Lier

Zitting van 15 december 2025

Van 19:30 uur.

 

Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

REGELING DER WERKZAAMHEDEN

 

 

Besluit:

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

MONDELINGE VRAGEN

 

MOTIVERING

Er werden geen mondelinge vragen ingediend.

 

BESLUIT

Art 1 :

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

INTERPELLATIES

 

MOTIVERING

Er werden geen interpellaties ingediend.

 

BESLUIT

Art 1 :

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

ACTUELE VRAGEN

 

MOTIVERING

Er werden geen actuele vragen ingediend.

 

BESLUIT

Art 1 :

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

VERSLAG GEMEENTERAAD 24 NOVEMBER 2025. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

De gemeenteraad vergaderde op 24 november 2025.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het verslag van de gemeenteraadszitting van 24 november 2025 goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

STAD & OCMW LIER - MEERJARENPLAN 2026-2031 - DEEL STAD. VASTSTELLING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Het meerjarenplan is het rapport dat aan het begin van de beleidscyclus wordt opgemaakt voor de duur van de hele beleidscyclus. Het meerjarenplan geeft een inzicht in de wijze waarop het bestuur de strategie wenst te realiseren in de komende zes jaar van de beleidscyclus. Daarvoor worden beleidsdoelstellingen, actieplannen en acties geformuleerd die inzicht geven in wat de organisatie wil bereiken en hoe ze dat gaat doen.

 

Feiten en context

De budgettaire uitdaging bij de start van dit planningsproces was bijzonder complex en uitdagend omdat enerzijds structurele inkomsten sterk onder druk komen en er anderzijds een aantal stijgende uitgaven zijn die een voorafname doen op de beleidsruimte. Een klassieker bij elke opmaak van een MJP is dat de ambities steeds verder reiken dan de budgettaire mogelijkheden. Het resultaat is een doorgedreven budgetoefening waarbij de ambities worden bijgesteld en beleidskeuzes moeten gemaakt worden in functie van het ambitieniveau en de budgettair organisatorische context.

 

De omgevingsanalyse van Stad Lier werd in het voorjaar van 2024 opgemaakt.Na de verkiezingen bespraken het managementteam, deskundigen en het college tijdens verschillende forumdagen, het bestuursakkoord. Daarnaast gaven de departementen inzicht in lopende projecten, toekomstige uitdagingen en de impact daarvan op middelen en personeel. Deze informatie vormde een belangrijke basis voor onderbouwde beslissingen tijdens de focusdebatten in mei. Tijdens twee daaropvolgende strategische focusdebatten werden actieplannen, budgetten en haalbaarheid besproken. Op basis van de beslissingen die daar werden genomen, gingen de departementen en teams verder aan de slag. Deze fase was dynamisch: er werd bijgestuurd waar nodig en de frequentie van overleg werd aangepast aan de noden. In deze periode werden de definitieve prioriteiten en timing bepaald en werden belangrijke knopen doorgehakt.

 

Hierbij dient het financieel kader gerespecteerd te worden dat wordt opgelegd door de Vlaamse regering : jaarlijks moet het beschikbaar budgettair resultaat positief zijn en op het einde van de planperiode (2031) moet de autofinancieringsmarge positief zijn.

Aan beide voorwaarde is in dit meerjarenplan 2026-2031 voldaan. De AFM in 2031 bedraagt 160.288 EUR.

 

De decreetgever legt ook op dat het beleidsrapport uit volgende onderdelen moet bestaan:

1. Een strategische nota

2. Een financiële nota

3. Een toelichting

4. Een documentatie

 

De beleidsrapporten van het MJP worden opgemaakt in het Pepperflow softwarepakket en zijn raadpleegbaar op het beleidsportaal van deze toepassing. De link naar het beleidsportaal wordt in bijlage toegevoegd.

 

In het onderdeel documentatie wordt tevens een overzicht meegegeven van alle toegestane werkings- en investeringssubsidies. Voortaan wordt dit overzicht meer gedetailleerd weergegeven in het beleidsrapport zodat per beleidsdoelstelling een onderscheid wordt gemaakt tussen de nominatieve subsidies en de subsidies dewelke via reglement worden toegekend. Via de goedkeuring van het MJP stemt de gemeenteraad ook in met de verleende nominatieve subsidies voor het jaar 2026.

 

Fasering

Volgende fasering dient gevolgd te worden in de besluitvorming rond het MJP volgens art. 249 § 3 van het decreet lokaal bestuur :

1. de OCMW-raad stelt eerst zijn deel van het aangepast MJP vast;

2. de gemeenteraad stelt vervolgens zijn deel van het aangepast MJP vast;

3. de gemeenteraad keurt ten slotte het deel goed dat de OCMW-raad heeft vastgesteld

 

Juridische grond

- Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;

- Besluit van de Vlaamse Regering over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen van 30 maart 2018 (gewijzigd bij besluit van 14/7/2023)

 - Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen (gewijzigd bij besluit van 8/12/2023)

- Artikel 41, 2de lid, 23° van het DLB

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het Meerjarenplan 2026-2031 en de kredieten voor het jaar 2026 voor wat betreft het gedeelte van de Stad vast te stellen. Het beschikbaar budgettair resultaat is jaarlijks positief en de autofinancieringsmarge eind 2031 bedraagt 160.288 EUR.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

STAD & OCMW LIER - MEERJARENPLAN 2026-2031 - GOEDKEURING DEEL OCMW. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

De OCMW-raad heeft het MJP 2026-2031 en de kredieten voor 2026 voor wat betreft het OCMW-gedeelte vastgesteld. Via dit besluit keurt de gemeenteraad het OCMW-gedeelte van het MJP 2026-2031 en de kredieten voor 2026 dat door de OCMW-raad werd vastgesteld goed.

 

Fasering

Volgende fasering dient gevolgd te worden in de besluitvorming rond de aanpassing van het MJP volgens art. 249 § 3 van het decreet lokaal bestuur:

1. de OCMW-raad stelt eerst zijn deel van het aangepast MJP vast;

2. de gemeenteraad stelt vervolgens zijn deel van het aangepast MJP vast;

3. de gemeenteraad keurt ten slotte het deel goed dat de OCMW-raad heeft vastgesteld

 

Juridische grond

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;

Besluit van de Vlaamse Regering over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen van 30 maart 2018;

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om de vaststelling door de OCMW-raad van het OCMW-gedeelte van de meerjarenplan 2026-2031 en de kredieten 2026, goed te keuren.

Het beschikbaar budgettair resultaat is jaarlijks positief en de autofinancieringsmarge eind 2031 bedraagt 160.288 EUR.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

STAD & OCMW LIER - LIJST NOMINATIEVE SUBSIDIES 2026 - DEEL STAD. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

In de gemeenteraad van 15/12/2025 wordt het meerjarenplan (MJP) 2026-2031 besproken.

Als bijlage bij het MJP wordt ook een uitvoerige documentatie toegevoegd waarin een overzicht wordt opgenomen van de toegestane werkings- en investeringssubsidies. Dit overzicht is opgemaakt per beleidsdoelstelling en op actieniveau.

 

Op deze wijze heeft de raad een voldoende duidelijk zicht op de voorziene nominatieve subsidies dewelke voor het jaar 2024 in het MJP zijn opgenomen.

 

Juridische grond

Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;

Besluit van de Vlaamse Regering over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen van 30 maart 2018 (gewijzigd bij besluit van 14/7/2023)

Het ministerieel besluit van 26 juni 2018 tot vaststelling van de modellen en de nadere voorschriften van de beleidsrapporten, de rekeningenstelsels en de digitale rapportering van de beleids- en beheerscyclus van de lokale en provinciale besturen (gewijzigd bij besluit van 8/12/2023)

Artikel 41, 2de lid, 23° van het DLB

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

3 stemmen tegen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 onthoudingen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 3 stemmen tegen - 9 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt de nominatieve subsidies voor het jaar 2026 goed, waarvan een gedetailleerd overzicht per beleidsdoelstelling wordt meegegeven in de documentatie van het beleidsrapport meerjarenplan 2026-2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

LOKALE POLITIE LIER - BRIEF DD. 17/11/2025 VAN HET FEDERAAL TOEZICHT M.B.T. GOEDKEURING  VAN DE JAARREKENING 2024 POLITIEZONE LIER. KENNISNAME.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 23 juni 2025 waarbij de rekening 2024 van de politiezone (PZ 5360) werd vastgesteld.

 

Feiten en context

De stad ontving op 17 november 2025 de brief van de gouverneur over de goedkeuring van de rekening 2024 van de politiezone.

 

Juridische grond

De artikelen 34,77 en 78 van de wet van 7/12/1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus, betreffende de goedkeuring van de politierekening door de Federale Directie - Toezicht Lokale Politie

Het KB van 5/9/2001, houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de lokale politie, in het bijzonder de artikelen 66 tot en met 72.

Het KB van 24/1/2006 tot wijziging van het KB van 5/9/2001 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de lokale politie.

De ministeriële omzendbrief PLP33, 38 en 38bis betreffende het afsluiten van de jaarrekeningen van de politiezones.

 

Argumentatie

Het voor eensluidend verklaard afschrift van besluit van 17 november 2025 van de Federale Directie - Toezicht Lokale Politie houdende goedkeuring van de jaarrekening 2024  moet ter kennisgeving aan de gemeenteraad voorgelegd worden.

 

BESLUIT

Art. 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van de brief dd. 17/11/2025 van het Federaal Toezicht m.b.t. goedkeuring van de jaarrekening 2024 van de lokale politie Lier.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

LOKALE POLITIE LIER - BEGROTINGSWIJZIGING NR.1 GEWONE DIENST EN BUITENGEWONE DIENST VOOR HET DIENSTJAAR 2025 EN ADVIES BEGROTINGSCOMMISSIE. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraad van 18 december 2023 over de goedkeuring van de begroting voor het dienstjaar 2024 van de Lokale politie

 

Juridische grond

KB van 5 september 2001 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de lokale politie gewijzigd door het KB van 5 juli 2010.

Wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.

De Ministeriële omzendbrief PLP 65 betreffende de onderrichtingen voor het opstellen van de politiebegroting voor 2025 ten behoeve van de politiezones.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art.1

De gemeenteraad neemt kennis van het advies van de begrotingscommissie over de begrotingswijziging nr.1 gewone-  en buitengewone dienst - dienstjaar 2025 van de lokale politie Lier.

 

Art.2

De gemeenteraad keurt de begrotingswijziging nr.1 gewone-  en buitengewone dienst voor het dienstjaar 2025 van de lokale politie Lier goed.

 

Art.3

Samenvatting van de totalen van de economische groepen ziet er als volgt uit :

 

begrotingswijziging 1 : gewone dienst :

 

Groep 70: personeelskosten:

13.113.751,69 eur

Groep 71: werkingskosten:

1.797.328,00 eur

Groep 72: overdrachten:

11.000,00 eur

Groep 7X: schuld:

               0,00 eur

Groep 73: totaal:

14.922.079.69 eur

 

 

Groep 60: prestaties:

64.925,37 eur

Groep 61: overdrachten:

14.152.614,91 eur

Groep 62: schuld:

             6.807,77 eur

Groep 63: totaal:

14.224.348,05 eur

 

 

begrotingswijziging 1 : buitengewone dienst :

 

Groep 90 : overdrachten :                                                               0,00 eur

Groep 91: investeringen:

706.321,70 eur

Groep 93: totaal:

706.321,70 eur

Groep 80: overdrachten:

500.000,00 eur

Groep 83: totaal:

500.000,00 eur

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

LOKALE POLITIE LIER - BEGROTING VOOR HET DIENSTJAAR 2026 - KENNISNAME VAN HET ADVIES VAN DE BEGROTINGSCOMMISSIE EN BESPREKING VAN DE BEGROTING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Juridische grond

KB van 5 september 2001 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de lokale politie gewijzigd door het KB van 5 juli 2010.

 

Wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus.

 

Ministeriële omzendbrief PLP 66 betreffende de onderrichtingen voor het opstellen van de politiebegroting voor 2026 ten behoeve van de politiezones.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad neemt kennis van het advies van de begrotingscommissie over de begroting 2026 van de lokale politie Lier.

 

Art 2 :

De gemeenteraad keurt de begroting voor het dienstjaar 2026 van de lokale politie Lier goed.

 

Art.3 :

Samenvatting van de totalen van de economische groepen ziet er als volgt uit:

 

 

Gewone dienst :

 

Groep 70: personeelskosten:

14.616.919,00 eur

Groep 71: werkingskosten:

1.917.071,00 eur

Groep 72: overdrachten:

11.000,00 eur

Groep 7X: schuld:

                 0,00 eur

Groep 73: totaal:

16.544.990,00 eur

 

 

Groep 60: prestaties:

62.689,92 eur

Groep 61: overdrachten:

15.610.087,02 eur

Groep 62: schuld:

         6.857,00 eur

Groep 63: totaal:

15.679.633,94 eur

 

Buitengewone dienst :

 

Groep 90: overdrachten:

0,00 eur

Groep 91: investeringen:

805.150,00 eur

Groep 93: totaal:

805.150,00 eur

 

 

Groep 80: overdrachten:

625.000,00 eur

Groep 83: totaal:

625.000,00 eur

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

SOLAG - EVALUATIEVERSLAG BEHEERSOVEREENKOMST EN VERZELFSTANDIGING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Het Decreet Lokaal Bestuur bepaalt dat elk gemeentelijk verzelfstandigd agentschap in de loop van het eerste jaar na de volledige vernieuwing van de gemeenteraad een evaluatieverslag voorlegt aan de gemeenteraad over de uitvoering van de (afgelopen) beheersovereenkomst sinds de inwerkingtreding. Dit verslag bevat ook een evaluatie van de verzelfstandiging.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur, art. 234

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 onthoudingen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt het evaluatieverslag en bijbehorend verslag over de verzelfstandiging goed.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

SOLAG - BEHEERSOVEREENKOMST STAD LIER - VOOR DE PERIODE 2025-2030. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 27 januari 2025 inzake samenstelling van de raad van bestuur SOLag.

 

Feiten en context

De Stad Lier en het Stedelijk Ontwikkelingsbedrijf Lier sluiten een beheersovereenkomst zoals geregeld in artikel 234 DLB. Hierbij wordt gesteld dat tussen de gemeente en het autonoom gemeentebedrijf na onderhandeling een beheersovereenkomst wordt gesloten voor de periode die gelijkloopt met de nieuwe legislatuur en dus loopt over de perioden 2025 – 2030. Deze beheersovereenkomst vervangt de vorige beheersovereenkomst die van rechtswege liep tot 30 juni 2025 en die maximaal kan verlengd worden tot 31 december 2025.

In zitting van 12 november 2025 keurde de raad van bestuur SOLag het ontwerp Beheersovereenkomst goed en legt deze voor aan de gemeenteraad ter goedkeuring.

 

Adviezen

De raad van bestuur Het autonoom gemeentebedrijf adviseert positief.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur Art 234 ev.

 

Argumentatie

Voor de goede samenwerking tussen Stad en SOLag is het aangewezen duidelijke afspraken te maken. Daarom wordt best akkoord gegaan met deze beheersovereenkomst.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 onthoudingen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 onthoudingen

 

BESLUIT

 

Art 1:

De gemeenteraad keurt de beheersovereenkomst stad Lier - Stedelijk Ontwikkelingsbedrijf Lier voor de periode 2025 - 2030 goed.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

SOLAG - MEERJARENPLANNING 2026 - 2031. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

In het kader van het Decreet Lokaal Bestuur dient SOLag een meerjarenplanning volgens BBC 2020 op te stellen en ter goedkeuring voor te leggen aan de gemeenteraad. De raad van bestuur heeft in zitting van 12 november 2025 principieel goedkeuring gegeven aan de voorliggende meerjarenplanning mits oplossen van een aantal technische opmerkingen (zoals het weergeven van tabellen volgende de vigerende wetgeving).

