Lier

Zitting van 28 september 2026

Van 19:30 uur.

 

Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

REGELING DER WERKZAAMHEDEN

 

 

Besluit:

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

VERHINDERING VAN GEMEENTERAADSLID. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Mevrouw Ellen Brion werd bij de verkiezingen van 13 oktober 2024 verkozen tot gemeenteraadslid.

 

Feiten en context

Mevrouw Ellen Brion is van rechtswege verhinderd om medische redenen. Zij zal als gemeenteraadslid als verhinderd beschouwd worden tot de gemeenteraad akte neemt van de beëindiging van de periode van verhindering.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur, art. 12

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van de verhindering als gemeenteraadslid van mevrouw Ellen Brion.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

ONDERZOEK GELOOFSBRIEVEN, EEDAFLEGGING EN INSTALLATIE VAN EEN OPVOLGER ALS GEMEENTERAADSLID. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In de zitting van heden nam de gemeenteraad kennis van de verhindering van het mandaat als gemeenteraadslid van Ellen Brion aangesteld als raadslid voor de lijst N-VA.

 

Feiten en context

Volgens de verkiezingsuitslag van 13 oktober 2024 is Tina De Wolf eerste opvolger op dezelfde lijst als Ellen Brion.

Tina De Wolf heeft verklaard haar mandaat als gemeenteraadslid te aanvaarden in de opvolging van Ellen Brion.

Uit onderzoek blijkt dat Tina De Wolf voldoet aan de verkiesbaarheidsvoorwaarden.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal bestuur, inz. art. 14

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad onderzoekt de geloofsbrieven van Tina De Wolf, de opvolger van Ellen Brion, en stelt vast dat er geen onverenigbaarheden zijn.

 

Art 2 :

Tina De Wolf legt, in handen van de voorzitter van de gemeenteraad de eed af, zoals bepaald bij artikel 6 § 3 van het decreet lokaal bestuur: "Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen."

 

Art 3 :

De gemeenteraad neemt akte van de eedaflegging en vervolgens wordt Tina De Wolf als gemeenteraadslid geïnstalleerd. Zij zal het mandaat opnemen zolang de toestand van de verhindering van Ellen Brion duurt.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

GEMEENTERAADSCOMMISSIE - WIJZIGING SAMENSTELLING. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Op 23 december 2024 werd de gemeenteraad geïnstalleerd.

Gemeenteraadsbeslissing van 29 september 2025 over de aanstelling van Katrien Van Praet als gemeenteraadslid

Gemeenteraadsbeslissing van 30 maart 2025 over de aanstelling van Tina De Wolf als gemeenteraadslid en waarnemend schepen Dirk Frans, zolang de toestand van verhindering van Charlotte Schwagten duurt.

Gemeenteraadsbeslissing van 28 september 2026 over de aanstelling van Tina De Wolf als gemeenteraadslid, zolang de toestand van verhindering van Ellen Brion duurt.

 

Feiten en context

Mevrouw Tina De Wolf zal tijdens de verhindering van Ellen Brion als gemeenteraadslid zetelen. Zij zal in de volgende commissies zetelen:

●        Commissie veiligheid en handhaving, communicatie, evenementen, regionale samenwerkingsverbanden, politie en brandweer

●        Commissie lokale economie, musea, toerisme, roerend erfgoed, tewerkstelling

●        Commissie sociale zaken, welzijn, kinderopvang, gezin, senioren, personen met een beperking, integratie

 

Hierdoor wijzigt de samenstelling van de gemeenteraadscommissies.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

Huishoudelijk reglement van de gemeenteraad

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van de wijziging in de samenstelling van de gemeenteraadscommissies.

 

Samenstelling commissies van gedurende de verhindering van Ellen Brion:

 

Commissie 1 (veiligheid en handhaving, communicatie, evenementen, regionale samenwerking, politie en brandweer)

 

Verwaest

Rik

N-VA

De Wit

Anja

N-VA

Brion

Ellen

N-VA

Wuyts

Christophe

N-VA

Van der Kuylen

Martine

N-VA

Coenen

Stijn

Missie2500

Gielen

Björn

Missie2500

Lissens

Ellen

Vlaams Belang

 

 

Commissie 2 (openbare werken, financiën, duurzaam beleid, stadsontwikkeling en SOLag)

 

Wollants

Bert

N-VA

De Zaeger

Piet

N-VA

De Wit

Anja

N-VA

Mortelmans

Peggy

N-VA

De Vos

Xander

N-VA

Vanhove

Katrien

Missie2500

Claes

Tom

Missie2500

Roelandt

Sander

Vlaams Belang

 

 

Commissie 3 (sport, mobiliteit, onderwijs, bibliotheek)

 

Andries

Ivo

Anders

De Wit

Anja

N-VA

Wuyts

Christophe

N-VA

Van der Kuylen

Martine

N-VA

De Keulenaer

Marc

N-VA

Claes

Tom

Missie2500

Gielen

Björn

Missie2500

Lissens

Ellen

Vlaams Belang

 

 

Commissie 4 (lokale economie, musea, toerisme, roerend erfgoed, tewerkstelling)

 

Lambrechts

Ilse

N-VA

Brion

Ellen

N-VA

De Zaeger

Piet

N-VA

De Smedt

Maurits

N-VA

De Vos

Xander

N-VA

Vlaeymans

Anja

Missie2500

Bracqué

Sylvie

Missie2500

Van Praet

Katrien

Vlaams Belang

 

 

Commissie 5 (burgerlijke stand, personeel en dienstverlening, ICT, dierenwelzijn en begraafplaatsen)

 

Pets

Rik

N-VA

Mortelmans

Peggy

N-VA

Frans

Dirk

N-VA

De Keulenaer

Marc

N-VA

De Smedt

Maurits

N-VA

Van Campenhout

Stéphanie

Missie2500

Alar

Onur

Missie2500

Lissens

Ellen

Vlaams Belang

 

 

Commissie 6 (omgeving, wonen, patrimonium, onroerend erfgoed)

 

Schwagten

Charlotte

N-VA

De Smedt

Maurits

N-VA

Frans

Dirk

N-VA

Wuyts

Christophe

N-VA

De Vos

Xander

N-VA

Altun

Ipek

Missie2500

Alar

Onur

Missie2500

Mortelmans

Jan

Vlaams Belang

 

 

Commissie 7 (jeugd, cultuur, milieu, natuur & landbouw, afvalbeleid & Proper Lier, participatie)

 

De Bakker

Niels

N-VA

Frans

Dirk

N-VA

De Smedt

Maurits

N-VA

De Zaeger

Piet

N-VA

Mortelmans

Peggy

N-VA

Coenen

Stijn

Missie2500

Vanhove

Katrien

Missie2500

Mortelmans

Jan

Vlaams Belang

 

 

Commissie 8 (sociale zaken, welzijn, kinderopvang, gezin, senioren, personen met een beperking, integratie)

 

Goris

Annemie

N-VA

De Keulenaer

Marc

N-VA

Van der Kuylen

Martine

N-VA

Brion

Ellen

N-VA

De Vos

Xander

N-VA

Van Campenhout

Stéphanie

Missie2500

Altun

Ipek

Missie2500

Roelandt

Sander

Vlaams Belang

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

MONDELINGE VRAGEN

 

MOTIVERING

Mondelinge vraag 1 : van Björn Gielen (Missie2500) i.v.m. communicatie over de verhoging van de onroerende voorheffing

In augustus ontvingen de Lierenaars en Hooiktenaars hun aanslagbiljet voor de onroerende voorheffing.

 

Voor heel wat eigenaars was dat behoorlijk slikken: de rekening ligt aanzienlijk hoger dan vorig jaar.

 

Dat hoeft eigenlijk niet te verbazen. Bij de goedkeuring van het meerjarenplan besliste het stadsbestuur om de opcentiemen op de onroerende voorheffing fors te verhogen, terwijl tegelijk de aanvullende personenbelasting werd verlaagd, weliswaar heel beperkt.

 

Wat wel verbaast, is de manier waarop hierover wordt gecommuniceerd. Wat wij ook al eerder aanbrachten.

 

In de verkiezingscampagne pakte N-VA nog uit met het spaarvarken en de boodschap dat “Spaarvarken en N-VA goede vrienden zijn”, dat “enkel met N-VA de begroting op orde blijft” en vooral dat men dat zou doen “zonder belastingverhoging”.

 

Vandaag worden Lierenaars geconfronteerd met een hogere belastingfactuur en stijgen de totale belastinginkomsten van de stad.

 

Toch wordt deze operatie door het stadsbestuur consequent voorgesteld als een eenvoudige “taxshift”.

 

Erger nog, ook op de officiële communicatiekanalen van Stad Lier lezen we: “De stad verschuift dus een deel van de belastingen van inkomen naar vastgoed.” Dat is naar onze mening minstens onvolledig.

 

Want naast een verschuiving is er ook een netto stijging van de totale belastinginkomsten. Wie enkel over een verschuiving spreekt, wekt bij inwoners de indruk dat de operatie globaal belastingneutraal is.

 

Dat politieke partijen hun beleid verdedigen en daarbij hun eigen accenten leggen, is vanzelfsprekend. Maar officiële communicatie van Stad Lier heeft een andere functie. Die moet Lierenaars en Hooiktenaars correct, volledig en objectief informeren. Onze stadsdiensten mogen wat ons betreft niet worden ingezet om een politieke belastingverhoging communicatief voor te stellen als louter een verschuiving..

 

Daarom volgende vragen aan het college:

  1. Erkent het college dat de totale belastinginkomsten van Stad Lier, ondanks de verlaging van de aanvullende personenbelasting, stijgen en dat er bijgevolg niet uitsluitend sprake is van een belastingverschuiving?
  2. Waarom wordt in de officiële communicatie van Stad Lier enkel gesproken over een “taxshift” of verschuiving, zonder duidelijk te vermelden dat de stad in totaliteit meer belastinginkomsten zal ontvangen?
  3. Wie gaf opdracht voor deze communicatie en werd de inhoud ervan politiek gevalideerd alvorens ze via de officiële communicatiekanalen werd verspreid?
  4. Is het college bereid deze communicatie aan te passen of recht te zetten, zodat inwoners objectief worden geïnformeerd over zowel de verschuiving als de stijging van de totale belastinginkomsten?

 

Antwoord burgemeester Rik Verwaest:

In het persbericht dat we begin december 2025 verspreidden over het meerjarenplan communiceerden we reeds over de taxshift.

 

‘Onze belasting op inkomen (APB – algemene personenbelasting) is bijna de hoogste van Vlaanderen. Lier leunde zo sterk op de schouders van werkende inwoners. (…) Met een taxshift verlagen we het APB-tarief sterk, het gaat van 7,9% naar 7,2%. Wie werkt houdt dus meer over. Alleenstaanden met minderjarige kinderen krijgen ook een extra belastingdaling.

Aan de andere kant verhogen we de onroerende voorheffing (OOV) van 787 naar 995 opcentiemen. Grote bedrijven, baanwinkels of eigenaars met veel vastgoed dragen zo meer bij. We verschuiven op deze manier de last van de werkenden naar eigenaars. (…)’

 

Diezelfde communicatie werd herhaald in het hoofdartikel van ‘De Peperbus’ (editie maart-april). In beide communicaties werd uitdrukkelijk verwezen naar de realiteit: ‘ons budget staat onder druk en daarom waren beslissingen nodig die we liever niet hadden moeten nemen.’ Klinkt niet meteen als een groot cadeau dat we uitdelen, lijkt me.

 

Ik merk op dat noch op dat persbericht van december, noch op het artikel in de Peperbus van maart reacties kwamen vanuit de raad.

 

Op het moment dat de aanslagbiljetten deze zomer in de bus vielen, werd de reden van de verhoging van de OV via de Facebookpagina van de stad nogmaals kort verder gekaderd, met precies dezelfde inhoud en bewoordingen als daarvoor.

 

We blijven van oordeel dat dit een zo objectief mogelijke communicatie was. Er is in de communicatie nooit gesteld dat het om een taxshift zonder impact op inwoners zou gaan.

 

Wat betreft het verwijt dat de stedelijke communicatiedienst is misbruikt om aan politieke propaganda te doen, zoals u nogal fors communiceerde deze zomer, wil ik er toch op wijzen dat zowel het initiatief om te communiceren in augustus als de uitgewerkte tekst ervoor kwamen op voorzet en uit de pen van deze dienst, en pas daarna voorgelegd en bevestigd werd door het college. Niet andersom. De suggestie dat onze ambtenaren zich zouden lenen om op bevel van het college politieke propaganda te verspreiden is wat mij betreft op het randje van het welvoeglijke. U hoeft zich daar niet voor te excuseren bij mij. A la guerre comme à la guerre in de politiek, dat begrijp ik. Maar ik denk dat het wel gewaardeerd zou worden als uw fractie zich bij de dienst zou verontschuldigen.

 

 

Mondelinge vraag 2 : van Katrien Van Praet (Vlaams Belang) i.v.m. sluiting Diagnosescentrum DLO

Het Diagnosecentrum DLO zal begin 2027 sluiten. We weten dat deze beslissing bij het HeiligHartziekenhuis ligt en dat de Stad Lier hierover geen beslissingsbevoegdheid heeft. Dat willen wij ook duidelijk stellen.

Maar als Vlaams Belang vinden wij de sluiting van DLO bijzonder betreurenswaardig.

DLO was voor veel inwoners een laagdrempelige en gemakkelijk bereikbare plaats om terecht te kunnen voor consultaties en onderzoeken, dicht bij huis.

En dit gebeurt op een moment waarop we in Lier tegelijkertijd geconfronteerd worden met een nijpend tekort aan huisartsen.

Dan stellen wij ons toch de vraag of onze eerstelijnszorg in Lier niet stilaan onder druk komt te staan.

Als inwoners steeds moeilijker een huisarts vinden én tegelijkertijd een toegankelijke zorgvoorziening als DLO verdwijnt, dan moeten we als lokaal bestuur toch bekijken welke gevolgen dit heeft voor onze inwoners.

 

Daarom willen wij vandaag vooral weten wat er ondertussen gebeurd is met de projectgroep rond het huisartsentekort, waarvan de opstart werd beslist in de gemeenteraad van 29 september 2025.

Is deze projectgroep ondertussen effectief opgestart? Welke concrete acties zijn er al ondernomen en welke resultaten zijn er tot vandaag?

Is er ondertussen een structureel overleg? En wordt daar ook gesproken over de gevolgen van het verdwijnen van DLO en over de bredere toekomst van de eerstelijnszorg in onze stad?

En ten slotte: heeft het stadsbestuur hierover overleg gehad met het HeiligHartziekenhuis? Niet om de beslissing over DLO te nemen, want die bevoegdheid heeft de stad niet, maar wel om de gevolgen voor de Lierenaar te bespreken.

Voor Vlaams Belang is één zaak duidelijk:

De bereikbaarheid van gezondheidszorg mag niet steeds verder achteruitgaan.

Wij verwachten dan ook van het stadsbestuur dat het niet afwacht tot de problemen groter worden, maar vandaag al samen met de huisartsen, het ziekenhuis en andere betrokken partners bekijkt hoe we de eerstelijnszorg in Lier kunnen versterken.

 

Antwoord schepen Annemie Goris:

We delen uw bezorgdheid over de bereikbaarheid van zorg in Lier. De stad beslist niet over de sluiting van DLO, maar overlegt wel met de huisartsen en het Heilig Hart ziekenhuis over de gevolgen voor onze inwoners.

De stuurgroep rond het huisartsentekort is inmiddels drie keer samengekomen. Alle huisartsen in de regio werden bevraagd en er is een actieplan uitgewerkt. We bestudeerden goede praktijkvoorbeelden uit andere gemeenten en staan met hen in contact. De stad lanceerde een campagne om nieuwe huisartsen aan te trekken, ondersteunt praktijken met uitbreidingsplannen en helpt starters geschikte locaties te vinden.

 

Voor inwoners zonder vaste huisarts werd deze zomer onderzocht welke partner een centrale wachtlijst kan uitwerken. We onderzoeken ook een centrale huisartsenpost specifiek voor deze inwoners, mogelijk op de ziekenhuissite. Daarover vonden verkennende gesprekken plaats, maar het draagvlak binnen de huisartsenkring moet nog verder worden opgebouwd.

 

DLO is een voorziening voor specialistische zorg, geen huisartsenzorg. Oorspronkelijk konden patiënten er zelfs uitsluitend na verwijzing door hun huisarts terecht. Die voorwaarde zorgde ervoor dat de huisarts terugkoppeling kreeg van de specialist. Rechtstreeks een afspraak maken werd pas later mogelijk. De sluiting van DLO en het huisartsentekort vragen dus elk een eigen aanpak.

 

Het ziekenhuis verzekert ons dat het specialistische zorg in Lier niet afbouwt. Het trok in verschillende disciplines bijkomende artsen aan en richt veertien extra consultatielokalen in. Ook de telefonische bereikbaarheid en het afsprakenbeheer worden verbeterd. Voor groepen met bijzondere zorgnoden zoekt het ziekenhuis gericht overleg.

 

De bereikbaarheid en parkeerdruk op de ziekenhuissite blijven aandachtspunten, zeker voor oudere en minder mobiele patiënten. Daarover blijven we met het ziekenhuis in gesprek, terwijl de stuurgroep verder werkt aan toegang tot huisartsenzorg voor wie vandaag geen vaste huisarts heeft.

 

 

Mondelinge vraag 3 : van Stijn Coenen (Missie2500) i.v.m. noodplanning Lier Centraal

We kijken uit naar een uitgebreidere evaluatie van Lier Centraal, en kijken dan graag samen met jullie verder naar de aanpak van het evenement de komende jaren. We hebben begrepen dat het evaluatieproces nog volop loopt, dus daar willen we niet op vooruit lopen. Ik had wel graag even ingegaan op het incident dat zich voordeed op 20 augustus voor het optreden van Bart Peeters. Bij de brand in het gebouw van de schoenwinkel op de Grote Markt, bleek dat de toegang tot de locatie voor de hulpdiensten moeizaam verliep. Dit had te maken met de nieuwe wegversperringen.

 

Heel kort daarom de volgende 3 vragen:

  1. Klopt het dat het gebruik van de nieuwe wegversperringen de toegang tot de Grote Markt vertraagde?
  2. Op welke manier is de ingebruikname hiervan vooraf getest i.f.v. snelle toegang voor hulpdiensten?
  3. Welke concrete aanpassingen zijn gebeurd in de noodplanningsaanpak om dit in de toekomst te voorkomen?

 

Antwoord burgemeester Rik Verwaest:

Uw vraag verraste enigszins de betrokken diensten, want hun ervaring was net het tegenovergestelde. Zowel BWZ Lier als LPL bevestigen uitdrukkelijk dat de pitagones juist hielpen om het plein vlot te laten bereiken door de hulpdiensten. Tijdens het periodieke multidisciplinaire veiligheidsoverleg worden bovendien al dergelijke interventies geëvalueerd. Uit dit overleg bleek juist dat de pitagones een meerwaarde betekenden.

 

Er werd voor de eerste inzet ervan een oefening gehouden, waarbij de pitagones vlot werden opzijgezet. Dat was vervolgens ook zo bij de twee grote interventies die gebeurden op Lier Centraal: één MUG-actie na een medisch noodgeval op de VIP-tribune op 6/8, en de door u aangehaalde brand op Grote Markt n°23.

 

In beide gevallen kon de aanwezige politie snel de pitagones opzij zetten. Ze stonden dus reeds aan de kant voor de komst van de eerste brandweer/MUG-wagen. Er was dan ook geen enkele belemmering of vertraging door deze pitagones.

 

Dit was ook één van de redenen om over te gaan tot de aankoop. Een veilige en robuuste barrière die toch vlot opzij te schuiven was. Met de vroegere betonblokken had dit meer problemen kunnen opleveren.

 

'Lier Centraal' werd bovendien ook goed voorbereid en omkaderd: er was een CP-event opgericht, cameratoezicht en er waren o.a. politieploegen op het terrein. Dankzij dit cameratoezicht en de aanwezige ploegen kon er zeer snel bij de eerste rook opgetreden worden. De brandweer kon zo ook snel ter plaatse komen. Standaard wordt dan een motorkapoverleg gehouden en wordt het interventiegebeuren afgestemd en gecoördineerd.

 

Ik veronderstel dat uw bevinding dat de pitagones de hulpdiensten hinderden voortvloeiden uit een specifieke melding die u kreeg. Dat die ingaat tegen wat de hulpdiensten aangeven wil niet zeggen dat het oninteressant is, en indien u dat wenst wil ik ze graag ook zeker nader bekijken. Mocht u het niet opportuun vinden daarover in detail te gaan in dit plenum, wat ik zeker zou begrijpen, mag u het mij ook via discretere weg overmaken.

 

 

Mondelinge vraag 4 : van Philippe Iglesias (Vooruit Lier) i.v.m. Individueel Maatwerk (IMW)

Sinds de hervorming van de werkloosheidsverzekering van 29 juli 2025 dat volledig in voege is sinds 1 maart 2026, vallen een aantal mensen uit de werkloosheidsuitkering. Sommigen vonden werk, anderen klopten aan bij mutualiteit of vroegen een leefloon aan. Ook langdurig zieken worden sterker geactiveerd, wat de druk op verschillende diensten verhoogt.

Tegelijk zien we dat heel wat mensen vandaag nog niet klaar zijn om zonder begeleiding volledig te participeren op de arbeidsmarkt. Vooruit vindt dat iedereen de kans moet krijgen om – met de juiste ondersteuning – duurzaam aan het werk te gaan.

Individueel Maatwerk (IMW) kan hierbij een belangrijke hefboom zijn. Het biedt werkgevers, inclusief lokale besturen, de mogelijkheid om mensen met een arbeidsbeperking tewerk te stellen met een loonpremie of een loon- en begeleidingspremie. IMW vervangt de vroegere: LDE (Lokale Diensteneconomie), SINE (Sociale Inschakelingseconomie) & VOP (Vlaamse Ondersteuningspremie) en de maatwerkafdelingen binnen collectief maatwerk. Voor collectief maatwerk kunnen inwoners terecht bij vzw Mivas; individueel maatwerk kan bij elke werkgever zonder VDAB schuld.

IMW sluit bovendien aan bij strategische doelstellingen uit de Agenda 2030 van Stad Lier, waaronder armoede beëindigen en een  inclusieve en duurzame economische groei en waardig werk voor iedereen

Aangezien IMW een instrument is dat zowel sociale rechtvaardigheid als duurzame tewerkstelling ondersteunt, lijkt het aangewezen dat het stadsbestuur duidelijkheid biedt over de huidige en toekomstige inzet ervan.

 

Daarom hebben we volgende vragen:

●        Werd Stad Lier in het verleden al gecontacteerd door VDAB, GTB of andere partners met vragen rond tewerkstelling via Individueel Maatwerk?

●        Is het stadsbestuur bereid om in de toekomst sterker in te zetten op IMW als instrument voor inclusieve tewerkstelling?

●        Op welke diensten binnen de stadsorganisatie worden vandaag al medewerkers via IMW ingezet?

●        Wordt onderzocht of IMW structureel kan worden ingezet om de stijgende instroom van mensen zonder uitkering of met een arbeidsbeperking op te vangen?

 

Antwoord schepen Annemie Goris:

●        Werd Stad Lier in het verleden al gecontacteerd door VDAB, GTB of andere partners met vragen rond tewerkstelling via Individueel Maatwerk?

Ja. Diverse arbeidsmarktbemiddelaars namen al contact op met de stad Lier, met name in functie van werkervaringsstages voor mensen die recht hebben op individueel maatwerk.

 

●        Is het stadsbestuur bereid om in de toekomst sterker in te zetten op IMW als instrument voor inclusieve tewerkstelling?

Inclusieve tewerkstelling is een belangrijke beleidsdoelstelling van het stadsbestuur. De inschakeling van mensen met een maatwerkstatuut is 1 van de vele instrumenten die hiertoe ingezet worden. Zo start bv. nu donderdag een nieuw samenwerkingsverband met MIVAS op, die inhoudt dat mensen met een maatwerkstatuut ingezet worden voor aanvullende logistieke en onderhoudstaken in WZC Paradijs. Met vzw Werkmmaat loopt al veel langer een samenwerking – waardoor 3 mensen met een maatwerkstatuut gericht ingezet worden in de stedelijke organisatie. Daarnaast lopen heel wat andere initiatieven om mensen met een langere afstand tot de arbeidsmarkt kansen te bieden. In dit verband wordt m.n. ook het statuut van artikel 60 ingezet – naast heel wat andere maatregelen zoals o.m. duaal leren, stages in het kader van werkstraffen, edm. Inclusieve tewerkstelling staat vandaag al hoog op de agenda – maar we trachten diverse mogelijkheden te benutten om dat waar te maken.

 

●        Op welke diensten binnen de stadsorganisatie worden vandaag al medewerkers via IMW ingezet?

Momenteel hebben we 3 medewerkers met een toekenning individueel maatwerk – die alle werkzaam zijn in WZC Paradijs. Zo is één iemand met een toekenning individueel maatwerk; en twee collega’s met een Vlaamse Ondersteuningspremie – hetgeen een uitdovend stelsel is, die eventueel verlengd wordt in IMW na afloop. Daarnaast wordt in praktijk – gelet op de nood aan expertise in begeleiding van maatwerkers – samengewerkt met organisaties die werken met mensen met een maatwerkstatuut. Ik verwees eerder al naar praktijkvoorbeelden met MIVAS en Werkmmaat.

 

●        Wordt onderzocht of IMW structureel kan worden ingezet om de stijgende instroom van mensen zonder uitkering of met een arbeidsbeperking op te vangen?

In het kader van het werkervaringsbeleid van stad en OCMW Lier wordt de maatregel van IWM momenteel al structureel ingebed. Zo worden OCMW-cliënten met recht op individueel maatwerk aangemoedigd om dit mee te delen aan werkgevers en dit te vermelden op hun cv. Via netwerkevents met het bedrijfsleven nemen we het initiatief om IMW bekend te maken bij Lierse organisaties en bedrijven. Op 1 december 2026 is een netwerkmoment met bedrijven gepland waarop een workshop IMW  zal plaatsvinden..

IMW is echter maar 1 van de vele maatregelen die worden ingezet om de stijgende instroom op te vangen; het is onwenselijk deze als geïsoleerde maatregel te beschouwen naast tal van andere werkervaringsstatuten. We maken ons ook sterk dat onze reguliere selectieprocedures eerlijk genoeg zijn opgebouwd om kandidaten met een arbeidsbeperking een even grote kans te geven. In die selectieprocedures is ook blijvende aandacht voor kandidaten met een arbeidsbeperking en met een eventuele IMW-toekenning.  In elke geval blijven we als organisatie ook bekijken waar er ondersteuningsnoden zijn bij personeelsleden en of IMW daartoe een meerwaarde kan bieden. IMW staat bijgevolg alleszins op onze radar als statuut.

 

BESLUIT

Art 1 :

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

INTERPELLATIES

 

MOTIVERING

Interpellatie 1 : van Sander Roelandt (Vlaams Belang i.v.m. stand van zaken en toekomst Van Hool-site

Op de gemeenteraad van juni 2026 werd de toekomst van de Van Hool-site in Koningshooikt uitvoerig besproken. Daarbij werd vanuit de oppositie opgemerkt dat er tot dan toe weinig inhoudelijke toelichting aan de gemeenteraad en de bevoegde commissie was gegeven over de initiatieven van het stadsbestuur.

 

In uw antwoord verwees u onder meer naar de intentie om, indien de Vlaamse overheid de gronden zou verwerven, gezamenlijk een masterplan, marktstudie en uitgifteplan op te maken. Na het resultaat van de veiling was dat scenario volgens u niet langer relevant.

Tegelijk stelde u dat het stadsbestuur ervan overtuigd was voldoende hefbomen in handen te hebben om van de nieuwe eigenaar een ontwikkeling te bekomen die aansluit bij de visie van de stad. Het grootste risico zag u toen in een langdurige stilstand waarbij niets ontwikkeld zou worden.

 

U gaf daarbij ook aan dat de nieuwe eigenaar nog maar zeer recent bekend was en dat eerdere veronderstellingen en plannen opnieuw tegen het licht moesten worden gehouden. Uit de discussie was het niet gemakkelijk om duidelijk te onderscheiden welke initiatieven reeds liepen, welke werden overwogen en welke beslissingen effectief waren genomen. Nu het dossier enkele maanden verder staat, lijkt het mij daarom nuttig om het volledige plaatje opnieuw helder te krijgen.

 

Daarom volgende vragen:

  1. Kan u bondig toelichten welke concrete stappen Stad Lier sinds het faillissement van Van Hool heeft gezet met betrekking tot de toekomstige ontwikkeling van de site, los van de eventuele aankoop van de gronden? Met welke publieke en private actoren werd en wordt hierover vandaag samengewerkt of overlegd?
  2. Welke studies, analyses of visietrajecten zijn ondertussen onderzocht, voorbereid, besteld of niet uitgevoerd? Welke globale visie hanteert het stadsbestuur vandaag voor de volledige Van Hool-site en hoe wil men vermijden dat ontwikkelingen van afzonderlijke deelzones die globale visie hypothekeren?
  3. U stelde in juni dat de stad voldoende hefbomen in handen heeft om de ontwikkeling mee te sturen. Welke van die hefbomen zijn ondertussen concreet ingezet of zullen op korte termijn worden ingezet?
  4. Wat zijn vanaf vandaag de belangrijkste volgende stappen en beslismomenten, en op welke momenten zal de gemeenteraad hierover worden geïnformeerd of betrokken?

 

Antwoord schepen Bert Wollants:

Kan u bondig toelichten welke concrete stappen Stad Lier sinds het faillissement van Van Hool heeft gezet met betrekking tot de toekomstige ontwikkeling van de site, los van de eventuele aankoop van de gronden? Met welke publieke en private actoren werd en wordt hierover vandaag samengewerkt of overlegd?

 

Samengevat heeft Stad Lier sinds het faillissement:

●        de beleidsmatige krijtlijnen vastgelegd in het BRL,

●        de herziening van de verordening inzake financiële lasten aangekondigd; en

●        de voorbereiding van een masterplan, RUP  en studie naar de economische positionering aangevat.

SOLag ondersteunt dit traject als inhoudelijke en projectmatige partner van de stedelijke administratie, zonder de beleids- of beslissingsbevoegdheden van de Stad over te nemen. Daarbij wordt samengewerkt en overlegd met het departement Wonen, Leven en Ondernemen, team Lokale Economie, VLAIO/Fonds voor Innoveren en Ondernemen, KPMG, Voka, de curator, de nieuwe eigenaar MOURIK en andere publieke en private stakeholders.

