750 euro ontvangen.
§2. De algemeen directeur bepaalt welke medewerkers over een internetaansluiting en bijhorend abonnement, een PC of een laptop kunnen beschikken.
Deze medewerker betaalt aan de werkgever het verkregen voordeel dat forfaitair is vastgesteld, tenzij dit niet wordt aangewend voor persoonlijke doeleinden.
In dat geval ondertekent de medewerker een verklaring op eer waarbij hij erkent dat hij een internetaansluiting en bijhorend abonnement, een PC of een laptop niet voor persoonlijk gebruik aanwendt.
§3. Personeelsleden die beschikken over een gsm, een gsm-abonnement en data-abonnement mogen dit privé gebruiken mits aanrekening van voordeel alle aard en/of split-bill.
§4. Alle medewerkers (niet: modellen en studenten) hebben in de maand december recht op een geschenk onder de vorm van een centrumbon voor een bedrag van 40 euro per VTE op jaarbasis.
Alle medewerkers hebben recht op een ecocheque voor een bedrag van 28 euro per VTE op jaarbasis."
Art 2:
Het college van burgemeester en schepenen stuurt het dossier door ter kennisname naar de gemeenteraad.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist een subsidie toe te kennen aan een jeugdvereniging voor het rapen van zwerfvuil.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist een gemeentelijke premie toe te kennen voor het afkoppelen van de hemelwaterleiding voor aansluiting op een openbare riolering.
BESLUIT
Art 1 :
Het college hecht principiële goedkeuring aan de toetredingsovereenkomst voor het raamcontract VWT/VL/2023/1 'Opmaak lichtenregelingen, V-plannen en microsimulaties' en verzendt deze ter goedkeuring aan de gemeenteraad van 2 maart 2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college verleent toelating aan de nutsmaatschappijen voor het uitvoeren van werken op grondgebied van Lier en Koningshooikt.
BESLUIT
Art 1 :
Het college hecht goedkeuring aan de aanpassingen van het ontwerp en de raming voor de verledding van de aanstraling stadhuis en Belfort en verledding van de openbare verlichting op de Grote Markt.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist verrekeningsvoorstel INT_HVAC_4: hydraulisch schema voor een totaalbedrag van -161,13 euro excl. btw ofwel -194,97 euro incl. 21% btw, goed te keuren. Een termijn verlenging wordt niet toegestaan. De niet begrootte werfinrichtingskost en project- en werfleidingskosten worden niet aanvaard.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist verrekeningsvoorstel 15 (MVDK) met betrekking tot de restauratiewerken Sint-Gummaruskerk fase 2 exterieur 1A voor een bedrag van 3.267,14 euro excl. btw ofwel 3.953,24 euro incl. 21% btw goed te keuren. Er wordt een bijkomende termijnverlenging van één dag toegestaan. De werfinrichtingskost en project- en werfleidingskosten zijn inclusief.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het proces-verbaal van voorlopige oplevering dd. 21 januari 2026 met betrekking tot de opdracht "Restauratie Sint-Gummaruskerk fase 2.1D glas in loodramen Ka1-Ka5" goed te keuren. Het proces-verbaal van voorlopige oplevering is opgenomen in bijlage 2 van dit besluit.
Art 2 :
De borgtocht van 4.510,00 euro werd gesteld via de Algemene Borgstellingen onder het nr. 12/176246 en werd geregistreerd bij de Deposito- en Consignatiekas onder het nr. 20662179. Deze borgtocht mag voor de helft, zijnde 2.255,00 euro, worden vrijgegeven.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist principieel akkoord te gaan met de overeenkomst tussen stad en OCMW Lier enerzijds en CAW Rivierenland anderzijds in functie van de realisatie van OverKop en deze door te sturen naar de gemeenteraad.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist principieel akkoord te gaan met de samenwerkingsovereenkomst tussen stad en OCMW Lier enerzijds en vzw De Moeve anderzijds in functie van de realisatie van OverKop en deze door te sturen naar de gemeenteraad.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het schilderij van Ros als handgift te aanvaarden.