SOLag voldoet aan de financiële kerncijfers voor deze nieuwe MJP met een gecumuleerd beschikbaar budgettair resultaat van 2.792.878,83EUR en een autofinancieringsmarge (AFM) van 80.362,65EUR in 2031. De gecorrigeerde autofinancieringsmarge bedraagt 105.562,65EUR in 2031.

Deze MJP wordt na goedkeuring door de gemeenteraad overgemaakt aan de Vlaamse Overheid en gepubliceerd op de website van Stad Lier.

 

 

Juridische grond

Decreet lokaal bestuur, art. 242.

Regelgevend kader over de beleids- en beheerscyclus (BBC) voor meerjarenplan met aangepaste regels, schema’s en rekeningstelsels gelden (Beslissing Vlaamse Regering 14 juli 2023 en Omzendbrief KBBJ/ANN 2025/1).

 

Argumentatie

Voor de goede samenwerking tussen Stad en SOLag is het aangewezen duidelijke financiële afspraken te maken. Daarom wordt best akkoord gegaan met dit meerjarenplan.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

3 stemmen tegen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 onthoudingen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 3 stemmen tegen - 9 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt de meerjarenplanning SOLag volgens BBC voor de periode 2026 -2031 goed.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

ALGEMENE GEMEENTEBELASTING 2026. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van 19 december 2022 heeft de gemeenteraad de algemene gemeentebelasting vastgesteld voor de periode van  01 januari 2023 tot 31 december 2025.

 

Feiten en context

In het nieuwe reglement werden enkele wijzigingen doorgevoerd.

Zo wordt er een nieuw verminderd tarief ingevoerd voor alleenstaanden met enkel minderjarige kinderen.

Definitie van ondernemingen werd geherformuleerd waardoor meerdere categorieën in aanmerking komen voor deze belasting waardoor het nodig is om een bijkomende vrijstelling te voorzien voor vzw's.

De categorie hinderlijke inrichtingen klasse 2 wordt geschrapt waardoor ze enkel worden belast als onderneming.

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de stad Lier een algemene gemeentebelasting gevestigd . De belasting is ondeelbaar en voor het ganse jaar verschuldigd.

 

Juridische grond

Artikel 173  van de Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Artikel 40 § 3 , artikel  41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken om een algemene gemeentebelasting te heffen en keurt het voorstel in bijlage, goed.

 

Art 2 :

De gemeenteraad gaat akkoord om het belastingreglement op de algemene gemeentebelasting vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

AANVULLENDE PERSONENBELASTING 2026. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 16 december 2024 over de goedkeuring van de aanvullende belasting geheven op de personenbelasting. De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31 december 2025.

 

Feiten en context

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor het jaar 2026.

Voor het aanslagjaar 2026 wordt een aanvullende personenbelasting gevestigd ten laste van de rijksinwoners die belastbaar zijn in de gemeente op 01 januari van het aanslagjaar.

De belasting wordt vastgesteld op 7,2% van de overeenkomstig artikel 466 van het Wetboek van inkomstenbelastingen 1992 berekende grondslag voor hetzelfde aanslagjaar.

Deze belasting wordt gevestigd op basis van het inkomen dat de belastingplichtige heeft verworven in het aan het aanslagjaar voorafgaande kalenderjaar.

 

Juridische grond

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Artikel 464/1,tot en met 470/2 1° van het wetboek van inkomstenbelastingen 1992

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Argumentatie

De stad Lier heeft een reglement voor vestiging van een aanvullende belasting op de personenbelasting. Dit reglement loopt t.e.m. 31/12/2025. Vanaf aanslagjaar 2026 is het wenselijk om dit reglement te hernieuwen en te hervormen, gezien de wens van het bestuur om een lokale takshift door te voeren in combinatie met een differentiatie-oefening.

Dit komt voort uit de vaststelling dat historisch gezien de opcentiemen op de onroerende voorheffing in Lier substantieel lager liggen dan het Vlaams gemiddelde en dat de aanvullende personenbelasting in Lier substantieel hoger ligt dan het Vlaams gemiddelde. Dit is historisch zo gegroeid, maar sluit niet meer aan bij de uitdagingen die we als samenleving vandaag hebben. 

De verlaging van de aanvullende personenbelasting van 7,9 % naar 7,2 % bevordert de koopkracht van inwoners die actief zijn op de arbeidsmarkt, gepensioneerden en zelfstandigen. Hierdoor blijft meer besteedbaar inkomen beschikbaar, wat lokale consumptie en economische dynamiek kan bevorderen.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om aanvullende belastingen te heffen op de personenbelasting overeenkomstig het voorstel als bijlage.

 

Art. 2

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op de aanvullende personenbelasting een geldigheidstermijn vast te leggen van 01 januari 2026 tot en met 31 december 2026.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP AANPLAKBORDEN VOOR PUBLICITAIRE DOELSTELLINGEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een belasting geheven op aanplakborden voor publiciteitsdoeleinden.De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

Voor de termijn ingaand op 01 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de stad Lier een belasting geheven op aanplakborden voor publiciteitsdoeleinden.

De tarieven worden enkel geïndexeerd.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Argumentatie

Voor haar algemene financiering heft de stad Lier een belasting op aanplakborden voor publiciteits-doeleinden.et heffen van een belasting is verantwoord door de visuele vervuiling voortgebracht door deze aanplakborden.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op aanplakborden voor publiciteitsdoeleinden overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

Het college beslist om voor het belastingreglement op aanplakborden voor publiciteitsdoeleinden  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP ONGEADRESSEERD DRUKWERK, SAMPLING EN FLYERING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van de gemeenteraad van 19 december 2022 werd voor een periode van 1 januari 2023 en eindigend op 31 december 2025 een belasting geheven op het huis-aan-huis verspreiden van niet-geadresseerd reclamedrukwerk en daarmee gelijkgestelde producten en op sampling.

 

Feiten en context

Voor haar algemene financiering heft de stad Lier een belasting op niet-geadresseerd drukwerk en daarmee gelijkgestelde producten en sampling. Deze belasting is verantwoord aangezien het ongevraagd en systematisch verspreiden van ongeadresseerd drukwerk en gelijkgestelde producten in alle brievenbussen of op de openbare weg nadelig is voor het milieu en hierdoor het volume papierafval verhoogt en bijkomende kosten mee brengt voor afhaling en verwerking ervan.

De tarieven werden enkel geïndexeerd waardoor de minimumtarieven voor elke categorie wijzigen.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Gelet op het Decreet van 23 december 2011 betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen

Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 17 februari 2012 tot vaststelling van het Vlaams Reglement betreffende het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen (VLAREMA)

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd.15 februari 2019

 

Argumentatie

Ter zitting wordt een correctie doorgevoerd in artikel 4 bij de definiëring van R, nl. aanpassing van

"... waarbij R = tarief vastgesteld in artikel 3" naar  "... waarbij R = tarief vastgesteld in artikel 4".

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken om een belasting te heffen op het verspreiden van ongeadresseerd drukwerk en gelijkgestelde producten overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement het verspreiden van niet-geadresseerd drukwerk en daarmee gelijkgestelde producten en sampling/flyering een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP HET ONTGRAVEN EN VERPLAATSEN VAN STOFFELIJKE RESTEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In de gemeenteraad van 6 december 2019 werd er een belastingreglement goedgekeurd op het ontgraven of verplaatsen van stoffelijke resten of asurne om te begraven, bijzetten in het columbarium of urnenveld, te verstrooien op de strooiweide of te bewaren op een andere plaats dan de begraafplaats .en verplaatsen

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode vanaf 01 januari 2026 tot en met  31 december 2031

 

Feiten en context

Het ontgraven of verplaatsen van stoffelijke resten brengt kosten met zich mee door de inzet van personeel en materieel. Door middel van een specifieke belasting levert de aanvrager een financiële bijdrage. Deze belasting verlicht de financiële behoefte van de stad. De tarieven werden enkel geïndexeerd.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Artikel 40 § 3 , artikel  41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen procedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op het ontgraven of verplaatsen van stoffelijke resten of asurne om te begraven, bijzetten in het columbarium of urnenveld, te verstrooien op de strooiweide of te bewaren op een andere plaats dan de begraafplaats, overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op het ontgraven of verplaatsen van stoffelijke resten of asurne om te begraven, bijzetten in het columbarium of urnenveld, te verstrooien op de strooiweide of te bewaren op een andere plaats dan de begraafplaats,  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP VERVOER PERSONEN DIE OVERLAST VEROORZAKEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van 1 maart 2021 heeft de gemeenteraad een belastingreglement goedgekeurd op het vervoer van personen die overlast veroorzaken dit reglement is geldig tem 31 december 2025.

 

Feiten en context

Onder bepaalde voorwaarden bestaat de noodzaak om de door de stad gemaakte kosten te laten vergoeden van het vervoer van dronken personen of van personen die gedragingen stelden die de levenskwaliteit van de inwoners kunnen beperken op een manier die de normale druk van het sociale leven overschrijdt, waardoor de normale last die het leven in de samenleving onvermijdelijk met zich meebrengt, wordt overstegen;

Dergelijk vervoer verzwaart de werklast van het politiepersoneel aanzienlijk

Het reglement wordt verlengd , het tarief wordt geïndexeerd.

 

Juridische grond

Grondwet art. 41,162 en 170 § 4

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304

Decreet Lokaal Bestuur art. 40 § 3

Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen juni 2011, punt 3.30.3

 

Argumentatie

Overwegende dat onder bepaalde voorwaarden de noodzaak bestaat om de door de stad gemaakte kosten te laten vergoeden van het vervoer van dronken personen of van personen die gedragingen stelden die de levenskwaliteit van de inwoners kunnen beperken op een manier die de normale druk van het sociale leven overschrijdt, waardoor de normale last die het leven in de samenleving onvermijdelijk met zich meebrengt, wordt overstegen;

 

Dergelijk vervoer verzwaart de werklast van het politiepersoneel aanzienlijk waardoor andere taken in het gedrang kunnen komen, oa aanwezigheid op straat wat van groot belang is om het veiligheidsgevoel te ondersteunen.

Voor de periode 01 januari 2026 tot en met 31 december 2026  wordt een belasting geheven op het vervoer van personen die overlast veroorzaken.

Het tarief voor 2026  wordt bepaald op € 135,00 en wordt jaarlijks geïndexeerd.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt het reglement, om met ingang van 1 januari 2026, voor een termijn eindigend op 31 december 2031 een indirecte belasting te vestigen op het vervoer van personen met een politievoertuig wegens openbare dronkenschap of het veroorzaken van overlast, goed.

 

Art 2 :

De belasting wordt vastgesteld op een forfaitair bedrag van 135 euro per rit en per vervoerd persoon.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP VALSE ALARMMELDINGEN BIJ DE POLITIE. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een belasting geheven op valse alarmmeldingen bij de politie.

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

Een aanzienlijk aantal valse alarmsignalen kan de efficiëntie van het normale politiewerk en de openbare orde en veiligheid ernstig in het gedrang brengen. Het nodeloos alarmeren van de politie verzwaart de werklast van bet politiepersoneel waardoor andere taken in het gedrang kunnen komen, oa aanwezigheid op straat wat van groot belang is om het veiligheidsgevoel te ondersteunen.

Met ingang van 1 januari 2026, voor een termijn eindigend op 31 december 2031 wordt door het stadsbestuur een belasting gevestigd op ieder nodeloos alarmeren van de politie via een alarminstallatie die zich in of aan de gevel van het gebouw bevindt. De tarieven werden enkel geïndexeerd.

 

Juridische grond

Grondwet art. 41,162 en 170 § 4

Decreet Lokaal Bestuur art. 40 § 3

Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen juni 2011, punt 3.30.3

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op valse alarmmeldingen bij de politie op het grondgebied van de stad overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op  valse alarmmeldingen bij de politie een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTINGREGLEMENT OPCENTIEMEN OP DE ONROERENDE VOORHEFFING 2026. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Motiveringlokaletakshift

De stad Lier heeft een reglement voor vestiging van opcentiemen op de onroerende voorheffing. Dit reglement loopt t.e.m. 31/12/2025. Vanaf aanslagjaar 2026 is het wenselijk om dit reglement te hernieuwen en te hervormen, gezien de wens van het bestuur om een lokale takshift door te voeren in combinatie met een differentiatie- oefening.

 

Motiveringinitiëleverhoging

De initiële verhoging van de opcentiemen onroerende voorheffing van 787 naar 995 gaat gepaard met een substantiële verlaging van de aanvullende personenbelasting van 7,9 % naar 7,2 %. Dit komt voort uit de vaststelling dat historisch gezien de opcentiemen op de onroerende voorheffing in Lier substantieel lager liggen dan het Vlaams gemiddelde en dat de aanvullende personenbelasting in Lier substantieel hoger ligt dan het Vlaams gemiddelde.Ditishistorischzogegroeid,maar sluitnietmeeraanbijdeuitdagingendiewe als samenleving vandaag hebben.

 

Deverlagingvandeaanvullendepersonenbelastingbevordertdekoopkrachtvaninwoners dieactiefzijnopdearbeidsmarkt,gepensioneerdenenzelfstandigen.Hierdoorblijftmeer besteedbaar inkomen beschikbaar, wat lokale consumptie en economische dynamiek kan bevorderen.

 

De verhoging van de opcentiemen op de onroerende voorheffing zorgt voor een stabiele en voorspelbare inkomstenbron voor de gemeente. Deze belasting is minder conjunctuurgevoelig dan de aanvullende personenbelasting, waardoor de financiële planning op langere termijn beter gewaarborgd is. Bovendien draagt de onroerende voorheffing in grotere mate bij aan een bijdrage van wie over onroerend goed beschikt, ongeacht het inkomen uit arbeid, wat leidt tot een meer vermogensgebonden belastingbasis.

Dankzij de beoogde belastinghervorming kan de gemeente blijven investeren in basisdiensten, infrastructuur en sociale voorzieningen.

Totslotversterkt dezehervormingderechtvaardigheidvanhetlokalebelastingstelsel: zij verschuift de nadruk van inkomensafhankelijke naar vermogensgerelateerde heffingen,waardoordebijdragecapaciteitvandeverschillendegroepeninwonersbeter wordt weerspiegeld.

 

De differentiatie opcentiemen zorgen voor een betere spreiding van de bijdrage aan het financieel welzijn van de gemeente. Tevens laat dit toe op een administratief eenvoudige manier een stabiele inkomstenstroom voor de Stad Lier te waarborgen.

 

Het getrapt systeem van differentiatie is opgebouwd op basis van het belastbaar KI. Daardoor dragen de meest kapitaalkrachtigen, in termen van onroerend goed, in verhouding meer bij tot de noden van de samenleving waar ze de dienstverlening en infrastructuurvan gebruiken.Het is nietonredelijkom te stellendat dievraagin deregel ookevenredigtoeneemtmethetKI,aangezienditeenindicatievanheteconomischnutis van het goed.

 

Motiveringdifferentiatie

Tot op heden bedragen de opcentiemen voor alle partijen 787 opcentiemen, dewelke via hogervermelde taks shift zal verhoogd worden naar 995 opcentiemen. Gezien de hoge administratieve lasten voor zowel het bestuur, als de ondernemers en een verouderde tarifering van de huidige belasting op drijfkracht der motoren, hinderlijke inrichtingen, terrasbelastingenbrandstofverdelingsapparatenishetaangewezenomdezeintekantelen in de onroerende voorheffing.