 

●        Op 1 juni 2026 nam het college kennis van de evaluatie van de stedenbouwkundige verordening inzake financiële lasten bij omgevingsvergunningen.( Art. 1) en gaf het College de betrokken diensten de opdracht om de stedenbouwkundige verordening te herzien. Het College vraagt daarbij WLO de nuttige en nodige acties te ondernemen om het toepassingsgebied van de stedelijke verordening financiële lasten uit te breiden naar “Industriële en logistieke gebouwen” waarbij de opbrengsten uit afgeleverde Omgevingsvergunningsaanvragen op de site Van Hool prioritair kunnen aangewend worden voor flankerende initiatieven aan de herbestemming van de site van Hool. (art. 3)

 

Op 24 augustus 2026 besliste het College een samenwerkingsovereenkomst (procesnota) met SOLag goed te keuren.  SOLag ondersteunt de stedelijke administratie als inhoudelijke en projectmatige partner bij de geïntegreerde herontwikkeling van de site, zonder stedelijke beleids- of beslissingsbevoegdheden over te nemen.

 

Op 26 augustus 2026 werd een delegatie van MOURIK ontvangen door een delegatie van het College, een aantal vertegenwoordigers van de stedelijke administratie en SOLag, alsook een delegatie vanuit het Vlaams Agentschap Innoveren en Ondernemen (VLAIO). MOURIK gaf in dit (kennismakings-)gesprek aan (1) nog geen concrete invullingen te hebben voor de Site, (2) momenteel een reeks informele gesprekken te voeren met diverse publieke en private stakeholders, en (3) een samenwerking met Alexander D’Hooghe te overwegen voor de visievorming rond de Site. Vanuit de stedelijke delegatie werd de ambitie tot een geïntegreerde aanpak van de volledige Site omstandig gemotiveerd. Een stand-alonebenadering van de uitbreidingszone (= Zone D  = zone momenteel in eigendom van MOURIK) kwalificeert daarbij als een greenfieldontwikkeling.

Een vervolgoverleg tussen de partijen werd vooropgesteld nadat MOURIK zijn ronde van informele gesprekken heeft afgerond en (een aanzet tot) een ruimtelijk en economisch toekomstbeeld heeft uitgewerkt. Een indicatieve termijn van een drietal maanden werd hierbij vooropgesteld.

 

Op 21 september 2026 nam het College kennis van de motivatie voor het uitvoeren van een studieopdracht voor het bepalen van de economische positionering van de Site als eerste fase voor de opmaak van het Masterplan voor de Site zoals opgenomen als actiepunt 4.7 in het Beleidskader Economie en maakt zich deze motivatie eigen.(artikel 2)

 

Het College besliste de principiële toewijzing van de studieopdracht voor het bepalen van de economische positionering van de Site aan KPMG principieel goed te keuren voor het bedrag van 70.000 euro (excl. BTW) en vroeg SOLag de formele gunningsbeslissing voor te bereiden en ter goedkeuring voor te leggen aan het College.

 

  1. Welke studies, analyses of visietrajecten zijn ondertussen onderzocht, voorbereid, besteld of niet uitgevoerd? Welke globale visie hanteert het stadsbestuur vandaag voor de volledige Van Hool-site en hoe wil men vermijden dat ontwikkelingen van afzonderlijke deelzones die globale visie hypothekeren?

 

De Stad kiest voor een geïntegreerde herontwikkeling van de volledige Van Hool-site en tracht te vermijden dat afzonderlijke deelzones versnipperd of louter marktgestuurd worden ingevuld. De beoogde ontwikkeling richt zich op een beperkt aantal grotere productiebedrijven met hoge tewerkstelling en een beheersbare mobiliteitsimpact, met aandacht voor buffering naar de woonkern, gedeelde infrastructuur, water, groen en gefaseerde ontwikkeling.

 

Als eerste fase van het masterplan wordt een economische verdiepingsstudie voorbereid, voortbouwend op de Roadmap 2040 (opgemaakt door KPMG in opdracht van VOKA-Kamer van Koophandel Mechelen-Kempen). Deze studie moet kansrijke economische invullingen en ontwikkelingsscenario’s bepalen, stakeholders consulteren en de scenario’s strategisch toetsen aan onder meer mobiliteit, energie, ruimtelijke inpasbaarheid, sanering, marktinteresse en uitvoerbaarheid.

Het College keurde op 21 september 2026 de principiële toewijzing van deze opdracht aan KPMG goed. De resultaten vormen de basis voor het op te maken ruimtelijk-functionele masterplan en het latere RUP; zo worden de economische keuzes vertaald in ruimtelijke concepten, bestemmingen en voorschriften.

 

Daarnaast wordt het masterplan en RUP voorbereid, wordt de stedelijke verordening inzake financiële lasten herzien en worden vergunningsaanvragen getoetst aan de beleidsdoelstellingen voor de volledige site.

 

  1. U stelde in juni dat de stad voldoende hefbomen in handen heeft om de ontwikkeling mee te sturen. Welke van die hefbomen zijn ondertussen concreet ingezet of zullen op korte termijn worden ingezet?

 

De Stad heeft inmiddels verschillende hefbomen concreet ingezet:

●        Met het Beleidsplan Ruimte Lier zijn de ruimtelijk-economische krijtlijnen vastgelegd. De inhoud van het BRL kwalificeert daarbij als een beleidsmatig gewenste ontwikkeling en vormt derhalve een formeel toetsingskader voor de beoordeling van omgevingsvergunningsaanvragen.

●        Via de procesnota is een structurele samenwerking met SOLag georganiseerd.

●        Daarnaast is de economische verdiepingsstudie principieel toegewezen, wordt samen met de betrokken actoren de mogelijkheid tot het aanvragen van een brownfieldconvenant onderzocht en is de herziening van de stedelijke verordening inzake financiële lasten opgestart, met het oog op uitbreiding naar industriële en logistieke gebouwen en de financiering van flankerende maatregelen.

●        Ook de beperkte grondpositie van OCMW Lier binnen de uitbreidingszone biedt een aanknopingspunt om mee te sturen.

 

Op korte termijn worden deze hefbomen aangevuld door de voorbereiding van het masterplan (en het latere RUP), het structurele overleg met MOURIK en de andere eigenaars en de toetsing van vergunningsinitiatieven aan de geïntegreerde visie voor de volledige site. De wettelijke beleids-, plannings- en vergunningsbevoegdheden blijven daarbij bij de Stad en de bevoegde overheden.

 

  1. Wat zijn vanaf vandaag de belangrijkste volgende stappen en beslismomenten, en op welke momenten zal de gemeenteraad hierover worden geïnformeerd of betrokken?

De eerstvolgende stap is de concretisering van de opdracht en de formele bestelling van de economische verdiepingsstudie, nadat SOLag de gunningsbeslissing heeft voorbereid en ter goedkeuring aan het College heeft voorgelegd.

 

Tijdens de uitvoering van deze studie blijft de Stad, samen met SOLag en de betrokken stedelijke diensten, structureel afstemmen met MOURIK en de andere publieke en private actoren over de globale ontwikkeling van de site.

Na afronding van de economische positioneringsstudie wordt een studiebureau aangesteld voor de opmaak van het ruimtelijk-functionele masterplan. Vervolgens kan dit masterplan worden vertaald in een gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

4.

De gemeenteraad wordt betrokken wanneer een beslissing tot zijn decretale bevoegdheid behoort, bij het RUP en, waar vereist, bij samenwerkings- of financieringsbeslissingen.

 

Tussentijds kan over belangrijke mijlpalen en richtinggevende keuzes worden teruggekoppeld via de bevoegde gemeenteraadscommissie en de gemeenteraad.

 

 

Interpellatie 2 : van Tom Claes (Missie2500 i.v.m. toenemend spoorwegverkeer

Van 12 juni tot 10 augustus liep er een openbaar onderzoek door de Vlaamse regering over een project in de haven van Antwerpen, met name de aanleg van een nieuwe containercluster op de linker Schelde oever, afgekort CCL.  Het is een onderdeel van het ECA project van de Vlaamse overheid en Port of Antwerp Bruges, waarbij ECA staat voor Extra Containerbehandelingscapaciteit in het havengebied van Antwerpen.

De realisatie van dit project zal zorgen voor naar schatting 50 tot 65% meer goederentreinen door Lier, zo lezen we in het milieueffectenrapport op pagina 18. Dit heeft uiteraard een enorme impact op de omwonenden van de spoorweg die onze stad doorkruist. Zo lezen we op pagina 57 van datzelfde rapport dat de gezondheidskundige advieswaarde voor geluidsoverlast door spoorverkeer ruimschoots overschreden wordt in Lier, zowel overdag als ’s nachts, en dat gaat met het extra treinverkeer enkel verergeren.

Ook de al welbekende problematiek van de spooroverweg op het Lisp zal op deze manier enkel maar problematischer worden.

 

Daarom de volgende vragen:

●        Is het college op de hoogte van dit project en het bijhorend openbaar onderzoek?

●        Heeft het college hierrond enige actie ondernomen?

●        Wat is de stand van zaken van de verschillende studies over de spooroverweg op het Lisp? Concreet gaat het over de studie van Infrabel, de bijkomende mobiliteitsstudie van Mint maar ook het onderzoek van de studenten van UAntwerpen naar de overwegen op de spoorlijn Lier-Herentals

 

Antwoord schepen Ivo Andries:

Wij zijn op de hoogte van het ECA-project, en meer specifiek van de Containercluster Linkerscheldeoever (CCL), en van het openbaar onderzoek dat hierover van 12 juni tot en met 10 augustus 2026 heeft gelopen.

De mogelijke toename van het goederenvervoer per spoor en de impact daarvan op Lier zijn uiteraard een aandachtspunt. De spoorlijn doorkruist onze stad en vandaag zijn er al verschillende aandachtspunten met betrekking tot de spooroverwegen, de verkeersafwikkeling en de leefbaarheid van de omliggende wijken.

De spoorinfrastructuur en het beheer van de overwegen behoren tot de bevoegdheid van Infrabel. De stad kan hierin dus niet zelf beslissen. We volgen de ontwikkelingen wel op en brengen de belangen van Lier en onze inwoners onder de aandacht bij de bevoegde partners.

Wat de problematiek van de spooroverweg aan de Lispersteenweg betreft, zijn er momenteel verschillende studies en onderzoeken die elkaar aanvullen.

●        De overwegstudie van Infrabel richt zich specifiek op de problematiek van de Lispersteenweg en onderzoekt mogelijke oplossingen voor de huidige gelijkgrondse overweg. Daarbij wordt gekeken naar verschillende scenario's en naar de technische en ruimtelijke gevolgen daarvan.

●        Daarnaast is er de studie Lisp, die in opdracht van de stad wordt uitgevoerd. Deze studie heeft specifiek als doel om de impact van de spoorwegproblematiek op de ruimere wijk Lisp in kaart te brengen. Daarbij wordt gekeken naar de verkeerscirculatie en de gevolgen van verschillende scenario's voor onder meer het autoverkeer, fietsers en voetgangers. Aan de hand van verkeerstellingen en verkeerssimulaties wordt geprobeerd om de effecten van mogelijke wijzigingen zo goed mogelijk in beeld te brengen.

●        Ook het onderzoek van studenten van de Universiteit Antwerpen naar de overwegen op de spoorlijn Lier-Herentals levert bijkomende inzichten op. Hierbij wordt de problematiek van de verschillende overwegen vanuit een bredere ruimtelijke en mobiliteitsinvalshoek bekeken en wordt onderzocht welke gevolgen het verdwijnen van overwegen kan hebben voor de omgeving.

●        Daarnaast zijn er verschillende regionale studies en beleidskaders die relevant zijn voor deze problematiek.

○        Het Routeplan 2030 van de Vervoerregio Antwerpen vormt het regionale kader voor de toekomstige mobiliteit en bekijkt de samenhang tussen de verschillende vervoerswijzen en netwerken.

○        De Mobiliteitsstudie Zuiderkempen, uitgevoerd in opdracht van de provincie Antwerpen en Vlaanderen, kijkt onder meer naar de mobiliteitsproblematiek in de regio en de gevolgen van de spooroverwegen voor zowel het spoor- als het wegverkeer.

○        De Corridorstudie openbaar vervoer van de provincie Antwerpen bekijkt dan weer de toekomstige ontwikkeling van het openbaar vervoer in de regio en de rol van de spoorverbindingen daarin.

De verschillende studies hebben dus elk hun eigen focus. De studie van Infrabel richt zich op de spoorinfrastructuur en de overweg, terwijl andere onderzoeken vooral de gevolgen voor het verkeer en de omgeving bekijken. De regionale studies plaatsen de problematiek in een ruimer kader van mobiliteit en openbaar vervoer.

Voor ons is het belangrijk om deze verschillende onderzoeken samen te bekijken. Een eventuele oplossing voor de spooroverweg aan de Lispersteenweg moet immers niet alleen technisch haalbaar zijn, maar ook rekening houden met de verkeersafwikkeling, de bereikbaarheid van Lisp en bij uitbreiding de rest van de stad, de positie van fietsers en voetgangers, het openbaar vervoer en de leefbaarheid van de wijk. 

Daarnaast wordt momenteel ook gewerkt aan de opmaak van een nieuw mobiliteitsplan voor Lier, het bestek werd hiervoor in de markt gezet. De resultaten en inzichten uit de verschillende studies zullen ook daarin worden meegenomen. Het is immers belangrijk dat we deze onderzoeken niet los van elkaar bekijken of enkel gebruiken om een oplossing te zoeken voor één specifiek knelpunt. We willen ze samenbrengen om een duidelijke en gedragen mobiliteitsvisie voor Lier op langere termijn uit te werken. Daarbij zal onder meer worden gekeken naar de toekomstige verkeersstromen, de rol van het spoor en openbaar vervoer, de fiets- en voetgangersverbindingen en de bereikbaarheid en leefbaarheid van onze wijken. De spoorproblematiek, en in het bijzonder de situatie in Lisp, vormt daar een belangrijk onderdeel van. Op die manier willen we ervoor zorgen dat beslissingen die vandaag of de komende jaren worden genomen, ook passen binnen een bredere en toekomstgerichte visie op de mobiliteit van Lier.

 

 

Interpellatie 3 : van Sylvie Bracqué (Missie2500 i.v.m. hondenweide Koningshooikt

Op het participatieplatform van Stad Lier lezen we bij de bevraging over het nieuwe park in Koningshooikt dat een hondenweide er niet mogelijk is.

 

Dat verbaast ons. In het bestuursakkoord werd aan Koningshooikt zeer duidelijk een volwaardige hondenweide beloofd. Ook bij de aankoop van deze gronden werd de hondenweide expliciet genoemd in persteksten en in verschillende beloftes. En zelfs tijdens uw commissies beloofde u nogmaals de realisatie van een hondenweide in Koningshooikt.

 

We begrijpen dan ook niet goed waarom ze nu uit de plannen lijkt te verdwijnen.

 

Daarom onze eenvoudige vraag: blijft de belofte van een volwaardige hondenweide in Koningshooikt overeind? En hoe en wanneer zal het stadsbestuur die belofte waarmaken?

 

Antwoord schepen Niels De Bakker:

Een hondenlosloopweide kan. Een hondenspeelweide met speelelementen kan hier niet. 
In het kader van het participatietraject wordt rekening gehouden met de stem van de inwoners van Koningshooikt. Ook hondeneigenaars konden daar ruimte voor hun geliefde vriend vragen. Er werden punten gegeven aan diverse invalshoeken van invulling van spelen tot tot rust komen en daar zit ook ruimte voor honden in. Die punten zorgen voor een spreiding van noden op het terrein verbonden de toekomstige invulling. Dus hondenlosloopweide kan, maar een hondenspeelweide zal dat nooit worden.

 

 

Interpellatie 4 : van Ipek Altun (Missie2500) i.v.m. opvolging proefproject voorschoolse kinderopvang

De hervorming van de voorschoolse kinderopvang kwam de voorbije maanden meermaals aan bod in de gemeenteraad. Na overleg met de scholen werd uiteindelijk gekozen voor een model waarbij de opvang op de scholen wordt georganiseerd en de stad verantwoordelijk blijft voor de organisatie en kwaliteit ervan.

 

Voor het schooljaar 2026-2027 gaat het om een proefproject. Dit schooljaar moet dan ook toelaten om in de praktijk na te gaan hoe het nieuwe model functioneert, welke knelpunten zich voordoen en waar bijsturing nodig is. Daarbij werd ook een belangrijke rol voorzien voor vrijwilligers binnen de verdere organisatie van de opvang.

 

Sinds 1 september is de nieuwe werking effectief van start gegaan. Na de eerste weken bereiken ons verschillende signalen vanuit het werkveld. Zo zouden momenteel slechts twee vrijwilligers actief zijn, terwijl de stad nog steeds op zoek is naar bijkomende kandidaten. Op 21 september vond hierover nog een infomoment plaats voor kandidaat-vrijwilligers.

 

Daarnaast worden ook vragen gesteld bij de concrete kwaliteit van de opvang. Medewerkers signaleren onder meer dat er op bepaalde locaties weinig spel- en activiteitenmateriaal beschikbaar is en dat kinderen soms voornamelijk in een refter of gang worden opgevangen.

 

Daarom de volgende vragen:

●        Hoe evalueert het stadsbestuur de eerste weken van het proefproject? Welke knelpunten werden tot nu toe vastgesteld en zijn reeds bijsturingen gebeurd?

●        Hoe staat het vandaag met de inzet van vrijwilligers? Klopt het dat momenteel slechts twee vrijwilligers actief zijn en wat heeft het infomoment van 21 september concreet opgeleverd aan bijkomende kandidaten?

●        Hoe wordt de kwaliteit van de opvang gegarandeerd? Welke normen gelden inzake het aantal begeleiders, de opvangruimte en het beschikbare spel- en activiteitenmateriaal, en hoe wordt hierop toegezien?

●        Hoe wordt de pedagogische kwaliteit van de vrijwilligers gewaarborgd? Welke voorbereiding, begeleiding of ondersteuning krijgen zij, naast de vereiste screening, om kinderen op een kwaliteitsvolle manier op te vangen? Alvast dank voor uw antwoord.

 

Antwoord schepen Annemie Goris:

Hoe evalueert het stadsbestuur de eerste weken van het proefproject? Welke knelpunten werden tot nu toe vastgesteld en zijn reeds bijsturingen gebeurd?

 

We zijn erin geslaagd om elke dag elke school om 7u geopend te krijgen en de kinderen veilig op te vangen.
Een aantal praktische zaken zoals bewegwijzering naar de juiste inkompoort en herverdelen van sleutels werd tijdens de eerste dagen van september al bijgestuurd.
Begeleiders ter plekke gaan geregeld in overleg met medewerkers van de school om zaken af te toetsen of bij te sturen. Die samenwerking loopt nog niet even vlot op elke school. Op sommige scholen merken we nog wel wat terughoudendheid, zowel bij directie als leerkrachten, wat een impact heeft op het welbevinden van begeleiders.
Daarom staat er al een eerste overleg per school ingepland met alle betrokkenen.
Op woensdag 28 oktober staat een algemene evaluatie met alle scholen gepland.

 

Hoe staat het vandaag met de inzet van vrijwilligers? Klopt het dat momenteel slechts twee vrijwilligers actief zijn en wat heeft het infomoment van 21 september concreet opgeleverd aan bijkomende kandidaten?

 

Er zijn de tweede week van september 4 vrijwilligers gestart na een screeningsgesprek. Deze mensen hebben het juiste profiel en haalden al veel voldoening uit hun engagement bij de kinderen. Hun ondersteuning is al heel waardevol gebleken.
Deze vrijwilligers ondersteunen momenteel 1 of 2 ochtenden per week op een specifieke school. De huidige vrijwilligerspool is echter nog onvoldoende groot om op alle locaties en alle ochtenden de gewenste ondersteuning te kunnen bieden.

Op het infomoment van 21 september waren 7 geïnteresseerden aanwezig, waarvan er 6 op gesprek komen. Eén kandidaat kwam niet in aanmerking owv te beperkte Nederlandse taal.

Wij hopen de vrijwilligerspool snel te kunnen uitbreiden. Daarbij stellen we vast dat er verschillen zijn tussen scholen. Sommige scholen nemen actief een rol op in het toeleiden van kandidaat-vrijwilligers naar de stad, terwijl dit op andere scholen voorlopig niet gebeurt. Een verdere gezamenlijke inspanning blijft daarom belangrijk.

Op bepaalde ochtenden ligt het aantal aanwezige kinderen bovendien hoger dan wat wenselijk is voor één begeleider. Extra vrijwillige ondersteuning kan daar mee voor versterking zorgen.

 

Hoe wordt de kwaliteit van de opvang gegarandeerd? Welke normen gelden inzake het aantal begeleiders, de opvangruimte en het beschikbare spel- en activiteitenmateriaal, en hoe wordt hierop toegezien?

 

De veiligheid en het warme onthaal van de kinderen blijven vooropstaan. Tegelijk stellen we vast dat de huidige opvang op school op een aantal vlakken niet dezelfde kwaliteit kan bieden als de opvang op de BKO-locaties. Dat komt gedeeltelijk door de beperkte speelruimte die op scholen aanwezig is, beperkt spelmateriaal en beperkte personeelsinzet.
Daar waar op de BKO-locaties verschillende speelhoeken en spelimpulsen zijn is de opvangruimte in een school vaak beperkt tot een refter met tafels. Om binnen deze context toch een zo aantrekkelijk mogelijk aanbod te voorzien, voorziet de stad op elke school zelf een bak of kast met speelgoed en spelmateriaal. Het reeds aanwezige materiaal van de scholen mag niet overal gedeeld of gebruikt worden binnen de opvang.

 
In het erkenningskader voor opvang op scholen, goedgekeurd door de GR van juni 26, werd de kindratio vastgelegd op 1/18. Op de meeste ochtenden voldoen we daaraan, op sommige piekmomenten vangen we meer dan 18 kinderen tegelijk op.

 

Hoe wordt de pedagogische kwaliteit van de vrijwilligers gewaarborgd? Welke

voorbereiding, begeleiding of ondersteuning krijgen zij, naast de vereiste screening, om kinderen op een kwaliteitsvolle manier op te vangen?

 

Tijdens het screeningsgesprek, dat afgenomen wordt door dienst BKO samen met HR, wordt gepeild naar motivatie, kennis, capaciteiten en affiniteit met de doelgroep.
Na een positieve screening wordt een vrijwilligersovereenkomst opgemaakt waarin ook de verwachtingen ten aanzien van de vrijwilliger en de kwaliteit van de ondersteuning zijn opgenomen.

Vrijwilligers worden momenteel nooit alleen ingezet op de werkvloer. Zij werken steeds samen met een vaste BKO-medewerker, die hen ondersteunt en begeleidt bij de uitvoering van hun taken. Zo krijgen vrijwilligers ook in de praktijk de nodige ondersteuning.

Daarnaast worden in de loop van het schooljaar vormingsmomenten aangeboden aan zowel de vaste BKO-medewerkers als de vrijwilligers, met als doel hun competenties verder te versterken en de pedagogische kwaliteit van de opvang te ondersteunen.

 

 

Interpellatie 5 : van Philippe Iglesias (Vooruit) i.v.m. fietsveiligheid en toekomstvisie voor fietsers in Stad Lier

Nu de zomer voorbij is, zien we opnieuw een vertrouwd beeld in onze stad: fietstoeristen die zich omvormen tot dagelijkse pendelaars die volwaardig de fiets gebruiken en schoolgaande jeugd die zich, op hun fiets, een weg banen door het verkeer. De fietsbewegingen blijft stijgen, maar de visie ontbreekt. Want wie vandaag door Lier fietst, merkt dat onze infrastructuur niet is afgestemd op de realiteit van een stad waar steeds meer mensen bewust kiezen voor de fiets.

 

De fietsostrades rond Lier  zijn al enkele jaren echte mobiliteitsaders. Toch worden ze nog niet met de nodige aandacht behandeld, zo moeten ze het vaak doen zonder duidelijke voorrang, zonder consequente signalisatie en zonder de veiligheid die je op zulke drukke trajecten mag verwachten. Ook bij nieuwe ontwikkelingen zien we hetzelfde patroon: straten worden heraangelegd, projecten worden ontworpen, maar de fietser moet vaak ruimte laten.
 

Dat is geen vooruitgang. Dat is een gemiste kans.

 

Als we fietsen willen promoten, moeten we dat ook zichtbaar maken in het straatbeeld. Dat betekent veilige schoolroutes, logische verbindingen, duidelijke kruispunten en infrastructuur die rekening houdt met de beweegsnelheid van fietsers. Zeker nu warmere zomers steeds vaker voorkomen ten gevolge van de opwarming moeten we ecologisch pendelverkeer alle ruimte geven.. Fietsbeleid is niet alleen mobiliteit, het is klimaatbeleid, gezondheidsbeleid en een keuze voor een leefbare stad.

 

Daarom vragen wij het stadsbestuur om duidelijk werk te maken van een gerichte fietsvisie:

●        Wanneer erkent Lier de fietsostrades als volwaardige hoofdassen van onze mobiliteit en voorziet zij hier de nodige voorrang?

●        Wanneer worden fietsers meegenomen als primair voertuig in elk nieuw ontwerp?

●        Wanneer komt er een mobiliteitskader dat fietsveiligheid en fietssnelheid centraal zet?

Onze inwoners verdienen een stad waar de fiets geen bijzaak is, maar een volwaardige en veilige keuze.

 

Antwoord schepen Ivo Andries:

Wij delen de bezorgdheid over het belang van veilige en aantrekkelijke fietsverbindingen. Het fietsgebruik neemt toe en dat vraagt om een mobiliteitsbeleid waarin fietsers en voetgangers een belangrijke plaats krijgen.

De fiets-o-strades vormen daarbij belangrijke regionale fietsverbindingen. De fiets-o-strades zijn in beheer van de provincie Antwerpen. De stad kan de inrichting en het beheer ervan dan ook niet autonoom bepalen. Wel blijft de stad hierover in overleg met de provincie en wordt waar mogelijk ingezet op een goede aansluiting van de fiets-o-strades op het lokale fietsnetwerk.

Ook binnen de eigen bevoegdheden werkt de stad verder aan een toekomstgerichte fietsvisie. De stad heeft momenteel een bestek in de markt gezet voor de opmaak van een nieuw mobiliteitsplan. Binnen dit mobiliteitsplan krijgen fietsers en voetgangers expliciet extra aandacht, met daarnaast bijzondere aandacht voor onder meer schoolgaande kinderen en ouderen. Het doel is om te komen tot een samenhangend mobiliteitsbeleid waarin verkeersveiligheid, bereikbaarheid en leefbaarheid centraal staan.

Ook vandaag wordt bij de heraanleg van pleinen, straten en andere openbare ruimten reeds rekening gehouden met de positie en noden van fietsers in het verkeer. Bij dergelijke projecten wordt, binnen de mogelijkheden van het ontwerp en de beschikbare ruimte, aandacht besteed aan veilige en comfortabele fietsvoorzieningen en aan een goede aansluiting op bestaande fietsverbindingen. Het nieuwe mobiliteitsplan en het fietsbeleidsplan zullen deze aandacht verder structureren en als uitgangspunt meenemen bij toekomstige projecten.

Als onderdeel van het nieuwe mobiliteitsplan zal bovendien een fietsbeleidsplan worden uitgewerkt. Dit zal fungeren als een visiedocument en een kader voor toekomstige projecten en ontwikkelingen. Zo kan de stad bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen, heraanleg van straten en infrastructuurprojecten meer systematisch rekening houden met de noden van fietsers en met de gewenste fietsroutes en verbindingen.

Het fietsbeleidsplan moet er mee voor zorgen dat fietsers niet pas op het einde van een ontwerpproces worden bekeken, maar dat fietsbereikbaarheid en -veiligheid van bij de start worden meegenomen. Daarbij wordt onder meer gekeken naar veilige en logische fietsverbindingen, schoolroutes, kruispunten en de aansluiting tussen het lokale en bovenlokale fietsnetwerk.

De stad kiest er dus voor om niet los van bestaande plannen afzonderlijke maatregelen te nemen, maar om fietsbeleid structureel te verankeren in het nieuwe mobiliteitsplan en het fietsbeleidsplan. Op basis daarvan kan de stad de komende jaren gericht prioriteiten bepalen en deze ook als toetsingskader gebruiken bij nieuwe ontwikkelingen en projecten.

Wat betreft de vraag om fietsers als primaire weggebruiker te beschouwen, zal dit binnen het nieuwe mobiliteitsplan en fietsbeleidsplan verder worden onderzocht en worden vertaald naar concrete uitgangspunten.

Wij erkennen dus het belang van de fiets als volwaardige vervoerswijze en zetten met de opmaak van een nieuw mobiliteitsplan en een fietsbeleidsplan belangrijke stappen om dit beleid verder te onderbouwen en structureel te verankeren.

 

 

Interpellatie 6 : van Philippe Iglesias (Vooruit Lier) i.v.m. voorbereiding op extreme hitte - nood aan een integraal hitteplan voor Stad Lier

De voorbije zomer heeft ons opnieuw geconfronteerd met de realiteit van steeds warmere en langere hitteperiodes. We kende meerdere hittegolven, met dagen waarop de temperatuur boven de 30 graden bleef en nachten waarin woningen nauwelijks afkoelden. De impact daarvan is ernstig: hitte treft iedereen vooral ouderen, jonge kinderen, mensen met gezondheidsproblemen en inwoners die in minder goed geïsoleerde woningen leven.

Ook in Lier zagen we de gevolgen. De stad communiceerde tijdens de hittegolf in juni dat inwoners terechtkonden in het dienstencentrum het Schoppeke voor verkoeling. Dat was een goede stap, maar voor onze fractie is het duidelijk dat Lier zich grondiger dient voor te bereiden op toekomstige zomers. Extreme hitte is geen luxeprobleem, maar een kwestie van publieke gezondheid, sociale zorg en klimaatadaptatie.

Andere gemeenten hebben intussen een integraal hitteplan uitgewerkt, met duidelijke hittefasen, koelteplekken, vrijwilligerswerking, drinkwaterpunten, afspraken met zorgpartners en een structurele aanpak van schaduw, ontharding en hittebestendige gebouwen. Lier beschikt vandaag wél over klimaatdoelstellingen, maar niet over een operationeel hitteactieplan dat inwoners beschermt wanneer het écht heet wordt.

Daarom roepen wij op om werk te maken van een breed, samenhangend en toekomstgericht hitteplan voor Stad Lier.