BESLUIT
Art 1 :
Het college keurt de aanvaarding van de collectie van het atelier Willems als handgift principieel goed.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist toelating te verlenen voor de organisatie van een garageverkoop op zaterdag 25 april 2026 van 09u00 tot 16u00 in volgende straten : Belfortplein, Eeuwfeestlaan, Gildestraat, Groeningelaan, Guldensporenlaan, Nieuwpoortstraat, Pannenhuisstraat, Planeetstraat, Plashoevestraat, Steenbokstraat, Sterrestraat, Voetbalstraat, Zeebruggestraat en Zodiakstraat.
Art 2 :
Deelnemers die niet over een oprit of garage beschikken kunnen gebruik maken van het voetpad op voorwaarde dat men minimaal 1,5m vrije ruimte laat voor de voetgangers.
Het normale verkeer, zowel voertuigen als voetgangers, mag niet gehinderd worden.
Het openbaar domein dient netjes te worden achtergelaten. Afval dient door de deelnemers verwijderd en meegenomen te worden.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist een projectsubsidie toe te kennen aan Koninklijke Fanfare De Eendracht en Koninklijke Fanfare De Vrije Burgers voor de realisatie van 'Finale en Ouverture'. Het bedrag van de toegekende subsidie wordt bepaald na het binnenbrengen van een evaluatieverslag waarin een eindbalans is opgenomen en kan nooit meer zijn dan 1240 euro.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist een projectsubsidie toe te kennen aan Koninklijke Maatschappij Tuin- en Landbouw voor de realisatie van de Zilveren feesteditie van (25ste) Bloemenmarkt). Het bedrag van de toegekende subsidie wordt bepaald na het binnenbrengen van een evaluatieverslag waarin een eindbalans is opgenomen en kan nooit meer zijn dan 1240 euro.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist om voor dienstjaar 2026 een bedrag vast te leggen voor het raamcontract Brugge (perceel 12 voor multifunctionals, printers en plotters) aan de firma Ricoh.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist de uitbreiding van het e-loket met 10 processen te gunnen aan Vanden Broele voor een bedrag van 9.716 euro inclusief BTW.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist het verslag van de vorige vergadering dd. 26 januari 2026 goed te keuren.
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van de beslissing van de deputatie.
Art 2 :
Het college beslist niet in beroep te gaan tegen de beslissing.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het regulariseren verbouwingen aan eengezinsrijwoning te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
Er worden geenspecifieke stedenbouwkundige voorwaarden opgelegd.
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken;
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het regulariseren verbouwingen aan eengezinsrijwoning te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
Er worden geenspecifieke stedenbouwkundige voorwaarden opgelegd.
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken;
Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
Het college van burgemeester en schepenen treedt het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar integraal bij.
Art. 1:
Het college beslist de aanvraag inzake het isoleren van gevels te vergunnen met voorwaarden.
De aanvrager is ertoe verplicht het college van burgemeester en schepenen via het omgevingsloket op de hoogte te brengen van het begin van de handelingen waarvoor vergunning is verleend, ten minste acht dagen voor de aanvatting van die handelingen.
Art. 2:
Volgende stedenbouwkundige voorwaarden worden opgelegd:
● Geen bezwaar betreffende het aanbrengen van gevelisolatie tot een maximale dikte van 14 cm (incl. afwerking) voorbij de rooilijn. Kosten voor het (tijdelijk) verplaatsen van installaties van openbaar nut (nutsleidingen, openbare verlichting, verkeersborden,...) zijn ten laste van de aanvrager.
De voorwaarden gesteld in het advies van de gemeentelijke omgevingsambtenaar worden stipt nageleefd tenzij anders bepaald in de beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen.
Volgende bepalingen zijn eveneens van toepassing:
● De omgevingsvergunning wordt verleend onder voorbehoud van de betrokken burgerlijke rechten. Het verlenen van deze vergunning houdt derhalve geen enkele beslissing in omtrent het bestaan en de draagwijdte van deze rechten. Krachtens artikel 144 van de Grondwet behoren geschillen over burgerlijke rechten, zoals erfdienstbaarheden, tot de uitsluitende bevoegdheid van de burgerlijke rechtbanken.