 

De verouderde tarifering voor de belasting op motoren (Drijfkracht) leidt ertoe dat economischgeachteinvesteringeninbijkomendecapaciteitopvlakvanallerhandemotoren onmiddellijk wordt beantwoord met een verhoging van de bedrijfsbelastingen hierop.

Tegelijkvraagteenduurzametransitieooknetinvesteringeninmotorenzoalsdezediedeel uitmaken van warmtepompsystemen en die in dit kader zouden moeten worden aangemoedigd. Tegelijk zou ook een onderscheid kunnen gemaakt worden tussen motoren dielouterfossielebrandstoffenhanteren endezediebijvoorbeeld wordenaangedrevenmet hernieuwbare elektriciteit. De complexiteit en administratieve moeilijkheden die gepaard gaan met een belastingsysteem dathiervoldoenderekeningmeehoudt,maaktdatdeStad Lier in deze het belasten van de drijfkracht der motoren niet langer als een aangewezen grondslagzietomdemeerwaardediebedrijvengenererenophetgrondgebiedvandeStad Lier te capteren.

 

Een 2de belasting die in vraag kan worden gesteld is de belasting op terrassen en gelijkaardige uitstallingen. Deze dragen in belangrijke mate bij tot delevendigheid van de stadenwordendeafgelopenjareneerdergepromootdanontraden.Indatopzichtheeftde huidigebelasting een effect dat in tegenstelling is metde eigenlijkebedoeling die StadLier op dit vlak heeft. Naarmate grotere terrassen worden aangeboden in het hart van de stad ligt de belasting immers hoger, maar zijn tegelijk dit soort terrassen ook wenselijker. Een alternatieve manier om meerwaarde te capteren lijkt hier dus aan de orde.

 

Debelastingop brandstofverdeelinstallatiesiseen3debelastingdiestilaannietmeeris aangepast aan de stand van de technologie. Naarmate meer en elektrische voertuigen deel uitmaken van het voertuigenpark is de meerwaarde van extra brandstofslangen ook kleiner.Hetaantalvoertuigendatgebruiktmaaktvandezeinstallatiesdaaltendoorde uitrolvano.a.hybrideaandrijftechnologiezalookhetvolumeaanmotorbrandstoffendalen. In die zin is het belasten van deze installaties niet toekomstbestendig en kan een alternatieve wijze van het capteren van meerwaarde beter op zijn plaats zijn.

 

Tenslottezijnookdebelastingenophinderlijkeinrichtingenklasse1invraagtestellen.Het correct voldoen aan de milieuwetgeving met inbegrip van een oppervlaktecriterium is wellicht niet de beste manier om meerwaarde op dit vlak te belasten. Bovendien kan een alternatief dateveneens rekeninghoudtmetdegroottevan bedrijven en dewaardevan de bedrijfsgebouwen ook gehanteerd worden als een meer algemeen criterium dan louter de klasse en oppervlakte waarin de geciteerde bedrijven worden vergund.

 

InhetvoorstelvanhetCollegevanburgemeesterenschepenenwordthetalgehele basistarief voor de opcentiemen in Lier verhoogd van 787 naar 995.

 

Debasiscategorie(percelenmeteenbelastbaarKIkleinerdan€10.000,00)onroerende goederen voor 2026-2031 blijven vervolgens gelijk aan 995 opcentiemen.

Indevolgende4Categorieënwordendeopcentiemenverhoogdnaarrespectievelijk: 1054,70, 1084,55, 1104,45 en 1.121,61

         Categorie1:percelenmeteenbelastbaarKItussen€10.000,00&€20.000,00

         Categorie2:percelenmeteenbelastbaarKItussen€20.000,00&€50.000,00

         Categorie3:percelenmeteenbelastbaarKItussen€50.000,00&€200.000,00

         Categorie4:percelenmeteenbelastbaarKIgroterengelijkaan€200.000,00

 

Degeraamdeopbrengstvandedifferentiatie-oefeningheefteenbudgetneutraaleffectophet stadsbudget omdat de lokale belastinginkomsten voor onderstaande belastingen worden ingekanteld in de inkomsten uit onroerende voorheffing ter waarde van €485.395,00:

         Drijfkrachtvooreenbedragvan€322.764

         Terrasbelastingvooreenbedragvan€85.319

         Hinderlijkeinrichtingenvooreenbedragvan€51.848

         Brandstofverdelingsapparatenvooreenbedragvan€25.464

          

Detotaleinkomstenuitdeopcentiemenonroerendevoorheffingworden voorhet relevante fiscalejaar2026geraamdop€23.025.400EUR(opbasisvanderamingenvandeVlaamse belastingdienst, simulatie van nieuw tarief van 995 opcentiemen en toevoeging van de differentiatie).

Dedifferentiatiewordtmogelijkgemaaktdoorhetdecreetvan15mei2018,datartikel41 vanhetdecreetlokaalbestuurwijzigt,enhetsinds2019toelaateengedifferentieerdtarief voor de opcentiemen onroerende voorheffing toe te passen.

Dedifferentiatieopcentiemenzalvolgendetarievenbevatten;

 

Categorie

Aantal opcentiemen

Toelichting

BASIS

995,00

Basis opcentiemen: belastbaar KI kleiner dan

€10.000,00

 

CATEGORIE1

 

1054,70

Opcentiemen voor grote percelen – schijf 1: belastbaar KI tussen €10.000,00 & €20.000,00

 

CATEGORIE2

 

1084,55

Opcentiemen voor grote percelen – schijf 2: belastbaar KI tussen €20.000,00 & €50.000,00

 

CATEGORIE3

 

1104,45

Opcentiemen voor grote percelen – schijf 3: belastbaar KI tussen €50.000,00 & €200.000,00

 

CATEGORIE4

 

1121,61

Opcentiemenvoorgrootstepercelenschijf4: belastbaarKIgroterengelijkaan€200.000,00

 

AangeziendeinningvandezebelastingverlooptviaVlabel,werd voorafgaandelijkadvies aangevraagd omtrent de technische uitvoerbaarheid. Op 06/10/2025 hebben wij het positief advies ontvangen dat als bijlage bij dit punt wordt gevoegd.

 

Juridische gronden

HetWetboekvandeinkomstenbelasting1992,meerbepaaldhetartikel464,1°. Decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, en alle latere wijzigingen.

Hetdecreetvan30 mei 2008 betreffendedevestiging,deinvorderingende geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen.

OmzendbriefKB/ABB2019/2betreffendedegemeentefiscaliteit. De financiële toestand van de gemeente.

 

Regelgeving: bevoegdheid

Artikel 40 §3 van het decreet lokaal bestuur: De gemeenteraad stelt de gemeentelijkereglementenvast.Metbehoudvandetoepassingvandefederalewetgevinginverband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijk beleid, de gemeentelijkebelastingenen retributies,enophetinwendigebestuurvandegemeente.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1

De gemeenteraad beslist dat er voor de aanslagjaren 2026 ten voordele van de gemeente opcentiemen op de onroerende voorheffing gevestigd worden als volgt:

 

Categorie

Waarde aanslagjaar

Toelichting

BASIS

995,00

Basis opcentiemen: belastbaar KI kleiner dan

€10.000,00

CATEGORIE 1

1054,70

Opcentiemen voor grote percelen – schijf 1: belastbaar KI tussen €10.000,00 & €20.000,00

CATEGORIE 2

1084,55

Opcentiemen voor grote percelen – schijf 2: belastbaar KI tussen €20.000,00 & €50.000,00

CATEGORIE 3

1104,45

Opcentiemen voor grote percelen – schijf 3: belastbaar KI tussen €50.000,00 & €200.000,00

CATEGORIE 4

1121,61

Opcentiemen voor grootste percelen – schijf 4: belastbaar KI groter en gelijk aan €200.000,00

 

Art 2

De gemeenteraad beslist dat de vestiging en de inning van de gemeentebelasting gebeuren door toedoen van de Vlaamse Belastingdienst.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

OPCENTIEMEN OP DE DOOR HET VLAAMSE GEWEST GEHEVEN HEFFING TER BESTRIJDING VAN LEEGSTAND EN VERWAARLOZING BEDRIJFSRUIMTEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 25 november 2024 over de goedkeuring van de opcentiemen op de heffing ter bestrijding van verkrotting van gebouwen en/of woningen en van leegstand/verkrotting van bedrijfsruimten (aanslagjaar 2025

 

Feiten en context

Jaarlijks dient het reglement op de opcentiemen op de gewestelijke heffing op leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten te worden goedgekeurd.

Om leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten te ontmoedigen, heft de Vlaamse overheid een belasting op deze gebouwen. De stad Lier dient over de nodige financiële middelen te beschikken om de haar opgelegde taken naar behoren te kunnen vervullen. Hiervoor kan de stad Lier opcentiemen op de gewestelijke heffing op leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten vestigen

De opcentiemen moeten betaald worden door de houder van het zakelijk recht. De inning gebeurt automatisch door het Vlaamse Gewest op basis van het belastingreglement van de stad. Het huidige reglement is voldoende duidelijk en er zijn geen inhoudelijke wijzigingen. Deze belasting verlicht de financiële behoefte van de stad.

 

Het aanvullende percentage gemeentebelasting voor het aanslagjaar 2026 dient door de gemeenteraad te worden vastgelegd op voorstel en advies van het College van Burgemeester en Schepenen

 

Juridische grond

Artikel 170,§4, Grondwet;

Decreet over het Lokaal Bestuur;

de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, artikel 2.6.4.0.2 en artikel 3.1.0.0.4

het besluit van de Vlaamse Regering van 20 december 2013 houdende de uitvoering van de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013;

het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten; het besluit van de Vlaamse Regering van 1 juli 1997 tot uitvoering van het decreet van 19 april 1995 houdende maatregelen ter bestrijding en voorkoming van leegstand en verwaarlozing van bedrijfsruimten, inzonderheid Hoofdstuk III, artikel 15, betreffende de mogelijkheid om gemeentelijke opcentiemen te heffen;

het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, art 464/1,2°;

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om voor het aanslagjaar 2026 het aantal opcentiemen op de door het Vlaamse gewest geheven heffing op de leegstaande en verwaarloosde bedrijfsruimten principieel vast te stellen op 100.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om een beroep te doen op de medewerking van het Agentschap Vlaamse Belastingdienst voor de inning van deze opcentiemen.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTINGREGLEMENT OP GEBOUWEN EN/OF WONINGEN DIE BESCHOUWD WORDEN ALS ONGESCHIKT, ONBEWOONBAAR, VERWAARLOOSD OF LEEGSTAAND. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Op 17 februari 2020 keurde de gemeenteraad het belastingreglement op gebouwen en/of woningen die beschouwd worden als onbewoonbaar, ongeschikt, verwaarloosd, bouwvallig of leegstaand voor de periode 2020-2025 goed. Dit reglement werd aangepast via gemeenteraadsbeslissingen van 14 december 2021 en 19 december 2022.

 

Feiten en context

Stad Lier heeft een reglement dat volgende zaken regelt:

        de registratie en belasting op leegstaande woningen of gebouwen (gemeentelijke inventaris);

        de registratie en belasting op verwaarloosde woningen of gebouwen (gemeentelijke inventaris);

        de belasting op ongeschikt of onbewoonbaar verklaarde woningen (Vlaamse inventaris).

Het huidige reglement loopt af op 31/12/2025. Om een belasting op leegstaande, verwaarloosde of ongeschikte/onbewoonbare woningen of gebouwen te kunnen blijven heffen, is het nodig het reglement te vernieuwen.

 

Op basis van de ervaring met de toepassing van het huidige reglement en in lijn met het gewenste beleid, worden volgende wijzigingen voorgesteld:

 

  1. Leegstaande woningen pas belastingplichtig na 1 jaar opname

Sinds het belastingreglement voor de periode 2020-2025 maakte Lier de keuze om alle dossiertypes die onderwerp vormen van dit reglement reeds belastingplichtig te maken vanaf de opname in de inventaris. Hierdoor wordt de druk opgevoerd om deze panden snel te activeren. Na één legislatuur werken met deze heffingsformule, merken de diensten een positieve impact bij de meeste dossiertypes. Enkel bij het dossiertype leegstaande woningen blijkt de impact van de onmiddellijk heffingsplicht  beperkt. Heel wat woningen worden kort na de kennisgeving van de leegstandsakte geactiveerd, maar zijn alsnog belastingplichtig. Voor een efficiëntere inzet van de personeelscapaciteit in het opsporen en opvolgen van leegstandsdossiers, wordt daarom voorgesteld om leegstaande woningen opnieuw pas belastingplichtig te maken na 1 jaar. Het differentiëren van de heffingsformule leidt evenwel tot het verlies aan uniformiteit (duidelijkheid) en een verlaging van de te verwachten belastinginkomsten.

 

  1. Update van het basisbedrag naar €3.000 en €6.000

In het huidige reglement bedraagt het basisbedrag van de jaarlijks oplopende belasting €2.800 voor woningen en voor gebouwen buiten het kernwinkelgebied en €5.600 voor gebouwen binnen het kernwinkelgebied. Omdat een vast bedrag duidelijker is dan een jaarlijkse indexering, wordt voorgesteld om het basisbedrag te verhogen naar €3.000 en respectievelijk €6.000 en dit voor de duur van het reglement.

 

  1. Betere afstemming met het reglement op tweede verblijven

Om fiscaal shoppen te vermijden, wordt duidelijker aangegeven dat een tweede verblijf waarvoor geen bewoning aangetoond kan worden ook opgenomen kan worden in de leegstandsinventaris.

 

  1. Beperking van de vrijstelling voor sloop tot 2 jaar

De huidige vrijstelling geldt tot het einde van de geldigheid van de vergunning, maar de diensten merken dat dit in grote projecten kan leiden tot een lange duurtijd. Daarom wordt voorgesteld om de termijn van deze vrijstelling te beperken tot 2 jaar.

 

  1. Afstemming van de vrijstelling voor vrije beroepen (bij leegstaande woningen) met de stedenbouwkundige regelgeving

De diensten stellen vast dat de toekenning van de vrijstelling vaak leidt tot het gedogen van situaties die niet voldoen aan de stedenbouwkundige regelgeving. Daarom wordt in situaties waarin het gebruik niet in lijn is met de stedenbouwkundige regelgeving, de vrijstelling beperkt tot 2 jaar, zodat de eigenaar zich in regel kan stellen.

Daarnaast wordt  voorgesteld om de toepassingsgrond af te bakenen tot vrije beroepen met een praktijkruimte, om oneigenlijk gebruik van de vrijstelling uit te sluiten.

 

  1. Onderbreking mogelijk bij verlengbare vrijstellingen

Analoog aan de vrijstelling voor renovatiewerken, wordt voorgesteld om bij andere vrijstellingen die in schijven verleend worden een onderbreking toe te staan (waarin de belasting verschuldigd is) om daarna bij hervatting opnieuw een volgende schijf toe te kennen.

 

Andere wijzigingen in de tekst betreffen een betere motivering van de belasting, een betere omschrijving van beroepsprocedures en diverse verduidelijkingen bij voornamelijk de toepassing van vrijstellingen. Een volledig overzicht van de wijzigingen is te vinden in bijlage.

 

Adviezen

Betrokken diensten:

Het voorgestelde reglement werd voorbereid door de diensten wonen en ondernemen en de financiële dienst en aldus positief geadviseerd.