Wij hebben alvast enkele voorstellen

●        Werk aan een breed hitteplan. Lier moet voorbereid zijn, maak afspraken met de diensten, maak duidelijke hittefasen met vastgelegde maatregelen, maak afspraken met woonzorgcentra en openbare gebouwen en zorg voor een communicatieplan/website met wat mensen moeten doen bij hitte. 

●        Breng de openbare koele gebouwen in kaart. Waar kunnen mensen naartoe tijdens een hittegolf, welke gebouwen worden vandaag als koelteplek beschouwd buiten ons dienstencentrum?

●        Werk aan publieke drinkwaterpunten. Voorzie op centrale plaatsen standaard plekken waar mensen water kunnen afnemen, de hond water kunnen geven en zo verkoeling kunnen zoeken. 

●        Zorg voor extra bescherming van kinderen. Speeltuinen en schoolomgevingen warmen vaak extreem op. Wij vragen voor o.a. tijdelijke schaduwdoeken tijdens hitte; structurele vergroening & zonnecrème-dispensers bij extreme hitte.

●        Onze kwetsbaarste bewonder verdienen ook de nodige aandacht.
Veel sociale woningen warmen snel op. Kan er onderzocht worden dat deze versneld hittebestendig worden gemaakt. Alsook vragen we om te werken met belrondes, hittetelefoons en vrijwilligersploegen om zo de meest kwetsbare inwoners proactief te kunnen opvolgen.

 

Tot slot willen we nog meegeven dat de provincie Antwerpen binnenkort infomomenten organiseert rond hittebestendige buurten.

We vragen dan ook dat dat deStad Lier zal deelnemen aan deze provinciale sessies en de inzichten integreren in een lokaal hitteplan. Hitte treft namelijk iedereen, maar niet iedereen even hard. Daarom vragen wij vandaag dat Lier niet wacht tot de volgende hittegolf, maar nu werk maakt van een breed, sociaal en toekomstgericht hitteplan.

 

Antwoord burgemeester Rik Verwaest:

De stad deelt de bezorgdheid over de impact van warme periodes op onze inwoners, onze medewerkers en in het bijzonder op kwetsbare groepen.

De afgelopen periode is binnen de organisatie dan ook al heel wat voorbereidend werk verricht rond een integraal hitteplan. Er ligt momenteel een uitgewerkt ontwerp op tafel dat zowel aandacht heeft voor maatregelen voor onze eigen medewerkers en gebouwen als voor maatregelen ten aanzien van inwoners en bezoekers.

Het is de bedoeling om dit plan verder af te werken en, na de nodige goedkeuringen en praktische voorbereiding, tegen de volgende zomer verder uit te rollen.

Het ontwerp van het hitteplan vertrekt vanuit twee sporen. Enerzijds zijn er interne maatregelen voor medewerkers, gebouwen en de continuïteit van de dienstverlening. Anderzijds zijn er externe maatregelen gericht op inwoners en de bredere samenleving. Het plan koppelt deze maatregelen aan de verschillende fases van het nationale warmte- en ozonplan.

Vanuit verschillende stadsdiensten wordt bekeken welke locaties als verkoelingsplek kunnen worden ingezet en hoe hierover tijdens warme periodes duidelijk kan worden gecommuniceerd.

Ook drinkwaterpunten komen in het plan aan bod. Verschillende stedelijke locaties voorzien of onderzoeken mogelijkheden rond gratis drinkwater.

Voor kinderen wordt bijzondere aandacht voorzien. Het ontwerp bevat onder meer maatregelen voor jeugdactiviteiten, buitenschoolse opvang, evenementen en sportactiviteiten. Daarbij wordt onder andere ingezet op voldoende drinkwater, bescherming tegen de zon, verkoeling, aangepaste activiteiten en duidelijke informatie voor ouders, kinderen en begeleiders.

Ook voor evenementen worden organisatoren geïnformeerd over maatregelen die kunnen worden genomen zoals het voorzien van water, verkoeling en zonbescherming.

Voor tijdelijke voorzieningen, zoals bijkomende schaduwdoeken of andere extra infrastructuur, moet telkens worden bekeken wat technisch, organisatorisch en financieel haalbaar is.

Het hitteplan besteedt expliciet aandacht aan kwetsbare inwoners, waaronder ouderen, jonge kinderen, mensen met chronische aandoeningen en mensen met een beperkt sociaal netwerk.

Binnen de welzijnsdiensten wordt onder meer ingezet op sensibilisering, informatie, signalering en het doorverwijzen naar plaatsen waar verkoeling en ondersteuning beschikbaar zijn. Ook de dienstverlening van de woonzorgcentra en dienstencentra wordt in het plan meegenomen.

Daarnaast wordt in de communicatie aandacht besteed aan het bereiken van kwetsbare inwoners en mensen die mogelijk sociaal geïsoleerd zijn. Dit staat ook geagendeerd op het overleg van het Sociaal Team.

Binnen gebouwenbeleid kijken we naar naar maatregelen die gebouwen en de omgeving weerbaarder kunnen maken tegen warmte. Dat sluit aan bij bredere maatregelen rond klimaatadaptatie, zoals vergroening, ontharding en het beperken van hittestress in de publieke ruimte.

Een belangrijk onderdeel van het plan is duidelijke en tijdige communicatie. Het ontwerp voorziet communicatie in de verschillende fases van het warmteplan, onder meer via de website, Peperbus, digitale schermen, sociale media en interne communicatiekanalen.

Ook informatie over drinkwaterpunten, koele plaatsen, gezondheidsrisico's en praktische tips moet op die manier tijdig bij inwoners en medewerkers terechtkomen.

In toto: ja, er is een hitteplan in opmaak. En willen dat tegen volgende zomer ook actief hebben. Maar alles moet worden getoetst op praktische haalbaarheid, organisatorische impact en financiële consequenties. Niet alles zal dus kunnen worden uitgevoerd, en niet alles zal gebeurd zijn voor de zomer van 2027. Maar het plan zal wel een richtsnoer worden voor de komende jaren.

 

BESLUIT

Art 1 :

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

ACTUELE VRAGEN

 

MOTIVERING

Er werden geen actuele vragen ingediend.

 

BESLUIT

Art 1 :

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

VERSLAG GEMEENTERAAD 22 JUNI 2026. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

De gemeenteraad vergaderde op 22 juni 2026.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het verslag van de gemeenteraadszitting van 22 juni 2026 goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

VASTSTELLEN VAN DE DATA VOOR DE GEMEENTERAAD EN OCMW RAAD 2027. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur, art. 18

 

Argumentatie

Bijgevoegd voorstel van data gemeenteraad en OCMW raad 2027 werd besproken met de voorzitter van de gemeenteraad.

Voorstel data gemeenteraad en OCMW raad 2027:

 

Data

Commissies

Dossier ten laatste in CBS en Vast Bureau

Vaststellen dagorde

Verzending

25 januari

18 – 21 januari

4 januari

11 januari

15 januari

 

1 maart

 

22  – 25 februari

8 februari

15 februari

19 februari

22 maart

 

15 – 18 maart

1 maart

8 maart

12 maart

26 april

19 – 22 april

5 april

 

12 april

 

16 april

 

31 mei

24 – 27 mei

10 mei

17 mei

21 mei

 

21 juni

14 – 17 juni

31 mei

7 juni

11 juni

 

27 september

20 – 23 september

6 september

13 september

17 september

 

25 oktober

 

18 – 21 oktober

4 oktober

11 oktober

15 oktober

29 november

 

22 – 25 november

 

8 november

 

15 november

 

19 november

 

20 december

 

13 – 16 december

 

29 november

6 december

10 december

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van de data voor de gemeenteraad en OCMW raad 2027, zoals besproken met de voorzitter van de gemeenteraad.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

OPVOLGINGSRAPPORTERING BBC 2026. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Het decreet lokaal bestuur bepaalt dat minstens voor het einde van het derde kwartaal een opvolgingsrapportering over het eerste semester van het boekjaar moet worden voorgelegd.

 

Inhoudelijk is deze tussentijdse rapportering vooral gericht op de uitvoering van de prioritaire beleidsdoelstellingen en actieplannen. Ze bevat ook een overzicht van de geraamde en de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven voor het lopende jaar en geeft zo informatie over de uitvoering en de bewaking van de kredieten. Het rapport voorziet ook in een update van de geformuleerde financiële risico's bij aanvang van de meerjarenplan (MJP).

 

Het rapport wordt ter beschikking gesteld via het beleidsportaal.

 

Juridische grond

Decreet lokaal bestuur, art. 263

Besluit Vlaamse regering BBC, art. 29

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van het opvolgingsrapport over de eerste jaarhelft van 2026.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

HUISHOUDELIJK REGLEMENT VAN DE GEMEENTERAAD - AANPASSING. GOEDKEURING.

 

Werd uitgesteld naar een andere zitting.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

AFSPRAKEN ROND SENSIBILISERING VOOR HERGEBRUIK DOOR OPNIEUW&CO. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraad 29/06/2015: goedkeuring samenwerkingsovereenkomst met Opnieuw & Co, stad Lier en Ivarem in het kader van de afvaldoelstellingen rond hergebruik.

 

Feiten en context

In de samenwerkingsovereenkomst verwijst 'Artikel 3. Wederzijdse doorverwijzing en sensibilisering' reeds naar de afspraak dat de stad in haar sensibiliserings- en informatiecampagnes omtrent het gemeentelijk afvalstoffen- en materialenbeleid verwijst naar de mogelijkheid voor de inwoners om herbruikbare goederen rechtstreeks bij het kringloopcentrum of de kringloopcontainer op het containerpark aan te leveren, of op te laten halen door het kringloopcentrum. Er wordt ook vermeld dat het kringloopcentrum en de stad zich er toe verbinden om samen te werken rond sensibilisering naar de burger op vlak van producthergebruik. In onderling overleg wordt afgesproken via welke manier dat kan gebeuren (website, infokrantje, pers, campagnes …).

 

De afspraken rond sensibilisering door de stad voor hergebruik door Opnieuw & Co worden nu verder geformaliseerd in een communicatiebijlage.

 

Adviezen

Positief advies team externe communicatie: De communicatiebijlage werd in onderling overleg opgesteld.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad  beslist de communicatiebijlage bij de samenwerkingsovereenkomst tussen stad Lier en Opnieuw & Co goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

ALGEMEEN REGLEMENT DOORGANGSKAARTEN - AANPASSING. GOEKDEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

●        Gemeenteraadsbeslissing van 20 oktober 2025 over de goedkeuring van het algemeen reglement doorgangskaarten

●        Gemeenteraadsbeslissing van 22 september 2025 over de goedkeuring van het huishoudelijk reglement op huwelijksplechtigheden

 

De gemeenteraad keurde op 31 maart 2025 een nieuwe versie van het huishoudelijk reglement op huwelijksplechtigheden goed. Bijkomend werd vanuit de bodes geadviseerd om bij huwelijken op zaterdag in de maanden mei tot en met september nog maar 1 ceremoniewagen i.p.v. 4 te laten oprijden tot voor het stadhuis en het algemeen reglement doorgangskaarten in die zin aan te passen. Dit omwille van de veiligheid en om de huwelijksplechtigheden te kunnen afronden binnen de voorziene 30 minuten.

 

Ceremoniewagens rijden langs de brug van de Rechtestraat over de Grote Markt richting het stadhuis tussen marktkramen en marktbezoekers. De begeleiding van de wagens op de rijbaan gebeurt door de politie die aanwezig is voor toezicht tijdens de zaterdagmarkt. De rijbaan tussen de marktkramen is vrij smal en marktbezoekers houden geen rekening met aanrijdende wagens. Zodra de wagens het marktplein oprijden, is er geen begeleiding van de politie meer. Om alles vlot en veilig te laten verlopen, neemt de begeleidende ambtenaar deze taak op zich. De draaicirkel is zeer klein door de fonteinen en marktkramen op het marktplein. Hierdoor moeten de wagens draaien en keren. Ook hier houden marktbezoekers geen rekening mee. Ze proberen zowel langs de voorzijde als langs de achterzijde de wagens te passeren. Dit brengt onveilige situaties met zich mee. Eén wagen keren i.p.v. vier wagens keren, gaat voor meer veiligheid zorgen en gaat ook minder tijd in beslag nemen.

 

Om dit mogelijk te maken, diende het algemeen reglement doorgangskaarten te worden aangepast door bij punt 3.4.3 tijdelijke doorgangskaarten volgende passage toe te voegen onder het vijfde bolletje:

Personenwagens die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig dient te worden bijgevoegd bij de aanvraag. Maximaal 2 ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

 

Feiten en context

De gemeenteraad keurde op 20 oktober 2025 de nieuwe versie van het algemeen reglement doorgangskaarten goed. In het reglement staat een dubbele formulering. Het derde en het zesde bolletje zeggen beide hetzelfde:

 

3.4.3 Tijdelijke doorgangskaarten

Volgende categorieën krijgen een doorgangskaart afgeleverd voor een in de tijd beperkte periode en die slechts geldig blijft tot de einddatum vermeld op de doorgangskaart, ‘tijdelijke doorgangskaarten’ genoemd, met vermelding van eventueel bijkomende beperkingen/voorwaarden:

●        In geval van absolute noodzaak, de voertuigen van bouwaannemers of gelijkgestelden die dienen voor een werk in die zones.

●        Voertuigen die worden gebruikt in het kader van occasionele markten, culturele activiteiten, festiviteiten en evenementen, in de mate deze voorafgaandelijk goedgekeurd zijn door de burgemeester of het college van burgemeester en schepenen.

●        Voertuigen die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig bij te voegen bij aanvraag. Maximaal twee ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

●        Voertuigen die dienst doen als verhuiswagen bij een verhuis op een specifieke dag.

●        Voertuigen van een huurder van een evenementenlocatie gelegen in de desbetreffende voetgangerszone: maximaal 2 tijdelijke doorgangskaarten op voorleggen van het huurcontract.

●        Personenwagens die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig dient te worden gevoegd bij de aanvraag. Maximaal 2 ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

 

Juridische grond

Decreet lokaal bestuur, artikel 40 § 3

 

Argumentatie

Het is aangewezen om het algemeen reglement doorgangskaarten aan te passen, zodat de dubbele formulering wordt verwijderd.

 

Oud artikel:

3.4.3 Tijdelijke doorgangskaarten

Volgende categorieën krijgen een doorgangskaart afgeleverd voor een in de tijd beperkte periode en die slechts geldig blijft tot de einddatum vermeld op de doorgangskaart, ‘tijdelijke doorgangskaarten’ genoemd, met vermelding van eventueel bijkomende beperkingen/voorwaarden:

●        In geval van absolute noodzaak, de voertuigen van bouwaannemers of gelijkgestelden die dienen voor een werk in die zones.

●        Voertuigen die worden gebruikt in het kader van occasionele markten, culturele activiteiten, festiviteiten en evenementen, in de mate deze voorafgaandelijk goedgekeurd zijn door de burgemeester of het college van burgemeester en schepenen.

●        Voertuigen die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig bij te voegen bij aanvraag. Maximaal twee ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

●        Voertuigen die dienst doen als verhuiswagen bij een verhuis op een specifieke dag.

●        Voertuigen van een huurder van een evenementenlocatie gelegen in de desbetreffende voetgangerszone: maximaal 2 tijdelijke doorgangskaarten op voorleggen van het huurcontract.

●        Personenwagens die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig dient te worden gevoegd bij de aanvraag. Maximaal 2 ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

 

Nieuw artikel:

3.4.3 Tijdelijke doorgangskaarten

Volgende categorieën krijgen een doorgangskaart afgeleverd voor een in de tijd beperkte periode en die slechts geldig blijft tot de einddatum vermeld op de doorgangskaart, ‘tijdelijke doorgangskaarten’ genoemd, met vermelding van eventueel bijkomende beperkingen/voorwaarden:

●        In geval van absolute noodzaak, de voertuigen van bouwaannemers of gelijkgestelden die dienen voor een werk in die zones.

●        Voertuigen die worden gebruikt in het kader van occasionele markten, culturele activiteiten, festiviteiten en evenementen, in de mate deze voorafgaandelijk goedgekeurd zijn door de burgemeester of het college van burgemeester en schepenen.

●        Voertuigen die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig bij te voegen bij aanvraag. Maximaal twee ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

●        Voertuigen die dienst doen als verhuiswagen bij een verhuis op een specifieke dag.

●        Voertuigen van een huurder van een evenementenlocatie gelegen in de desbetreffende voetgangerszone: maximaal 2 tijdelijke doorgangskaarten op voorleggen van het huurcontract.

●        Personenwagens die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig dient te worden gevoegd bij de aanvraag. Maximaal 2 ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het algemeen reglement doorgangskaarten aan te passen door onderstaand artikel te wijzigen.

 

Oud artikel:

3.4.3 Tijdelijke doorgangskaarten

Volgende categorieën krijgen een doorgangskaart afgeleverd voor een in de tijd beperkte periode en die slechts geldig blijft tot de einddatum vermeld op de doorgangskaart, ‘tijdelijke doorgangskaarten’ genoemd, met vermelding van eventueel bijkomende beperkingen/voorwaarden:

●        In geval van absolute noodzaak, de voertuigen van bouwaannemers of gelijkgestelden die dienen voor een werk in die zones.

●        Voertuigen die worden gebruikt in het kader van occasionele markten, culturele activiteiten, festiviteiten en evenementen, in de mate deze voorafgaandelijk goedgekeurd zijn door de burgemeester of het college van burgemeester en schepenen.

●        Voertuigen die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig bij te voegen bij aanvraag. Maximaal twee ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

●        Voertuigen die dienst doen als verhuiswagen bij een verhuis op een specifieke dag.

●        Voertuigen van een huurder van een evenementenlocatie gelegen in de desbetreffende voetgangerszone: maximaal 2 tijdelijke doorgangskaarten op voorleggen van het huurcontract.

●        Personenwagens die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig dient te worden gevoegd bij de aanvraag. Maximaal 2 ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

 

Nieuw artikel:

3.4.3 Tijdelijke doorgangskaarten

Volgende categorieën krijgen een doorgangskaart afgeleverd voor een in de tijd beperkte periode en die slechts geldig blijft tot de einddatum vermeld op de doorgangskaart, ‘tijdelijke doorgangskaarten’ genoemd, met vermelding van eventueel bijkomende beperkingen/voorwaarden:

●        In geval van absolute noodzaak, de voertuigen van bouwaannemers of gelijkgestelden die dienen voor een werk in die zones.

●        Voertuigen die worden gebruikt in het kader van occasionele markten, culturele activiteiten, festiviteiten en evenementen, in de mate deze voorafgaandelijk goedgekeurd zijn door de burgemeester of het college van burgemeester en schepenen.

●        Voertuigen die dienst doen als verhuiswagen bij een verhuis op een specifieke dag.

●        Voertuigen van een huurder van een evenementenlocatie gelegen in de desbetreffende voetgangerszone: maximaal 2 tijdelijke doorgangskaarten op voorleggen van het huurcontract.

●        Personenwagens die dienst doen als ceremoniewagen in de betreffende voetgangerszone bij een huwelijk. Inschrijvingsbewijs van het betreffende voertuig dient te worden gevoegd bij de aanvraag. Maximaal 2 ceremoniewagens en eventueel één cateringwagen in functie van laden en lossen (niet parkeren).

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist de gecoördineerde versie van het algemeen reglement doorgangskaarten goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

AANVULLEND REGLEMENT VAN HET WEGVERKEER - AANPASSING. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis 

Gemeenteraadsbeslissing van 15 december 2025 over de goedkeuring van de delegatie van het Aanvullend Reglement van Politie op het Wegverkeer aan het college van burgemeester en schepenen.

Collegebeslissing van 2 maart 2026 over de goedkeuring van aanpassing van het aanvullend reglement op de politie van het wegverkeer

 

Feiten en context 

Voor het actueel houden van het aanvullend reglement op de politie van het wegverkeer dienen een aantal aanpassingen te worden doorgevoerd, zoals hierna toegelicht: 

 

●        Boomlaarstraat

Op basis van een aanvraag voor een laadpaal via het ‘paal-volgt-wagen-principe’ en het daaruit volgende onderzoek is besloten date er 2 extra parkeerplaatsen voor elektrische wagens kunnen komen t.h.v. nummer 234.

 

Verbod +3.5T uitgezonderd plaatselijk verkeer in binnen gebied Er wordt geadviseerd een zone verbod wagens +3.5T te creëren vanaf de Boomlaarstraat aan de ovonde en aan de Vredelaan, alsook aan het kruispunt Bosstraat x David Tenierslaan richting Boomlaarstraat. Volgende straten zitten dan in de zone verbod +3.5T (uitgezonderd plaatselijk verkeer):- Boomlaarstraat vanaf ovonde tot Vredelaan- Bosstraat vanaf kruispunt David Tenierslaan richting Boomlaarstraat- Paddenweg- Diepenbroekstraat- Moederplein- Antoon Thirystraat- Groenedaellaan.

 

●        Spuilei – parking Wallenhof

Op basis van een aanvraag voor een laadpaal via het ‘paal-volgt-paal-principe’ en het daaruit volgende onderzoek is besloten, dat er 2 extra parkeerplaatsen voor elektrische wagens kunnen komen naast de reeds aanwezige parkeerplaatsen.

 

●        Smedenstraat

Op basis van een aanvraag voor een laadpaal via het ‘paal-volgt-wagen-principe’ en het daaruit volgende onderzoek is besloten date er 2 extra parkeerplaatsen voor elektrische wagens kunnen komen t.h.v. nummer 47.

 

●        Mechelsesteenweg

Op basis van een aanvraag voor een mindervalideplaats en het daaruit volgende onderzoek is besloten dat er een mindervalideplaats kan komen t.h.v. huisnummer 111, aan het begin van de parkeerstrook.

 

●        Sionsvest

Op basis van een aanvraag voor een mindervalideplaats en het daaruit volgende onderzoek is besloten dat er een mindervalideplaats kan komen t.h.v. 56, aan het begin van de parkeerstrook.

 

●        Antwerpsesteenweg – Ventweg

Om het voor bewoners mogelijk te maken om hun oprit te gebruiken en foutparkeerders tegen te gaan is het noodzakelijk om een parkeerverbod in te stellen tussen huisnummer 277 en 291.

 

●        Frankenweg

Om laden en lossen aan de woningen voor bewoners mogelijk te maken en fout parkeerders tegen te gaan dient er een parkeerverbod ingesteld te worden tussen huisnummer 12 en huisnummer 18.

 

●        Waversesteenweg

Zonale snelheidsbeperking instellen op 50km/u, startende vanaf fietsoversteek (komende vanuit Duffel) net voor Zuut tot aan de bebouwde kom. Dit voor een betere overgang tussen 50/70 km/u en een veiligere fietsoversteek te garanderen.

 

●        Tuinweg

Naar aanleiding van het verwijderen van de paaltjes/verkeersknip in de Tuinweg ontstaat er opnieuw een rechtstreekse verbinding voor gemotoriseerd verkeer. Hoewel deze maatregel de bereikbaarheid kan verbeteren, brengt ze tegelijk een verhoogde verkeersintensiteit met zich mee op een weg die frequent wordt gebruikt door fietsers.

 

Om de verkeersveiligheid van deze kwetsbare weggebruikers te blijven waarborgen, stellen wij voor om de Tuinweg in te richten als fietszone. Een fietszone benadrukt de prioritaire positie van fietsers in het straatbeeld en verplicht gemotoriseerd verkeer om zich aan te passen aan hun snelheid. Hierdoor wordt een veilige en comfortabele fietsomgeving gecreëerd, zelfs bij een toename van het autoverkeer als gevolg van het wegvallen van de knip.

 

●        Haagstraat

Naar aanleiding van de uitbreiding van de tonnage beperking in Duffel : “Het lokaal bestuur zou graag een tonnageverbod van + 3,5 ton doorvoeren, uitgezonderd laden en lossen.

De kern van Duffel west alsook de kern van Duffel oost zijn reeds gesignaleerd met tonnagebeperking. Men kan stellen dat de kern van Duffel Mijlstraat ook kan voorzien worden van een tonnagebeperking.

 

Hierin willen wij graag meegaan en dienen wij op de grens met de Haagstraat x Beukheuvel de zonale tonnagebeperking mee op te nemen. Juiste signalisatie en plaatsing van de borden zal uitgevoerd worden door Duffel.

 

●        Kapucijnenvest

Op vraag van verschillende partijen (bewoners en gebruikers) en met advies van politie Lier, zou er een oversteekplaats voor voetgangers voorzien kunnen worden aan het kruispunt met de Begijnhofstraat. Dit door middel van het aanbrengen van een zebrapad.

 

●        Waterpoortstraat :

Na overleg met het Sint-Gummaruscollege, kinderopvang De witte wolk en het analyseren van de meldingen en het terreinbezoek wordt besloten om de proefopstelling van de instelling als schoolstraat in de Waterpoortstraat permanent te verankeren. Na overleg en uit eindevaluatie bleek dat de proefopstelling met betrekking tot de schoolstraat een significante positieve impact had op vlak van de verkeersveiligheid en leefbaarheid rondom de school. Voornamelijk de draai- en keerbewegingen in de Frederik Peltzerstraat leken nadelig te zijn, maar worden opgelost door plaatsing van extra verkeerskegels en duidelijke voorsignalisatie op aanraden van Lokale Politie Lier. Ook ter hoogte van het kruispunt Waterpoortstraat x Blokstraat zal een extra C31a toegevoegd worden om het foutief afslaan tegen te gaan Deze extra signalisatie is enkel van toepassing als het schoolstraatregime in voege is. 

Dit werd eerder goedgekeurd met een stuk Blokstraat inbegrepen, maar nadien herzien na een gezamenlijk voorstel vanuit mobiliteitsdienst, politie en de school. Hetgeen werd toegelicht aan het schepencollege. Dit op basis van volgende argumenten/besluiten: 

●        De zone kan duidelijk (juridisch correct) afgesloten worden met 2 nadarhekken 

●        Betere werkbaarheid voor de school 

●        Er is geen verschil voor het autoverkeer in de Blokstraat, dewelke op deze manier ook nog steeds geweerd worden. 

●        Fietsers in de Blokstraat vormen geen significant probleem voor de veiligheid 

 

Juridische grond 

Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 

Wet betreffende de politie over het wegverkeer, gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968 

Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens 

Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en het gebruik van de openbare weg 

Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij de minimum afmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald 

Besluit van de Vlaamse Regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens 

Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 

 

BESLUIT

Art 1:

De gemeenteraad neemt kennis van de collegebeslissing van 22 juni 2026 en 27 juli 2026 over de aanpassing van het aanvullend reglement op de politie van het wegverkeer beslist via delegatie.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

GEHARMONISEERD ARBEIDSREGLEMENT. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Binnen Stad Lier, OCMW Lier en WZC Paradijs zijn momenteel drie afzonderlijke arbeidsreglementen van toepassing. Door de vergaande integratie van de organisatie is een harmonisatie van deze reglementen wenselijk. Dit verhoogt ook de rechtszekerheid voor alle betrokkenen.

 

Het voorliggende arbeidsreglement brengt de bestaande regelingen samen in één geïntegreerd arbeidsreglement dat van toepassing is op de volledige organisatie. Hiermee wordt een belangrijke stap gezet naar een toekomstig overkoepelend personeelsreglement, dat kan bestaan uit de rechtspositieregeling, het arbeidsreglement en de deontologische code. Zowel aan de deontologische code als aan de rechtspositieregeling zullen nog wijzigingen komen.

 

Bij de opmaak werd maximaal uitgegaan van de bestaande bepalingen. Waar verschillen bestonden tussen de reglementen van Stad en OCMW zonder dat hiervoor nog een inhoudelijke noodzaak bestond, werd gekozen voor één uniforme formulering.

 

Dienst- of locatiespecifieke afspraken worden voortaan opgenomen in afzonderlijke huishoudelijke reglementen, zodat het arbeidsreglement zich beperkt tot de algemene rechten, plichten en arbeidsvoorwaarden die voor alle medewerkers gelden. Het huishoudelijk reglement voor het Schapenkot wordt momenteel geüpdatet binnen het groeitraject. Voor WZC Paradijs is een apart huishoudelijk reglement in opmaak, in samenspraak met de vakbonden en de betreffende diensten.

 

De harmonisatie heeft in hoofdzaak een administratief en organisatorisch karakter. De inhoudelijke wijzigingen blijven beperkt en bestaan voornamelijk uit actualisaties, verduidelijkingen en een vereenvoudiging van de structuur van het arbeidsreglement.

 

Adviezen

Het ontwerp van het geharmoniseerde arbeidsreglement werd besproken tijdens het Bijzonder Onderhandelingscomité van 18 juni 2026. Het ACV geeft akkoord, met uitzondering van het schrappen van maaltijdcheques voor studenten. Dit is echter een actualisatie naar aanleiding van de aparte rechtspositieregeling voor studenten die door CBS en Vast Bureau werd goedgekeurd op 30 maart 2026.

 

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

Wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen.

Decreet over het Lokaal Bestuur van 22 december 2017.

De beslissing van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn waarbij de bevoegdheid inzake personeelsreglementen werd gedelegeerd aan het college van burgemeester en schepenen en het vast bureau.


Argumentatie

 

1. Harmonisatie van de bestaande arbeidsreglementen

Het voorliggende arbeidsreglement bundelt de bestaande arbeidsreglementen van Stad Lier, OCMW Lier en WZC Paradijs in één uniform reglement. Deze harmonisatie verhoogt de rechtszekerheid, vereenvoudigt het beheer van de personeelsregelgeving en vormt een eerste stap naar een geïntegreerd personeelsreglement voor de volledige organisatie.

 

Waar mogelijk werden verschillen tussen de bestaande reglementen weggewerkt. De gekozen formuleringen sluiten aan bij de bestaande praktijk en brengen geen fundamentele wijziging aan de arbeidsvoorwaarden van de medewerkers.

 

Dienstspecifieke afspraken worden niet langer opgenomen in het arbeidsreglement, maar worden geregeld via afzonderlijke huishoudelijke reglementen. Hierdoor wordt het arbeidsreglement overzichtelijker en wordt het eenvoudiger om operationele afspraken in de toekomst te actualiseren.

 

2. Inhoudelijke actualisaties

Naast de harmonisatie worden een aantal beperkte inhoudelijke wijzigingen doorgevoerd.
 

●        Het toepassingsgebied van het arbeidsreglement wordt verduidelijkt voor cliënten die in het kader van artikel 60, §7 van de OCMW-wet bij een externe werkgever zijn tewerkgesteld.

●        De lijst van vaste plaatsen van tewerkstelling wordt geactualiseerd.

●        De digitale loonstrook via Doccle wordt opgenomen als standaardwijze van loonverstrekking.