● Het project moet volledig conform de stedenbouwkundige verordening toegankelijkheid worden gerealiseerd.
● Het decreet van 1 juni 2012 betreffende de beveiliging van woningen door optische rookmelders dient te worden nageleefd.
● De groenvoorzieningen opgetekend op het inplantingsplan worden aangelegd met streekeigen bomen en/of beplanting en dit ten laatste het eerste plantseizoen volgend op de uitvoering van de vergunde werken;
● Voor aansluitingen op de openbare riolering, verlagen van boordstenen, aanleggen van opritten en overbrugging boordgracht dient u online een aanvraag in te dienen. U kan de online aanvraagformulieren terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/aanvragen-en-vergunningen
● Vanaf 1 april 2024 wordt er geen voetpadwaarborg meer gevraagd. Mogelijks moet u wel een plaatsbeschrijving bezorgen aan de stad van het openbaar domein tussen de perceelsgrens en de rijweg. Dit bij aanvang van de werken. Bij de beëindiging van de werken dient u het einde van de werken te melden aan de stad. Een medewerker van de stad komt de toestand van het openbaar domein ter plaatse controleren. Eventuele kosten zullen worden doorgerekend aan de aanvrager. Meer informatie kan u terugvinden op de website van de stad: https://www.lier.be/wonen-en-leven/bouwen-en-verbouwen/aanvragen-en-vergunningen/schade-openbaar-domein-vroeger-voetpadwaarborg
● Het uitzetten van de bouwlijn dient te gebeuren door de bouwheer of diens aangestelden, zijnde architect en/of aannemer. Het foutief uitzetten van de bouwlijn is een bouwmisdrijf. De gemeente behoudt zich het recht voor om gerichte controles uit te voeren.
● De bouwheer dient zich te houden aan de grondverzetregeling overeenkomstig het Vlaams Reglement Bodemsanering (VLAREBO).
● Deze vergunning stelt de aanvrager niet vrij van het aanvragen en verkrijgen van eventuele andere vergunningen of machtigingen, als die nodig zouden zijn.
● Indien er bij de uitvoeringsfase van een stedenbouwkundig project van een omgevingsvergunning een werk nodig blijkt met een aanzienlijke milieu-impact, zoals gerubriceerd in Vlarem II bijlage 1, dient een omgevingsvergunning met milieu-luik aangevraagd te worden, zodat de goedkeuring kan optreden voor de aanvang van de werken.
● De overdracht van een omgevingsvergunning wat betreft de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, vermeld in artikel 79 van het decreet van 25 april 2014, wordt door de exploitant aan wie de omgevingsvergunning wordt overgedragen, voorafgaand aan de overdracht met een beveiligde zending gemeld aan de overheid die bevoegd is voor het project vóór de overdracht conform artikel 15 van het decreet van 25 april 2014.
● De exploitant van een ingedeelde inrichting of activiteit meldt met een beveiligde zending binnen twee maanden nadat een van de volgende gebeurtenissen zich heeft voorgedaan, aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15 van het decreet van 25 april 2014 :
● het verval van de vergunning die de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit tot voorwerp heeft, vermeld in artikel 99 van het decreet van 25 april 2014;
● de vrijwillige gedeeltelijke of gehele definitieve stopzetting van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit.
BESLUIT
Art 1 :
Het college neemt kennis van de lijst bestelbonaanvragen Stad Lier voor een totaal bedrag van 77.952,03 euro, aangemaakt in week 5 van 2026, die de volledige goedkeuringsflow doorlopen hebben.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist kennis te nemen van het verslag van de kerkraad Heilig Hart Lier van 20 januari 2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist kennis te nemen van het verslag van de kerkraad Sint-Jan Evangelist van 13 januari 2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college beslist kennis te nemen van het verslag (appendix) van de kerkraad Heilige Familie van 8 januari 2026.