 

Lokaal woonoverleg (18/11/2025):

Positief advies

 

Juridische grond

Grondwet, meer bepaald artikel 170 §4;

Decreet van 22 december 1995 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1996 (ook wel heffingsdecreet genoemd);

Vlaamse Codex Wonen van 2021;

Besluit Vlaamse Codex Wonen van 2021;

Decreet van 26 maart 2004 betreffende openbaarheid van bestuur;

Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen-procedure van provincie- en gemeentebelastingen, en latere wijzigingen;

Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, en latere wijzigingen, in het bijzonder op het artikel 40 §3, artikel 41, tweede lid, 14°, artikel 286 §1, artikel 287, artikel 288 en artikel 330;

Bestuursdecreet van 7 december 2018;

Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, ingezonderd artikels 297 t.e.m. 304;

Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13 december 2013, artikel 2.5.1.0.1;

Decreet van 23 december 2016 houdende diverse fiscale bepalingen omtrent de invordering van niet-fiscale schuldvorderingen, ingezonderd artikels 12, 24 en 25;

Omzendbrief van 15 februari 2019 van de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding houdende de onderrichtingen betreffende de gemeentefiscaliteit.

 

Argumentatie

Om met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031 een jaarlijkse gemeentebelasting op de leegstaande, verwaarloosde of ongeschikte/onbewoonbare woningen of gebouwen op het grondgebied van de stad te kunnen heffen, is het nodig om het huidige reglement te vernieuwen.

Het nieuwe reglement bevindt zich in bijlage. Het 'technisch verslag verwaarlozing', eveneens toegevoegd, vormt een aanvulling op het reglement. Ook een aangepast vrijstellingsformulier dat (vrijblijvend) aan de eigenaars ter beschikking wordt gesteld, wordt toegevoegd.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het belastingreglement op gebouwen en/of woningen die beschouwd worden als ongeschikt, onbewoonbaar, verwaarloosd of leegstaand  voor de periode 2026-2031, goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTINGREGLEMENT OP TWEEDE VERBLIJVEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Op 27 januari 2020 keurde de gemeenteraad het belastingreglement op tweede verblijven voor de periode 2020-2025 goed.

 

Feiten en context

Het huidige reglement op tweede verblijven loopt af op 31/12/2025. Om een belasting op tweede verblijven te kunnen blijven heffen deze legislatuur, is het nodig het reglement te vernieuwen.

 

Op basis van de ervaring met de toepassing van het huidige reglement en in lijn met het gewenste beleid, worden volgende wijzigingen voorgesteld:

 

  1. Geen uitsluiting meer van studentenhuisvesting uit het toepassingsgebied (zij het met een verminderd tarief).

Studenten maken ook gebruik van de stedelijke infrastructuur en dienstverlening, wat een bijdrage rechtvaardigt. De belasting wordt beperkt voor vergunde studentenkamers en -studio's die effectief bewoond worden door een student. Een gelijkaardige aanpak wordt toegepast in Geel, Turnhout, Leuven, Hasselt en Diepenbeek. De stad wenst studentenhuisvesting nauwer op te volgen. Wanneer het Vlaams kotlabel ingevoerd wordt (momenteel in voorbereiding), zal dit als voorwaarde opgenomen worden.

 

  1. Update van het belastingbedrag naar €1.300 (referentie 2024: €1.278,30), en een verminderd tarief van €100 voor studentenkamers en -studio's.

Er zijn geen argumenten om de grootteorde van het belastingbedrag te wijzigen.

Gezien de beperkte oppervlakte van studentenkamers en -studio's en omdat het geenszins de bedoeling is om studentenhuisvesting te ontraden, wordt voor studentenkamer en -studio's een verlaagd tarief van €100 voorzien.

 

  1. Betere afstemming met het leegstandsreglement.

Om fiscaal shoppen te vermijden, wordt explicieter gesteld dat aangiftes van leegstaande tweede verblijven niet aanvaard worden. Wanneer geen bewoning aangetoond kan worden, kan een akte leegstand opgemaakt worden.

 

  1. Aftoetsing van gebruiksgegevens per case op basis van de specifieke woning (energieprestatie) in plaats van aan een vaste drempelwaarde.

Omdat vaste drempelwaarden de diversiteit van het patrimonium niet reflecteren, wordt bij de aftoetsing van de gebruikgegegevens (elektriciteit, gas, water) die aangeleverd worden om de bewoning aan te tonen, rekening gehouden met de kenmerken van de specifieke woning (bv. type verwarming, hernieuwbare technieken, regenwaterrecuperatie).

 

Andere wijzigingen betreffen verduidelijkingen of nodige aanvullingen. Een volledig overzicht van de wijzigingen is te vinden in bijlage.

 

Adviezen

Betrokken diensten: Het voorgestelde reglement werd voorbereid door de dienst wonen en de financiële dienst en aldus positief geadviseerd.

Lokaal woonoverleg (18/11/2025): positief advies

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur, artikel 40 §3;

Grondwet, artikel 170 § 4;

Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikels 297 t.e.m. 304;

Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen;

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Argumentatie

Om met ingang van 1 januari 2026 en voor een periode eindigend op 31 december 2031 een jaarlijkse gemeentebelasting op de tweede verblijven op het grondgebied van de stad te kunnen heffen, is het nodig om het huidige reglement te vernieuwen.

Het nieuwe reglement bevindt zich in bijlage.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het belastingreglement op tweede verblijven voor de periode 2026-2031, goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP NACHTWINKELS. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van 25 november 2019 werd door de gemeenteraad het belastingreglement op nachtwinkels goedgekeurd, de bepalingen van dit reglement gelden tot 31/12/2025

Het is wenselijk om dit reglement te hernemen en te actualiseren.

 

Feiten en context

Om de wildgroei van nachtwinkels op het grondgebied van de stad Lier te vermijden, alsook de hiermee gepaard gaande overlast voor de nachtrust van de omwonenden gelet op de afwijkende openingsuren en om budgettaire redenen wordt overgegaan tot de invoering van een belasting op nachtwinkels. De tarieven worden enkel geïndexeerd.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Argumentatie

Om de wildgroei van nachtwinkels op het grondgebied van de stad Lier te vermijden, alsook de hiermee gepaard gaande overlast voor de nachtrust van de omwonenden gelet op de afwijkende openingsuren en om budgettaire redenen wordt overgegaan tot de invoering van een belasting op nachtwinkels.  De openingsbelasting bedraagt € 10.000 en de jaarlijkse belasting bedraagt

€ 3.500,00 deze laatste zal jaarlijks worden geïndexeerd.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

8 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué en Ipek Altun

1 onthouding: Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 8 stemmen tegen - 1 onthouding

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op nachtwinkels overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op  nachtwinkels  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP STAPELPLAATSEN VOOR BUITEN GEBRUIK GESTELDE VOERTUIGEN  EN SCHROOT. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van 25 november 2019 keurde de gemeenteraad een belastingreglement op stapelplaatsen voor buiten gebruik gestelde voertuigen of onderdelen goed, dit reglement neemt een einde op 31 december 2025.

Het is aangewezen om het reglement te hernemen en te actualiseren.

 

Feiten en context

Voor een termijn ingaand vanaf 01 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de stad Lier  een belasting geheven op stapelplaatsen voor buiten gebruik gestelde voertuigen of onderdelen. Er werd een duidelijkere omschrijving opgenomen in de definities en het tarief werd geïndexeerd.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Argumentatie

Het is verantwoord om een belasting te heffen op opslagplaatsen voor buiten gebruik gestelde voertuigen en/of onderdelen aangezien ze het landschap ontsieren en een vorm van visuele vervuiling zijn.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op stapelplaatsen voor buiten gebruik gestelde voertuigen en/of onderdelen overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op stapelplaatsen voor buiten gebruik gestelde voertuigen en /of onderdelen een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP VERLICHTE UITHANGBORDEN EN LICHTRECLAMES. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een belasting geheven op uithangborden en lichtreclame.

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

Voor haar algemene financiering heft de stad Lier een belasting op lichtreclames en verlichte uithangborden. Het heffen van een belasting is verantwoord door de visuele vervuiling voortgebracht door deze lichtreclames en uithangborden.

Voor de termijn ingaand op 01 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de stad Lier een belasting geheven op de lichtreclames en verlichte uithangborden.

De bedragen werden geïndexeerd en er werd een minimumtarief ingevoerd voor alle lichtreclames.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op verlichte uithangborden en lichtreclames  op het grondgebied van de stad overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op verlichte uithangborden en lichtreclames een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP MASTEN EN PYLONEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

In de gemeenteraad van 25 november 2019 werd een belastingreglement goedgekeurd op masten en pylonen. Dit reglement werd gestemd voor de periode 01 januari 2020 tem 31 december 2025. Het reglement moet worden hernieuwd.

 

Het tarief werd geïndexeerd en de teksten werden aangepast en verduidelijkt mbt de aangifte termijnen en de mogelijkheid tot elektronische communicatie.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Motivering

De aanwezigheid van masten en pylonen op het grondgebied van de stad Lier heeft een substantiële invloed op de aantrekkingskracht van de stad als woonomgeving en toeristische bestemming.  Het heffen van een belasting op masten en pylonen is te verantwoorden wegens de visuele vervuiling, de landschapsverstoring en het doorbreken van de vrije open ruimte.

Het landschap verstorend karakten van masten en pylonen dienstig om groene energie te produceren wordt voldoende gecompenseerd door het maatschappelijk belang, zodat hiervoor vrijstelling kan verleend worden.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het belastingreglement op masten en pylonen in bijlage goed te keuren.

Het reglement zal gelden voor de periode vanaf 01 januari 2026 tot 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING INNAME OPENBAAR DOMEIN N.A.V. BOUWEN EN VERBOUWEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van de gemeenteraad dd. 16  december 2019 werd een belastingreglement goedgekeurd op het afzetten of innemen van openbaar domein.

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

Wanneer het openbaar domein aangewend wordt voor private activiteiten, worden de vrijheden van de andere gebruikers van het openbaar domein ingeperkt. Dit vormt een last voor de maatschappij die door middel van dit reglement belast wordt. Een duidelijke en weloverwogen prijszetting zorgt ervoor dat de inname door de private persoon beperkt wordt in de tijd, maar wil de beoogde kernversterking niet negatief beïnvloeden.

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de stad Lier een belasting gevestigd op het tijdelijk innemen van openbaar domein.

 

De tarieven van het voorgaande reglement worden geïndexeerd en de spoedprocedure wordt geschrapt in het reglement.

 

Juridische grond

Artikel173vande Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304

Artikel40§3,artikel41°14,artikelen177en369vanhetDecreetoverhetlokaal bestuur,

Bepalingenvanhetdecreetvan30mei2008 betreffendedevestiging,deinvorderingendegeschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

OmzendbriefvandeVlaamseRegeringbetreffendedegemeentefiscaliteitdd.15februari 2019

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op tijdelijk afzetten en innemen van openbaar domein op het grondgebied van de stad overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op  tijdelijk afzetten en/ innemen van openbaar domein een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTINGREGLEMENT OP INNAME OPENBAAR DOMEIN VOOR EVENEMENTEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van de gemeenteraad dd. 16 december 2019 werd een belastingreglement goedgekeurd op het privaat gebruik van het gemeentelijk openbaar domein door circussen, danstenten, barakken, foorinstellingen, openluchtvoorstellingen en gelijkaardige inrichtingen waar vertoningen of vermakelijkheden gegeven worden.

 

Feiten en context

Het huidige reglement houdt op te bestaan op 31 december 2025, de gehanteerde terminologie was verouderd en werd aangepast naar belasting op inname openbaar domein voor evenementen.

Er wordt een nieuw reglement opgemaakt waarin werd afgestapt van een tarief per m² en overgegaan naar een forfaitair bedrag per evenementenlocatie, enkel voor inname van straten wordt er een berekening per m² gedaan.

 

Juridische grond

Artikel 173vande Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Artikel40§3, artikel 41° 14,artikelen177 en369 vanhetDecreetoverhet lokaalbestuur,

Omzendbrief van deVlaamseRegering betreffendede gemeentefiscaliteitdd.15 februari 2019.

 

Argumentatie

Ter zitting wordt een correctie doorgevoerd in artikel 1:

Voor eentermijningaandvanaf 01 januari2026en eindigendop 31december2031wordt ten behoevevandestadLiereenbelastinggehevenvoor elkprivaatgebruikvanhet gemeentelijkopenbaardomeinvoor de door het lokale bestuur goedgekeurde evenementen.

Vervangen door:

Voor een termijn ingaand vanaf 01 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten

behoeve van de stad Lier een belasting geheven voor elk privaat gebruik van het gemeentelijk

openbaar domein voor de door het lokale bestuur goedgekeurde evenementen waarbij er

inkomsten worden gegenereerd.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het belastingreglement op de inname openbaar domein bij evenementen in bijlage goed te keuren.

 

Art 2 :

Voor eentermijningaandvanaf 01 januari2026en eindigendop 31december2031wordt ten behoevevandestadLiereenbelastinggehevenvoor elkprivaatgebruikvanhet gemeentelijkopenbaardomeinvoor de door het lokale bestuur goedgekeurde evenementen.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP DE AFGIFTE VAN ADMINISTRATIEVE STUKKEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Het belastingreglement op de afgifte van administratieve stukken werd goedgekeurd in de gemeenteraad in zitting van 01 maart 2021 voor de periode 2021 tem 31 december 2025.

 

Motivering

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de stad Lier onder de navolgende voorwaarden een belasting gevestigd op de  afgifte van getuigschriften of andere administratieve stukken. Hierbij wordt het eigen aandeel bij de aflevering van een E-id en een reispas verhoogd, de andere tarieven worden geïndexeerd.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillen procedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om het belastingreglement op de afgifte van administratieve stukken, overeenkomstig het reglement in bijlage.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP HET VERWIJDEREN VAN SLUIKSTORTEN, OPRUIMEN VAN ZWERFVUIL EN OP HET UITVOEREN VAN WERKEN VOOR OF IN DE PLAATS VAN DERDEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een belasting geheven op het verwijderen van sluikstorten en opruimen van zwerfvuil en op het uitvoeren van noodzakelijke werken, door of in opdracht van de stad, voor derden die in gebreke blijven bij het naleven van de verplichtingen opgelegd door de algemene bestuurlijke politiereglementering. De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

Voor de termijn ingaand op 01 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031  wordt ten behoeve van de stad Lier een belasting geheven op het verwijderen van sluikstorten en opruimen van zwerfvuil en op het uitvoeren van noodzakelijke werken, door of in opdracht van de stad, voor derden die in gebreke blijven bij het naleven van de verplichtingen opgelegd door de algemene bestuurlijke politiereglementering.

De tarieven werden geïndexeerd, de forfaitaire administratiekost werd gelijkgeschakeld ongeacht de opruiming door stadsdiensten of derden gebeurt, dit om het ontradend effect te versterken, dit betekent een verhoging van de forfaitaire administratiekost bij opruiming door de stadsdiensten.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Argumentatie

Het heffen van een belasting op het verwijderen van sluikstorten en zwerfvuil is te verantwoorden wegens de visuele vervuiling, de landschapsverstoring en het belastend karakter van het zwerfvuil voor het milieu.

Het doorrekenen aan de overtreders van de kosten voor het opruimen van deze sluikstorten en/of zwerfvuil  door de medewerkers van de stad zelf of door derden is vanzelfsprekend en heeft een ontradend effect.