●        De bepalingen inzake het bezoek aan de arbeidsarts worden aangepast aan de gewijzigde regelgeving, waardoor een aantal verplichte medische onderzoeken vervallen.

●        Ook de procedure voor de melding van arbeidsongevallen wordt geactualiseerd. Daarbij wordt de digitale aangifte via Lin de voorkeursprocedure, terwijl een papieren melding enkel behouden blijft voor uitzonderlijke situaties.

●        Voor WZC Paradijs worden de beginuren van de dag- en nachtshift beperkt aangepast. Hierdoor ontstaat een korte overlap tussen de opeenvolgende ploegen, zodat de briefing en overdracht tussen medewerkers kwaliteitsvoller kunnen verlopen.

●        Daarnaast worden verschillende bijlagen geactualiseerd. De gegevens van de vertrouwenspersonen, EHBO-verantwoordelijken, overlegorganen en preventiedienst worden aangepast aan de actuele situatie.

●        De bestaande bijlage over de ecopremie wordt vervangen door een bijlage over de fietsvergoeding.

●        De afspraken inzake arbeidsongeschiktheid worden gebundeld in een afzonderlijke bijlage, zodat alle procedures rond ziekte op één centrale plaats terug te vinden zijn.

●        Ten slotte wordt de lijst van functies met toegang tot het Track & Trace-systeem geactualiseerd naar aanleiding van de wijzigingen in het organogram van het departement Infrastructuur.


3. Vereenvoudiging van het arbeidsreglement

Om het arbeidsreglement leesbaarder en beter onderhoudbaar te maken, worden verschillende bijlagen geschrapt of verplaatst.

 

Uittreksels uit de rechtspositieregeling worden verwijderd om dubbele regelgeving te vermijden.

 

Modellen en standaardformulieren worden niet langer opgenomen in het arbeidsreglement, maar blijven beschikbaar via het intranet, waar zij eenvoudiger kunnen worden geactualiseerd.

Ook de gedragscode wordt uit het arbeidsreglement gehaald. Deze zal voortaan deel uitmaken van een afzonderlijke deontologische code die op organisatieniveau wordt uitgewerkt.

Door deze aanpassingen evolueert het arbeidsreglement naar een compacter en duidelijker document, terwijl de noodzakelijke informatie voor de medewerkers beschikbaar blijft via afzonderlijke, gemakkelijker actualiseerbare documenten.

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van de collegebeslissing van 3 augustus 2026 over de goedkeuring van het geharmoniseerde arbeidsreglement voor Stad Lier, dat de bestaande arbeidsreglementen van Stad Lier, OCMW Lier en WZC Paradijs vervangt.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

ERFGOEDTOMBOLA BRUEGHEL - MECENAAT EN SPONSORING - REGLEMENT SPONSORING BRUEGHEL. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Het college besliste op 23 maart 2026 met het schilderij 'De Prediking' van Breughel II deel te nemen aan de Erfgoedtombola van de Nationale Loterij welke in het teken staat van het behoud en de valorisatie van het Belgische roerend erfgoed en waarbij ze akkoord ging om actief deel te nemen aan de communicatiecampagne en mee op zoek wil gaan naar privé-partners waarmee ze de positieve rol van de Nationale Loterij voor de samenleving erkent en zich ertoe verbindt ambassadeur ervan te zijn en dit binnen de wettelijke bepalingen.

 

Deze tombola is een tweetrapsselectie. Eerst worden de finalisten bepaald en vervolgens zal er een publieksstemming plaatsvinden waaraan een tombola wordt gekoppeld waarbij het publiek gratis zal kunnen stemmen voor het erfgoed van hun keuze. Een specifiek communicatie- en marketingplan zal worden opgezet samen met team Toerisme en Erfgoed, team Externe Communicatie en de Nationale Loterij om in te zetten op beleving en storytelling.

 

Nu we finalist zijn met dit erfgoedstuk en dus al een deel gewonnen hebben (de voorstudie èn een bedrag tussen de  € 15.000 en € 5.000 indien we niet de hoofdprijs binnenhalen) willen we nu ook de hoofdprijs, met name de restauratie van de Breughel zelf binnenhalen.

 

Voor de restauratie van het werk hebben we 62.290,99 euro nodig (restauratie: 35.000 euro; werking o.m. transport, verzekering, materiaal, nieuwe lijst schilderij: 20.425 euro), voor de publieksbeleving 12.365 euro en voor de tombolaprijs 1.500 euro.

Enkel de restauratie maakt kans op de hoofdprijs van de Erfgoedtombola. De andere zaken dienen we zelf te financieren en zelf budget voor te vinden.

 

De komende maanden zet de Erfgoedtombola de geselecteerde projecten stap voor stap in de kijker en delen ze de verhalen achter dit bijzondere erfgoed.

 

Om de campagne voor de publieksstemming goed voor te bereiden, organiseren de partners zoals Promethea en Museumpass ook verplichte workshops voor alle finalisten op vlak van communicatiecampagne alsook fundraising en sponsorwerving van (private) partners zodat kosten die niet tot de restauratie horen, ook gefinancierd kunnen worden zoals o.m. de samenstelling van het lot, zoals dit van toepassing is in tombola's.

 

Concreet krijgen wij als geselecteerde project krijgen begeleiding op maat van experts rond:

●        conservatie en restauratie

●        communicatie, storytelling en publiekswerking

●        fondsenwerving en samenwerking met private partners

●        uitwisseling van expertise en goede praktijken

 

Zo helpt de Erfgoedtombola musea en erfgoedinstellingen om sterker, zichtbaarder en toekomstgerichter te worden.

 

Feiten en context

Lokale besturen staan steeds vaker onder budgettaire druk en zoeken bijkomende financieringsbronnen voor hun beleidsdoelstellingen, met name op het vlak van cultuur, erfgoed, sociale cohesie en publieke infrastructuur. In dit kader wordt overwogen om gebruik te maken van mecenaat (giften) en sponsoring (tegenprestaties).

 

Het lokaal bestuur beschikt over een ruime beleidsautonomie en kan in het algemeen belang inkomsten verwerven en samenwerkingen aangaan met private partijen. Er bestaat geen expliciet verbod op het gebruik van mecenaat of sponsoring.

Het onderscheid tussen beide vormen is echter juridisch doorslaggevend:

●        Mecenaat betreft een schenking zonder rechtstreekse tegenprestatie. Dit valt buiten het toepassingsgebied van de wetgeving inzake overheidsopdrachten.

●        Sponsoring houdt een wederkerige prestatie in (bijvoorbeeld publiciteit of voordelen voor de sponsor) en kan daardoor gekwalificeerd worden als een overeenkomst onder bezwarende titel.

 

De Vlaamse praktijk toont aan dat lokale besturen effectief gebruik maken van aanvullende financiering via private middelen bv. vermelding op straatnaamborden, reclame in sporthallen, … maar voornamelijk in de culturele en erfgoedsector. Musea en erfgoedinstellingen werken vaak met:

●        sponsorformules voor tentoonstellingen en evenementen;

●        mecenaatsstructuren voor restauraties en collecties;

●        hybride partnerschappen met private actoren.

Ook universiteiten maken actief gebruik van giften, schenkingen, legaten, ... bv. KULeuven.

Ook binnen de stad Lier wordt gebruik gemaakt van zowel sponsoring door het Team Cultuur & Evenementen via systeem van sponsorpaketten waarbij de gelden worden gestort op de rekening van vzw Pro Lier als van mecenaat middels de KBS bij de schenking van de sterren in de St. Gummaruskerk.

 

De meest gebruikte en juridisch veilige structuur in België is werken met een intermediair zoals de Koning Boudewijnstichting (KBS). Deze stichting laat toe om “fondsen op naam” op te richten, waarin giften van private actoren worden verzameld en vervolgens aangewend voor projecten van algemeen belang.

Het grote voordeel van dit model is dat de relatie tussen schenker en lokaal bestuur niet rechtstreeks contractueel is. Hierdoor blijft het karakter van de gift behouden en wordt vermeden dat de regeling als een overheidsopdracht wordt beschouwd.

Naast de KBS bestaan er alternatieven, maar deze zijn functioneel beperkter. Zo bieden organisaties zoals Cera of de Foundation for Future Generations wel projectfinanciering, maar bieden zij geen volledig equivalent van de fondsstructuur met fiscale optimalisatie.

 

Het gebruik van mecenaat en sponsoring brengt enkele belangrijke risico’s met zich mee:

●        Het risico dat een gift wordt hergekwalificeerd als sponsoring, wanneer er toch (expliciete of impliciete) tegenprestaties worden geleverd;

●        De mogelijke schending van de wetgeving inzake overheidsopdrachten, indien een sponsor zonder transparante procedure wordt geselecteerd;

●        Het risico op aantasting van de neutraliteit van de overheid, indien de zichtbaarheid van de sponsor te ver gaat;

●        Reputatierisico’s in geval van gebrek aan transparantie of vermeende belangenvermenging.

Deze risico’s vereisen een duidelijke juridische afbakening en interne beleidskaders.

 

Fasering

●        16 februari – 1 april 2026: indiening van de projecten

●        29 mei 2026: bekendmaking van de finalisten

●        Juni – augustus 2026: begeleiding van de geselecteerde projecten

●        15 september – 15 november 2026: nationale tombola en publieksstemming

●        24 november 2026: bekendmaking van de laureaten

 

Juridische grond

- Decreet Lokaal Bestuur

- Artikel II.14. Bestuursdecreet: De overheidsinstanties communiceren commercieel neutraal.

De overheidsinstanties  lenen zich in hun eigen communicatie niet tot reclame of

sluikreclame voor private bedrijven, merken of private personen. De overheidsinstanties kunnen in de communicatie alleen verwijzen naar private bedrijven of personen, hun merknamen, logo's,

of de diensten die ze geleverd hebben, naar hun merken of producten, als die informatie relevant of  noodzakelijk is voor hun eigen boodschap.

De overheidsinstanties kunnen in hun eigen communicatiekanalen of media alleen

ruimte laten voor betalende reclame van private bedrijven, merken of personen, als die reclame duidelijk wordt onderscheiden van de communicatie van de overheid zelf.

De overheidsinstanties aanvaarden voor hun communicatie geen aanbiedingen tot

samenwerking van private derden, waarin die derden een duidelijk aanwijsbaar eenzijdig of dominant belang hebben, ook niet als die samenwerking kosteloos is of tegen gunstige voorwaarden kan worden verkregen

- Algemene beginselen van behoorlijk bestuur

Gelijkheidsbeginsel: geen willekeurige voorkeur voor bepaalde bedrijven

Transparantiebeginsel: duidelijke en controleerbare beslissingen

Motiveringsplicht: beslissing moet juridisch en feitelijk verantwoord zijn

Zorgvuldigheidsbeginsel: risico’s en impact moeten vooraf worden beoordeeld

Integriteitsbeginsel: Vermijden van belangenconflicten

 

Argumentatie

Het gebruik van mecenaat en sponsoring is juridisch toegestaan voor Vlaamse lokale besturen en biedt reële mogelijkheden om bijkomende middelen te genereren.

 

Het mecenaat voor de Restauratie van de Brueghel zullen we organiseren via de intermediaire structuur van het KBS zodat zo het karakter van de gift wordt behouden en de juridische risico’s beperkt. De besteding van de middelen is transparant en controleerbaar. Bovendien zorgt KBS tevens voor de administratie en de fiscale attesten. Hiervoor dient een projectdossier "Fonds Vrienden van" te worden ingediend tegen 5 oktober 2026 en pas in november is hierover uitsluitsel. Opstarten hiervan is noodzakelijk. Enkel de restauratiekosten kunnen worden 'gewonnen' via de Erfgoedtombola, andere kosten zoals communicatie- of ontsluitingskosten niet en kunnen dus betaald worden met giften. De mogelijkheid bestaat ook dat we de hoofdprijs niet winnen, dan verdient het aanbeveling om de Brueghel toch te laten restaureren met giften. Inmiddels verkrijgen we kennis qua crowdfunding alsook is het publiek warm gemaakt en betrokken bij 'onze Brueghel' wat de kansen reëler maakt om het nodige geld hiervoor te vinden middels giften en crowdfunding.

 

Sponsoring vereist een zorgvuldige toepassing van de regels inzake behoorlijk bestuur, transparantie en mededinging waarbij potentiële sponsors in gelijke omstandigheden op gelijke wijze worden behandeld. Exclusieve of ad-hoc afspraken zonder motivering moeten worden vermeden. Een intern beleidskader of reglement is dan ook essentieel welke de regels omvat mbt de beslissingsprocedure, toegestane producten, diensten, activiteiten, doelgroepen, zichtbaarheid en communicatie. Verder is het belangrijk de sponsoring (en de tegenprestatie op het vlak van naambekendheid) volledig gescheiden te houden van andere mogelijke overeenkomsten met de sponsor. Die moet goed beseffen dat een sponsor geen enkel voorrecht kan genieten bij de beoordeling van bv. overheidsopdrachten.
Met één bedrijf in zee gaan dat toevallig zijn diensten aanbiedt, is voor een lokaal bestuur volgens de VVSG niet wenselijk.

 

Een ontwerp van Reglement Sponsoring Brueghel werd daarom voorbereid (zie bijlage). Hierin worden de voorwaarden, sponsorpakketten met verschillende Brueghelniveaus (Brueghel Bondgenoot, Breughel Ambassadeur en Breughel Exclusive Partner), afspraken, rechten en plichten opgenomen welke beantwoorden aan de wetgeving en de algemene beginselen van behoorlijk bestuur.

 

Dit reglement vormt de basis opdat bedrijven, die zich herkennen en vereenzelvigen in de waarden van Brueghel met name verbinding, diversiteit en ondernemerschap/ familiebedrijf de stad kunnen ondersteunen en hun medewerkers kunnen oproepen om voor de Brueghel te stemmen met de nodige transparantie, duidelijkheid en neutraliteit.

 

Financiële weerslag

Het is aangewezen om bijkomende financieringsbronnen voor hun beleidsdoelstellingen te zoeken, met name op het vlak van cultuur, erfgoed, sociale cohesie en publieke infrastructuur.

 

Voor de restauratie van het werk hebben we 62.290,99 euro nodig, voor de publieksbeleving 12.463 euro en voor de tombolaprijs 1.500 euro.

 

Meedoen met deze Erfgoedtombola is een kansberekening. Voor de sponsors als voor de mecenassen is het belangrijk te weten waar hun geld naar toe gaat en is transparantie dus cruciaal.

●        Wat als De Prediking van Brueghel II de meeste stemmen met de Erfgoedtombola haalt en dus het volledige restauratiebudget wint? Dan wordt de bijdrage ingezet voor de verdere permanente publieksbeleving van het schilderij. 

●        Wat als Brueghel niet wint met de Erfgoedtombola? Dan wordt de bijdrage prioritair voor de tombolaprijs en voor de restauratie van het schilderij aangewend, aangevuld met initiatieven om het erfgoed toegankelijk en beleefbaar te maken voor het brede publiek.  

●        Wat als er onvoldoende fondsen zijn vergaard? Dan evalueert het college jaarlijks de ontvangen giften, overweegt de mogelijke scenario's en beslist, op dat moment, op basis van de beschikbare gegevens. Uiterlijk eind december 2028 beslist de stad of de restauratie al dan niet voortgaat en wat er dan gebeurt met de giften. De stad doet wel maximaal beroep op de funding.

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt het Reglement Sponsoring Brueghel goed.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

LIJST LEEGSTAANDE BEDRIJFSRUIMTEN 2026. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Collegebeslissing van 7 september 2026 over leegstaande bedrijfsruimten 2026 - kennisname lijst en goedkeuring werkwijze aanplakking

 

Feiten en context

Het college nam kennis van het schrijven dd. 27 augustus 2026 van de Vlaamse Overheid, leegstaande en/of verwaarloosde bedrijfsruimten (als bijlage). De gemeenteraad neemt ook kennis van het schrijven en de lijst.

 

Elke jaar dient de stad een vermoedenslijst leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten door te sturen aan het Departement Omgeving van de Vlaamse Overheid.

 

Volgens de bepalingen van artikel 10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 tot uitvoering van het decreet van 19 april 1995 houdende de maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten wordt een uittreksel van de inventaris geregistreerde onroerende goederen, gelegen op het grondgebied, betekend.

 

Binnen 30 kalenderdagen na ontvangst van dit uittreksel dienen wij door middel van een aanplakbrief de lijst gedurende ten minste 10 kalenderdagen bekend te maken. Deze aanplakbrief zal uitgehangen worden op woensdag 16 september 2026.

 

Op de aanplakbrief moet ook vermeld worden op welke manier er een bezwaarschrift kan ingediend worden wanneer een bedrijfsruimte niet werd geregistreerd.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

Artikel 10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 tot uitvoering van het decreet van 19 april 1995 houdende de maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.

 

Argumentatie

De gemeenteraad neemt kennis van het schrijven van departement omgeving omtrent de lijst leegstaande bedrijfsruimten 2026 en de bekendmaking van de lijst.

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van het schrijven dd. 27 augustus 2026 van de Vlaamse Overheid, Departement Omgeving en de bepalingen van artikel 10 van het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 tot uitvoering van het decreet van 19 april 1995 houdende de maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten.

 

Art 2 :

De gemeenteraad neemt kennis van de acties tot bekendmaking van de lijst leegstaande bedrijfsruimten 2026.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

ONDERSTEUNING DEFINITIEF BROWNFIELDCONVENANT (BFC) KRUGERSITE. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Beslissing college van 3 december 2018 voor de samenstelling van het planteam voor opmaak van het RUP "omvormen kleine industriegebieden".

Op 6 juli 2020 besliste het college om het masterplan "Kruger" binnen de lopende RUP procedure niet verder uit te werken. De ontwikkeling van de site moest eerst gekaderd worden binnen het onderzoek "Ring en omgeving". In afwachting van dit onderzoek werd de site "Kruger" niet verder meegenomen in dit RUP.

Het college nam op 16 december 2019 een beslissing m.b.t. de invulling van de ruimtelijke bestemmingen, waarbij voor het deelgebied "Kruger" werd beslist om geen omzetting te doen naar zuiver wonen, maar een omvorming naar ambachtelijke bedrijvigheid in combinatie met wonen te voorzien.

Het RUP Kruger werd toegewezen op 25 oktober 2021.

De voorlopige vaststelling  van het Beleidsplan Ruimte Lier gebeurde door de Gemeenteraad in de zitting van 29 april 2024.

Het voorontwerp van BK economie werd goedgekeurd door het CBS op 27 mei 2024.

Op 23.06.2025 heeft de gemeenteraad het Beleidsplan Ruimte Lier met 6 beleidskader (Open ruimte, Groenblauw netwerk, Stad & dorp, Recreatieve voorzieningen, Ring & omgeving en Economie) definitief vastgesteld.

Op 2.03.2026 heeft de gemeenteraad de ondersteuning voor het Brownfieldconvenant Kruger goedgekeurd.

 

Feiten en context

Tijdens de lopende gesprekken over de Krugersite en sinds 28 juni 2024 ook met potentiële partner Opnieuw&Co komt de aanvraag Brownfieldconvenant als mogelijke piste. Op 16 september 2024 presenteerden Tom Lagast en A-Star Group hun voorstel van invulling op de Krugersite.

De vraag ter ondersteuning om lokaal draagvlak aan te tonen voor de aanvraag Brownfieldconvenant komt effectief binnen op 28 oktober 2024. De ondersteuning van de aanvraag Brownfieldconvenant doet geen uitspraken over de voorgestelde invulling.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

Decreetbetreffende de Brownfieldconvenanten

 

Argumentatie

Een project komt in aanmerking voor het faciliterend kader dat via een brownfieldconvenant wordt geboden, als de aanvraag voldoet aan de ontvankelijk- en gegrondheidscriteria. De ontvankelijkheidscriteria hebben betrekking op de huidige toestand van het projectgebied en de vorm en samenstelling van het aanvraagdossier. De gegrondheidscriteria hebben betrekking op de noodzaak van een gecoördineerd optreden tussen overheden en de meerwaarde die het afsluiten van een brownfieldconvenant biedt aan de realisatie van het project.

 

De minister bevoegd voor economie stelt bovendien specifiek per oproep bijkomende gegrondheidscriteria en voorwaarden vast. Oproepspecifieke criteria kunnen betrekking hebben op de doelstellingen van het brownfieldproject of de aard van de geplande herontwikkeling, de karakteristieken van de projectgronden of het gebied waarin het brownfieldproject gelegen is, of de aard of samenstelling van de projectstructuur.

 

Voor deze oproep dienen de projecten aantoonbaar mee uitvoering te geven aan de beleidsambities die door Vlaanderen naar voren geschoven worden, op vlak van:

●        ruimtelijke kwaliteit

●        realisatie en beheer van bedrijfshuisvesting

●        duurzaamheid en circulariteit

●        bijzondere aandacht voor herontwikkeling van stortplaatsen 

 

Deze aanvraag tot Brownfieldconvenant past binnen de ruimtelijke visie van het lokaal bestuur in het kader van het Beleidsplan Ruimte Lier (definitief vastgesteld) en het Beleidskader Economie (definitief vastgesteld): behoud van de economische ruimte in Lier met het juiste bedrijf op de juiste plaats. Door de locatie net binnen de Ring en dus in kleinstedelijk gebied is deze niet geschikt voor milieubelastende industrie maar zeker waardevol voor economische handelingen, maakbedrijf, etc

 

Op 20 mei 2026 werd een informatie- en inspraakvergadering voor de buurt georganiseerd. De buurtbewoners kregen de mogelijkheid om vragen te stellen en opmerkingen te formuleren en hadden gedurende 14 dagen ook de tijd om schriftelijk te reageren. Alle inspraakreactie (schriftelijk en mondeling) zijn opgenomen, besproken en beantwoord in het verslag van de informatie- en inspraakperiode.

 

Op basis van de inspraakperiode zijn onderstaande alinea's aan het Brownfieldconvenant toegevoegd onder artikel 2.4:

 

●        Een gedetailleerde schaduwstudie zal opgemaakt worden om de eventuele hinder van zicht en schaduw duidelijk in beeld te brengen.

 

●        Mobiliteit is een belangrijk aandachtspunt. De parkeerbehoefte afkomstig van het project zal op het eigen terrein worden opgevangen. In het kader van de milieubeoordeling bij de RUP-procedure zal een mobiliteitsstudie opgemaakt worden.

 

Stemming

 

19 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Peggy Mortelmans, Christophe Wuyts, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen en Tina De Wolf

11 onthoudingen: Jan Mortelmans, Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 19 stemmen voor - 11 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het Brownfieldconvenant 275 van de Krugersite Lier goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

VERNIEUWDE PROCEDURE - VERKOOP VASTGOED EIGEN BEHEER. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Beslissing college dd. 21/09/2020: Goedkeuring van de verkoopprocedure 'verkoop in eigen beheer'.

Beslissing college dd. 17/02/2025: Goedkeuring om verkopen per dossier te bekijken en te bepalen welke verkoopwijze zal worden toegepast, zijnde 'eigen beheer' of 'Biddit'.

 

Feiten en context

Sinds de goedkeuring van de procedure 'verkoop in eigen beheer' in 2020 werd deze nadien niet meer gewijzigd, als is het zo dat de vastgoedmarkt sindsdien sterk gewijzigd is. Vandaag wordt er in de vastgoedmarkt kort op de bal gespeeld, met kopers die geneigd zijn snel te beslissen.

 

De verkoopprocedure zoals ze vandaag is, is voor de huidige markt een te tijdrovend proces. De gehele procedure werd onder de loep genomen en herschreven tot een procedure waar korter op de bal gespeeld kan worden bij daadwerkelijke interesse. Het is een duidelijke en transparante procedure zodat er geen verwarring is voor de kandidaat-koper.

 

De voorgestelde verkoopprocedure wordt in het document in bijlage toegelicht.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

Artikel 293 van het DLB bepaalt het volgende: "onroerende goederen van de gemeente en van de autonome gemeentebedrijven worden altijd vervreemd volgens de principes van mededinging en transparantie, behalve als er een motivering wordt gegeven voor een afwijking daarvan.

Het eerste lid is van toepassing op het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn, met dien verstande dat "de gemeente" wordt gelezen als "het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn" en "de autonome gemeentebedrijven" wordt gelezen als "de verenigingen opgericht overeenkomstig deel 3, titel 4, hoofdstuk 2 en 3"."

 

Dit artikel bevestigt dat de verkoopprocedures moeten voldoen aan de beginselen van mededinging en transparantie. Daarnaast bevat het ook de mogelijkheid om af te wijken van deze algemene principes, mits deze afwijking uitdrukkelijk gemotiveerd  wordt.

Het decreet legt dus geen specifieke procedure op. Het bepaalt enkel dat de procedure transparant moet zijn en dat de mededinging gegarandeerd moet worden.

Dit wordt ook bevestigt door de memorie van toelichting. Deze verduidelijkt dat het bestuur kiest welke procedure het meest voordelig is en leidt tot het verkrijgen van de beste prijs met de minste kosten, rekening houdend met de beginselen van transparantie en mededinging.

 

Verder is er nog de omzendbrief KB/ABB 2019/3 aangaande transacties van onroerende goederen door lokale besturen en provinciale besturen en door besturen van erkende erediensten. De omzendbrief bevat richtlijnen over de procedures die  het bestuur moet volgen in het kader van het beschikking en beheer van haar patrimonium. Er moet een geldig en recent schattingsverslag voorhanden zijn, voorafgaand aan de vervreemding van het goed. Dit betekent dat het schattingsverslag maximaal 2 jaar oud mag zijn. Voor onroerende transacties moet ook de markt geraadpleegd worden. Elke mogelijk geïnteresseerde moet  de kans krijgen om mee te dingen. Een procedure met voldoende openbaarheid, transparantie en voldoende en gepaste publiciteit om de mogelijk geïnteresseerden te bereiken, is de beste garantie voor het verkrijgen van een goede prijs; het is volgens dezelfde omzendbrief de werkwijze die het best het algemeen belang dient, temeer omdat de individuele begunstiging bij een dergelijke procedure weinig kansen krijgt. Echter, onderhandse verkopen met voldoende publiciteit, transparantie en mededinging beantwoorden ook aan de voormelde criteria. Alleen om redenen van algemeen belang kan worden aanvaard dat de transactie zonder concurrentie verloopt; dit moet het bestuur door middel van een bijzondere motivering aantonen.

 

Conclusie

Het organiseren van een verkoop in eigen beheer is dus een verkoopprocedure die voldoet aan de principes van het Decreet Lokaal bestuur en de omzendbrief KB/ABB 2019/3 en kan in elk geval toegepast worden.

Door de verkoop aan te bieden in eigen beheer kan er door de inzet en verkoopervaring  van de medewerker vastgoedbeheer Stad Lier gestreefd worden naar de hoogst mogelijke prijs.

 

Argumentatie

Het college overweegt om akkoord te gaan met de hernieuwde verkoopprocedure voor 'verkoop in eigen beheer'.

 

Stemming

 

19 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Peggy Mortelmans, Christophe Wuyts, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen en Tina De Wolf

11 onthoudingen: Jan Mortelmans, Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 19 stemmen voor - 11 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om akkoord te gaan met de doorgevoerde wijzigingen in de verkoopprocedure 'verkoop in eigen beheer'.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

RUIL N.A.V. VERPLAATSEN CABINE VAN FLUVIUS TE VEEMARKT: VESTIGING OPSTALRECHT EN GRATIS GRONDAFSTAND. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Op de Veemarkt bevindt zich een cabine van Fluvius in het Brugwachtershuisje. Dit gebouw en de onderliggende grond zijn eigendom van Fluvius. De cabine moet verplaatst worden naar een zone achter de frituur (zie plan in bijlage) dat openbaar domein betreft.

 

De eigendom van het Brugwachtershuisje wordt overgedragen naar de Stad en opgenomen in het openbaar domein. In ruil hiervoor verwerft Fluvius een recht van opstal van 99 jaar op het openbaar domein. Bijkomend dient notarieel vastgelegd te worden dat Fluvius de kosten van een eventuele toekomstige verplaatsing niet ten laste neemt.

 

Op 1 maart 2026 besliste de gemeenteraad om akkoord te gaan met de vestiging van een opstalrecht ten voordele van Fluvius op het openbaar domein op de Veemarkt in ruil voor de verwerving van de eigendom van het Brugwachtershuisje. De gemeenteraad gaat tevens akkoord met de opname van de stelling dat Fluvius niet instaat voor de kosten van eventuele toekomstige verplaatsing van de cabine. De huidige verplaatsing van het brugwachtershuisje naar het openbaar domein neemt Fluvius wel ten laste. Het brugwachtershuisje wordt opgenomen in het openbaar domein.

 

Feiten en context

In het kader hiervan bezorgt notariskantoor Unilexa de ontwerpakte inzake de vestiging van een opstalrecht ten voordele van Fluvius en een gratis grondafstand van het brugwachtershuisje ten voordele van de stad.

 

Adviezen

De dienst infrastructuur adviseert positief. De cabine heeft geen erfgoedstatuut. Vanuit de stad is er dan ook geen vraag om deze te renoveren. Vervanging door een nieuwe cabine is dus zeker mogelijk. Binnen het heraanlegproject Zaat-Veemarkt (momenteel budgettair on hold) werd reeds met Fluvius voorbesproken om de cabine te verplaatsen naar onderstaande locatie, achter frituur Leuvense Poert o.w.v. het tracé van het nieuwe fietspad langs de keerwand.

 

De dienst vastgoed adviseert positief: de ruil is in dit geval evenwichtig; de stad bekomt de eigendom van het Brugwachtershuisje in ruil voor het verlenen van een opstalrecht van 99 jaar op het openbaar domein voor de verplaatsing van de cabine. Op openbaar domein kan sinds het nieuwe goederenrecht een opstalrecht gevestigd worden indien het recht past binnen de aanwending van het domeingoed.

 

Juridische grond

Titel 8 Burgerlijk Wetboek

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

De gemeenteraad overweegt om de ontwerpakte betreffende de vestiging van een opstalrecht ten voordele van Fluvius en de uitvoering van de gratis grondafstand van het brugwachtershuisje en de ondergrond aan de stad Lier door Fluvius goed te keuren.

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad overweegt om de ontwerpakte betreffende de vestiging van een opstalrecht ten voordele van Fluvius en de uitvoering van de gratis grondafstand van het brugwachtershuisje en de ondergrond aan de stad Lier door Fluvius goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

GRATIS GRONDAFSTAND HONDSSTRAAT 1 - HAGENBROEKSESTEENWEG. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Conform de omgevingsvergunning V 2021/14/OMV_2021126910 dienen 'de gronden welke binnen de rooilijn vallen van de Hagenbroeksesteenweg, goedgekeurd KB van 18/12/1961, moeten gratis, vrij en onbelast aan de stad worden afgestaan.”