BESLUIT
Art 1 :
Het college vaardigt volgende tijdelijke politieverordening op het wegverkeer uit: in het belang van de openbare orde, rust en veiligheid zullen tijdelijke verkeersmaatregelen genomen worden voor de organisatie van Valentijnshoppen in Lier op 14/02/2026.
Art 2 :
Volgende tijdelijke verkeersmaatregelen zullen ingesteld worden:
Afsluiten straat : van 08.30u tot 18.30u
Grote Markt x Antwerpsestraat
● rood-wit hek met F103 (front : begin voetgangerszone) en F105 (achterkant : einde voetgangerszone)+ nadars (breedte straat)
● Afdekken C3 met onderbord
Kartuizersvest x Kolveniersvest x Antwerpsestraat
● rood-wit hek met F103 (front : begin voetgangerszone) en F105 (achterkant : einde voetgangerszone)+ nadars (breedte straat)
● Afdekken C3
Levering van de signalisatie door de stadsdiensten, (de)activatie door aanvrager
Art 3 :
De verkeersmaatregelen worden bekend gemaakt aan de weggebruiker met de passende verkeerstekens overeenkomstig artikel 12 van de verkeerswet (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 4
Inbreuken worden gestraft zoals voorzien in de wet van het wegverkeer (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 5
Afschrift van huidig besluit wordt overgemaakt aan de Griffies van de Rechtbank van Eerste Aanleg en de Politierechtbank te Mechelen.
BESLUIT
Art 1 :
Het college vaardigt volgende tijdelijke politieverordening op het wegverkeer uit: in het belang van de openbare orde, rust en veiligheid zullen tijdelijke verkeersmaatregelen genomen worden voor de organisatie van een carnavalstoet op vrijdag 13/02/2026.
Art 2 :
Volgende tijdelijke verkeersmaatregelen zullen ingesteld worden:
Parkeerverbod
E3 met onderbord “vrijdag van 8 tot 12 uur”
Kolverniersvest : gans, inclusief de mindervalidenplaats
Fl. van Cauwenberghstraat : gans, inclusief de mindervalidenplaats
Afsluiten straten :
Rood-wit hek met C3
● Antwerpsestraat x Kolveniersvest x Kartuizersvest
● Kartuizersvest x Antwerpsestraat
● Kartuizersvest x Parelstraat
● Kolveniersvest x F v Cauwenberghstraat
● Lisperstraat x Grote Markt
● K Albertstraat x Grote Markt
● Brouwerijstraat x Groet Markt
● Grote Markt 74
● Eikelstraat x Grote Markt
Antwerpsestraat x Kruisbogenhofstraat
Rood-wit hek met C3 + “100m” + F45
F Peltzerstraat x A Bergmannlaan
Rood-wit hek met C3 + “250m” + F39 “Parelstraat bereikbaar”
Aankondigingsborden
F39 (min. 1m x 1,5 m) |
F39 (min. 1m x 1,5 m) |
| |
- F Peltzerstraat x Van Boeckellaan - Brug op de Antwerpse poort - Berlaarsestraat x Berlarij
|
- Mechelsesteenweg x Sluislaan |
|
|
F39 (min. 1m x 1,5 m)
- Fl. van Cauwenberghstraat x Kapucijnenvest
Alle signalisatie te plaatsen door stadsdiensten. Het effectief afsluiten, en terug vrijgeven, van de straten (C3) kan door de aanwezige politiepost uitgevoerd worden.
Art 3 :
De verkeersmaatregelen worden bekend gemaakt aan de weggebruiker met de passende verkeerstekens overeenkomstig artikel 12 van de verkeerswet (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 4
Inbreuken worden gestraft zoals voorzien in de wet van het wegverkeer (K.B. 16.03.68 en latere wijzigingen)
Art 5
Afschrift van huidig besluit wordt overgemaakt aan de Griffies van de Rechtbank van Eerste Aanleg en de Politierechtbank te Mechelen.
BESLUIT
Art 1:
Het college neemt kennis van het dossier en verzendt het naar de raad.
BESLUIT:
Art 1
Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van de overgangsregeling i.v.m. het toepassen van het retributiereglement stadslocaties.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.