De tarieven werden enerzijds verhoogd om het ontradend effect te versterken en anderzijds aangepast aan de stijgende levensduurte.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

11 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

1 onthouding: Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 11 stemmen tegen - 1 onthouding

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op het verwijderen van sluikstorten en opruimen van zwerfvuil en op het uitvoeren van noodzakelijke werken, door of in opdracht van de stad, voor derden die in gebreke blijven bij het naleven van de verplichtingen opgelegd door de algemene bestuurlijke politiereglementering, overeenkomstig het reglement in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op het verwijderen van sluikstorten en opruimen van zwerfvuil en op het uitvoeren van noodzakelijke werken, door of in opdracht van de stad, voor derden die in gebreke blijven bij het naleven van de verplichtingen opgelegd door de algemene bestuurlijke politiereglementering,  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP HET TAKELEN VAN VOERTUIGEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

De gemeenteraad keurde in zitting van 14/12/2016 een retributiereglement op het takelen van voertuigen goed voor een termijn die eindigt op 31/12/2025.

Een nieuw reglement is aangewezen, er wordt geopteerd voor een indirecte belasting ipv een retributiereglement omwille van de duidelijkere regels rond verwerking van bezwaren tegen de takelingen.

 

Feiten en context

Voor de termijn ingaand op 01 januari 2026 en eindigend op 31/12/2031 wordt ten behoeve van de stad Lier een belasting geheven op het ambtshalve takelen van voertuigen die :

         onregelmatig geparkeerd staan

         reglementair geparkeerd staan doch waarvan de bestuurder weigert dit te verplaatsen

 

De belasting geldt echter niet als het takelen van een reglementair geparkeerd voertuig noodzakelijk is bij de afwezigheid van de bestuurder.

De tarieven werden enkel geïndexeerd.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Bepalingen van het WIB 1992, artikelen 297 -304.

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Argumentatie

Omwille van verkeerstechnische en veiligheidsredenen moet de politie frequent overgaan tot het laten takelen van voertuigen. Dit brengt een aanzienlijke werkingskost met zich mee, deze verantwoordt het invoeren van een indirecte belasting op takelingen.

De bedragen voor 2026 zijn voor de onderscheiden categorieën respectievelijk € 270,00,

€ 535,00 en € 1.065,00. deze bedragen worden jaarlijks geïndexeerd.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een belastingreglement op te maken en om een belasting te heffen op takelingen overeenkomstig het reglement in bijlage.

 

Art.2 :

De gemeenteraad beslist om voor het belastingreglement op takelingen  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP HET NIET OPTIMAAL AFKOPPELEN VAN HEMELWATER EN HUISHOUDELIJK WATER OP DE OPENBARE RIOLERING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In de gemeenteraad van 27 november 2023 wordt een belasting vastgesteld op het niet optimaal afkoppelen van hemelwater en huishoudelijk water op de openbare riolering. Deze belasting is van kracht met ingang van 1 januari 2024 en voor een periode eindigend op 31 december 2025

 

Feiten en context

Het belastingreglement op het niet optimaal afkoppelen van hemelwater en huishoudelijk water op de openbare riolering dient te worden hernomen voor de periode 01 januari 2026 tem 31 december 2031. Het tarief werd geïndexeerd.

 

Juridische grond

        het artikel 40 § 3 van het decreet lokaal bestuur

        de wet van 26 maart 1971 inzake de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, gewijzigd bij decreten van 22 december 1995, 8 juli 1996, 12 december 1998, 21 december 2001, 24december 2004 en 23 december 2005

        De Richtlijn 91/271/EG van 21 mei 1991 inzake de behandeling van stedelijk afvalwater;

        het besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM II), zoals gewijzigd

        het besluit van de Vlaamse regering van 6 februari 1999 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning, zoals gewijzigd

        het besluit van de Vlaamse regering van 23 maart 1999 tot wijziging van het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 1996 houdende vaststelling van de voorwaarden waaronder, alsook van de verhouding waarin, het Vlaamse gewest bijdraagt in de kosten verbonden aan de aanleg en de verbetering door de gemeenten van openbare riolen, andere dan prioritaire rioleringen, evenals houdende vaststelling van nadere regels met betrekking tot de procedure tot vaststelling van de subsidiëringsprogramma's

        de Europese kaderrichtlijn Water 200/60/EG van 23 oktober 2000 tot vaststelling van een kader voor communautaire maatregelen betreffende het waterbeleid;

        Code van goede praktijk voor het ontwerp, de aanleg en het onderhoud van rioleringssystemen (2012) goedgekeurd bij ministerieel besluit van 20 augustus 2021;

        Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur (verder decreet lokaal bestuur);

        Wet betreffende de onbevaarbare waterlopen van 28 december 1967;

        Besluit van de Vlaamse Regering van 7 mei 2021 tot uitvoering van de wet op de onbevaarbare waterlopen;

        De omzendbrief KB/ABB 2019/2 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit

 

M.b.t. Stad Lier en Pidpa als rioolbeheerder vanaf 26/9/2022:

        overeenkomst tussen Pidpa o.v. en de stad Lier betreffende het verlenen door de gemeente van een gebruiksrecht en de regeling van de wederzijdse rechten en verplichtingen in verband met de uitbreiding van de opdracht gegeven aan Pidpa in het kader van de implementatie van het Project HidroSan, goedgekeurd door de gemeenteraad van 26 september 2023, verder genoemd ‘HidroSan’;

        Technische voorschriften privéwaterafvoer (RvB 24 april 2017);

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

In het verleden werden riolen veelal aangelegd voor de gezamenlijke afvoer van afvalwater en hemelwater. Hemelwater in een gemengde riolering zorgt echter voor een minder efficiënte werking van de RWZI (rioolwaterzuiveringsinstallatie) door aanvoer van verdund afvalwater. Wanneer uiteindelijk de openbare riolering het aanvoerdebiet niet aankan, zal het verdunde afvalwater overstorten naar grachten en waterlopen, wat ecologisch niet wenselijk is.

 

Nu wordt bij aanleg van de riolering in de openbare weg het afvalwater en hemelwater maximaal gescheiden. Daar waar mogelijk, wordt het hemelwater afkomstig van de openbare weg gescheiden afgevoerd naar de oppervlaktewateren.

 

In het verleden werden ook bij de afvoeren van de meeste particuliere woningen het hemelwater en het afvalwater gemengd aangesloten op de riolering.

 

Voor de recente bouw- of verbouwingswerken wordt een gescheiden uitvoering van afvalwater en hemelwater, ook op particuliere eigendom, opgelegd door de Gewestelijke stedenbouwkundige bouwverordening, van kracht sinds 1/02/2005).

 

De stad Lier en rioolbeheerder Pidpa wensen bestaande gemengde rioleringen op privéterrein maximaal gescheiden aan te sluiten op nieuw ontworpen gescheiden rioleringsstelsels of bij plaatsing van een IBA op privaat domein door de rioolbeheerder. Dit geeft tal van voordelen op de uit te bouwen rioolinfrastructuur:

        De nieuwe DWA-riolering die aansluit op de zuiveringsinstallatie zal niet langer gedimensioneerd moeten worden op afvoer van hemelwater en kan gedimensioneerd worden als een DWA-leiding voor afvoer van uitsluitend afvalwater;

        Er zal minder, of zelfs geen, verdund afvalwater overstorten naar de grachten en waterlopen;

        De zuiveringsinfrastructuur zal een hoger zuiveringsrendement behalen;

        De nieuwe RWA-riolering kan een netwerk vormen met baangrachten, grachten, waterlopen, wadi’s, buffer-vijvers,… wat meer ruimte geeft voor water en dus minder wateroverlast bij hevige regenbuien.

 

De stad Lier beschikt over een subsidiereglement om eigenaars van de bestaande particuliere eigendommen financieel bij te staan om de bestaande gemengde rioleringen op hun privéterrein maximaal gescheiden aan te sluiten op nieuw ontworpen rioleringsstelsels of bij plaatsing van een IBA op privaat domein door de rioolbeheerder.

 

Het is van belang dat de eigenaars van de bestaande particuliere eigendommen bij de aanleg van een gescheiden stelsel langsheen hun perceel of bij plaatsing van een IBA op privaat domein door de rioolbeheerder de vereiste afkoppelingswerken uitvoeren zodat de investering van Stad Lier ook optimaal wordt ingezet en de belasting van de DWA riolering met regenwater wordt vermeden. Het komt voor dat betrokken eigenaars de gevraagde afkoppelingswerken, zonder motivering, niet of laattijdig uitvoeren. In sommige gevallen kan dit zelfs leiden tot het niet bekomen van door hogere overheden toegezegde subsidies.

 

Gelet op het financieel belang is het wenselijk om een stedelijke belasting te vestigen op het niet optimaal afkoppelen van hemelwater en huishoudelijk water naar het openbaar domein bij de aanleg van een gescheiden stelsel of bij plaatsing van een IBA op privaat domein door de rioolbeheerder.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het belastingreglement op het niet optimaal afkoppelen van hemelwater en huishoudelijk water op de openbare riolering in bijlage goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BELASTING OP TOERISTISCHE LOGIES. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

De toeristen die tijdelijk verblijf houden op het grondgebied van de gemeente voor een toename van de bevolking zorgen dat de gemeentelijke voorzieningen aan die toename moeten aangepast worden.

Het gemeentebestuur zet financiële middelen in op de promotie en ondersteuning van toeristische logies en inspanningen levert die de verdere ontwikkeling van de toeristische sector mogelijk maakt.

Grote inspanningen geleverd worden om de gemeente op cultureel, sportief en toeristisch vlak op een hoog niveau te houden; dat er heel wat evenementen en activiteiten georganiseerd worden zodat toeristen kunnen genieten van een boeiend verblijf. Deze activiteiten geven aanleiding tot hoge kosten.

Gezien de zeer grote financiële inspanningen die de stad Lier draagt voor het restaureren en ontsluiten van haar toeristisch erfgoed en het voorzien van een modern toeristisch kantoor.

Door de investeringen van de gemeente wordt Lier steeds meer en meer aantrekkelijk voor toeristen waardoor exploitanten van toeristische logies meer vraag naar overnachtingen krijgen en hieruit ook een voordeel halen.

De exploitanten van toeristische logies leveren via het heffen van een logiestaks een billijke bijdrage leveren aan de gemeentelijke recreatieve voorzieningen. De gemeente streeft hiermee een algemene en evenwichtige spreiding van de belastingdruk na.

Deze belasting viseert meerdere belastingplichtigen in verschillende situaties, wat rechtvaardigt dat deze diversiteit in aanmerking wordt genomen door gebruik te maken van vereenvoudigde categorieën. De belasting kan niet worden aangepast in functie van de bijzonderheden van elk geval.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het WIB 1992 artikelen 297 tem 304.

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen

Het decreet van 5 februari 2016 houdende het toeristische logies (Logiesdecreet)

Het besluit van de Vlaamse Regering van 17 maart 2017 tot uitvoering van het decreet van 5 februari 2016 houdende het toeristische logies

 

Argumentatie

De gemeente acht het wenselijk om een tariefdifferentiatie in te voeren op basis van de indeling van de toeristische logies zoals bepaald in de bijlagen bij het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 5 februari 2016 houdende het toeristische logies, en latere wijzigingen. De mededeling, melding aan of erkenning door Toerisme Vlaanderen op basis van dit decreet is niet determinerend voor de belastbaarheid van het toeristische logies, doch enkel richtinggevend voor de categorie waarin ze belast worden.

Ook niet-aangemelde toeristische logies zijn (informele logies = vergunningsplichtige logies zonder vergunning volgens het Vlaams Logiesdecreet) van die aard dat ze meegenieten van de diverse initiatieven en investeringen om de gemeente op toeristisch vlak aantrekkelijker te maken. Daarom is het wenselijk dat ook zij een financiële bijdrage leveren. Het niet belasten van deze informele logies zou onwettige toestanden in de hand kunnen werken, wat niet gewenst is.

Overwegende dat niet-aangemelde (informele logies) evenzeer belast worden op basis van de werkelijke toestand waarin ze aangeboden worden als toeristische logies in de zin van het Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 5 februari 2016 houdende het toeristische logies, en latere wijzigingen, en dit op basis van de inlichtingen waarover de gemeente beschikt;

Overwegende dat een informeel logies zwaarder belast wordt aangezien het bestuur er veel belang aan hecht dat de exploitant de basisvoorwaarden van het logiesdecreet naleeft; Dit houdt in voldoen aan specifieke brandveiligheidsnormen, in het bezit zijn van een brandverzekering en verzekering burgerlijke aansprakelijkheid, propere en onderhouden logies aanbieden, als uitbater niet veroordeeld zijn voor misdrijven, in het bezit zijn van een eigendomsattest of huurovereenkomst die toelaat het logies uit te baten, het aanbieden van overnachtingen voor minstens één nacht en niet per uur en tot slot waarheidsgetrouwe communicatie verschaft betreffende het toeristische logies; Overwegende dat de gemeente met deze tariefdifferentiatie de belastingplichtigen wenst te stimuleren om zich aan te melden, zodat de op haar grondgebied aangeboden logies voldoen aan de eisen inzake brandveiligheid, comfort, onderhoud en hygiëne; dat de gemeente daarmee in het algemeen belang een veilige en betrouwbare omgeving wenst te creëren voor de toeristen;
Overwegende dat de gemeente het residentieel wonen wil beschermen en dat het in dat opzicht noodzakelijk is om de toeristische logies in de vorm van een vakantiewoning te beperken, zodat deze woningen beschikbaar blijven voor permanente bewoning;
Overwegende dat de gemeente het – gelet op het commercieel karakter van de toeristische logies – billijk acht om een minimumbelasting in te stellen; Overwegende dat vrijstelling wordt voorzien voor specifiek aanbod gericht op jeugdverblijven, jeugdwerkinitiatieven en bivakplaatsen; dat dit garanties biedt voor de kwaliteit en de toegankelijkheid van het aanbod naar de jeugd toe; en dat het gemeentebestuur door deze vrijstelling dit aanbod verder wil ondersteunen;

Overwegende dat de gemeente er geen bezwaar tegen heeft dat de exploitanten van het toeristische logies de belasting doorrekenen aan de betrokken toeristen.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het belastingreglement op toeristische logies in bijlage goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR VASTGOEDINFORMATIE. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op het verstrekken van administratieve gegevens inzake onroerende goederen waarvoor opzoekingen nodig zijn;

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Er werden geen wijzigingen aan het reglement toegevoegd.

Enkel de prijzen werden geïndexeerd.

 

Feiten en context

Indien een burger of rechtspersoon een verzoek indient om  administratieve gegevens te verstrekken inzake onroerende goederen waarvoor opzoekingswerk vereist is, o.m. inzake vervreemding van onroerende goederen enz, is het verantwoord om hiervoor een passende  vergoeding te vragen.

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een gemeentelijke retributie gevestigd op het verstrekken van administratieve gegevens inzake onroerende goederen

 

Juridische grond

Artikel 173  van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel  41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken en om een retributie te heffen op het verstrekken van administratieve gegevens inzake onroerende goederen overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op het verstrekken van administratieve gegevens inzake onroerende goederen een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE OP KOPIËREN EN/OF PRINTEN OP STEDELIJKE LOCATIES. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Op de verschillende locaties van de stad, werden verschillende tarieven gehanteerd voor het maken van kopies en afdrukken.

Door alles in één reglement te zetten, en in de andere reglementen hiernaar te verwijzen, worden overal dezelfde tarieven gehanteerd.

 

Feiten en context

Dit is een nieuw reglement. De inhoud en tarieven komen overeen wat op de prijs op de meeste locaties werd gevraagd. De tarieven werden opgesteld om de kostprijs te drukken, niet om hieruit winst te halen.