Dit betreft concreet zoals dit perceel afgebeeld staat onder lot 3 op het opmetingsplan opgemaakt door landmeter-expert Hendrik Rieberghs te Merksplas op 15 december 2025. Lot 3 heeft een oppervlakte van 51 m² en is gelegen te Hondsstraat - Hagenbroeksesteenweg, 2500 Lier.

 

Notariskantoor Peeters & Hermans, kantoor gelegen te Schoolstraat 11, 2222 Heist-op-den-Berg, heeft de ontwerpakte opgemaakt ten einde de gratis grondafstand notarieel te verlijden.

Deze akte wordt als bijlage toegevoegd.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

Met het oog op de realisering van de gratis grondafstand die volgt uit de omgevingsvergunning V 2021/14/OMV_2021126910  overweegt de gemeenteraad om de ontwerpakte in bijlage goed te keuren.

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om de ontwerpakte betreffende de gratis grondafstand van lot 3 conform de omgevingsvergunning V 2021/14/OMV_2021126910, gelegen te Hondsstraat - Hagenbroeksesteenweg, Lier, goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

VERKOOP SION STAANPLAATSEN P140 EN P141. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing d.d. 29 september 2011 over de goedkeuring van overeenkomst "Publieke Private Samenwerking voor de ontwikkeling van de Sion Site" tussen Stad Lier en THV Ontwikkelingscombinatie Sion Site.

Gemeenteraadsbeslissing d.d. 28 september 2020 over de goedkeuring van de ontwerpakte tot aankoop van 58 parkeerplaatsen op de Sion Site.

Gemeenteraadsbeslissing d.d. 27 januari 2025 over de goedkeuring van het onderhands verkopen van 18 parkeerplaatsen op de Sion Site.

Gemeenteraadsbeslissing d.d. 27 januari 2025 over de goedkeuring van het verkopen via Biddit van 2 parkeerplaatsen op de Sion Site.

Gemeenteraadsbeslissing d.d. 02 maart 2026: de goedkeuring van het verkopen via Biddit van 6 parkeerplaatsen op de Sion Site.

Gemeenteraadsbeslissing d.d. 30 maart 2026: de goedkeuring van de ontwerpakte met de eenvormige verkoopsvoorwaarden met als instelprijs de schattingsprijs zijnde 26.000 euro per parkeerplaats.

Kennisname college d.d. 29/06/2026: Het college neemt kennis van de hoogste biedingen van 26.000 euro op p140 en p141, het college neemt kennis van het feit dat er geen bod werd uitgebracht op de overige vier te koop aangeboden parkeerplaatsen.

 

Feiten en context

De procedure via Biddit werd op 09 juni 2026 beëindigd. Op 2 van de 6 te koop aangeboden parkeerplaatsen werd geboden, het hoogste bod voor P140 en P141 was telkens de geschatte prijs van 26.000 euro.

 

Zoals reeds vermeld keurde de gemeenteraad vóór de start van de verkoopprocedure via Biddit de ontwerpakte met de eenvormige verkoopsvoorwaarden goed. Hierdoor mocht de notaris de parkeerplaatsen toewijzen zodra de instelprijs werd gehaald en dient er niet opnieuw een akte tot verkoop goedgekeurd te worden.

 

Juridische grond

artikel 41, tweede lid, 11° Decreet lokaal bestuur

Omzendbrief KB/ABB 2019/3 over de transacties van onroerende goederen door lokale en provinciale besturen en door besturen van de erkende erediensten

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van het hoogste bod voor parkeerplaats p140 en p141.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

GRATIS GRONDAFSTAND BEEKSTRAAT 7. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Conform de omgevingsvergunning V2025/4/OMV_2025052934 dient lot 4 overeenkomstig het opmetingsplan dd. 9/2/2026 opgemaakt door landmeterskantoor Van Eester gratis afgestaan te worden Stad Lier.  Het lot heeft een oppervlakte van 43 m² en is gelegen te Beekstraat, 2500 Lier.

 

M² Notarissen, kantoor te Mechelsesteenweg 92, 2500 Lier, heeft de ontwerpakte opgemaakt ten einde de gratis grondafstand notarieel te verlijden. Deze akte wordt als bijlage toegevoegd.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

Met het oog op de realisering van de gratis grondafstand de volgt uit de omgevingsvergunning V2025/4/OMV_2025052934 overweegt de gemeenteraad om de ontwerpakte in bijlage goed te keuren.

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om de ontwerpakte betreffende de gratis grondafstand van lot 4 conform de omgevingsvergunning V2025/4/OMV_2025052934, gelegen te Beekstraat Lier, goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

BESLISSING ZAAK DER WEGEN BIJ 2026/11 - BOUWEN APPARTEMENTSGEBOUW VAN 27 EN VAN 2 WOONEENHEDEN, NA SLOOP MET AANLEG OPENBAAR DOMEIN - VOORWAARDELIJK GUNSTIG. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

De aanvraag ingediend door Geerhard Laeremans namens VERDI NV gevestigd te Impulsstraat 17 te 2220 Heist-op-den-Berg, heeft betrekking op een terrein, gelegen Kesselsesteenweg 6, 2500 Lier, kadastraal bekend: afdeling 2 sectie C nrs. 50V6 en 50N8.

 

Het betreft een aanvraag tot het bouwen appartementsgebouw van 27 en van 2 wooneenheden, na sloop met aanleg openbaar domein.

 

De aanvraag omvat:

●        stedenbouwkundige handelingen

●        de exploitatie van een of meerdere ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft deze aanvraag onderzocht, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen, in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten.

 

Argumentatie

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

Ligging volgens het gewestplan

Het gewestplan van toepassing is het gewestplan Mechelen, goedgekeurd bij K.B. van 5 augustus 76 en gewijzigd bij M.B. op 24 juli 1991, 6 mei 1997, 2 februari 1999, 26 mei 2000 en 30 maart 2001.

Het goed situeert zich volgens dit gewestplan in een woongebied.

Volgens artikel 5.1.0. van het K.B. van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de gewestplannen en de ontwerp-gewestplannen zijn de woongebieden bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.

Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

 

Ligging volgens bijzondere plannen van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

Ligging volgens ruimtelijke uitvoeringsplannen

Kleinstedelijk gebied Lier

De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan (PRUP) ‘Afbakeningslijn kleinstedelijk gebied’.  Het betreft de vaststelling van de grens van het kleinstedelijk gebied Lier.  Binnen deze lijn wordt op de verschillende beleidsniveaus inzake ruimtelijke ordening een stedelijkgebiedbeleid gevoerd.

Het PRUP ‘Afbakeningslijn kleinstedelijk gebied’ werd goedgekeurd bij ministerieel besluit van 28 juli 2006 en is in voege getreden sinds 7 september 2006.

De bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften binnen de afbakening blijven onverminderd van toepassing.  Deze bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften kunnen door voorschriften in nieuwe gewestelijke, provinciale of gemeentelijke uitvoeringsplannen worden vervangen of verder gedetailleerd.

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een gemeentelijk, provinciaal of gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

  1. Ligging volgens verkaveling

Het goed maakt geen deel uit van een goedgekeurde verkaveling.

 

  1. Historiek

Perceelnummer : (afd. 2) sectie C 50 V6

gebouwen opgericht voor maart 1962:

Volgens de administratie van het kadaster betreft het een gebouw waarvan de opbouw werd beëindigd in 1958.

 

De functie (van het gebouw) wordt volgens het kadaster omschreven als huis.

 

Perceelnummer : (afd. 2) sectie C 50 N8

gebouwen opgericht voor maart 1962:

Volgens de administratie van het kadaster betreft het een gebouw waarvan de opbouw werd beëindigd in .

 

Volgende vergunningen en/of weigeringen zijn gekend voor desbetreffende locatie:

●        Stedenbouwkundige vergunning (64/140) d.d. 18 september 1964 voor bestaande magazijn vergroten werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

●        Milieuvergunning Pre-VLAREM (196861) d.d. 22 maart 1968 voor exploitatie van een ondergrondse mazouttank van 5.000 liter.  vergunning cbs dd. 22-03-1968 met einddatum 22-03-1998 werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

 

Bouwmisdrijven

●        Er zijn geen bouwmisdrijven gekend voor het betrokken goed.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

Beschrijving van de omgeving

Het betreft een gemengde omgeving waarin zowel eengezins- als meergezinswoningen voorkomen met twee à drie bouwlagen, met voornamelijk hellende daken. Het betreft een binnengebied langs een invalsweg van Lier. In de nabijheid bevindt zich ook een grootschalige meergezinswoning van zes bouwlagen.

Beschrijving van de aanvraag

Aangevraagde handelingen

●        Slopen van vrijstaande gebouwen of constructies: Te slopen

●        Bouwen of herbouwen: Parkgebouw

●        Bouwen of herbouwen: Poortgebouw

●        Nieuwbouw of aanleggen: Openbaar domein

 

Omschrijving

De aanvraag voorziet de aanleg van een wegenis als over te dragen openbaar domein.

De rooilijn wordt doorgetrokken voor de wegenis, volgens het rooilijnplan met titel ‘Ontwerp Rooilijnplan openbare zone in woonproject (LOT 1 groot 5a24ca)’ opgemaakt door Landmeter Van den Vonder met plannr ‘Lier Kesselsestwg 6 def rooilijnplan 03.04.2026’, met een gratis grondafstand van 524 m².

 

Een belofte van gratis grondafstand werd toegevoegd.

 

Betreffende de afstand van natrekking (overdracht van publiek domein met ondergronds een

riolering) wordt een voorwaarde opgelegd.

 

Er wordt wegenis met riolering voorzien voor het doortrekken van Kesselsesteenweg, met een rechte hoek naar het oosten tot bijna achteraan de rechtse perceelsgrens. Het berijdbare gedeelte tot de inrit van de ondergrondse garage beperkt zich tot ca. halverwege het perceel.

Ze wordt uitgevoerd met een rijbaan in waterdoorlatende kleiklinkers en grasdals langs weerszijde. Ook de bovengrondse parkeerplaatsen (deelwagens en bezoekers) worden in grasdals voorzien. Vooraan de site, ter hoogte van de zone voor deelwagens en halverwege de wegenis, ter hoogte van de zone voor bezoekersparkeren, worden keerzones in waterdoolatende kleiklinkers voorzien. Naast de wegenis wordt grindgazon voorzien.

 

Het wegenisontwerp is opgemaakt voor het project, door De Architecten NV op 05/03/2026, met volgende plannen:

BA_Algemeen_I_N_01_Inplantingsplan

BA_Algemeen_I_N_02_Inplantingsplan (openbaar domein)

BA_Algemeen_I_N_03_Inplantingsplan (nutsvoorzieningen)

BA_Algemeen_I_N_04_Inplantingsplan (brandweg)

BA_Algemeen_I_N_05_Inplantingsplan (groenplan)

BA_Algemeen_I_N_06_Inplantingsplan (afwatering)

 

In deze zone worden nutsvoorzieningen, verlichting, riolering en plaatsen voor deelwagens geïntegreerd.

 

Functie

De aanvraag omvat ook een wegenis. Dit is een functie van openbaar nut / handeling van algemeen belang.

Volgens de omzendbrief van 8 juli 1997 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen, gewijzigd op 25 januari 2002 en 25 oktober 2002, zijn volgende bijkomende bepalingen van toepassing voor een openbare nutsfunctie.

Hier worden bedoeld inrichtingen, voorzieningen en activiteiten die gericht zijn op de bevordering van het algemeen belang, en ten dienste staan van elkeen. In de woongebieden zijn onder meer toegelaten : scholen, klinieken, gebouwen voor de eredienst, gemeentehuizen, brandweer, rijkswacht, politie, administratieve gebouwen met beperkte omvang.

Voor deze inrichtingen geldt niettemin de algemene voorwaarde dat zij verenigbaar moeten zijn met de onmiddellijke omgeving (artikel 5.1.0. i.f. - infra). Het is dan ook mogelijk dat zij omwille van hun oppervlaktebehoefte of hun gebondenheid aan andere openbare nutsvoorzieningen niet meer kunnen worden toegelaten in het woongebied en afgezonderd dienen te worden in de gebieden voor gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen, die specifiek voor dergelijke inrichtingen, voorzieningen en activiteiten zijn bestemd.

Indien de bestaande toestand uitwijst dat er reeds een bepaalde concentratie van dergelijke gebouwen gegroeid is, zullen deze gebieden - indien voldoende groot in oppervlakte - op de gewestplannen worden aangeduid met hun specifieke kleur. Dit zal vooral het geval zijn voor instellingen en openbare nutsvoorzieningen van bovengemeentelijk belang.

 

  1. Zaak der wegen

Artikel 31. (01/09/2019- ...) van het decreet betreffende de omgevingsvergunning

§ 1. Als de aanvraag de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg omvat, roept het college van burgemeester en schepenen, in voorkomend geval op verzoek van de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, de gemeenteraad samen om te beslissen over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg.


De gemeenteraad spreekt zich uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein. Hierbij wordt rekening gehouden met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval met het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen. De gemeenteraad kan daarbij voorwaarden opleggen en lasten verbinden, die de bevoegde overheid in de eventuele vergunning opneemt.


§ 2. Als het college van burgemeester en schepenen niet de bevoegde overheid is die in eerste aanleg over de aanvraag beslist, dan bezorgt de gemeente de beslissing van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg binnen zestig dagen na het verzoek aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15.

 

In dit geval wordt in de gemeenteraad van 28 september 2026 voorgelegd en goedgekeurd:

1. Vaststelling van de rooilijn

2. Wegenis- en rioleringsdossier

 

  1. Adviezen

Volgende adviesinstanties zijn van toepassing:

Afdeling 2 De instanties die advies verlenen over stedenbouwkundige handelingen of het verkavelen van gronden, en de inhoud van de adviezen

Artikel 35 OVB

§ 1. Over vergunningsaanvragen of beroepen die betrekking hebben op het uitvoeren van vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen of op het verkavelen van gronden wordt advies verleend door de instanties en in de gevallen vermeld in dit artikel.

 

§ 6. De wegbeheerder verleent advies als het voorwerp van de vergunningsaanvraag op minder dan dertig meter van het domein van autosnelwegen, hoofdwegen of primaire wegen categorie I volgens het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen of langs gewestwegen ligt.

 

●        Kesselsesteenweg;

 

Het goed paalt aan de Kesselsesteenweg.  Dit is een gewestweg.

 

§ 8. De adviesinstanties, vermeld in artikel 5 van het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, verlenen advies in de gevallen, vermeld in artikel 3 van het voormelde besluit.

●        Cel Integraal Waterbeheer, Stad Lier

●        MOW, De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio Centraal

 

Artikel 36. (23/02/2017- ...) 

De adviesinstantie, vermeld in artikel 35, § 2, geeft haar advies over de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen of het aangevraagde verkavelen van gronden conform titel IV, hoofdstuk III van de VCRO.

 

De adviesinstanties, vermeld in artikel 35, § 3 tot en met § 16, geven hun advies over de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen of het aangevraagde verkavelen van gronden conform artikel 4.3.3. en 4.3.4. van de VCRO.

 

Artikel 4.3.3. (01/09/2009- ...) van de VCRO

Indien uit de verplicht in te winnen adviezen blijkt dat het aangevraagde strijdig is met direct werkende normen binnen andere beleidsvelden dan de ruimtelijke ordening, of indien dergelijke strijdigheid manifest reeds uit het aanvraagdossier blijkt, wordt de vergunning geweigerd of worden in de aan de vergunning verbonden voorwaarden waarborgen opgenomen met betrekking tot de naleving van de sectorale regelgeving.


Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder « direct werkende normen » verstaan : supranationale, wetskrachtige, reglementaire of beschikkende bepalingen die op zichzelf volstaan om toepasbaar te zijn, zonder dat verdere reglementering met het oog op precisering of vervollediging noodzakelijk is.

 

Artikel 4.3.4. (01/09/2009- ...) van de VCRO

Een vergunning kan worden geweigerd indien uit een verplicht in te winnen advies blijkt dat het aangevraagde onwenselijk is in het licht van doelstellingen of zorgplichten die gehanteerd worden binnen andere beleidsvelden dan de ruimtelijke ordening.


Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder « doelstellingen of zorgplichten » verstaan : internationaalrechtelijke, Europeesrechtelijke, wetskrachtige, reglementaire of beschikkende bepalingen die de overheid bij de uitvoering of de interpretatie van de regelgeving of het voeren van een beleid verplichten tot de inachtneming van een bepaalde doelstelling of van bepaalde voorzorgen, zonder dat deze op zichzelf beschouwd voldoende juridisch duidelijk zijn om onmiddellijk te kunnen worden uitgevoerd.

 

Overige adviezen

 

De brandweerzone Rivierenland wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

●        Gebouwen / terreinen (zonder publieke functie):

○        Groepswoningbouw (o.a. appartementsgebouwen, kamerwoningen, …)

 

Fluvius wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

●        meergezinswoningen met meer dan 3 bijkomende entiteiten

●        laadpalen

●        elektriciteitscabine

 

Inter wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

●        een gebouw met totale publieke oppervlakte meer dan 7500m²

●        wanneer er afwijkingen worden gevraagd voor een gebouw dat eigendom is van een overheid of in gebruik genomen wordt door een overheid

 

Pipda, Riolering wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op: riolering andere dan eengezinswoning

 

De interne Cel Technisch bureau wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

●        overwelvingen en/of inname van het openbaar domein (opritten)

●        een groter project met toekomstige publieke ruimte

●        rioleringsprincipes

●        woonprojecten vanaf 10 wooneenheden (i.v.m. bijdrage voor OCT's)  vermelding afval/proper Lier in adviesreden

●        aanpassingen aan openbaar domein (groenberm, nutsleidingeninfrastructuur,…)

 

De interne Cel Mobiliteit wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

●        nieuwe toegangswegen

●        een toename van verkeersgenererende bewegingen

●        conflictsituaties die gecreëerd worden voor het op- en afrijden van percelen

●        afwijkingen van de parkeernota

●        deelwagens

 

De interne Cel Publieke Ruimte wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

●        aanvragen met een toekomstig publiek karakter

●        gewenste doorwaadbaarheid

●        …

 

Uitgebrachte adviezen:

Agentschap Wegen en Verkeer - District Brecht heeft op 27 augustus 2026 onder ref. AV/123/2026/00734 volgend advies uitgebracht: voorwaardelijk gunstig

 

Overwegingen van het advies:

Dit advies is een herziening van het vorige advies van het Agentschap Wegen en Verkeer, AV/123/2026/00734. Dit advies is tot stand gekomen na verder overleg met de Stad Lier en de aanvrager.

 

De aanvraag is onwenselijk omwille van de verkeersveiligheid

Volgens artikel 4.3.4. VCRO kan de vergunning worden geweigerd of kunnen er voorwaarden opgelegd worden in de vergunning indien uit het advies van het Agentschap Wegen en Verkeer blijkt dat het aangevraagde onwenselijk is in het licht van de doelstellingen en zorgplichten van het Agentschap. Het voorwerp van de aanvraag is onwenselijk omwille van volgende redenen:

 

1. Onwenselijkheid omwille van verkeersveiligheid.

In voorliggend geval worden de doelstellingen en zorgplichten inzake verkeersveiligheid en inzake een vlotte verkeersdoorstroming geschonden. Het is de bevoegdheid van het Agentschap Wegen en Verkeer om te allen tijde het veilig en vlot verkeer te waarborgen. De verkeersveiligheid is dus een doelstelling en zorgplicht van het beleidsveld van Agentschap Wegen en Verkeer die met zorgvuldigheid nagestreefd moeten worden. Het Agentschap toetst dan ook de invloed van elke vergunningsaanvraag op de verkeersveiligheid rekening houdend met de specifieke omstandigheden.

Het Agentschap Wegen en Verkeer streeft de beperking van de toegangen tot een gewestweg, zoals de N13, na met het oog op het vergroten van de vlotte verkeersdoorstroming, het bevorderen van de verkeersveiligheid en het verlagen van de conflictpunten met de zwakke weggebruiker.

De algemene richtlijnen hieromtrent werden gebundeld in het dienstorder MOW/AWV/2012/16 van 16/10/2012 (betreffende de Reglementering van de toegangen tot gewestdomein), die onder meer de volgende voorwaarden oplegt:

●        Er wordt slechts 1 toegang van max 4,5 meter breedte toegelaten.

●        Er dient bij verkavelingen gestreefd te worden naar één gemeenschappelijke ontsluiting d.m.v. een ventweg. Wanneer het aantal loten beperkt is, dienen de toegangen zoveel mogelijk geclusterd worden. Twee loten dienen t.h.v. de tussenliggende perceelsgrens voorzien te worden van een gemeenschappelijke toegang van maximum 7 meter.

●        Ter hoogte van de perceelsgrens, dient, behoudens de toegang, een structurele niet-overrijdbare scheiding aangebracht te worden door de aangelande.

●        De locatie van de toegangen, ramen en deuropeningen is steeds ondergeschikt aan de bestaande weginfrastructuur (incl. straatmeubilair, verhoogde inrichtingen, bushaltes, grachten, openbare verlichting, kasten nutsmaatschappijen, …).

●        Indien het perceel grenst aan een weg van lagere categorie, dient de toegang daar te worden voorzien, eveneens zo ver mogelijk verwijderd van het kruispunt.

●        Ter hoogte van kruispunten worden er geen nieuwe vestigingen van druk bezochte handelszaken of nieuwe gebouwen waarin een sterk verkeersgenererende functie wordt voorzien, aanvaard.

●        De toegang dient op minstens 70 meter van het kruispunt te worden voorzien.

●        Er kan geen toegang voorzien worden ter hoogte van een onoverzichtelijke bocht.

●        Er is te weinig plaats op het perceel voor draaimanoeuvres zodat deze op een gevaarlijke manier op de gewestweg zullen uitgevoerd worden.

●        De zichtbaarheid voor het verkeer wordt gehinderd door een constructie.

●        Haaks parkeren achter de rooilijn wordt niet toegestaan. Het is onwenselijk dat bestuurders achterwaarts de gewestweg dienen op te rijden om de parking te verlaten of op de gewestweg dienen te manoeuvreren om het perceel veilig op of af te rijden.

 

De vergunningsaanvraag is onwenselijk om volgende redenen:

Het project voorziet in de aanleg van een openbare wegenis die het parkgebouw ontsluit. Het Agentschap Wegen en Verkeer gaat hiermee akkoord.

 

Echter, op het inplantingsplan is de aansluiting momenteel niet ingetekend als een aansluitingen van een zijstraat op de gewestweg maar eerder als een oprit. Voor de weggebruiker moet het zo duidelijk mogelijk zijn dat het hier om een zijstraat gaat en geen oprit.

 

Als het gaat over de aansluiting van een nieuwe zijweg op de gewestweg zijn er andere normen waarmee rekening gehouden moet worden. De stad Lier heeft aangegeven dat de aanvrager verantwoordelijk wordt geacht voor het juist intekenen van de aansluiting van deze nieuwe openbare weg aan de gewestweg, en deze correct aansluiten is ook ten laste van de ontwikkelaar. Meer informatie vindt u in bijlage.

Ook zal de aanvrager moeten instaan voor de kosten van het verplaatsen van een kolk en verlichtingspaal indien dit nodig is.

 

Het Agentschap Wegen en Verkeer benadrukt dat zij de in de aanvraag voorziene vorm van ontsluiting naar de openbare weg enkel zal toestaan op voorwaarde dat:

●        de aansluiting op de gewestweg wordt uitgevoerd door de aanvrager volgens de normen van AWV;

●        het verplaatsen van de kolk en de verlichtingspaal ten laste zijn van de aanvrager;

●        behoudens deze toegang dient ter hoogte van de perceelsgrens, een structurele niet-overrijdbare scheiding aangebracht te worden door de aangelande volgens onderstaande voorwaarden;

●        een domeinvergunning wordt aangevraagd bij AWV indien het openbaar domein dient aangepast te worden (verlagen trottoir) voor de aanleg van de toegang.

 

Hoewel een privaat perceel een recht heeft om toegang te hebben tot de openbare weg, is de uitoefening van dit recht afhankelijk van de noodwendigheden eigen aan het openbaar domein. Het openbaar domein wordt in eerste instantie immers aangelegd met het oog op het algemeen belang. De inrichting van de openbare weg is steeds precair en men kan geen particulier recht op de bestaande of toekomstige inrichting van een openbare weg doen gelden.

Het Agentschap Wegen en Verkeer geeft aan hoe de openbare weg in het algemeen belang moet worden aangelegd, namelijk met een minimum aan ontsluitingen en conflictpunten. De vergunningverlenende overheid kan bij het verlenen van een stedenbouwkundige vergunning niet bepalen hoe de openbare weg zal moeten worden aangelegd. De breedte en de modaliteiten van de ontsluiting van een perceel naar de openbare weg worden bepaald door de wegbeheerder van deze openbare weg en niet door de vergunningverlenende overheid. Anders oordelen zou een bevoegdheidsoverschrijding inhouden.

 

De in de huidige vergunningsaanvraag voorziene ontsluiting zal dus onuitvoerbaar zijn, bij gebreke aan een akkoord hieromtrent door de wegbeheerder. Elke normaal en zorgvuldige vergunningverlenende overheid zal een project met een dergelijke ontsluiting niet vergunnen. Het getuigt immers van onzorgvuldig en kennelijk onredelijk bestuur om een stedenbouwkundige vergunning af te leveren die niet uitvoerbaar zal zijn bij gebreke aan de mogelijkheid om te ontsluiten naar de openbare weg.

 

2. Onwenselijkheid omwille van veilig en vlot verkeer (afsluiting)

Het Agentschap Wegen en Verkeer geeft aan hoe de openbare weg in het algemeen belang moet worden aangelegd. Het Agentschap Wegen en Verkeer kan bepalen dat er ter hoogte van de grens met het openbaar domein een afsluiting dient te worden voorzien.

Indien de afsluiting uit een lage muur bestaat, moet deze muur een maximum hoogte van 0,75 meter hebben, waarop al dan niet een hekwerk komt; de totale hoogte mag 2,25 meter niet overschrijden. Boven 1,50 meter moet de afsluiting meer open dan gesloten delen vertonen.

Indien de afsluiting uit een groene haag bestaat, moet deze worden geplant op 0,50 meter achter de grens van het openbaar domein. De haag mag niet meer dan 1,50 meter stamhoogte hebben en moet jaarlijks vóór 15 april gesnoeid en tot deze hoogte teruggebracht worden.

Lichte afsluitingen (geen muren maar bvb. een afsluiting bestaande uit paal en draad) kunnen geplaatst worden op de eigendomsgrens.

De hekken mogen bij het openen niet over het wegdomein draaien.

De afsluitingen aan de wegkruisingen en wegaansluitingen mogen het uitzicht niet benemen boven 0,75 meter hoogte.

 

3. Onwenselijkheid omwille van de goede ruimtelijke ordening en toekomstvisie inzake wegbeheer en verkeersveiligheid (bouwlijn).

In de omgeving werd decennialang een bouwlijn toegepast aan de hand van de wegennorm opgenomen in de omzendbrievenBRA 621 van 2 maart 1965 en BRA 16/7, zodat er een feitelijke bouwlijn is ontstaan.

Deze feitelijke bouwlijn bevindt zich op 8 meter uit de as van de weg.

De septische put is ingetekend dichtbij de gewestweg en ligt dus voor deze feitelijke bouwlijn.

Het is van groot belang om deze bouwlijn te blijven hanteren om de volgende reden:

Het Agentschap Wegen en Verkeer wenst de grond, bestemd voor de openbare weg, te vrijwaren van elk extra obstakel voor de toekomstige weginrichting, zodat deze later kan aangepast worden aan de nieuwe behoeften en inzichten.

In dit geval kan het AWV afwijken van de feitelijke bouwlijn. De septische put mag geplaatst worden op minstens 4 meter van de grens van het openbaar domein.

 

BESLUIT:

Om deze redenen adviseert het Agentschap Wegen en Verkeer VOORWAARDELIJK GUNSTIG over de voorliggende aanvraag.

De volgende voorwaarden dienen te worden opgelegd:

●        De aansluiting op de gewestweg wordt uitgevoerd door de aanvrager volgens de normen van AWV.

●        Het verplaatsen van de kolk en de verlichtingspaal zijn ten laste van de aanvrager.

●        Behoudens deze toegang dient ter hoogte van de perceelsgrens, een structurele niet-overrijdbare scheiding aangebracht te worden door de aangelande volgens bovenstaande voorwaarden.

●        De septische put moet geplaatst worden op minstens 4 meter van de grens van het openbaar domein.

●        Een domeinvergunning wordt aangevraagd bij AWV indien het openbaar domein dient aangepast te worden (verlagen trottoir) voor de aanleg van de toegang.

 

Bij de uitvoering van de vergunning dient de aanvrager rekening te houden met de in de bijlage omschreven aandachtspunten.

 

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: voorwaardelijk gunstig (11 juni 2026).

 

Het standpunt van Agentschap Wegen en Verkeer - District Brecht wordt bijgetreden, de volgende voorwaarden zal worden opgelegd in de vergunning:

●        De aansluiting op de gewestweg wordt uitgevoerd door de aanvrager volgens de normen van AWV.

●        Het verplaatsen van de kolk en de verlichtingspaal zijn ten laste van de aanvrager.

●        Behoudens deze toegang dient ter hoogte van de perceelsgrens, een structurele niet-overrijdbare scheiding aangebracht te worden door de aangelande volgens bovenstaande voorwaarden.

●        De septische put moet geplaatst worden op minstens 4 meter van de grens van het openbaar domein.

●        Een domeinvergunning wordt aangevraagd bij AWV indien het openbaar domein dient aangepast te worden (verlagen trottoir) voor de aanleg van de toegang.

●        Bij de uitvoering van de vergunning dient de aanvrager rekening te houden met de bij het advies van AWV in de bijlage omschreven aandachtspunten.

 

De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio Centraal heeft op 8 juni 2026 volgend advies uitgebracht: gedeeltelijk gunstig

 

●        In antwoord op uw adviesvraag van 30/04/2026 deel ik u mee dat De Vlaamse Waterweg nv – Afdeling Regio Centraal aan vermelde omgevingsvergunningsaanvraag gelegen in de Kesselsesteenweg 6 te Lier (12392C0050/00V006, 12392C0050/00A007, 12392C0050/00N008) een voorwaardelijk gunstig advies verleent.

A) Advies m.b.t. het beheer en exploitatie van de waterweg en het patrimonium van De Vlaamse Waterweg nv

Op 4 mei 2026 werd ons advies gevraagd door de stad Lier voor het slopen van een bestaand pand en vervolgens het bouwen van 2 nieuwe gebouwen met in totaal 29 entiteiten. Het project bevindt zich langs de Kesselsesteenweg 6, 2500 Lier. Kadastraal gekend onder afdeling2, sectie C, nrs. 50n8 en 50v6.

 

Betreft hier:

●        Het slopen van een bestaande infrastructuur

●        Poortgebouw met 2 entiteiten (2- en 3-slaapkamerappartement)

●        Parkgebouw met 27 entiteiten (verdeeld over 1-,2-,3- en 4- slaapkamerappartementen) volledig onderkelderd

●        Grondafstand voor openbaar domein

 

Advies:

Gezien de aangevraagde werken zich volledig op privéterrein bevinden, heeft dit geen invloed op de exploitatie en aanhorigheden van de waterweg. Hierdoor kan er een voorwaardelijk positief advies verleend worden.

 

Wij vragen wel dat er rekening gehouden wordt met volgende algemene- en bijzondere voorwaarden:

●        Er mag geen afwatering of overloop voorzien worden naar het kanaal.

●        Tijdens de werken mag er gaan schade worden toegebracht aan de oevers, jaagpad, leidingen of installaties van De Vlaamse Waterweg nv.

●        Eventuele aangebrachte schade zal hersteld worden op kosten van de aanvrager en dit volgens de regels van de kunst en tot voldoening van het bestuur.

●        De aanvrager staat in voor het opruimen en afvoeren van afval afkomstig uit bovenvermelde werken.

●        Indien er tijdens de werken materialen worden opgeslagen op de openbare weg of op openbaar domein dient hiervoor een afzonderlijke tijdelijke vergunning te worden aangevraagd.

 

B) Watertoetsadvies

Beschrijving van het project en de kenmerken van het watersysteem die door het project kunnen beïnvloed worden

 

Het projectgebied is gelegen nabij het Netekanaal (beheerd door de Vlaamse Waterweg) en komt voor op de advieskaart watertoets. De Vlaamse Waterweg nv is bevoegd om advies te verlenen volgens artikel 3 §2.1° van het uitvoeringsbesluit watertoets van de Vlaamse regering van 20 juli 2006.

 

Het projectgebied ligt in fluviaal (kleine kans op overstromingen; kleine kans op overstromingen onder klimaatverandering) en pluviaal (kleine kans op overstromingen onder klimaatverandering) overstromingsgevoelig gebied. Het ligt niet in vanuit zee overstromingsgevoelig gebied. Het projectgebied is niet recent overstroomd en is niet gelegen in een risicozone voor overstromingen.

 

De Vlaamse Waterweg nv doet geen uitspraken over de pluviale overstromingen en overstromingen vanuit de zee. Voor een bespreking van deze overstromingsgevoeligheid wordt verwezen naar de vergunningverlenende overheid.

De volgende gegevens zijn relevant voor de watertoets:

●        De aanvraag betreft het slopen van bestaande infrastructuur, de bouw van 2 nieuwe gebouwen (poortgebouw en parkgebouw), grondafstand voor openbaar domein.

●        Het parkgebouw beschikt over een ondergrondse parkeergarage.

●        Afwaterende oppervlakte parkgebouw 296,3m² (27 woongelegenheden), poortgebouw 115,5m² (2 woongelegenheden).

●        Bij het poortgebouw wordt een hemelwaterput voorzien met een volume van 10.000L, bij het parkgebouw van 35.000L.

●        De hemelwaterputten lopen over naar een infiltratievoorziening met een diepte van 30cm, een infiltratieoppervlakte van 37m² en een buffervolume van 11.100L. De noodoverloop van de infiltratievoorziening wordt aangesloten op de riolering.

 

Beoordeling van verenigbaarheid met het watersysteem

De aanvraag heeft onder andere betrekking op de bouw van constructies met werken aan de afwatering. De verordening hemelwater is van toepassing.

 

Er moet een hemelwaterput geplaatst worden met een voldoende groot volume en met voldoende aangesloten mogelijkheden tot hergebruik. Bij het poortgebouw wordt een hemelwaterput voorzien met een volume van 10.000L, bij het parkgebouw een van 35.000L, daar waar dit op basis van de verordening hemelwater 11.550L en 29.630L zou moeten zijn.

 

Het opgevangen water zal gebruikt worden voor toiletten en buitenkraantjes. Dit is niet conform de verordening. Voor de aangesloten woongelegenheden moet ook een aansluiting voor wasmachines voorzien worden.

 

De hemelwaterputten moeten overlopen naar een voldoende ruim gedimensioneerde bovengrondse infiltratievoorziening. Men geeft aan een bovengrondse infiltratievoorziening te zullen aanleggen met een diepte van 50cm, een infiltratieoppervlakte van 37m² en een buffervolume van 11.100L. Dit voldoet aan de bepalingen van de verordening hemelwater.

 

Er kan worden besloten dat er geen negatief effect op het watersysteem te verwachten is, indien men aan de onderstaande voorwaarden voldoet:

●        bij het poortgebouw wordt een hemelwaterput voorzien met een volume van 11.550L of er wordt een gemotiveerde uitzondering aangevraagd

●        in elke aangesloten woongelegenheid wordt ook een aanvoerleiding hemelwater voor wasmachines voorzien.

 

Toetsing aan doelstellingen en beginselen DIWB

De aanvraag is onder bovenstaande voorwaarden verenigbaar met de beginselen en doelstellingen van het ‘Decreet Integraal Waterbeleid’.

 

Besluit

Aangevuld met bovenvermelde maatregelen en/of voorwaarden is het project verenigbaar met het watersysteem en het beheer van De Vlaamse Waterweg nv. Indien de vergunningsverlener een vergunning voor dit project wenst te verlenen moet deze op zijn minst deze voorwaarden bevatten. Met deze voorwaarden voldoet het project aan de doelstellingen en beginselen zoals geformuleerd in art. 1.2.2 en 1.2.3 van het gecodificeerd decreet integraal waterbeleid. Het project voldoet aan het standstillbeginsel.

 

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gedeeltelijk gunstig (8 juni 2026).

 

Het standpunt van De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio Centraal wordt bijgetreden, de volgende voorwaarden zullen worden opgelegd in de vergunning:

●        Er mag geen afwatering of overloop voorzien worden naar het kanaal.

●        Tijdens de werken mag er gaan schade worden toegebracht aan de oevers, jaagpad, leidingen of installaties van De Vlaamse Waterweg nv.

●        Eventuele aangebrachte schade zal hersteld worden op kosten van de aanvrager en dit volgens de regels van de kunst en tot voldoening van het bestuur. (De Vlaamse Waterweg nv)

●        De aanvrager staat in voor het opruimen en afvoeren van afval afkomstig uit werken.

●        Indien er tijdens de werken materialen worden opgeslagen op de openbare weg of op openbaar domein dient hiervoor een afzonderlijke tijdelijke vergunning te worden aangevraagd.

●        bij het poortgebouw wordt een hemelwaterput voorzien met een volume van 11.550L of er wordt een gemotiveerde uitzondering aangevraagd

●        in elke aangesloten woongelegenheid wordt ook een aanvoerleiding hemelwater voor wasmachines voorzien.

 

Fluvius heeft op 7 mei 2026 onder ref. 5000128500 volgend advies uitgebracht: voorwaardelijk gunstig

 

●        Naar aanleiding van uw vraag hebben wij een studie opgemaakt voor de aanleg en/of aanpassingen van de nutsleidingen voor het bovenvermeld project en dit op basis van de gegevens waarover wij vandaag beschikken.

 

Voor uw project zijn volgende voorwaarden van toepassing en noodzakelijk:

- Aanleg van nieuwe nutsleidingen voor elektriciteit

- Openbare Verlichting

 

Als het gemeentebestuur alsnog aanpassingen zou vragen, zullen wij u een aangepaste versie van die voorwaarden bezorgen.

 

Bij een eventuele wijziging, zeker indien het gaat om een wijziging van de gevraagde vermogens, of herverkaveling, moet u een nieuwe aanvraag indienen. Op basis van de gewijzigde gegevens zullen wij een studie uitvoeren om te bepalen of een netuitbreiding en/of het plaatsen van een nieuwe distributiecabine vereist is om het project te kunnen aansluiten. De bouwheer dient in dat geval een grond of lokaal op het gelijkvloers ter beschikking te stellen voor deze distributiecabine.

 

De kost voor de netuitbreiding wordt samen met aansluitingskosten van de appartementen met de offerte voor aansluiting afgerekend. Gelieve tijdig uw aansluitingsaanvraag te doen zodat we voor deze netuitbreiding de nodige doorlooptijd hebben.

 

Bijkomende kosten die moeten worden gemaakt naar aanleiding van het verplaatsen van bestaande leidingen of installaties, kunnen afzonderlijk worden aangerekend na de vaststelling van de noodzaak tot verplaatsing.

 

De volledige reglementering kunt u raadplegen op www.fluvius.be. U dient deze na te leven.

Dit advies blijft geldig tot zes maand na datum en is onder voorbehoud van wijzigingen zoals hierboven vermeld.

 

Openbare verlichting:

In het kader van dit project wordt nieuwe openbare verlichting geplaatst.

De materiaaltypes voor openbare verlichting zoals vermeld in onderstaande tabel zijn onder voorbehoud van de beschikbaarheid van deze materialen op het moment van uitvoering van de werken. Indien deze materiaaltypes niet meer beschikbaar zijn, dan worden ze vervangen door evenwaardige materialen met gelijkwaardige technische specificaties.

 

 

Aantal

Omschrijving

Kleur

Mast

3

LM23 SGMH 4 R7016

R7016

 

Toestel

3

IVT22_LUX SCC_3K_DANB_2000_2Z

R7016

 

 

Technische bepalingen voor meergezinswoningen en appartementen

Voor Elektriciteit:

Het appartement is aansluitbaar op het distributienet na aanpassing ervan, dit voor zover de gevraagde vermogens de gebruikte standaardwaarden niet overschrijden (17,3kVa (15,9kVa indien 230V)). Indien de gevraagde vermogens deze waarden overschrijden, kan het noodzakelijk zijn dat er alsnog een netversterking en/of het plaatsen van een distributiecabine noodzakelijk is. Deze netversterking zal dan ook aangerekend worden.

Ruimte voor de distributiecabine dient dan voorzien te worden in het project.

Tellerlokaal:

Het tellerlokaal elektriciteit dient te voldoen aan volgende voorwaarden.

https://www.fluvius.be/nl/publicatie/algemene-richtlijnen-plaats-meteropstellingelektriciteit-

vanaf-2-meterkasten

 

Patrimonium en overdracht:

De installaties voor openbare verlichting (palen en armaturen) blijven eigendom van de distributienetbeheerder. Ook alle leidingen en overige installaties blijven eigendom van de distributienetbeheerder.

 

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: voorwaardelijk gunstig (7 mei 2026).

 

Het standpunt van Fluvius wordt bijgetreden, de volgende voorwaarde zal worden opgelegd in de vergunning:

 

●        De voorwaarden en voorschriften opgenomen in het advies van Fluvius dd 7 mei 2026 met ref. 5000128500 zijn strikt na te leven.

 

Brandweer Lier heeft op 21 mei 2026 onder ref. P10040-003/01 volgend advies uitgebracht: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig

 

Het volledige brandweeradvies is terug te vinden op het omgevingsloket.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig (21 mei 2026).

 

Het standpunt van Brandweer Lier wordt bijgetreden, de volgende voorwaarde zal worden opgelegd in de vergunning:

●        De bijgevoegde maatregelen opgelegd in het advies van Brandweerzone Rivierenland (ref. P10040-003/01) van 21 mei 2026 strikt na te leven.

 

Pidpa - Riolering heeft op 4 juni 2026 onder ref. Nieuw/ 209576 volgend advies uitgebracht: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig

 

●        Betreffende de aan te leggen rioleringsinfrastructuur aangaande de bovenvermelde adviesaanvraag kunnen wij u meedelen:

 

1. Beschrijvend gedeelte:

1.a. Van toepassing zijnde regelgeving:

○        Het reglement voor de aanleg van rioleringsinfrastructuur in ontwikkelingen, goedgekeurd door de gemeenteraad (zie website www.pidpa.be).

○        Het Vlaams reglement houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM).

○        De gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater d.d. 2 oktober 2023 (De gewestelijke hemelwaterverordening 2023 | Departement Omgeving - Vlaamse overheid (vlaanderen.be).

○        Gecodificeerd Decreet Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO)

○        De code van goede praktijk voor het ontwerp, de aanleg en het onderhoud van rioleringssystemen.

○        Het algemeen waterverkoopreglement (zie onze website bij Waterverkoopreglementen | Pidpa).

○        Het bijzonder waterverkoopreglement (zie onze website bij Waterverkoopreglementen | Pidpa).

○        De technische voorschriften private waterafvoer (zie website www.pidpa.be).

○        Het hemelwater- en droogteplan van deze gemeente is beschikbaar. Deze zijn raadpleegbaar op onze website www.pidpa.be.

○        Het watertoetsbesluit en de daarbij horende informatieplicht (www.waterinfo.be/watertoets).

○        Deze lijst is niet limitatief.

 

1.b. Omgevingsanalyse:

○        De ontwikkeling is gelegen in het centrale gebied met reeds bestaande aansluiting op een zuiveringsstation (oranje gearceerd).

○        Deze ontwikkeling is gelegen in pluviaal, fluviaal en NOG overstromingsgevoelig gebied. Zoals voorzien in het watertoetsbesluit dienen de nodige beschermingsmaatregelen genomen te worden om de (toekomstige) gebouwen te vrijwaren van een overstroming. De ligging in overstromingsgevoelig gebied heeft geen invloed op het resultaat van het advies en wordt louter ter informatie meegedeeld.

 

1.c. Weerhouden geval volgens het ontwikkelingsreglement:

○        De ontwikkeling ligt in centraal gebied, grenzend aan centraal gebied of in geoptimaliseerd buitengebied en er zijn enkel beperkte rioleringswerken en bijhorend sleufherstel van de bestaande wegenis nodig binnen het openbaar domein. Dit valt onder de specifieke voorwaarden van het geval A.2. van het ontwikkelingsreglement.

 

1.d. Weerhouden bepalingen volgens het ontwikkelingsreglement:

○        Pidpa bepaalt welke rioleringsinfrastructuur voorzien moet worden door de ontwikkelaar en maakt hiervoor eventueel een offerte over aan de ontwikkelaar.

○        De werken worden uitgevoerd door Pidpa of een door Pidpa aangestelde aannemer. Dit kan slechts na betaling van de in de offerte vermelde geraamde kostprijs.

○        Onvoorziene omstandigheden tijdens uitvoering van de werken die aanleiding geven tot een stijging van de kosten worden eveneens aangerekend aan de ontwikkelaar.

 

2. Voorwaarden: (onverminderd de bepalingen uit het ontwikkelingsreglement)

2.a. Specifieke voorwaarden:

○        De aanvraag voor de riolering in het toekomstig openbare deel (overdracht) zit niet vervat in deze aanvraag. Deze zal deel uitmaken van een latere aparte aanvraag en deze zal dienen te voldoen aan de voorwaarden van Pidpa, hierover kan er dus op dit moment geen uitspraak gedaan worden.

○        De DWA-afvoer en de RWA-afvoer dienen aangesloten te worden op de bestaande gemengde riolering langsheen de Kesselsesteenweg.

○        Het is steeds toegestaan de RWA volledig te laten infiltreren op eigen terrein indien het grondwaterniveau en de infiltratiecapaciteit van de bodem dit toelaten.

○        Bij nieuwbouw of herbouw van een gebouw, bij verbouwing van een bestaand gebouw met werken aan de afwatering of bij uitbreiding van een bestaand gebouw, met meerdere woongelegenheden is de plaatsing van een of meer hemelwaterputten verplicht.

○        De hemelwaterputten met een totale inhoud van 45.000 liter (35.000 liter bij parkgebouw en 10.000 liter bij poortgebouw) voldoen aan de GSVH.

○        De hemelwaterputten dienen voorzien te zijn van effectief hergebruik van regenwater. Het opgevangen hemelwater wordt maximaal gebruikt voor toepassingen waar geen drinkwaterkwaliteit voor nodig is, waaronder toiletspoeling, poetswater, wasmachine en gebruik voor de tuin. Dit wordt hier voorzien door de aansluiting van toiletten en buitenkraantjes. Ook alle, wasmachines dienen verplicht mee aangesloten te worden voor hergebruik. Dit dient aangepast te worden.

○        Er worden 29 wooneenheden aangesloten op het hergebruik. Het voorziene hergebruik voldoet aan de GSVH indien de wasmachines worden aangesloten op het hergebruik. Dit is een strikte voorwaarde om 29 x 30m² in mindering te mogen brengen voor de berekening van de infiltratievoorziening.

○        De overloop van de hemelwaterputten moet worden aangesloten op een bovengrondse infiltratievoorziening (wadi) met min. 10.837,2 liter (effectief 11.100 liter) infiltratievolume en min. 26,27m² (effectief 37m²) infiltratie oppervlakte. Hiermee wordt voldaan aan de GSVH.

○        Er moet voor gezorgd worden dat de infiltratievoorziening zich bevindt boven het grondwaterniveau.

○        Waterdoorlatende verhardingen met een hellingspercentage van minder dan 2% dienen niet te worden opgenomen in de berekening voor de dimensionering van de hemelwatervoorzieningen.

○        De oppervlakte van de onverharde zone dient minimaal een vierde van de afwaterende oppervlakte te bedragen.

○        Appartementsterrassen dienen te worden aangesloten op het RWA-stelsel.

○        De afvoer van het hemelwater afkomstig van een onoverdekte inrithelling naar de ondergrondse parkeergarage dient te worden aangesloten op de RWA.

○        Een voldoende gedimensioneerde (volgens 'waterwegwijzer bouwen en verbouwen') en goed werkende voorbehandelingsinstallatie (septische put) op de afvoer van de toiletten is verplicht. Deze worden voorzien en staan vermeld op het rioleringsplan.

○        De septische putten werden op het plan ingetekend met een volume van 20.000 liter (parkgebouw) en 3.000 liter (poortgebouw).

○        De bestaande rioolaansluiting dient hergebruikt te worden. Tijdens de werkzaamheden dient deze aansluiting op een degelijke wijze afgesloten te worden, zodat er geen onnodig vuil, zand, afval… in de riolering kan terechtkomen. Nieuwe of extra aansluitingen (op een andere locatie of met een grotere diameter) zijn ten laste van de ontwikkelaar. Hiervoor dient u vooraf een toelating te krijgen van Pidpa.

○        Eén DWA-huisaansluitputje ter hoogte van elke overgang van privéwaterafvoer naar het openbaar saneringsnetwerk is verplicht.

○        Eén RWA-huisaansluitputje ter hoogte van elke overgang van privéwaterafvoer naar het openbaar netwerk is verplicht, tenzij wordt aangesloten op een gracht of een ander open hemelwaterlichaam.

○        De huisaansluitputjes, de plaatsing ervan en de aansluiting(en) op de riolering zijn ten laste van de ontwikkelaar.

○        Deze putjes dienen te voldoen aan de voorwaarden voor een standaard huisaansluiting:

■        minimaal 0,5 m en maximaal 1 m uit elkaar

■        maximale diameter van 125 mm voor DWA en 160 mm voor RWA

■        de bovenkant van de buis maximum 50 cm onder het maaiveld ter hoogte van de rooilijn

○        De aansluitingen dienen aangevraagd te worden bij Pidpa-Riolering (www.pidpa.be).

○        Dossierkost

Er dient door de ontwikkelaar een éénmalige dossierkost betaald te worden van € 3.375,00 euro (excl. BTW), zoals vermeld in punt 2.b. en conform artikel 5 van het ontwikkelingsreglement (deze dossierkost dient betaald te worden nadat de vergunning werd afgeleverd).

 

2.b. Algemene voorwaarden:

●        De dossierkost, conform artikel 5 van het ontwikkelingsreglement, dient betaald te worden nadat Pidpa in kennis werd gesteld van het afleveren van de vergunning. Deze dossierkost wordt door Pidpa rechtstreeks aan de ontwikkelaar gefactureerd. Deze dossierkost staat volledig los van een eventuele offerte voor het uitvoeren van werken door Pidpa.

●        Voor elke aansluiting op de riolering (dus ook op bestaande wachtaansluitingen/ huisaansluitputjes) dient een aanvraag gericht te worden aan Pidpa-Riolering.

●        Bij een bemaling is het verplicht een zandvang en een debietsmeter te plaatsen.

●        Bij calamiteiten (vervuiling/verstopping/wateroverlast/…) ten gevolge van de lozing van bemalingswater zullen alle kosten worden verhaald op de veroorzaker.

●        De keuring van de afvoer van de privéwaterafvoer is verplicht:

○        bij nieuwbouw of herbouw

○        bij het realiseren van een bijkomende aansluiting of het plaatsen van een IBA

○        bij de aanleg van een gescheiden riolering op het openbaar domein tenzij er een conform keuringsattest kan voorgelegd worden van nieuw- of herbouw dat niet ouder is dan 5 jaar

 

3. Beoordeling:

Het advies is voorwaardelijk gunstig.

Er dient voldaan te worden aan de bovenstaande te volgen richtlijnen, voorwaarden en regelgeving.

De aanvraag voor de riolering in het toekomstig openbare deel (overdracht) zit niet vervat in deze aanvraag. Deze zal deel uitmaken van een latere aparte aanvraag en deze zal dienen te voldoen aan de voorwaarden van Pidpa, hierover kan er dus op dit moment geen uitspraak gedaan worden.

 

Ook alle, wasmachines dienen verplicht mee aangesloten te worden voor hergebruik. Dit dient aangepast te worden.

 

Het voorziene hergebruik voldoet aan de GSVH indien de wasmachines worden aangesloten op het hergebruik. Dit is een strikte voorwaarde om 29 x 30m² in mindering te mogen brengen voor de berekening van de infiltratievoorziening.

 

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig (4 juni 2026).

 

Het standpunt van Pidpa - Riolering wordt bijgetreden, de volgende voorwaarde zal worden opgelegd in de vergunning:

●        De specifieke en algemene voorwaarden opgenomen in het advies van Pidpa Riolering dd. 4 juni 2026 onder ref. Nieuw/ 209576 moeten strikt nageleefd worden.
 

Toegankelijk Vlaanderen (Inter) heeft op 8 mei 2026 onder ref. 20261179 volgend advies uitgebracht: ongunstig

 

●        Aftoetsing regelgeving toegankelijkheid (gewestelijke stedenbouwkundige verordening)

 

●        In toepassing van art. 4.3.7.I, art. 4.3.3II. en art. 4.3.4III. van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening

●        In toepassing van het Besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid

 

De knelpunten, vermeld in deze aftoetsing, hebben geleid tot de ongunstige evaluatie.

Knelpunten:

- Vrije breedte aangepaste parkeerplaatsen

- Vrije doorgangsbreedte toegangsdeuren

 

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: ongunstig (8 mei 2026).

 

N.a.v. hierboven genoemd ongunstig advies werd een nieuwe projectinhoudsversie aangeleverd om aan de opmerkingen van Toegankelijk Vlaanderen (Inter) tegemoet te komen.

 

Toegankelijk Vlaanderen (Inter) heeft op 31 juli 2026 onder ref. 20261179 volgend advies uitgebracht: gunstig

 

●        Zie bijlage

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gunstig (31 juli 2026).

 

Het standpunt van Toegankelijk Vlaanderen (Inter) wordt bijgetreden.

 

Cel Integraal Waterbeheer heeft geen advies uitgebracht. Het advies wordt geacht stilzwijgend gunstig te zijn.

 

Cel Mobiliteit heeft volgend advies uitgebracht: gunstig

 

- Er werden 2 uitwijkzones voorzien die noodzakelijk geacht werden, conform de gemaakte afspraken.

- De deelwagens vervangen een ratio van 6 parkeerplaatsen, en zijn conform de gemaakte afspraken vooraan langs de zijde van de Kesselsesteenweg voorzien, volledig publiek toegankelijk.

- Er zijn voldoende fietsstaanplaatsen, die bovendien vlot toegankelijk zijn. Het is een meerwaarde dat er ook meerdere buitenmaatse fietsplaatsen aanwezig zijn.

- Er zijn voldoende autoplaatsen aanwezig. Deze zijn vlot toegankelijk. De parkeerplaatsen zijn breed genoeg.

- Er zijn voldoende parkeerplaatsen met afmetingen voor mindervaliden aanwezig.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gunstig (23 juni 2026).

 

Het standpunt van Cel Mobiliteit wordt bijgetreden.

 

Cel Publieke Ruimte heeft volgend advies uitgebracht: voorwaardelijk gunstig

 

De plannen van het openbaar domein en het privaat domein met publiek karakter geven niet aan welke soort aan beplanting voor de omgevingsaanleg voorzien wordt. Dit dient verder uitgewerkt te worden met een landschapsplan waarbij ook rekening moet worden gehouden met het Programma van Eisen voor groeninrichting voor openbaar domein (zie ook advies technisch bureau). De omgevingsaanleg van het openbaar domein en privaat domein dient als geheel aangelegd te worden.

 

Volgende voorwaarden werden door Cel Publieke Ruimte opgelegd:

●        Landschapsplan opmaken voor aanleg openbaar en privaat domein met duidelijke legende ifv verharding, beplanting, afsluiting enz.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: voorwaardelijk gunstig (12 juni 2026).

 

Het standpunt van Cel Publieke Ruimte wordt bijgetreden, de volgende voorwaarde zal worden opgelegd in de vergunning:

●        Er moet een landschapsplan opgemaakt worden voor aanleg openbaar en privaat domein met duidelijke legende ifv verharding, beplanting, afsluiting enz. rekening houdend met het Programma van Eisen voor groeninrichting voor openbaar domein. De omgevingsaanleg van het openbaar domein en privaat domein dient als geheel aangelegd te worden.

 

Cel technisch bureau heeft volgend advies uitgebracht: voorwaardelijk gunstig

 

Projectinhoudversie 5

 

Wegenis

1. Een uitvoeringsbestek is niet toegevoegd. Dit dient tijdig en vóór selectieprocedure van de opdrachtnemer ter goedkeuring voorgelegd te worden aan het technisch bureau van de stad Lier en aan rioolbeheerder Pidpa. Voor alle uit te voeren werken gelden de voorwaarden van het bestek openbaar domein versie SB 250 versie 5 en SB 200.

 

2. De uitvoering van de werken aan het openbaar domein wordt, naast het ontwerpbureau aangesteld door de aanvrager, opgevolgd door het technisch bureau van de stad Lier en door rioolbeheerder Pidpa met volgende limitatieve taken / bevoegdheden:

* de  controle  op  de  goede  uitvoering  van  de  werken  tot  de  volledige  afwerking  en  de definitieve oplevering van de werken, dit houdt onder meer in

  > het uitvoeren, minimaal één maal per week, van een werfbezoek; of volgens de voortgang der werken en de noodzaak van de coördinatieopdracht;

  > nagaan of  de  werken  worden  uitgevoerd  conform  de  toepasselijke  wet- en regelgeving, de bepalingen van de opdrachtdocumenten, de wijzigingsbevelen van de opdrachtgever, de plannen en de regels van de kunst;

  > aanwezigheid op de werf telkens de opdrachtgever hem daartoe uitnodigt of bij fasen in de uitvoering waarbij diens aanwezigheid noodzakelijk is omwille van het toezicht;

  > instaan voor het toezicht op de prestaties; dit toezicht omvat onder meer het geven van  onderrichtingen,  telkens  wanneer  de  opdrachtdocumenten  onvolledig  of onduidelijk zouden zijn;

  > het opstellen van processen-verbaal van vaststelling / ingebrekestelling;

  > het leiden van de (wekelijkse) werfvergaderingen inzake openbaar domein

  > het nazicht van de door de opdrachtnemer opgemaakte uitvoeringsdocumenten (detail-en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...);

  > het  organiseren  en  bijwonen  van  de  technische  rondgang  naar  aanleiding  van  de voorlopige  en  definitieve  oplevering,  inclusief  het  opmaken  van  het  proces-verbaal  van technische rondgang, met inbegrip van het advies aan de opdrachtgever of al dan niet tot voorlopige /definitieve oplevering kan worden overgegaan;

  > het opstellen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

* De overheid vertegenwoordigen op alle noodzakelijke (werf)vergaderingen en innemen van standpunten aangaande uitvoering van de opdracht;

* Het formuleren van opmerkingen binnen de gestelde termijnen op de werfverslagen alsook het ondertekenen van de werfverslagen;

* Het  ondertekenen en voeren van alle nodige  briefwisseling  m.b.t. de correcte uitvoering van de werken;

* Het tijdig goedkeuren of weigeren van de opgemaakte uitvoeringsdocumenten alsook de verbeteringen van o.a. detail- en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...

* termijnen van de proeven en keuringen van producten, materialen en werken;

* Het ondertekenen van het proces-verbaal van technische rondgang;

* Het ondertekenen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

* Het  goedkeuren of weigeren en ondertekenen van het proces-verbaal van voorlopige/definitieve oplevering voor opdrachten;

 

3. Leveren en plaatsen van openbare verlichting langs het over te dragen openbaar domein is voor rekening van de aanvrager. Coördinatie met Fluvius gebeurt door de aanvrager.

 

4. De aansluiting van de nieuwe openbare wegenis met de Kesselsesteenweg dient volgens de richtlijnen van AWV voor aansluiting van zijstraten aangepast te worden. De aanpassingswerken hiervoor zijn een last van de ontwikkeling.

 

Riolering

Het voorwaardelijk gunstig advies van Pidpa – riolering wordt integraal gevolgd.

Het reglement voor de aanleg van rioleringsinfrastructuur in ontwikkelingen, goedgekeurd door de gemeenteraad (zie website www.Pidpa.be) is van toepassing.

 

 

Groen

Voor de aanleg van groen op openbaar domein dient het Programma van Eisen voor Groeninrichting (zie bijlage) gevolgd te worden, zoals goedgekeurd door het CBS op 04/05/2026.

De zones in grindgazon en haagmassief passen niet binnen de visie voor openbaar groen en worden dan ook beter uit het openbaar domein gehaald. Deze kunnen wel dienst blijven doen als (private) brandweg. Een alternatief dient voorgesteld te worden ofwel dient het rooilijnplan aangepast te worden, zodat de zones in grindgazon en haagmassief buiten de nieuwe rooilijn vallen.