 

Juridische grondslag

Artikel 173 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Motivering

De stad streeft geen commerciële doeleinden na. Het is wel te verantwoorden dat de stad een passende vergoeding vraagt voor deze producten en dienst. Deze retributie draagt bij tot het behoud en de verdere uitbouw van een kwalitatief aanbod.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het retributiereglement op kopiëren en/of printen op stedelijke locaties in bijlage goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR HET VERZENDEN VAN HERINNERINGEN EN AANMANINGEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op het verzenden van aanmaningen, laatste berichten en aangetekende zendingen De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Het tarief voor de aangetekende zending werd geïndexeerd.

Het tarief voor invorderingskost voor niet-fiscale vorderingen werd verlaagd naar € 35.00.

 

Feiten en context

Een aantal debiteuren laten na de door hen verschuldigde bedragen tijdig te voldoen, het groot aantal herinneringsbrieven en aangetekende zendingen verhogen de administratieve en frankeringskosten aanzienlijk. Het is aanvaardbaar dat hiervoor een kost wordt aangerekend.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken om een retributie te heffen op het verzenden van aanmaningen, laatste berichten en aangetekende zendingen overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op het verzenden van aanmaningen, laatste berichten en aangetekende zendingen  van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE OP HUWELIJKSPLECHTIGHEDEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van 29 mei 2017 keurde de gemeenteraad het retributiereglement op huwelijksplechtigheden goed, dit reglement neemt een einde op 31 december 2025.

 

Feiten en context

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

De tarieven werden geïndexeerd.

Het reglement werd niet gewijzigd.

 

Juridischgrond

Artikel173vandeGrondwet,

Artikel40§3,artikel41°14,artikelen177en369vanhetDecreetover hetlokaalbestuur, OmzendbriefvandeVlaamseRegeringbetreffendedegemeentefiscaliteitdd.15februari2019.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een reglement op te maken en om een retributie te heffen op huwelijksplechtigheden overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art. 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op huwelijksplechtigheden  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT OP BEGRAAFPLAATSEN EN HET AFSCHEIDSCENTRUM. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In zitting van 16 december 2013 keurde de gemeenteraad een retributiereglement goed op begraafplaatsen en afscheidsruimte.  Dit reglement was geldig van 01 januari 2020 tot en met 31 december 2025 en dient bijgevolg verlengd en geactualiseerd te worden.

 

Feiten en context

Voor de ter beschikking stelling van graven/nissen op de stedelijke begraafplaatsen worden concessies per graf/nis toegestaan voor 50 en 25 jaar. Hiervoor worden passende tarieven aangerekend, deze worden jaarlijks geïndexeerd.

De stad stelt ook groetruimten en een ceremonie ruimte ter beschikking in het afscheidscentrum Kloosterheide, hiervoor wordt een passende vergoeding gevraagd, deze wordt ook jaarlijks aangepast aan de index.

 

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

De tarieven werden gewijzigd.

De inhoud van het reglement werd niet gewijzigd.

 

Juridischegrondslag

Artikel173vandeGrondwet,

Artikel40§3,artikel41°14,artikelen177en369vanhetDecreetover hetlokaalbestuur,

OmzendbriefvandeVlaamseRegeringbetreffendedegemeentefiscaliteitdd.15februari2019

 

Argumentatie

Ter zitting wordt een correctie doorgevoerd in artikel 4, nl. aanpassing van:

"Artikel4:Retributieophetgebruikvandegroetruimtenen/ofceremonieruimteinhetafscheidscentrum

  1. groetruimtenbinnenen/ofbuiten:gratis
  2. ceremonieruimtevooreenplechtigheidvooreenoverledene :

o inwoner van Lier, begraven in Lier: € 250,00/plechtigheid (incl BTW)

oniet-inwonervanLier,begraveninLier: 328,00/plechtigheid(inclBTW)

oniet-inwonervanLier,nietbegraveninLier:433,00/plechtigheid(inclBTW)

..."

 

naar:

"Artikel4:Retributieophetgebruikvandegroetruimtenen/ofceremonieruimteinhetafscheidscentrum

  1. groetruimtenbinnenen/ofbuiten:gratis
  2. ceremonieruimtevooreenplechtigheidvooreenoverledene :

oinwonervanLier:250,00/plechtigheid(inclBTW)

oniet-inwonervanLier,begraveninLier: 328,00/plechtigheid(inclBTW)

oniet-inwonervanLier,nietbegraveninLier:433,00/plechtigheid(inclBTW)

..."

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een reglement op te maken en  om een retributie te heffen op begraafplaatsen en op de afscheidsruimte overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art.2 :

De gemeenteraad beslist om  voor het retributiereglement op het ter beschikking stellen van stedelijke culturele locaties  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT M.B.T. MELDINGEN EN AANVRAGEN BETREFFENDE DE OMGEVINGSVERGUNNING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op diensten mbt meldingen en aanvragen betreffende de omgevingsvergunning.

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Er werden geen wijzigingen doorgevoerd.

Enkel de tarieven werden geïndexeerd.

 

Feiten en context

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie ingevoerd op het prestaties verbonden aan het afleveren van omgevingsvergunningen

 

Juridische grond

Artikel 173  van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel  41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019 Decreet 25.04.2014 betreffende de omgevingsvergunning

K.B. 23.09.1958 houdende algemeen reglement betreffende het fabriceren, opslaan, onder zich houden,

K.B. 20.07.2001 houdende algemeen reglement op de bescherming van de bevolking, van de werknemers en het leefmilieu tegen het gevaar van de ioniserende stralingen.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken om een retributie te heffen op prestaties verbonden aan het afleveren van omgevingsvergunningen overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op prestaties verbonden aan het afleveren van omgevingsvergunningen een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE OP PLAATSRECHTEN MARKTEN EN ELEKTRICITEITSVOORZIENING VOOR MARKTKRAMERS EN ANDERE GEBRUIKERS. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Het huidige retributiereglement op plaatsrechten op markten en elektriciteitsvoorziening voor  marktkramers en andere gebruikers werd goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 25 november 2019. Het retributiereglement ging in op 01 januari 2020 en eindigt op 31 december 2025. Het is wenselijk om het reglement verder te zetten vanaf 01-01-2026, en eindigend op 31 december 2031.

 

De tarieven werden geïndexeerd en het reglement wordt inhoudelijk bijgestuurd op volgende vlakken:

         De groentenmarkt werd stopgezet en wordt dus niet meer vemeld in het reglement.

         De duivenmarkt werd uit het reglement gehaald, en behoort nu tot evenementen.

         Bij elektriciteitsvoorziening werd 60 A eruitgehaald, omdat deze niet wordt aangeboden.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

Het college gaat principieel akkoord om een retributiereglement op te maken en ter goedkeuring te verzenden naar de gemeenteraad om een retributie te heffen op de plaatsrechten op markten en de elektriciteitsvoorziening voor marktkramers en andere gebruikers overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

Het college beslist om  voor het retributiereglement op de plaatsrechten op markten en de elektriciteitsvoorziening voor marktkramers en andere gebruikers voor een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE OP DE ELEKTRICITEITS- EN WATERVOORZIENING VOOR EVENEMENTEN MET COMMERCIËLE DOELEINDEN, KERMISATTRACTIES EN CIRCUSSEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op gebruik van nutsvoorzieningen voor evenementen met commerciële doeleinden, kermissen en circussen.

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2020-2025.

 

Feiten en context

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt ten behoeve van de stad Lier een retributie gevestigd op de nutsvoorzieningen van evenementen met commerciële doeleinden, kermisattracties en circussen.

 

Bij evenementen met commerciële doeleinden, kermissen en circussen wordt door de stad de mogelijkheid geboden om gebruik te maken van de nutsvoorzieningen zoals elektriciteit en water.

Het betreft hier de operationele aansluitingen en het verbruik, hiervoor worden door de stad diensten geleverd. Het is verantwoord om hiervoor een passende vergoeding te vragen.

 

Er werden geen inhoudelijke wijzigingen doorgevoerd.

De tarieven werden enkel geïndexeerd.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken en om een retributie te heffen op nutsvoorzieningen voor evenementen met commerciële doeleinden, kermissen en circussen overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op nutsvoorzieningen voor evenementen met commerciële doeleinden, kermissen en circussen  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR MATERIALEN EN DIENSTEN TER BESCHIKKING GESTELD DOOR DE BIBLIOTHEEK. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Collegebeslissing van 19 april 2021 - Regiobib en ééngemaakt reglement

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2020 en eindigend op 31 december 2025  wordt een retributie ingevoerd op de terbeschikkingstelling van materialen en diensten door de stedelijke openbare bibliotheek.

 

Het huidige retributiereglement loopt ten einde op 31-12-2025.

Het is wenselijk om het huidige retributiereglement te verlengen tot en met 31-12-2031

 

Feiten en context

De stad stelt de collecties van de bibliotheek ter beschikking van de bevolking, voor haar dienstverlening wordt een passende vergoeding gevraagd.

 

Juridische grond

artikelen 285, 286, inzonderheid § 1, 1° van het Decreet Lokaal Bestuur.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor materialen en diensten ter beschikking gesteld door de bibliotheek goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT OP HET ONTLENEN STADSMATERIALEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op het ontlenen van stedelijke materialen De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Er werden geen wijzigingen aangebracht, enkel de tarieven werden geïndexeerd.

 

Feiten en context

Het stadsbestuur wenst  materialen ter beschikking te stellen van haar burgers, verenigingen, organisaties, ….

De stadsmaterialen die ontleend worden moeten dienen voor publieke manifestaties te Lier, of andere gemeentebesturen.

Het is wenselijk om voor dit gebruik een passende vergoeding te vragen.

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie ingevoerd op het ontlenen van stadsmaterialen.

Voor de ontlening van stadsmaterialen hanteert het stadsbestuur Lier drie tariefcategorieën met bijhorende tarieven.

 

Juridische grond

Artikel 170 § 4 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1:

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken en om een retributie te heffen op het ontlenen van stedelijke materialen overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2:

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op het ontlenen van stedelijke materialen een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE OP HET TER BESCHIKKING STELLEN VAN STEDELIJKE SPORTINFRASTRUCTUUR. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op het ter beschikking stellen van stedelijke sportinfrastructuur. De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

Het stadsbestuur wenst haar sportinfrastructuur  ter beschikking te stellen van haar burgers, verenigingen, organisaties, …. Het is wenselijk om voor dit gebruik een passende vergoeding te vragen.

 

Er werden enkele wijzigingen doorgevoerd aan het reglement.

De tarieven werden opgemaakt per uur, en niet meer per dagdelen.

De Dojo, dat vroeger twee aparte zalen had die individueel of samen konden verhuurd worden, kan nu nog enkel in zijn geheel verhuurd worden.

De drankverkoop in sporthal "de Komeet" wordt vanaf 01-01-2026 verkocht met als basisprincipe een gemiddelde toeslag van 20% op de aankoopprijs.

 

Juridische grond

Artikel 173  van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel  41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

Het college gaat principieel akkoord om een retributiereglement op te maken en ter goedkeuring te verzenden naar de gemeenteraad om een retributie te heffen op het ter beschikking stellen van stedelijke sportinfrastructuur.

 

Art 2 :

Het college beslist om voor het retributiereglement  op het ter beschikking stellen van stedelijke sportinfrastructuur een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR HET OCCASIONEEL GEBRUIK VAN CULTURELE STADSLOCATIES. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Voor een termijn ingaand vanaf 1 januari 2020 en eindigend op 31 december 2025 wordt een tariefreglement voor het gebruik van stadslocaties met hun uitrusting ingevoerd.

Dit voor een termijn die eindigt op 31 december  2025  is een vernieuwing noodzakelijk.

 

Feiten en context

De stad stelt meerdere culturele locaties met hun uitrusting ter beschikking van haar burgers, verenigingen, organisaties, ... hiervoor dient een passende vergoeding te worden gevraagd.

Er worden  4 categorieën van gebruikers bepaald. De invullingen van de categorieën werden gewijzigd. De verhuur per dagdeel werd gewijzigd naar verhuur per uur. De verhuurprijzen werden geactualiseerd en er werd een culturele stadslocatie toegevoegd, nl. Begga's Hof.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributie reglement op te maken om een retributie te heffen op het ter beschikking stellen van de stedelijke culturele locaties, overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art. 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op het ter beschikking stellen van stedelijke culturele locaties  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR HET GEBRUIK VAN LIERSE WIJKHUIZEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Het stadsbestuur stelt haar wijkhuizen ter beschikking aan haar burgers, verenigingen, organisaties, ….

Het is wenselijk om voor dit gebruik een passende vergoeding te vragen.

Het huidige retributiereglement vervalt op 31-12-2025.

Het is wenselijk om het huidige retributiereglement  aan te passen en te verlengen voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 voor het gebruik van wijkhuizen en hun uitrusting.

 

Het betreft volgende 4 locaties : wijkhuis Zevenbergen, wijkhuis Herderin, wijkhuis Rosmolen en Dorpshuis De Jutteneer.  Er worden 4 categorieën gebruikers gedefinieerd met elk een eigen tarief.

 

De indelingen van de categorieën werden gewijzigd.

De tarieven werden substantieel verhoogd.

Voor sommige categorieën werd de huur gewijzigd naar per uur, in plaats van per dagdeel.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken en om een retributie te heffen op het ter beschikking stellen van de wijkhuizen van de stad.

 

Art. 2 :.

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op het ter beschikking stellen van wijkhuizen op haar grondgebied  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE INZAKE OCCASIONEEL GEBRUIK VAN ACADEMIELOKALEN EN MATERIALEN VAN DE BEELDACADEMIE. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Het stadsbestuur wenst de lokalen van de Beeldacademie ter beschikking te stellen aan haar leerlingen. Het is wenselijk om hiervoor een gepaste vergoeding te vragen. Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een tariefreglement voor het occasioneel gebruik van academielokalen en materialen ingevoerd.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken en om een retributie te heffen op het occasioneel gebruik van academielokalen en materialen.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement voor occasioneel gebruik van de academielokalen en materialen een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR DE ACTIVITEITEN EN FACILITEITEN VAN JEUGDCENTRUM MOEVEMENT. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

De tarieven voor de activiteiten en de huur van de faciliteiten werden reeds opgenomen in het huishoudelijk reglement van het Moevement.

 

Het is wenselijk om een de tarieven te scheiden van het huishoudelijk reglement waarbij een apart retributiereglement werd opgemaakt.

 

In het verleden werd reeds een vergoeding gevraagd voor het gebruik van de faciliteiten van het Moevement, alsook voor de activiteiten die zij organiseren.

 

Ondanks dat het een nieuw retributiereglement is, werden de tarieven niet aangepast met de tarieven vermeld in het huishoudelijk reglement.

Enkel de vergoeding voor drank, die toen niet vermeld werd, wordt nu vermeld als

         "de retributie voor de dranken bij collectief verbruik te bepalen, met als basisprincipe een gemiddelde toeslag van 20% op de aankoopprijs

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet, Artikel 40 § 3;

Artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur;

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het retributiereglement voor de activiteiten en faciliteiten van Jeugdcentrum Moevement, in bijlage, goed te keuren.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement activiteiten en opvang buitenschoolse opvang Kadee een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2026.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE ACTIVITEITEN EN OPVANG BUITENSCHOOLSE KINDEROPVANG KADEE. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

De stad voorziet reeds in buitenschoolse kinderopvang, en dagopvang voor kinderen jonger dan 14 jaar.

Het is wenselijk dat hiervoor een vergoeding betaald wordt.  Hiervoor is er reeds een retributiereglement dat eindigt op 31-12-2025.