 

Afval

In de nieuwe plannen is rekening gehouden met

• een afvalinzamelzone en plek voor een GFT cocon op eigen terrein

• een afvalberging voor PMD en Papier en karton in de ondergrondse parking

Voor deze fracties geen bijkomende opmerkingen.

Voor restafval is nu voorzien dat de bewoners dit wegbrengen naar de bestaande OCT’s Kapelstraat x Berlaarsesteenweg of Pastoriestraat x Berlaarsesteenweg (geen huis-aan-huisophaling) op ruim 200m. Het retributiereglement voor OCT’s bij woonontwikkelingen zal van toepassing zijn.

Het bestuur moet zich wel bewust zijn dat in dit geval wordt afgeweken van de normale norm die maximaal 150m wandelafstand tussen de woonst en de restafvalcontainer voorschrijft. Argumentatie hiervoor:

- 29 wooneenheden is te kleinschalig om een nieuwe ondergrondse container op de site te verantwoorden.

- Huis-aan-huisophaling is op deze site niet aangeraden omdat er onvoldoende ruimte is aan de straatzijde van de Kesselsesteenweg om dit afval aan te bieden. Het is ook geen optie om het afval op de toegangsweg in te zamelen omdat er geen keerpunt is en het achterwaarts afrijden van de ophaalwagen op een drukke steenweg niet goedgekeurd kan worden vanuit veiligheidsstandpunt.

- Tot slot is er onvoldoende ruimte voorzien om 29 individuele restafvalcontainers te stockeren.

 

Volgende voorwaarden werden door Cel technisch bureau opgelegd:

Projectinhoudversie 5

 

Wegenis

1. Een uitvoeringsbestek is niet toegevoegd. Dit dient tijdig en vóór selectieprocedure van de opdrachtnemer ter goedkeuring voorgelegd te worden aan het technisch bureau van de stad Lier en aan rioolbeheerder Pidpa. Voor alle uit te voeren werken gelden de voorwaarden van het bestek openbaar domein versie SB 250 versie 5 en SB 200.

 

2. De uitvoering van de werken aan het openbaar domein wordt, naast het ontwerpbureau aangesteld door de aanvrager, opgevolgd door het technisch bureau van de stad Lier en door rioolbeheerder Pidpa met volgende limitatieve taken / bevoegdheden:

* de  controle  op  de  goede  uitvoering  van  de  werken  tot  de  volledige  afwerking  en  de definitieve oplevering van de werken, dit houdt onder meer in

  > het uitvoeren, minimaal één maal per week, van een werfbezoek; of volgens de voortgang der werken en de noodzaak van de coördinatieopdracht;

  > nagaan of  de  werken  worden  uitgevoerd  conform  de  toepasselijke  wet- en regelgeving, de bepalingen van de opdrachtdocumenten, de wijzigingsbevelen van de opdrachtgever, de plannen en de regels van de kunst;

  > aanwezigheid op de werf telkens de opdrachtgever hem daartoe uitnodigt of bij fasen in de uitvoering waarbij diens aanwezigheid noodzakelijk is omwille van het toezicht;

  > instaan voor het toezicht op de prestaties; dit toezicht omvat onder meer het geven van  onderrichtingen,  telkens  wanneer  de  opdrachtdocumenten  onvolledig  of onduidelijk zouden zijn;

  > het opstellen van processen-verbaal van vaststelling / ingebrekestelling;

  > het leiden van de (wekelijkse) werfvergaderingen inzake openbaar domein

  > het nazicht van de door de opdrachtnemer opgemaakte uitvoeringsdocumenten (detail-en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...);

  > het  organiseren  en  bijwonen  van  de  technische  rondgang  naar  aanleiding  van  de voorlopige  en  definitieve  oplevering,  inclusief  het  opmaken  van  het  proces-verbaal  van technische rondgang, met inbegrip van het advies aan de opdrachtgever of al dan niet tot voorlopige /definitieve oplevering kan worden overgegaan;

  > het opstellen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

* De overheid vertegenwoordigen op alle noodzakelijke (werf)vergaderingen en innemen van standpunten aangaande uitvoering van de opdracht;

* Het formuleren van opmerkingen binnen de gestelde termijnen op de werfverslagen alsook het ondertekenen van de werfverslagen;

* Het  ondertekenen en voeren van alle nodige  briefwisseling  m.b.t. de correcte uitvoering van de werken;

* Het tijdig goedkeuren of weigeren van de opgemaakte uitvoeringsdocumenten alsook de verbeteringen van o.a. detail- en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...

* termijnen van de proeven en keuringen van producten, materialen en werken;

* Het ondertekenen van het proces-verbaal van technische rondgang;

* Het ondertekenen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

* Het  goedkeuren of weigeren en ondertekenen van het proces-verbaal van voorlopige/definitieve oplevering voor opdrachten;

 

3. Leveren en plaatsen van openbare verlichting langs het over te dragen openbaar domein is voor rekening van de aanvrager. Coördinatie met Fluvius gebeurt door de aanvrager.

 

4. De aansluiting van de nieuwe openbare wegenis met de Kesselsesteenweg dient volgens de richtlijnen van AWV voor aansluiting van zijstraten aangepast te worden. De aanpassingswerken hiervoor zijn een last van de ontwikkeling.

 

Riolering

Het voorwaardelijk gunstig advies van Pidpa – riolering wordt integraal gevolgd.

Het reglement voor de aanleg van rioleringsinfrastructuur in ontwikkelingen, goedgekeurd door de gemeenteraad (zie website www.Pidpa.be) is van toepassing.

 

 

Groen

Voor de aanleg van groen op openbaar domein dient het Programma van Eisen voor Groeninrichting (zie bijlage) gevolgd te worden, zoals goedgekeurd door het CBS op 04/05/2026.

De zones in grindgazon en haagmassief passen niet binnen de visie voor openbaar groen en worden dan ook beter uit het openbaar domein gehaald. Deze kunnen wel dienst blijven doen als (private) brandweg. Een alternatief dient voorgesteld te worden ofwel dient het rooilijnplan aangepast te worden, zodat de zones in grindgazon en haagmassief buiten de nieuwe rooilijn vallen.

 

Afval

In de nieuwe plannen is rekening gehouden met

• een afvalinzamelzone en plek voor een GFT cocon op eigen terrein

• een afvalberging voor PMD en Papier en karton in de ondergrondse parking

Voor deze fracties geen bijkomende opmerkingen.

Voor restafval is nu voorzien dat de bewoners dit wegbrengen naar de bestaande OCT’s Kapelstraat x Berlaarsesteenweg of Pastoriestraat x Berlaarsesteenweg (geen huis-aan-huisophaling) op ruim 200m. Het retributiereglement voor OCT’s bij woonontwikkelingen zal van toepassing zijn.

Het bestuur moet zich wel bewust zijn dat in dit geval wordt afgeweken van de normale norm die maximaal 150m wandelafstand tussen de woonst en de restafvalcontainer voorschrijft. Argumentatie hiervoor:

- 29 wooneenheden is te kleinschalig om een nieuwe ondergrondse container op de site te verantwoorden.

- Huis-aan-huisophaling is op deze site niet aangeraden omdat er onvoldoende ruimte is aan de straatzijde van de Kesselsesteenweg om dit afval aan te bieden. Het is ook geen optie om het afval op de toegangsweg in te zamelen omdat er geen keerpunt is en het achterwaarts afrijden van de ophaalwagen op een drukke steenweg niet goedgekeurd kan worden vanuit veiligheidsstandpunt.

- Tot slot is er onvoldoende ruimte voorzien om 29 individuele restafvalcontainers te stockeren.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: voorwaardelijk gunstig (1 juli 2026).

 

Het standpunt van Cel technisch bureau wordt bijgetreden, de volgende voorwaarden zullen worden opgelegd in de vergunning:

 

●        Een uitvoeringsbestek is niet toegevoegd. Dit dient tijdig en vóór selectieprocedure van de opdrachtnemer ter goedkeuring voorgelegd te worden aan het technisch bureau van de stad Lier en aan rioolbeheerder Pidpa. Voor alle uit te voeren werken gelden de voorwaarden van het bestek openbaar domein versie SB 250 versie 5 en SB 200.

●        De uitvoering van de werken aan het openbaar domein wordt, naast het ontwerpbureau aangesteld door de aanvrager, opgevolgd door het technisch bureau van de stad Lier en door rioolbeheerder Pidpa met volgende limitatieve taken / bevoegdheden:

○        de  controle  op  de  goede  uitvoering  van  de  werken  tot  de  volledige  afwerking  en  de definitieve oplevering van de werken, dit houdt onder meer in

■        het uitvoeren, minimaal één maal per week, van een werfbezoek; of volgens de voortgang der werken en de noodzaak van de coördinatieopdracht;

■        nagaan of  de  werken  worden  uitgevoerd  conform  de  toepasselijke  wet- en regelgeving, de bepalingen van de opdrachtdocumenten, de wijzigingsbevelen van de opdrachtgever, de plannen en de regels van de kunst;

■        aanwezigheid op de werf telkens de opdrachtgever hem daartoe uitnodigt of bij fasen in de uitvoering waarbij diens aanwezigheid noodzakelijk is omwille van het toezicht;

■        instaan voor het toezicht op de prestaties; dit toezicht omvat onder meer het geven van  onderrichtingen,  telkens  wanneer  de  opdrachtdocumenten  onvolledig  of onduidelijk zouden zijn;

■        het opstellen van processen-verbaal van vaststelling / ingebrekestelling;

■        het leiden van de (wekelijkse) werfvergaderingen inzake openbaar domein

■        het nazicht van de door de opdrachtnemer opgemaakte uitvoeringsdocumenten (detail-en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...);

■        het  organiseren  en  bijwonen  van  de  technische  rondgang  naar  aanleiding  van  de voorlopige  en  definitieve  oplevering,  inclusief  het  opmaken  van  het  proces-verbaal  van technische rondgang, met inbegrip van het advies aan de opdrachtgever of al dan niet tot voorlopige /definitieve oplevering kan worden overgegaan;

■        het opstellen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

○        De overheid vertegenwoordigen op alle noodzakelijke (werf)vergaderingen en innemen van standpunten aangaande uitvoering van de opdracht;

○        Het formuleren van opmerkingen binnen de gestelde termijnen op de werfverslagen alsook het ondertekenen van de werfverslagen;

○        Het  ondertekenen en voeren van alle nodige  briefwisseling  m.b.t. de correcte uitvoering van de werken;

○        Het tijdig goedkeuren of weigeren van de opgemaakte uitvoeringsdocumenten alsook de verbeteringen van o.a. detail- en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...

○        termijnen van de proeven en keuringen van producten, materialen en werken;

○        Het ondertekenen van het proces-verbaal van technische rondgang;

○        Het ondertekenen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

○        Het  goedkeuren of weigeren en ondertekenen van het proces-verbaal van voorlopige/definitieve oplevering voor opdrachten;

 

●        Leveren en plaatsen van openbare verlichting langs het over te dragen openbaar domein is voor rekening van de aanvrager. Coördinatie met Fluvius gebeurt door de aanvrager.

●        De aansluiting van de nieuwe openbare wegenis met de Kesselsesteenweg dient volgens de richtlijnen van AWV voor aansluiting van zijstraten aangepast te worden. De aanpassingswerken hiervoor zijn een last van de ontwikkeling.

 

●        Het voorwaardelijk gunstig advies van Pidpa – riolering wordt integraal gevolgd.

Het reglement voor de aanleg van rioleringsinfrastructuur in ontwikkelingen, goedgekeurd door de gemeenteraad (zie website www.Pidpa.be) is van toepassing.

 

●        Voor de aanleg van groen op openbaar domein dient het Programma van Eisen voor Groeninrichting (zie bijlage) gevolgd te worden, zoals goedgekeurd door het CBS op 04/05/2026.De zones in grindgazon en haagmassief passen niet binnen de visie voor openbaar groen en worden dan ook beter uit het openbaar domein gehaald. Deze kunnen wel dienst blijven doen als (private) brandweg. Een alternatief dient voorgesteld te worden ofwel dient het rooilijnplan aangepast te worden, zodat de zones in grindgazon en haagmassief buiten de nieuwe rooilijn vallen.

 

●        Afval

In de nieuwe plannen is rekening gehouden met

■        een afvalinzamelzone en plek voor een GFT cocon op eigen terrein

■        een afvalberging voor PMD en Papier en karton in de ondergrondse parking

 

Voor deze fracties geen bijkomende opmerkingen.

Voor restafval is nu voorzien dat de bewoners dit wegbrengen naar de bestaande OCT’s Kapelstraat x Berlaarsesteenweg of Pastoriestraat x Berlaarsesteenweg (geen huis-aan-huisophaling) op ruim 200m. Het retributiereglement voor OCT’s bij woonontwikkelingen zal van toepassing zijn.

Het bestuur moet zich wel bewust zijn dat in dit geval wordt afgeweken van de normale norm die maximaal 150m wandelafstand tussen de woonst en de restafvalcontainer voorschrijft. Argumentatie hiervoor:

- 29 wooneenheden is te kleinschalig om een nieuwe ondergrondse container op de site te verantwoorden.

- Huis-aan-huisophaling is op deze site niet aangeraden omdat er onvoldoende ruimte is aan de straatzijde van de Kesselsesteenweg om dit afval aan te bieden. Het is ook geen optie om het afval op de toegangsweg in te zamelen omdat er geen keerpunt is en het achterwaarts afrijden van de ophaalwagen op een drukke steenweg niet goedgekeurd kan worden vanuit veiligheidsstandpunt.

- Tot slot is er onvoldoende ruimte voorzien om 29 individuele restafvalcontainers te stockeren.

 

 

  1. Openbaar onderzoek

Volgens artikel 67 §1, 1° van het besluit van de Vlaamse regering van 27 november 2015 betreffende de omgevingsvergunning, moet een openbaar onderzoek worden ingesteld conform de bepalingen van titel 3, hoofdstuk 5, van dit besluit.

De aanvraag werd onderworpen aan een openbaar onderzoek.

 

Het openbaar onderzoek vond plaats van 10 mei 2026 tot 8 juni 2026. Naar aanleiding van het openbaar onderzoek tekenden 32 indieners bezwaar aan, waarvan één petitielijst.

Inhoud bezwaarschriften

Volgend(e) standpunt(en) werd(en) uitgebracht:

De bezwaren handelen samengevat over de volgende elementen:

 

Wegenis en rooilijn

●        Door de bestaande middenberm / ontwijkingszone zou het voor voertuigen die de projectsite verlaten niet mogelijk zijn om rechtstreeks af te draaien naar links, maar wordt men verplicht eerst richting Kessel te rijden. Men vreest dat keren zal gebeuren ter hoogte van het tankstation of via Kanaalstraat. Deze bijkomende manoeuvres vergroten het risico op verkeersonveilige situaties.

 

Evaluatie bezwaarschriften

De verschillende elementen uit de bezwaren betreffende wegenis en rooilijn kunnen niet worden bijgetreden om volgende redenen:

 

De gewenste verkeersituatie werd beoordeeld in de adviezen van de bevoegde adviesinstanties (cel Mobiliteit en Agentschap Wegen en Verkeer). Hieruit blijkt dat de beoogde plannen aanvaardbaar zijn, mits voorwaarden.

 

Alle elementen uit de verschillende bezwaren m.b.t. wegenis en rooilijn kunnen worden verworpen.

 

 

Het tweede openbaar onderzoek vond plaats van 23 juli 2026 tot 21 augustus 2026 naar aanleiding van een administratieve lus. Naar aanleiding van het openbaar onderzoek tekenden 20 indieners bezwaar aan.

 

Inhoud bezwaarschriften

Volgend(e) standpunt(en) werd(en) uitgebracht:

De bezwaren handelen bijkomend op bovenstaande samenvatting samengevat over de volgende elementen:

 

Wegenis en rooilijn

●        De rooilijn en af te stane grond zouden niet gemotiveerd getoetst worden aan de doelstellingen van het Decreet Gemeentewegen (o.a. uitbouw veilig wegennet op lokaal niveau en herwaardering en bescherming van een fijnmazig netwerk trage wegen).

●        Onduidelijk welke verkeerskundige noodzaak of meerwaarde voor de buurt nieuwe wegenis brengt en of deze al dan niet publiek toegankelijk wordt.

●        De gemeenteraad moet een zelfstandige en gemotiveerde beslissing nemen.

●        Er wordt verwezen naar het advies van AWV dd 11 juni 2026, waarbij geconcludeerd wordt dat de wegenis onuitvoerbaar zou zijn. 

●        De riolering in het over te dragen gedeelte wordt niet beoordeeld in het advies van Pidpa.

●        De impact van de wegenis op het water moet beoordeeld worden.

 

Evaluatie bezwaarschriften

De verschillende elementen uit de bezwaren betreffende wegenis en rooilijn kunnen deels worden bijgetreden om volgende redenen:

 

Het openbaar domein wordt in eerste instantie aangelegd met het oog op algemeen belang. In het advies van het Agentschap Wegen en Verkeer (gegeven op 11 juni 2026 en bijgestuurd op 27 augustus 2026) wordt aangegeven hoe de openbare weg in het algemeen belang moet worden aangelegd. Om tegemoet te kunnen komen aan dit algemeen belang en tot een uitvoerbare wegenis te komen worden volgende voorwaarden opgenomen vanuit het advies van het Agentschap Wegen en Verkeer met ref. AV/123/2026/00734/A dd 27/08/2026:

●        De aansluiting op de gewestweg wordt uitgevoerd door de aanvrager volgens de normen van AWV.

●        Het verplaatsen van de kolk en de verlichtingspaal zijn ten laste van de aanvrager.

●        Behoudens deze toegang dient ter hoogte van de perceelsgrens, een structurele niet-overrijdbare scheiding aangebracht te worden door de aangelande volgens bovenstaande voorwaarden.

●        De septische put moet geplaatst worden op minstens 4 meter van de grens van het openbaar domein.

●        Een domeinvergunning wordt aangevraagd bij AWV indien het openbaar domein dient aangepast te worden (verlagen trottoir) voor de aanleg van de toegang.

●        Bij de uitvoering van de vergunning dient de aanvrager rekening te houden met de in het advies van AWV omschreven aandachtspunten.

 

Uit de aanvraag en gegeven adviezen is voldoende duidelijk welk gedeelte als openbaar domein beoogd wordt. Daarnaast heeft de site verder een publiek toegankelijk karakter, er bevinden zich immers nergens afsluitingen die toegang belemmeren.

 

De toetsing aan het Decreet Gemeentewegen gebeurt door de gemeenteraad. De procedure  voorziet dit. De bevoegdheid om een beslissing te nemen over de wegenis ligt immers bij de gemeenteraad.

 

Het rioleringstracé van over te dragen grond dient in een aparte aanvraag uitgewerkt te worden en te voldoen aan de voorwaarden van Pidpa, zoals ook opgenomen in het advies van Pidpa Riolering met ref. Nieuw/ 209576:

●        De aanvraag voor de riolering in het toekomstig openbare deel (overdracht) zit niet vervat in deze aanvraag. Deze zal deel uitmaken van een latere aparte aanvraag en deze zal dienen te voldoen aan de voorwaarden van Pidpa.

 

De volledige site werd als geheel beoordeeld door de bevoegde wateradviesinstanties (De Vlaamse Waterweg en Pidpa Riolering). De wegenis moet hierbij niet afzonderlijk in beschouwing genomen worden.

 

Aan de elementen die werden bijgetreden uit de bezwaren kan tegemoet worden gekomen indien volgende voorwaarden worden nageleefd:

●        De aansluiting op de gewestweg wordt uitgevoerd door de aanvrager volgens de normen van AWV.

●        Het verplaatsen van de kolk en de verlichtingspaal zijn ten laste van de aanvrager.

●        Behoudens deze toegang dient ter hoogte van de perceelsgrens, een structurele niet-overrijdbare scheiding aangebracht te worden door de aangelande volgens bovenstaande voorwaarden.

●        De septische put moet geplaatst worden op minstens 4 meter van de grens van het openbaar domein.

●        Een domeinvergunning wordt aangevraagd bij AWV indien het openbaar domein dient aangepast te worden (verlagen trottoir) voor de aanleg van de toegang.

●        Bij de uitvoering van de vergunning dient de aanvrager rekening te houden met de in het advies van AWV omschreven aandachtspunten.

●        De aanvraag voor de riolering in het toekomstig openbare deel (overdracht) zit niet vervat in deze aanvraag. Deze zal deel uitmaken van een latere aparte aanvraag en deze zal dienen te voldoen aan de voorwaarden van Pidpa.

 

  1. Algemene conclusie en advies gemeentelijke omgevingsambtenaar

Aangezien de voorgelegde aanvraag voorwaardelijk in overeenstemming is met alle bepalingen uit de Vlaamse codex en de rooilijn en wegenis op zich aanvaardbaar zijn, kan een gunstig advies gegeven worden onder volgende voorwaarden en lasten:

 

●        Een juridisch sluitende overeenkomst met de stad (patrimonium) moet worden gemaakt betreffende het afstand van het recht van natrekking (overdracht van publiek domein met ondergronds riolering)

 

●        De aansluiting op de gewestweg wordt uitgevoerd door de aanvrager volgens de normen van AWV.

●        Het verplaatsen van de kolk en de verlichtingspaal zijn ten laste van de aanvrager.

●        Behoudens deze toegang dient ter hoogte van de perceelsgrens, een structurele niet-overrijdbare scheiding aangebracht te worden door de aangelande volgens bovenstaande voorwaarden.

●        De septische put moet geplaatst worden op minstens 4 meter van de grens van het openbaar domein.

●        Een domeinvergunning wordt aangevraagd bij AWV indien het openbaar domein dient aangepast te worden (verlagen trottoir) voor de aanleg van de toegang.

●        Bij de uitvoering van de vergunning dient de aanvrager rekening te houden met de bij het advies van AWV in de bijlage omschreven aandachtspunten.

 

●        Er mag geen afwatering of overloop voorzien worden naar het kanaal.

●        Tijdens de werken mag er gaan schade worden toegebracht aan de oevers, jaagpad, leidingen of installaties van De Vlaamse Waterweg nv.

●        Eventuele aangebrachte schade zal hersteld worden op kosten van de aanvrager en dit volgens de regels van de kunst en tot voldoening van het bestuur. (De Vlaamse Waterweg nv)

●        De aanvrager staat in voor het opruimen en afvoeren van afval afkomstig uit werken.

●        Indien er tijdens de werken materialen worden opgeslagen op de openbare weg of op openbaar domein dient hiervoor een afzonderlijke tijdelijke vergunning te worden aangevraagd.

●        bij het poortgebouw wordt een hemelwaterput voorzien met een volume van 11.550L of er wordt een gemotiveerde uitzondering aangevraagd

●        in elke aangesloten woongelegenheid wordt ook een aanvoerleiding hemelwater voor wasmachines voorzien.

 

●        De voorwaarden en voorschriften opgenomen in het advies van Fluvius dd 7 mei 2026 met ref. 5000128500 zijn strikt na te leven.

 

●        De bijgevoegde maatregelen opgelegd in het advies van Brandweerzone Rivierenland (ref. P10040-003/01) van 21 mei 2026 strikt na te leven.

 

●        De specifieke en algemene voorwaarden opgenomen in het advies van Pidpa Riolering dd. 4 juni 2026 onder ref. Nieuw/ 209576 moeten strikt nageleefd worden.

 

●        Er moet een landschapsplan opgemaakt worden voor aanleg openbaar en privaat domein met duidelijke legende ifv verharding, beplanting, afsluiting enz. rekening houdend met het Programma van Eisen voor groeninrichting voor openbaar domein. De omgevingsaanleg van het openbaar domein en privaat domein dient als geheel aangelegd te worden.

 

●        Een uitvoeringsbestek is niet toegevoegd. Dit dient tijdig en vóór selectieprocedure van de opdrachtnemer ter goedkeuring voorgelegd te worden aan het technisch bureau van de stad Lier en aan rioolbeheerder Pidpa. Voor alle uit te voeren werken gelden de voorwaarden van het bestek openbaar domein versie SB 250 versie 5 en SB 200.

●        De uitvoering van de werken aan het openbaar domein wordt, naast het ontwerpbureau aangesteld door de aanvrager, opgevolgd door het technisch bureau van de stad Lier en door rioolbeheerder Pidpa met volgende limitatieve taken / bevoegdheden:

○        de  controle  op  de  goede  uitvoering  van  de  werken  tot  de  volledige  afwerking  en  de definitieve oplevering van de werken, dit houdt onder meer in

■        het uitvoeren, minimaal één maal per week, van een werfbezoek; of volgens de voortgang der werken en de noodzaak van de coördinatieopdracht;

■        nagaan of  de  werken  worden  uitgevoerd  conform  de  toepasselijke  wet- en regelgeving, de bepalingen van de opdrachtdocumenten, de wijzigingsbevelen van de opdrachtgever, de plannen en de regels van de kunst;

■        aanwezigheid op de werf telkens de opdrachtgever hem daartoe uitnodigt of bij fasen in de uitvoering waarbij diens aanwezigheid noodzakelijk is omwille van het toezicht;

■        instaan voor het toezicht op de prestaties; dit toezicht omvat onder meer het geven van  onderrichtingen,  telkens  wanneer  de  opdrachtdocumenten  onvolledig  of onduidelijk zouden zijn;

■        het opstellen van processen-verbaal van vaststelling / ingebrekestelling;

■        het leiden van de (wekelijkse) werfvergaderingen inzake openbaar domein

■        het nazicht van de door de opdrachtnemer opgemaakte uitvoeringsdocumenten (detail-en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...);

■        het  organiseren  en  bijwonen  van  de  technische  rondgang  naar  aanleiding  van  de voorlopige  en  definitieve  oplevering,  inclusief  het  opmaken  van  het  proces-verbaal  van technische rondgang, met inbegrip van het advies aan de opdrachtgever of al dan niet tot voorlopige /definitieve oplevering kan worden overgegaan;

■        het opstellen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

○        De overheid vertegenwoordigen op alle noodzakelijke (werf)vergaderingen en innemen van standpunten aangaande uitvoering van de opdracht;

○        Het formuleren van opmerkingen binnen de gestelde termijnen op de werfverslagen alsook het ondertekenen van de werfverslagen;

○        Het  ondertekenen en voeren van alle nodige  briefwisseling  m.b.t. de correcte uitvoering van de werken;

○        Het tijdig goedkeuren of weigeren van de opgemaakte uitvoeringsdocumenten alsook de verbeteringen van o.a. detail- en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...

○        termijnen van de proeven en keuringen van producten, materialen en werken;

○        Het ondertekenen van het proces-verbaal van technische rondgang;

○        Het ondertekenen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

○        Het  goedkeuren of weigeren en ondertekenen van het proces-verbaal van voorlopige/definitieve oplevering voor opdrachten;

 

●        Leveren en plaatsen van openbare verlichting langs het over te dragen openbaar domein is voor rekening van de aanvrager. Coördinatie met Fluvius gebeurt door de aanvrager.

●        De aansluiting van de nieuwe openbare wegenis met de Kesselsesteenweg dient volgens de richtlijnen van AWV voor aansluiting van zijstraten aangepast te worden. De aanpassingswerken hiervoor zijn een last van de ontwikkeling.

 

●        Het voorwaardelijk gunstig advies van Pidpa – riolering wordt integraal gevolgd.

Het reglement voor de aanleg van rioleringsinfrastructuur in ontwikkelingen, goedgekeurd door de gemeenteraad (zie website www.Pidpa.be) is van toepassing.

 

●        Voor de aanleg van groen op openbaar domein dient het Programma van Eisen voor Groeninrichting (zie bijlage) gevolgd te worden, zoals goedgekeurd door het CBS op 04/05/2026.De zones in grindgazon en haagmassief passen niet binnen de visie voor openbaar groen en worden dan ook beter uit het openbaar domein gehaald. Deze kunnen wel dienst blijven doen als (private) brandweg. Een alternatief dient voorgesteld te worden ofwel dient het rooilijnplan aangepast te worden, zodat de zones in grindgazon en haagmassief buiten de nieuwe rooilijn vallen.

 

●        Afval

In de nieuwe plannen is rekening gehouden met

■        een afvalinzamelzone en plek voor een GFT cocon op eigen terrein

■        een afvalberging voor PMD en Papier en karton in de ondergrondse parking

 

Voor deze fracties geen bijkomende opmerkingen.

Voor restafval is nu voorzien dat de bewoners dit wegbrengen naar de bestaande OCT’s Kapelstraat x Berlaarsesteenweg of Pastoriestraat x Berlaarsesteenweg (geen huis-aan-huisophaling) op ruim 200m. Het retributiereglement voor OCT’s bij woonontwikkelingen zal van toepassing zijn.

Het bestuur moet zich wel bewust zijn dat in dit geval wordt afgeweken van de normale norm die maximaal 150m wandelafstand tussen de woonst en de restafvalcontainer voorschrijft. Argumentatie hiervoor:

- 29 wooneenheden is te kleinschalig om een nieuwe ondergrondse container op de site te verantwoorden.

- Huis-aan-huisophaling is op deze site niet aangeraden omdat er onvoldoende ruimte is aan de straatzijde van de Kesselsesteenweg om dit afval aan te bieden. Het is ook geen optie om het afval op de toegangsweg in te zamelen omdat er geen keerpunt is en het achterwaarts afrijden van de ophaalwagen op een drukke steenweg niet goedgekeurd kan worden vanuit veiligheidsstandpunt.

- Tot slot is er onvoldoende ruimte voorzien om 29 individuele restafvalcontainers te stockeren.

 

Aldus wordt aan de gemeenteraad voorgesteld de rooilijn vast te stellen volgens het plan met titel ' Ontwerp Rooilijnplan openbare zone in woonproject (LOT 1 groot 5a24ca) opgemaakt door Landmeter Van den Vonder met plannr Lier Kesselsestwg 6 def rooilijnplan 03.04.2026’, met een gratis grondafstand van 524 m².

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt kennis van het verslag van de gemeentelijke omgevingsambtenaar van (02/09/2026).

 

  1. Inhoudelijke beoordeling van het dossier door het college van burgemeester en schepenen

Op basis van de hierboven vermelde overwegingen komt het college van burgemeester en schepenen tot de volgende beoordeling van het dossier :

 

Stemming

 

19 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Peggy Mortelmans, Christophe Wuyts, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen en Tina De Wolf

11 onthoudingen: Jan Mortelmans, Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 19 stemmen voor - 11 onthoudingen

 

BESLUIT

 

Art. 1:

De gemeenteraad beslist om de rooilijn vast te stellen bij de aanvraag tot omgevingsvergunning inzake bouwen appartementsgebouw van 27 en van 2 wooneenheden, na sloop met aanleg openbaar domein, volgens het plan met titel ‘Ontwerp Rooilijnplan openbare zone in woonproject (LOT 1 groot 5a24ca) opgemaakt door Landmeter Van den Vonder, met een gratis grondafstand van 524 m², mits voldaan wordt aan volgende voorwaarden:

 

●        Een juridisch sluitende overeenkomst met de stad (patrimonium) moet worden gemaakt betreffende het afstand van het recht van natrekking (overdracht van publiek domein met ondergronds riolering)

 

●        De aansluiting op de gewestweg wordt uitgevoerd door de aanvrager volgens de normen van AWV.

●        Het verplaatsen van de kolk en de verlichtingspaal zijn ten laste van de aanvrager.

●        Behoudens deze toegang dient ter hoogte van de perceelsgrens, een structurele niet-overrijdbare scheiding aangebracht te worden door de aangelande volgens bovenstaande voorwaarden.

●        De septische put moet geplaatst worden op minstens 4 meter van de grens van het openbaar domein.

●        Een domeinvergunning wordt aangevraagd bij AWV indien het openbaar domein dient aangepast te worden (verlagen trottoir) voor de aanleg van de toegang.

●        Bij de uitvoering van de vergunning dient de aanvrager rekening te houden met de bij het advies van AWV in de bijlage omschreven aandachtspunten.

 

●        Er mag geen afwatering of overloop voorzien worden naar het kanaal.

●        Tijdens de werken mag er gaan schade worden toegebracht aan de oevers, jaagpad, leidingen of installaties van De Vlaamse Waterweg nv.

●        Eventuele aangebrachte schade zal hersteld worden op kosten van de aanvrager en dit volgens de regels van de kunst en tot voldoening van het bestuur. (De Vlaamse Waterweg nv)

●        De aanvrager staat in voor het opruimen en afvoeren van afval afkomstig uit werken.

●        Indien er tijdens de werken materialen worden opgeslagen op de openbare weg of op openbaar domein dient hiervoor een afzonderlijke tijdelijke vergunning te worden aangevraagd.

●        bij het poortgebouw wordt een hemelwaterput voorzien met een volume van 11.550L of er wordt een gemotiveerde uitzondering aangevraagd

●        in elke aangesloten woongelegenheid wordt ook een aanvoerleiding hemelwater voor wasmachines voorzien.

 

●        De voorwaarden en voorschriften opgenomen in het advies van Fluvius dd 7 mei 2026 met ref. 5000128500 zijn strikt na te leven.

 

●        De bijgevoegde maatregelen opgelegd in het advies van Brandweerzone Rivierenland (ref. P10040-003/01) van 21 mei 2026 strikt na te leven.

 

●        De specifieke en algemene voorwaarden opgenomen in het advies van Pidpa Riolering dd. 4 juni 2026 onder ref. Nieuw/ 209576 moeten strikt nageleefd worden.

 

●        Er moet een landschapsplan opgemaakt worden voor aanleg openbaar en privaat domein met duidelijke legende ifv verharding, beplanting, afsluiting enz. rekening houdend met het Programma van Eisen voor groeninrichting voor openbaar domein. De omgevingsaanleg van het openbaar domein en privaat domein dient als geheel aangelegd te worden.

 

●        Een uitvoeringsbestek is niet toegevoegd. Dit dient tijdig en vóór selectieprocedure van de opdrachtnemer ter goedkeuring voorgelegd te worden aan het technisch bureau van de stad Lier en aan rioolbeheerder Pidpa. Voor alle uit te voeren werken gelden de voorwaarden van het bestek openbaar domein versie SB 250 versie 5 en SB 200.

●        De uitvoering van de werken aan het openbaar domein wordt, naast het ontwerpbureau aangesteld door de aanvrager, opgevolgd door het technisch bureau van de stad Lier en door rioolbeheerder Pidpa met volgende limitatieve taken / bevoegdheden:

○        de  controle  op  de  goede  uitvoering  van  de  werken  tot  de  volledige  afwerking  en  de definitieve oplevering van de werken, dit houdt onder meer in

■        het uitvoeren, minimaal één maal per week, van een werfbezoek; of volgens de voortgang der werken en de noodzaak van de coördinatieopdracht;

■        nagaan of  de  werken  worden  uitgevoerd  conform  de  toepasselijke  wet- en regelgeving, de bepalingen van de opdrachtdocumenten, de wijzigingsbevelen van de opdrachtgever, de plannen en de regels van de kunst;

■        aanwezigheid op de werf telkens de opdrachtgever hem daartoe uitnodigt of bij fasen in de uitvoering waarbij diens aanwezigheid noodzakelijk is omwille van het toezicht;

■        instaan voor het toezicht op de prestaties; dit toezicht omvat onder meer het geven van  onderrichtingen,  telkens  wanneer  de  opdrachtdocumenten  onvolledig  of onduidelijk zouden zijn;

■        het opstellen van processen-verbaal van vaststelling / ingebrekestelling;

■        het leiden van de (wekelijkse) werfvergaderingen inzake openbaar domein

■        het nazicht van de door de opdrachtnemer opgemaakte uitvoeringsdocumenten (detail-en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...);

■        het  organiseren  en  bijwonen  van  de  technische  rondgang  naar  aanleiding  van  de voorlopige  en  definitieve  oplevering,  inclusief  het  opmaken  van  het  proces-verbaal  van technische rondgang, met inbegrip van het advies aan de opdrachtgever of al dan niet tot voorlopige /definitieve oplevering kan worden overgegaan;

■        het opstellen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

○        De overheid vertegenwoordigen op alle noodzakelijke (werf)vergaderingen en innemen van standpunten aangaande uitvoering van de opdracht;

○        Het formuleren van opmerkingen binnen de gestelde termijnen op de werfverslagen alsook het ondertekenen van de werfverslagen;

○        Het  ondertekenen en voeren van alle nodige  briefwisseling  m.b.t. de correcte uitvoering van de werken;

○        Het tijdig goedkeuren of weigeren van de opgemaakte uitvoeringsdocumenten alsook de verbeteringen van o.a. detail- en werktekeningen, plannen, berekeningsnota’s, onderhoudsinstructies, eventuele alternatieven, ...

○        termijnen van de proeven en keuringen van producten, materialen en werken;

○        Het ondertekenen van het proces-verbaal van technische rondgang;

○        Het ondertekenen van een proces-verbaal tijdens de waarborgperiode van iedere beschadiging of buitendienststelling;

○        Het  goedkeuren of weigeren en ondertekenen van het proces-verbaal van voorlopige/definitieve oplevering voor opdrachten;

 

●        Leveren en plaatsen van openbare verlichting langs het over te dragen openbaar domein is voor rekening van de aanvrager. Coördinatie met Fluvius gebeurt door de aanvrager.

●        De aansluiting van de nieuwe openbare wegenis met de Kesselsesteenweg dient volgens de richtlijnen van AWV voor aansluiting van zijstraten aangepast te worden. De aanpassingswerken hiervoor zijn een last van de ontwikkeling.

 

●        Het voorwaardelijk gunstig advies van Pidpa – riolering wordt integraal gevolgd.

Het reglement voor de aanleg van rioleringsinfrastructuur in ontwikkelingen, goedgekeurd door de gemeenteraad (zie website www.Pidpa.be) is van toepassing.

 

●        Voor de aanleg van groen op openbaar domein dient het Programma van Eisen voor Groeninrichting (zie bijlage) gevolgd te worden, zoals goedgekeurd door het CBS op 04/05/2026.De zones in grindgazon en haagmassief passen niet binnen de visie voor openbaar groen en worden dan ook beter uit het openbaar domein gehaald. Deze kunnen wel dienst blijven doen als (private) brandweg. Een alternatief dient voorgesteld te worden ofwel dient het rooilijnplan aangepast te worden, zodat de zones in grindgazon en haagmassief buiten de nieuwe rooilijn vallen.

 

●        Afval

In de nieuwe plannen is rekening gehouden met

■        een afvalinzamelzone en plek voor een GFT cocon op eigen terrein

■        een afvalberging voor PMD en Papier en karton in de ondergrondse parking

 

Voor deze fracties geen bijkomende opmerkingen.

Voor restafval is nu voorzien dat de bewoners dit wegbrengen naar de bestaande OCT’s Kapelstraat x Berlaarsesteenweg of Pastoriestraat x Berlaarsesteenweg (geen huis-aan-huisophaling) op ruim 200m. Het retributiereglement voor OCT’s bij woonontwikkelingen zal van toepassing zijn.

Het bestuur moet zich wel bewust zijn dat in dit geval wordt afgeweken van de normale norm die maximaal 150m wandelafstand tussen de woonst en de restafvalcontainer voorschrijft. Argumentatie hiervoor:

- 29 wooneenheden is te kleinschalig om een nieuwe ondergrondse container op de site te verantwoorden.

- Huis-aan-huisophaling is op deze site niet aangeraden omdat er onvoldoende ruimte is aan de straatzijde van de Kesselsesteenweg om dit afval aan te bieden. Het is ook geen optie om het afval op de toegangsweg in te zamelen omdat er geen keerpunt is en het achterwaarts afrijden van de ophaalwagen op een drukke steenweg niet goedgekeurd kan worden vanuit veiligheidsstandpunt.

- Tot slot is er onvoldoende ruimte voorzien om 29 individuele restafvalcontainers te stockeren.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

GRONDINNAMES HERAANLEG MARNIXDREEF: INNAMES 2, 24 EN 28. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Collegebeslissing dd 01/09/2025: In het kader van de heraanleg van de Marnixdreef dienen er verschillende innames te gebeuren. De onderhandelingen werden gevoerd door Igemo.

De innames dienen notarieel verleden te worden. Hiervoor werd M² notarissen aangesteld.

 

Gemeenteraadsbeslissing dd. 30 maart 2026: De gemeenteraad keurde de ontwerpakte goed en nam kennis van verschillende ondertekende verkoopbeloftes, zijnde voor innames 3 tem 14, 19 , 21, 26 en 34. Innames 31, 32 en 33 betreffen innames op percelen die reeds eigendom zijn van stad/OCMW Lier, waarbij inname 33 tevens een opstalovereenkomst betreft met de scouts, wie reeds toestemming gaf voor de inname.

 

Gemeenteraadsbeslissing dd 25 mei 2026: De gemeenteraad neem kennis van de verkoopbeloftes van innames 23 en keurt de ontwerpakte goed betreffende inname nr 33.

 

Feiten en context

Er werd door Igemo een verkoopbelofte afgesloten voor innames 2, 24 en 28. Deze dient ter kennisname voorgelegd te worden aan de gemeenteraad, gelet op artikel 41, tweede lid, 11° van het Decreet Lokaal Bestuur.

 

Na de kennisname van de verkoopbeloftes kan de onderhandse akte betreffende deze inname verleden worden.

 

Adviezen

De dienst vastgoed adviseert positief.

 

Juridische grond

artikel 41, tweede lid, 11° Decreet lokaal bestuur

Omzendbrief KB/ABB 2019/3 over de transacties van onroerende goederen door lokale en provinciale besturen en door besturen van de erkende erediensten

 

Argumentatie

De gemeenteraad overweegt kennis te nemen van de ondertekende beloftes in bijlage, zijnde voor innames 2, 24 en 28.

 

Financiële weerslag

 

Actienummer

Omschrijving actie

LB03/03/KAP/09

Werken Marnixdreef - Fietspad

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van de ondertekende beloftes in bijlage, zijnde voor innames 2, 24 en 28.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

FIBERKLAAR: OPSTALAKTE M.B.T. ERNEST STAASLEI. GOEDKEURING.

 

Werd uitgesteld naar een andere zitting.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

HERAANLEG EEUWFEESTLAAN (LISP 2 TUSSEN BAREELSTRAAT EN GULDENSPORENLAAN). SAMENWERKINGSOVEREENKOMST MET PIDPA. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Het college heeft in zitting van:

●        6 januari 2025 goedkeuring gehecht aan de projectdefinitie voor heraanleg Eeuwfeestlaan (Lisp 2 tussen Bareelstraat en Guldensporenlaan).

●        1 juni 2026 geen goedkeuring gehecht aan het voorontwerp, opgesteld door het studiebureau S. Bilt BV.

 

Feiten en context

Voor het gezamenlijk uitvoeren van weg- en rioleringswerken in de Eeuwfeestlaan (Lisp 2, tussen Bareelstraat en Guldensporenlaan) heeft Pipda een samenwerkingsovereenkomst opgesteld voor:

●        vernieuwing en ontharding van de wegenis in de Eeuwfeestlaan  (stad Lier)

●        de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel (Pidpa)

●        de optimale afkoppeling van het hemelwater (Pidpa)

Voor Pidpa is dit project gekend als K-24-068.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur.

 

Argumentatie

Deze samenwerkingsovereenkomst dient voor goedkeuring ervan te worden overgemaakt aan de gemeenteraad van 28 september 2026.

 

Stemming

 

26 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Katrien Vanhove, Anja De Wit, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Peggy Mortelmans, Ipek Altun, Christophe Wuyts, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen en Tina De Wolf

4 onthoudingen: Jan Mortelmans, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 26 stemmen voor - 4 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt de samenwerkingsovereenkomst tussen Pidpa en stad Lier goed voor het uitvoeren van de weg- en rioleringswerken in de Eeuwfeestlaan (Lisp 2, tussen Bareelstraat en Guldensporenlaan).

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

FIETSOSTRADE F104 LIER-AARSCHOT - SAMENWERKINGSOVEREENKOMST. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Het college heeft in zitting van 19 januari 2026 goedkeuring gehecht aan de projectnota met bijhorende ontwerpplannen van cluster 1 voor aanleg fietsostrade Lier - Aarschot:

●         deelopdracht 1.2 Marnixdreef - Kesselsesteenweg

●        deelopdracht 1.3 Kesselsesteenweg - Neerloop

●        deelopdracht 1.4 Neerloop - Mushaag

●        deelopdracht 1.5 Mushaag - Liersesteenweg

 

Feiten en context

Voor opmaak ontwerp, de realisatie en het onderhoud van de fietsostrade dient er een samenwerkingsovereenkomst (in bijlage) te worden goedgekeurd tussen de provincie Antwerpen en de stad Lier.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur.

 

Argumentatie

De samenwerkingsovereenkomst dient voor goedkeuring te worden overgemaakt aan de gemeenteraad van 28 september 2026.

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad hecht goedkeuring aan de samenwerkingsovereenkomst voor het ontwerp, de realisatie en het onderhoud van de fietsostrade F104 Lier - Aarschot in functie van de aanleg en onderhoud ervan.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

WOONSTROOM BV - OVERDRACHT WONINGEN AAN THUISRAND BV VIA PARTIËLE SPLITSING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 24 februari 2025 over de aanduiding van de heer Xander De Vos, gemeenteraadslid, en de heer Marc De Keulenaer, gemeenteraadslid, resp. als effectief en plaatsvervangend lid van de 'Algemene vergadering der aandeelhouders' van Woonstroom BV    en dit voor de hele duur van de huidige legislatuur tot de eerste algemene vergadering van 2031.

 

Feiten en context

De stad maakt deel uit van woonmaatschappij Woonstroom BV.

 

Op 28 augustus 2026 ontving de stad van Woonstroom BV de vraag om een standpunt in te nemen over de overdracht van 148 woningen aan Thuisrand BV via een partiële splitsing.

Woonmaatschappijen kunnen enkel actief zijn binnen hun werkingsgebied. Eigendommen buiten het werkingsgebied moet worden overgedragen aan de woonmaatschappij voor het betrokken werkingsgebied. Woonstroom bezit 148 woningen in Waarloos (Kontich), dat bij het werkingsgebied van woonmaatschappij Thuisrand BV hoort. De overdracht moet in principe plaatsvinden tegen vergoeding in aandelen, dus via een partiële splitsing.

 

Op 30 juni 2026 werd door Thuisrand BV en Woonstroom BV het voorstel tot partiële splitsing door overneming reeds neergelegd op de griffie van de ondernemingsrechtbank, zoals het Wetboek van vennootschappen en verenigingen oplegt.

 

In oktober of november 2026 zullen beide vennootschappen een buitengewone algemene vergadering organiseren om over de partiële splitsing te beslissen.

 

De partiële splitsing heeft tot gevolg va d Woonstroom BV een beperkt deel van haar vermogen inbrengt in Thuisrand BV, die als vergoeding voor deze inbreng nieuwe aandelen uitgeeft, nl. Thuisrand BV zal nieuwe aandelen met een waarde van € 0,02 voor totaal € 61.074,21.

In ruil daarvoor ontvangt iedere aandeelhouder van Woonstroom in principe een aantal aandelen in Thuisrand BV, nl. Lier 143.397,51 aandelen voor een waarde van € 2.901,02.

 

Omdat enkel het grondgebied van de gemeente Kontich deel uitmaakt van het werkingsgebied van Thuisrand BV, zijn de aandelen van Woonstroom BV van weinig belang en zullen worden teruggenomen door Thuisrand tegen betaling van de oorspronkelijke inbrengwaarde.

Woonstroom stelt een partiële splitsing met een disproportionele verdeling van de nieuwe aandelen in Thuisrand voor. Dit betekent dat de gemeente/OCMW Kontich alle nieuwe aandelen van Thuisrand BV verwerft.

 

Dit kan enkel wanneer alle aandeelhouders van Woonstroom BV op de buitengewone algemene vergadering  akkoord gaan met dit voorstel.

De disproportionaliteit is slechts mogelijk indien alle aandeelhouders die aanwezig zijn op de BAV daarmee akkoord gaan. Eén tegenstem zou betekenen dat de proportionaliteit van toepassing wordt. In dat geval verwerft de stad en OCMW Lier aandelen in woonmaatschappij Thuisrand BV. Daarom suggereert Woonstroom BV dat in geval van proportionaliteit de uittreding uit Thuisrand nu reeds voorwaardelijk beslist. Op die manier moet dit niet apart geagendeerd worden in de loop van 2027. De eventuele uittreding aanvragen kan slechts in de eerste helft van ieder kalenderjaar.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

Wetboek van vennootschappen en verenigingen

Regiodecreet

 

Argumentatie

Het college overweegt principieel akkoord te gaan met de partiële splitsing van Woonstroom BV met een disproportionele verdeling van de nieuwe aandelen van Thuisrand BV.

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist akkoord te gaan met de partiële splitsing van Woonstroom BV met een disproportionele verdeling van de nieuwe aandelen van Thuisrand BV.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

VME SION - BIJZONDERE ALGEMENE VERGADERING VAN 9 SEPTEMBER 2026 - AGENDA EN VERTEGENWOORDIGING. BEKRACHTIGING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 24 februari 2025 over de aanduiding van de effectief en plaatsvervangend vertegenwoordiger van Vereniging van Medeëigenaars Sion, nl. Charlotte Schwagten, schepen, als effectief vertegenwoordiger en Rik Verwaest, burgemeester, als plaatsvervangend vertegenwoordiger, en dit voor de hele duur van de legislatuur.

 

Feiten en context

De stad maakt deel uit van de Vereniging van Medeëigenaars Sion.

 

De stad ontving op 29 juli 2026 een oproep voor de bijzondere algemene vergadering op 9 september 2026 om 18 u in Parochiezaal D'Open Poort, Berlaarsesteenweg 17, 2500 Lier.

 

De agenda van deze bijzondere algemene vergadering is als volgt vastgesteld:

 

1.

Notering van de aanwezigen en volmachtdragers

2.

Bepaling rechtsgeldigheid van de vergadering en beperking van de stemmen (indien nodig)

3.

Benoeming van de voorzitter en secretaris van de vergadering

4.

Goedkeuring van het proces voor installatie van privatieve laadpalen binnen de VME (inclusief toekomstige aansluiting van laadpunten)

5.

Beslissing tot goedkeuring van uniforme technische voorschriften voor de installatie van privatieve laadpunten

6.

Beslissing voorwaarden voor het gebruik van gemeenschappelijke delen voor de aanleg van de noodzakelijk infrastructuur voor privatieve laadpunten

7.

Beslissing tot vaststelling van de verzekeringsverplichting door mede-eigenaars die een laadpunt installeren of exploiteren

8.

Beslissing tot verplichting van aansluiting op een systeem van dynamisch vermogensbeheer (load balancing)

9.

Beslissing dat toekomstige individuele laadpunten uitsluitend mogen worden geplaatst conform het door de Algemene Vergadering goedgekeurde technische en reglementaire kader

10.

Lezing van de notulen en ondertekening door de voorzitter, secretaris en de nog aanwezige mede-eigenaars

 

Vermits de aangeduide vertegenwoordigers niet aanwezig kunnen zijn op deze bijzondere algemene vergadering, is het aangewezen een andere vertegenwoordiger aan te duiden om de belangen van de stad te behartigen. Om deze reden zal - bij hoogdringendheid - voor deze vergadering een andere vertegenwoordiger aangeduid worden.

 

Adviezen

Team vastgoed: volgende punten vereisen de nodige aandacht:

 

4.

Goedkeuring van het proces voor installatie van privatieve laadpalen binnen de VME (inclusief toekomstige aansluiting van laadpunten)

5.

Beslissing tot goedkeuring van uniforme technische voorschriften voor de installatie van privatieve laadpunten

6.

Beslissing voorwaarden voor het gebruik van gemeenschappelijke delen voor de aanleg van de noodzakelijk infrastructuur voor privatieve laadpunten

7.

Beslissing tot vaststelling van de verzekeringsverplichting door mede-eigenaars die een laadpunt installeren of exploiteren

8.

Beslissing tot verplichting van aansluiting op een systeem van dynamisch vermogensbeheer (load balancing)

9.

Beslissing dat toekomstige individuele laadpunten uitsluitend mogen worden geplaatst conform het door de Algemene Vergadering goedgekeurde technische en reglementaire kader

 

De dienst geeft negatief advies, omdat de stad niet de ambitie heeft om de parkeerplaatsen op lange termijn te behouden. Dit impliceert dat een eventuele investering aanzienlijk zou zijn, zonder dat daar een wezenlijk voordeel voor de stad tegenover staat.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

Statuten van VME Sion

 

Argumentatie

Het college stelt voor om voor punt 4, 5, 6, 7, 8 en 9 tegen te stemmen, omdat de stad niet de ambitie heeft om de parkeerplaatsen op lange termijn te behouden. Het plaatsen van gemeenschappelijke laadinfrastructuur impliceert een aanzienlijke investering zonder dat de stad er een voordeel zou uithalen.

 

De gemeenteraad legt het dossier ter bekrachtiging voor aan de gemeenteraad, dit omwille van tijdstip van ter beschikkingstelling van de documenten en het tijdstip van de vergadering.

 

Stemming

 

19 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Peggy Mortelmans, Christophe Wuyts, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen en Tina De Wolf

11 onthoudingen: Jan Mortelmans, Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 19 stemmen voor - 11 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad bekrachtigt de collegebeslissing van 24 augustus 2026 over de agenda en vertegenwoordiging van de bijzondere algemene vergadering van Vereniging van Mede-Eigenaars van Sion van 9 september 2026.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

KLACHT OVER COLLEGEBESLISSING VAN 18 MEI 2026 OVER HET WEGHALEN VAN DE KNIP IN TUINWEG. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Op 25 juni 2026 werd een klacht tegen de stad over de collegebeslissing van 18 mei 2026 over het weghalen van de knip in de Tuinweg ingediend.

 

Op 13 augustus 2026 ontvingen we antwoord van het agentschap binnenlands bestuur.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur, inz. artikel 333, tweede lid

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van het antwoord van de gouverneur.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

KLACHT OVER COLLEGEBESLISSING VAN 18 MEI 2026 OVER HET WEGHALEN VAN DE KNIP IN TUINWEG. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Op 30 juni 2026 werd een klacht tegen de stad over de collegebeslissing van 18 mei 2026 over het weghalen van de knip in de Tuinweg ingediend.

 

Op 13 augustus 2026 ontvingen we antwoord van het agentschap binnenlands bestuur.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur, inz. artikel 333, tweede lid

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van het antwoord van de gouverneur.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

RUIMTE VOOR BLIJVENDE HERDENKING AAN DE STROOIWEIDES. NIET GOEDGEKEURD.

 

MOTIVERING

Met november in aantocht staan we meer dan anders stil bij de mensen die we moeten missen. Voor veel nabestaanden is de begraafplaats een belangrijke plek om te herdenken, te rouwen en zich opnieuw even verbonden te voelen met hun dierbare.

Wie kiest voor een asverspreiding, heeft geen graf of urne om naartoe te gaan. De strooiweide wordt dan de symbolische plek waar men terugkomt.

Artikel 27 van het politiereglement bepaalt vandaag dat bloemen op de strooiweide slechts tot twee weken na de asverspreiding mogen worden gelegd. Bloemen bij de muur onder de naamplaatjes zijn wel toegelaten, maar niet iedere overledene heeft daar een naamplaatje en voor sommige nabestaanden blijft net de strooiweide zelf de betekenisvolle plek.

Rouw stopt niet na twee weken. Ook maanden of jaren later kan de behoefte blijven bestaan om op een verjaardag, sterfdag, Allerheiligen of een ander persoonlijk moment één bloem neer te leggen.

We begrijpen dat een strooiweide ordelijk en onderhoudbaar moet blijven. Dat hoeft echter niet tegenover menselijkheid en ruimte voor rouw te staan. Met duidelijke en sobere afspraken kunnen beide perfect samengaan.

 

Daarom vragen we een aanpassing die nabestaanden blijvend de mogelijkheid geeft om een eenvoudige bloemenhulde te brengen aan de strooiweides in Lier en Koningshooikt.

 

Voorstel van beslissing

De gemeenteraad beslist:

  1. Akkoord te gaan met het principe dat nabestaanden ook na de periode van twee weken een eenvoudige bloemenhulde moeten kunnen brengen aan de strooiweides van Lier en Koningshooikt.
  2. Het college van burgemeester en schepenen te vragen artikel 27 van het politiereglement op de begraafplaatsen in die zin aan te passen en dit ter goedkeuring aan de gemeenteraad voor te leggen.
  3. De informatieborden aan de strooiweides te verwijderen of aan te passen, zodat de regeling overal correct, helder en respectvol wordt gecommuniceerd.

 

Stemming

 

7 stemmen voor: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen en Ipek Altun

19 stemmen tegen: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Peggy Mortelmans, Christophe Wuyts, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen en Tina De Wolf

4 onthoudingen: Jan Mortelmans, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Verworpen met 7 stemmen voor - 19 stemmen tegen - 4 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist niet in te gaan op het voorstel.

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Overzicht punten

Zitting van 28 september 2026

 

LIVESTREAM VERENIGDE COMMISSIES. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

TOELICHTING

In april 2020, naar aanleiding van de COVID-pandemie, vond de gemeenteraad voor het eerst digitaal plaats. Een maand later werd ook voorzien in een livestream via het hiervoor aangemaakte Youtubekanaal van stad Lier.

Op de gemeenteraad van 27 september 2021 werd een voorstel goedgekeurd om ook na de pandemie de livestream van de Gemeente- en OCMW-raad te behouden en de nodige communicatie daarrond te voorzien.

Deze livestreams zorgen voor transparantie én laagdrempeligheid, met succes. Maandelijks worden (deeltjes van) de streams tussen de 100 en zelfs 700 keer bekeken.

Vandaag legt de missie2500-fractie graag een voorstel op tafel om niet alleen de Gemeente- en OCMW-raad te livestreamen via het Youtubekanaal van de stad, maar om ook de verenigde commissies, wanneer deze plaatsvinden, live uit te zenden.

Commissievergaderingen zijn immers eveneens publiek. Onderwerpen als het bestuursakkoord, de meerjarenplanning, het Beleidsplan Ruimte, de vastgoedstrategie, een toelichting van het locatieonderzoek voor een nieuw cultuurhuis … lijken ons mogelijk toch ook te kunnen rekenen op een brede interesse bij onze inwoners.

De missie2500-fractie vraagt dan ook aan de gemeenteraad het volgende voorstel goed te keuren.

 

VOORSTEL VAN BESLISSING

Art. 1 De gemeenteraad beslist vanaf heden niet enkel de zittingen van de gemeente- en OCMW-raad, maar ook van de verenigde commissies te livestreamen.

 

Art. 2 De gemeenteraad geeft het college van burgemeester en schepenen de opdracht om deze bijkomende livestreams kenbaar te maken via verschillende infokanalen van de stad.

 

Art. 3 De gemeenteraad beslist het Huishoudelijk Reglement van de gemeente- en OCMW-raad aan te passen. Aan Artikel 40 (Vergaderingen in principe openbaar) wordt volgende paragraaf toegevoegd: “§3. In geval van de verenigde commissies bestaat het zittingsverslag uit de video-opname van de openbare zitting. De voorzitter brengt het publiek daarvan op de hoogte, vlak voor de vergadering geopend wordt. De opname loopt zolang de openbare zitting doorgaat en wordt integraal bekendgemaakt na afloop van de openbare zitting. Wanneer de vergadering geschorst wordt, wordt ook de opname geschorst. Indien dat niet gebeurde, wordt de periode van schorsing geknipt uit de bekendgemaakte opname. Aan de opname van de vergadering zelf wordt niets gewijzigd, uitgezonderd het weghalen van privacygevoelige informatie die eigenlijk niet thuishoorde in de openbare zitting.”

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist met ingang van 2027 niet enkel de zittingen van de gemeente- en OCMW-raad, maar ook van de verenigde commissies te livestreamen.

 

Art 2 :

De gemeenteraad geeft het college van burgemeester en schepenen de opdracht om deze bijkomende livestreams kenbaar te maken via verschillende infokanalen van de stad.

 

Art 3 :

De gemeenteraad beslist het Huishoudelijk Reglement van de gemeente- en OCMW-raad aan te passen. Aan artikel 40 (Vergaderingen in principe openbaar) wordt volgende paragraaf toegevoegd: “§3. In geval van de verenigde commissies bestaat het zittingsverslag uit de video-opname van de openbare zitting. De voorzitter brengt het publiek daarvan op de hoogte, vlak voor de vergadering geopend wordt. De opname loopt zolang de openbare zitting doorgaat en wordt integraal bekendgemaakt na afloop van de openbare zitting. Wanneer de vergadering geschorst wordt, wordt ook de opname geschorst. Indien dat niet gebeurde, wordt de periode van schorsing geknipt uit de bekendgemaakte opname. Aan de opname van de vergadering zelf wordt niets gewijzigd, uitgezonderd het weghalen van privacygevoelige informatie die eigenlijk niet thuishoorde in de openbare zitting.”

 

Publicatiedatum: 27/10/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.