 

Feiten en context

Er werd reeds een nieuw huishoudelijk reglement goedgekeurd voor activiteiten en opvang buitenschoolse kinderopvang Kadee vanaf 01/01/2026.

 

De tarieven die daarin vermeld werden, worden vanaf nu in een apart retributiereglement opgenomen, nl Retributie activiteiten en opvang buitenschoolse kinderopvang Kadee.

Dit reglement onderging geen inhoudelijke of financiële wijzigingen.

Het reglement gaat in vanaf 01/01/2026 en eindigt op 31/12/2031

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet, Artikel 40 § 3;

Artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur;

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het retributiereglement activiteiten en opvang buitenschoolse opvang Kadee, in bijlage, goed te keuren.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement activiteiten en opvang buitenschoolse opvang Kadee een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE OP HET IN BRUIKLEEN GEVEN VAN MUZIEKINSTRUMENTEN EN BIJHOREND UITLEENREGLEMENT. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op het in bruikleen geven van muziekinstrumenten. De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

Het stadsbestuur wenst  muziekinstrumenten, eigendom van de Podiumacademie ter beschikking te stellen  aan haar leerlingen.

Het is wenselijk om hiervoor een gepaste vergoeding te vragen.

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 wordt een retributie ingevoerd op het in bruikleen geven van muziekinstrumenten.

 

Het reglement werd aangepast:

De waarde van de instrumenten werden opgedeeld in 4 in plaats van 3 categorieën waardoor de tarieven voor waarborg en huur van het instrument gewijzigd werd.

 

Juridische grond

Artikel 173  van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel  41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken en om een retributie  te heffen op het in bruikleen geven van muziekinstrumenten aan leerlingen van de Podiumacademie overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op  het in bruikleen geven van muziekinstrumenten  een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT TOEGANGSPRIJZEN STADSMUSEUM. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Het huidig reglement vervalt op 31 december 2025.

Het is wenselijk om het huidige reglement te verlengen voor een termijn die ingaat op 01-01-2026 en eindigend op 31-12-2031

 

Er werden geen wijzigingen aan het reglement toegevoegd.

De tarieven werden met 2 EUR verhoogd.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet, Artikel 40 § 3;

Artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur;

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het retributiereglement toegangsprijzen stadsmuseum, zoals als bijlage toegevoegd, goed te keuren.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement toegangsprijzen stadsmuseum een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIE OP INLICHTINGEN OVER EN DE REPRODUCTIE VAN COLLECTIESTUKKEN IN STEDELIJK BEZIT. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Het huidige retributiereglement op en voorwaarden voor het reproductierecht op kunstwerken werd goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 25 novmeber 2019. Het retributiereglement is geldig tot 31 december 2025 en dient te worden vernieuwd.

 

Feiten en context

Vermits het bestaande reglement een einde neemt op 31 december 2025 is er een nieuw retributiereglement nodig om de nodige rechten toe te staan voor de periode 01 januari 2026 tot en met 31 december  2031.

 

De inhoud van het reglement blijft ongewijzigd.

De tarieven werden geïndexeerd.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet, Artikel 40 § 3;

Artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur;

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken om een retributie te heffen op en de voorwaarden te bepalen voor reproductie van collectiestukken in stedelijk bezit, overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op en de voorwaarden voor reproductie van collectiestukken in stedelijk bezit een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT INZAKE PRODUCTEN, ACTIVITEITEN EN DIENSTEN GELINKT AAN TOERISME, ERFGOED EN STADSPROMOTIE. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Voor de periode 2020 tot en met 2025 bestonden er verschillende reglementen inzake toeristische producten en de verkoop op city-marketing.

Beide reglementen werden samengevoegd, samen met het gebruik van de infrastructuur van het stadsmuseum, en activiteiten en diensten waarbij Liers erfgoed wordt ontsloten aan deelnemende bezoekers.

 

Het is te verantwoorden dat de stad hiervoor een passende vergoeding vraagt boven op de werkelijke kostprijs van deze producten en activiteiten. Deze retributie draagt bij tot het behoud en de verdere uitbouw van een kwalitatief aanbod.

 

Het is wenselijk om de huidige retributiereglementen samen te voegen, daar zij gedeeltelijk overlapten, en deze te verlengen voor een termijn ingaand op 01/01/2026 en eindigend op 31/12/2031.

 

Feiten en context

De stad Lier wenst haar toeristisch- en erfgoedaanbod op een kwaliteitsvolle, duurzame en klantgerichte manier te organiseren en aan te bieden aan bezoekers, toeristen en inwoners ter promotie en beleving van de stad en haar erfgoed. De stad streeft geen commerciële doeleinden na. Het is wel te verantwoorden dat de stad hiervoor een passende vergoeding vraagt boven op de werkelijke kostprijs van deze producten en activiteiten. Deze retributie draagt bij tot het behoud en de verdere uitbouw van een kwalitatief aanbod.

 

Juridische grond

Artikel 173 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3, artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet Lokaal Bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019

 

Argumentatie

Ter zitting wordt een correctie doorgevoerd:

         de zin in artikel 3 met de verwijzing naar tarieven in het retributiereglement voor occasioneel gebruik van culturele stadslocaties wordt geschrapt, nl. "... Tarieven worden op aanvraag verleend en berekend volgens onderstaande tariefzetting, tenzij een afwijking kan gemotiveerd worden vanuit een partnerschap. De tarieven gelden per dagdeel (voormiddag – namiddag – avond). De definiëring van de categorieën van de gebruikers (A – B – C – D) wordt omschreven in het retributiereglement voor occasioneel gebruik van culturele stadslocaties van stad Lier." ;

         in artikel 2 §2 worden de gebruikers overgenomen uit het retributiereglement voor occasioneel gebruik van culturele stadslocaties.

Dit verhoogt de leesbaarheid van het reglement.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

Het college beslist om het retributiereglement in bijlage principieel goed te keuren en te verzenden naar de gemeenteraad.

 

Art 2

Het college van burgemeester beslist dat voor een termijn ingaand op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 een retributie wordt ingevoerd op het aanbod stadspromotie (producten, activiteiten en diensten).

 

Art 3:

Het college van burgemeester en schepenen stuurt het dossier door naar de gemeenteraad.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT OP HET UITVOEREN VAN WERKEN DOOR DE STEDELIJKE TECHNISCHE DIENST OP HET OPENBAAR DOMEIN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 16 december 2019 over de goedkeuring van het retributiereglement op het uitvoeren van werken voor derden op de publieke ruimte en financiële waarborg als voorwaarde bij de omgevingsvergunning (gewijzigd op 6 maart 2023)

 

Feiten en context

Het bestaande retributiereglement op het uitvoeren van werken voor derden op de publieke ruimte en financiële waarborg als voorwaarde bij de omgevingsvergunning (goedgekeurd in de gemeenteraad van 16 december 2019, gewijzigd op 6 maart 2023) zal worden opgeheven en vervangen door een nieuw retributiereglement op het uitvoeren van werken door de stedelijke technische dienst op het openbaar domein.

Het retributiereglement kaderde in een administratieve vereenvoudiging.

 

De tarieven werden enkel geïndexeerd.

Er werden geen wijzigingen doorgevoerd in het reglement.

 

Juridische grondslag

Artikel 173 van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel 41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken om een retributie te heffen op uitvoeren van werken voor derden op de publieke ruimte.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op uitvoeren van werken voor derden op de publieke ruimte een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT PARKEREN OVER HET PARKEREN OP DE OPENBARE WEG. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op parkeren op bepaalde parkeerzones. De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31 december 2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

De stad wenst een gedifferentieerd parkeerbeleid te voeren i.f.v. het aanbieden van parkeerplaatsen voor zijn inwoners en bezoekers en i.f.v. het sturen van het autogebruik. Ter uitvoering van dit beleid worden verschillende tarieven vastgelegd voor zowel de parkeertickets als voor de parkeervergunningen voor de inwoners. De inning van deze gelden wordt gedaan door de parkeerconcessionaris.

 

Onderstaande wijzigingen worden doorgevoerd vanaf 01-01-2026:

* de periodes in de betalende zone en de blauwe zone worden verlengd tot 20u (ipv 19u in 2025)

*tarief 2 wordt opgetrokken (30.6 in 2025) naar 35,00 EUR

*1e bewonerskaart wordt betalend (15 EUR) (vrijstelling voor mensen met sociaal tarief)

*1u gratis parkeren in plaats van 30 minuten.

* Er kunnen 2 keer 1 gratis parkeeruurtje genomen worden, maar met minstens een tussenperiode van 1 uur.

* dagticket wordt opgetrokken naar 5,90 EUR in plaats van 3,80 EUR (in 2025)

*zone 5 wordt uitgebreid met Anton Bergmanlaan en Wallenhof (deze worden betalend vanaf het 6e uur)

*zone 4 werd uit het reglement geschrapt, want er is geen zone 4 meer.

* blauwe zone werd uitgebreid met Gehele Spoorweglei (ipv van Antwerpsesteenweg tot Bareelstraat),Bareelstraat,Sterrenstraat, Hemelplein, Komeetstraat (vanaf kruispunt Sterrenstraat tot kruispunt Guldensporenlaan)

 

Juridische grondslag

Artikel173vandeGrondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur, OmzendbriefvandeVlaamseRegeringbetreffendedegemeentefiscaliteitdd.15februari2019

 

Motivering

Destadwensteengedifferentieerdparkeerbeleidtevoereni.f.v.hetaanbiedenvanparkeerplaatsen voorzijninwonersenbezoekerseni.f.v.hetsturenvanhetautogebruik.Teruitvoeringvanditbeleid worden verschillende tarieven vastgelegd voor zowel de parkeertickets als voor de parkeervergunningen voor de inwoners. De inning van deze gelden wordt gedaan door de parkeerconcessionaris.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

Het college van burgemeester en schepenen gaat principieel akkoord om een retributiereglement op te maken om een retributie  te heffen op parkeren op het grondgebied van de stad overeenkomstig het voorstel in bijlage en stuurt dit dossier door naar de gemeenteraad.

 

Art 2 :

Het college beslist om voor het retributiereglement op  betalend parkeren een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Onderstaande wijzigingen worden doorgevoerd vanaf 01-01-2026:

* de periodes in de betalende zone en de blauwe zone worden verlengd tot 20u (ipv 19u in 2025)

*tarief 2 wordt opgetrokken (30.6 in 2025) naar 35,00 EUR

*1e bewonerskaart wordt betalend (15 EUR) (vrijstelling voor mensen met sociaal tarief)

*1u gratis parkeren in plaats van 30 minuten.

* Er kunnen 2 keer 1 gratis parkeeruurtje genomen worden, maar met minstens een tussenperiode van 1 uur.

* dagticket wordt opgetrokken naar 5,90 EUR in plaats van 3,80 EUR (in 2025)

*zone 5 wordt uitgebreid met Anton Bergmanlaan en Wallenhof (deze worden betalend vanaf het 6e uur)

*zone 4 werd uit het reglement geschrapt, want er is geen zone 4 meer.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT OP HET TIJDELIJK TER BESCHIKKING STELLEN VAN VERKEERSSIGNALISATIE. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In het verleden werd er een retributie geheven op het tijdelijk ter beschikking stellen van verkeerssignalisatie.

De looptijd van het bestaande reglement houdt op per 31/12/2025.

Het is aangewezen om het bestaande reglement te vernieuwen voor de periode 2026-2031.

 

Feiten en context

Indien een burger of onderneming een inname openbaar domein aanvraagt voor een bepaalde gebeurtenis en/of werken is het vaak nodig dat de nodige signalisatie wordt aangebracht bv borden voor parkeerverbod t.b.v.  oa : ceremoniewagens, verhuiswagens, containers, enz… enerzijds om de plaats te reserveren en anderzijds om veiligheidsredenen. Indien nodig kan de gemeente dergelijke borden tijdelijk ter beschikking stellen en/of plaatsen. Het is verantwoord om hiervoor een retributie aan te rekenen.

Onder verkeerssignalisatie verstaan we verkeersborden en/of verkeerstekens.

 

Reglement wordt gewijzigd:

Per begonnen week (7 kalenderdagen) : €11.60 (tarief 2025) per  bord, hierin zit zowel de huur, de  plaatsing en het ophalen van de signalisatie

wordt gewijzigd naar

Per dag : € 5 per bord voor de huur van het bord, én  € 10 voor de plaatsing en het ophalen van de signalisatie

 

Juridische grondslag

Artikel173vande Grondwet,

Artikel40§3,artikel41°14,artikelen177en369vanhetDecreetoverhetlokaal bestuur,

OmzendbriefvandeVlaamseRegeringbetreffendedegemeentefiscaliteitdd.15februari 2019

 

Motivering

Indieneenburgerofondernemingeeninnameopenbaardomeinaanvraagtvooreenbepaaldegebeurtenisen/of werken is het vaak nodig dat de nodige signalisatie wordt aangebracht bv borden voor parkeerverbod tbv oa : ceremoniewagens, verhuiswagens, containers, enz… enerzijds om de plaats te reserveren en anderzijds om veiligheidsredenen. Indien nodig kan de gemeente dergelijke borden tijdelijk ter beschikking stellen en/of plaatsen. Het is verantwoord om hiervoor een retributie aan te rekenen.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken om een retributie  te heffen op het tijdelijk ter beschikking stellen van verkeerssignalisatie overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op het tijdelijk ter beschikking stellen van verkeerssignalisatie een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT DOORGANGSKAARTEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Voor een termijn ingaand op 1 januari 2020 en eindigend op 31 december 2025 wordt een gemeentelijke retributie gevestigd voor het uitreiken van vaste, wijzigingsgevoelige en tijdelijke doorgangskaarten waar voetgangerszones aanwezig zijn.

 

Het is wenselijk om dit reglement te vernieuwen voor een termijn ingaand op 01 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031.

De tarieven werden geïndexeerd.

Het reglement werd niet gewijzigd.

 

Juridische grondslag

Artikel173vandeGrondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur, OmzendbriefvandeVlaamseRegeringbetreffendedegemeentefiscaliteitdd.15februari2019

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het retributiereglement doorgangskaarten in bijlage goed te keuren.

 

Art 2:

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement doorgangskaarten een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT OP WERKEN AAN NUTSVOORZIENINGEN OP HET OPENBAAR DOMEIN VAN DE STAD. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Sedert 2005 kunnen de Iveka-gemeenten aan de distributienetbeheerder een retributie aanrekenen voor de hinder op het gebruik van het gemeentelijk openbaar domein naar aanleiding van werken aan de nutsvoorzieningen elektriciteit en gas.

De stad ontving een nieuw voorstel van Fluvius om het huidige retributiereglement dat in de gemeenteraad van december 2025 dient te worden geactualiseerd.

Gezien de financiële toestand van de stad is het belangrijk om dit reglement voor 3 jaar te vernieuwen.

 

Er werden geen inhoudelijke wijzigingen en geen financiële wijzigingen doorgevoerd.

 

Feiten en context

De stad en de burgers worden voortdurend geconfronteerd met de plaatsing van en/of onderhoud aan verschillende nutsvoorzieningen op gemeentelijk grondgebied;

Deze nutsvoorzieningen vergen  werkzaamheden langs de gemeentelijke wegen en hebben aldus een impact op het openbaar domein;

De goedkeuring door de stad van de Code voor Infrastructuur- en Nutswerken langs gemeentewegen heeft tot doel een snelle en vlotte uitvoering van de werken te bevorderen, teneinde de hinder en de duur van de werken tot een minimum te herleiden;

Deze Code werd opgemaakt door een overlegplatform bestaande uit een delegatie van nutsbedrijven en een delegatie van de gemeenten;

Ook op het vlak van het onderhoud en de herstellingen moeten geregeld dringende werken worden uitgevoerd die verband houden met de continuïteit van de dienstverlening en zijn er daarnaast een aantal werken zoals aansluitingswerken, herstellingen en andere kleine onderhoudswerken die omzeggens constant een impact hebben op het openbaar domein;

Deze code werd geactualiseerd naar aanleiding van meer aandacht voor minder hinder, meer oog voor het totaal concept en het gebruik van nieuwe e-instrumenten GIPOD, KLIP...;

Dit alles verantwoordt dat de gemeente een retributie heft op deze werken.

In bijlage wordt nog een verantwoordingsnota toegevoegd m.b.t. de aanpassing van de tarieven in het reglement. Het betreft een technische bijsturing waarbij tarieven in m² worden omgezet naar tarieven in lopende meter.

 

Juridische grondslag

Artikel 173  van de Grondwet,

Artikel 40 § 3 , artikel  41 ° 14, artikelen 177 en 369 van het Decreet over het lokaal bestuur,

Omzendbrief van de Vlaamse Regering betreffende de gemeentefiscaliteit dd. 15 februari 2019.

De Code voor Infrastructuur – en Nutswerken langs gemeentewegen.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

3 onthoudingen: Ellen Lissens, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 9 stemmen tegen - 3 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het retributiereglement op werken aan nutsvoorzieningen op het openbaar domein van de stad in bijlage goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT VOOR HET TER BESCHIKKING STELLEN VAN FIETSKLUIZEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

In de binnenstad van Lier zijn er heel veel rijwoningen zonder inpandige garage.

De stad wil het fietsgebruik bevorderen en beter faciliteren en daarom fietskluizen ter beschikking stellen aan de inwoners.

Hiervoor wordt een retributiereglement opgesteld waarbij de stad voor het ter beschikking stellen van deze fietskluizen een passende vergoeding vraagt.

 

Feiten en context

De stad Lier wil het fietsgebruik bevorderen en beter faciliteren en stelt daarom fietskluizen ter beschikking aan inwoners die gedomicilieerd zijn in een bepaalde straal (wandelafstand) rond een fietskluis. Of een kandidaat binnen de doelgroep van een bepaalde fietskluis valt, wordt voor iedere kandidaat gebruiker nagegaan door middel van raadpleging van het bevolkingsregister. Bij de plaatsing van iedere nieuwe fietskluis zal via een apart collegebesluit bepaald worden welke inwoners in aanmerking komen als kandidaat gebruiker door de straten of delen ervan te benoemen waarin de kandidaat gebruikers gedomicilieerd moeten zijn.

 

Het huidige retributiereglement wordt behouden, en verlengd voor de periode 01 januari 2026 tot en met 31 december 2031 voor het ter beschikking stellen van fietskluizen.

Het reglement bevat naast de tarieven ook een afsprakenkader en bijhorende voorwaarden.(zie document in bijlage)

De tarieven werden geïndexeerd, de waarborg blijft hetzelfde:

- Jaarlijkse vergoeding € 75/jaar  per fietsparkeerplaats in een fietskluis jaarlijks te indexeren

-  Eenmalig waarborg van € 60

 

Juridische grondslag

Artikel173vandeGrondwet,

Artikel40§3,artikel41°14,artikelen177en369vanhetDecreetover hetlokaalbestuur,

OmzendbriefvandeVlaamseRegeringbetreffendedegemeentefiscaliteitdd.15februari2019.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord om een retributiereglement op te maken en om een retributie te heffen op het aanbieden van fietskluizen overeenkomstig het voorstel in bijlage.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist om voor het retributiereglement op het aanbieden van fietskluizen een geldigheidstermijn vast te leggen van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

RETRIBUTIEREGLEMENT BETREFFENDE ONDERGRONDSE AFVALSYSTEMEN BIJ WOONONTWIKKELINGEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Op 18 december 2023 keurde de gemeenteraad het retributiereglement betreffende ondergrondse afvalsystemen bij woonontwikkelingen goed.

Het huidig reglement loopt af op 31 december 2025.

 

Feiten en context

DestadLierwordtgeconfronteerdmetvragenvanprojectontwikkelaarsbetreffendehetplaatsenvan ondergrondse afvalcontainers in nieuwe stadsontwikkelingen die meer en meer autoluw en in een groene omgeving worden uitgevoerd. Deze locaties zijn vaakniet of moeilijk toegankelijk voor inzamelvoertuigen van huishoudelijk afval. Dit betekent dat een oplossing op maat dient te worden uitgewerkt.

Hetrealiseren,hetonderhoudendeexploitatievandeondergrondsecontainersveroorzaaktvoorde stad Lier hogere kosten dan de reguliere inzameling aan huis.

DemeerkostenvoordestadLierkunnenwordendoorgerekendaandeprojectontwikkelaarsinde vorm van een stedenbouwkundige last.

Dezefinanciëlestedenbouwkundigelastenkunnenals‘retributie’wordengekwalificeerd,er iseen effectieve tegenprestatie van de stad Lier/Ivarem.

Dezelastendienenredelijktezijninverhoudingtotdevergundehandelingen,inditgevalhetbouwen van een aantal wooneenheden.

 

Het is wenselijk om het huidige reglement te verlengen voor een termijn vanaf 01 januari 2026 en eindigden op 31 december 2031.

 

De inhoud van het reglement blijft ongewijzigd.

De tarieven werden geïndexeerd.

 

Juridische grondslag

Artikel173vandeGrondwet artikel  177 Decreet lokaal Bestuur

Besluitvandegemeenteraaddd.23november2020,waarbijdebeheeroverdrachtinzakeinzameling en verwerking van afval werd verleend aan de intergemeentelijke vereniging voor duurzaam afvalbeheer regio Mechelen (IVAREM)

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist om het retributiereglement betreffende ondergrondse afvalsystemen bij woonontwikkelingen in bijlage goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

POLITIEREGLEMENT OP DE BEGRAAFPLAATSEN - AANPASSING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 27 juni 2022 over de goedkeuring van het politiereglement op de begraafplaatsen.

 

Feiten en context

Enkele wijzigingen aan het politiereglement worden voorgesteld:

 

1. Kindersectie begraafplaats Kloosterheide en ingebruikname foetuszone Beekstraat

Door aanpassingen in de aanplanting is de kindersectie op de begraafplaats Kloosterheide niet meer volledig afgesloten van de andere secties. De vermelding moet nog uit het reglement geschrapt worden.

 

Op de begraafplaats Beekstraat kan de zone voor het begraven van foetussen in gebruik genomen worden.

 

Artikel 2 § 3 uit het huidig reglement:

Enkel op de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat is een afzonderlijke sectie voorzien voor begravingen van kinderen beneden de 7 jaar.

 

         Op de begraafplaats Kloosterheide is de kindersectie (sectie Nk) de ‘vlindertuin’, afgesloten van de andere secties door middel van beplanting. In de vlindertuin zijn er een vlinderheuvel, een plaats voor kindergraven, een kinderurnenveld en een herdenkingsboom.

 

Op de plaats voor kindergraven en het kinderurnenveld mogen foetussen begraven worden vanaf 12 weken zwangerschap en kindjes tot de leeftijd van 7 jaar. Op de vlinderheuvel mogen enkel foetussen begraven worden tot 22 weken zwangerschap. De begraving op de vlinderheuvel is anoniem.

 

         Op de begraafplaats Beekstraat is er in de kindersectie (sectie F) plaats voor kindergraven, het begraven van foetussen (in opmaak) en een herdenkingsboom.

 

Op de plaats voor kindergraven mogen foetussen begraven worden vanaf 12 weken zwangerschap en kindjes tot de leeftijd van 7 jaar. Op de plaats voor foetussen mogen enkel foetussen begraven worden tot 22 weken zwangerschap. Deze begraving is anoniem.

 

wordt vervangen door nieuw artikel 2 § 3:

Enkel op de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat is een afzonderlijke sectievoorzien voor begravingen van kinderen beneden de 7 jaar.

 

         Op de begraafplaats Kloosterheide bestaat de kindersectie (sectie Nk, de “vlindertuin”) uit een vlinderheuvel, een plaats voor kindergraven, een kinderurnenveld en een herdenkingsboom.

 

Op de plaats voor kindergraven en het kinderurnenveld mogen foetussen begraven worden vanaf 12 weken zwangerschap en kindjes tot de leeftijd van 7 jaar. Op de vlinderheuvel mogen enkel foetussen begraven worden tot 22 weken zwangerschap. De begraving op de vlinderheuvel is anoniem.

 

         Op de begraafplaats Beekstraat is er in de kindersectie (sectie F) plaats voor kindergraven, het begraven van foetussen en een herdenkingsboom.

 

Op de plaats voor kindergraven mogen foetussen begraven worden vanaf 12 weken zwangerschap en kindjes tot de leeftijd van 7 jaar. Op de plaats voor foetussen mogen enkel foetussen begraven worden tot 22 weken zwangerschap. Deze begraving is anoniem.

 

2. Urnenbos

Het urnenbos is al enkele jaren in gebruik waardoor de vermelding “vanaf ingebruikname” verwijderd moet worden.

 

Artikel 2 § 5 uit het huidig reglement:

Enkel op de begraafplaats Kloosterheide wordt een urnenbos voorzien. Vanaf ingebruikname kunnen hier uitsluitend biologisch afbreekbare urnen begraven worden. Het is niet mogelijk een concessie te nemen in het urnenbos. Er mogen geen tekens, symbolen, afsluitingen, versieringen, … worden aangebracht zodat het natuurlijk karakter kan bewaard worden. Behalve op het daartoe voorziene wandelpad is het verboden het urnenbos te betreden met uitzondering van het personeel van de begraafplaats.

 

wordt vervangen door nieuw artikel 2 § 5:

Enkel op de begraafplaats Kloosterheide wordt een urnenbos voorzien. Hier kunnen uitsluitend biologisch afbreekbare urnen begraven worden. Het is niet mogelijk een concessie te nemen in het urnenbos. Er mogen geen tekens, symbolen, afsluitingen, versieringen, … worden aangebracht zodat het natuurlijk karakter kan bewaard worden. Behalve op het daartoe voorziene wandelpad is het verboden het urnenbos te betreden met uitzondering van het personeel van de begraafplaats.

 

3. Nieuwe sectie op begraafplaats Kloosterheide

Op de begraafplaats Kloosterheide werd een nieuwe sectie in gebruik genomen.

 

Artikel 18 § 3 uit het huidig reglement:

De graftekens mogen volgende afmetingen niet overschrijden.

Gewone graven:

         voor een graf van 2 m²: maximale hoogte: 1,50 m, maximale lengte: 1,70 m, maximale breedte: 0,70 m

         voor een graf van 4 m²: zelfde hoogte en lengte, maximale breedte: 1,70 m.

         voor de secties op het plan van de begraafplaats Kloosterheide: Aa, Bb, Hh, Gg, en op het plan van de begraafplaats Beekstraat: Aa en Bb, met uitzondering van de kindergraven, wordt de maximale lengte gebracht op 2 m en de breedte op 0,90 m. De hoogte blijft hetzelfde.

         voor de secties Cc, Dd, Ee en Ff op het plan van de begraafplaats Kloosterheide en de sectie Ee op het plan van de begraafplaats Beekstraat zijn er enkel nog staande rugstukken toegelaten met de volgende afmetingen: grondplaat 1,00 m X 0,50 m – sokkel en rug: maximale hoogte: 0,90 m en maximale breedte: 0,80 m

 

wordt vervangen door nieuw artikel 18 § 3:

De graftekens mogen volgende afmetingen niet overschrijden.

Gewone graven:

         voor een graf van 2 m²: maximale hoogte: 1,50 m, maximale lengte: 1,70 m, maximale breedte: 0,70 m

         voor een graf van 4 m²: zelfde hoogte en lengte, maximale breedte: 1,70 m.

         voor de secties op het plan van de begraafplaats Kloosterheide: Aa, Bb, Hh, Gg, en op het plan van de begraafplaats Beekstraat: Aa en Bb, met uitzondering van de kindergraven, wordt de maximale lengte gebracht op 2 m en de breedte op 0,90 m. De hoogte blijft hetzelfde.

         voor de secties Cc, Dd, Ee, Ff en Ll op het plan van de begraafplaats Kloosterheide en de sectie Ee op het plan van de begraafplaats Beekstraat zijn er enkel nog staande rugstukken toegelaten met de volgende afmetingen: grondplaat 1,00 m X 0,50 m – sokkel en rug: maximale hoogte: 0,90 m en maximale breedte: 0,80 m

 

4. Plaatsen van afdekplaten op het urnenveld en graftekens op graven

Momenteel is in het reglement opgenomen dat een afdekplaat in het urnenveld moet geplaatst worden 3 maanden na begraving. Het is aangewezen deze termijn te verruimen naar een meer realistische alsook deze termijn te voorzien voor het plaatsen van een grafteken op een graf.

 

Artikel 18 §1 van het huidig reglement:

Tenzij de overledene anders heeft beschikt of zijn/haar verwanten zich ertegen verzetten, heeft iedereen het recht op het graf van zijn verwanten of vrienden een grafteken te laten plaatsen zonder afbreuk te doen aan het recht van de concessiehouder.

Onder een grafteken wordt verstaan: grafsteen, een grafmonument, afdekplaat, confessionele of niet-confessionele symbolen (kruisen,…).

In het urnenbos mogen geen tekens, symbolen, afsluitingen, versieringen, … worden aangebracht zodat het natuurlijk karakter kan bewaard worden.

 

wordt vervangen door nieuw artikel 18 §1:

Tenzij de overledene anders heeft beschikt of zijn/haar verwanten zich ertegen verzetten, heeft iedereen het recht op het graf van zijn verwanten of vrienden een grafteken te laten plaatsen zonder afbreuk te doen aan het recht van de concessiehouder.

Onder een grafteken wordt verstaan: grafsteen, een grafmonument, afdekplaat, confessionele of niet-confessionele symbolen (kruisen,…). Het grafteken moet binnen de 6 maanden na begraving van de eerste overledene geplaatst worden door de nabestaanden.

In het urnenbos mogen geen tekens, symbolen, afsluitingen, versieringen, … worden aangebracht zodat het natuurlijk karakter kan bewaard worden.

 

Artikel 31 § 1 uit het huidig reglement:

De as van gecremeerde stoffelijke overschotten kan op de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat worden geplaatst in urnen in het urnenveld.

Voor het urnenveld aangeduid met de letters Uv op het plan van de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat moet de urn afgedekt worden met een plaat van volgende afmetingen: 0,70 m x 0,70 m en 5 cm dik. Rondom de plaat wordt een boordsteen in arduin gelegd van 5 cm breed en 5 cm dik.

 

Voor het urnenveld aangeduid met de letters Uvn1 en Uvn2 en Uvn2bis op het plan van de begraafplaats Kloosterheide moet de urn afgedekt worden met een plaat van volgende afmetingen: 0,60 m x 0,60 m en maximaal 0,40 m hoog en 3 cm dik.

 

Voor het urnenveld aangeduid met de letters Uvn op het plan van de begraafplaats Beekstraat moet de urn afgedekt worden met een plaat van volgende afmetingen: 0,60 m x 0,60 m en maximaal 0,40 m hoog en 3 cm dik.

 

De afmetingen van de afdekplaat voor de urnenveld aangeduid met de letters Uvn1, Uvn2, Uvn2bis en Uvn worden toegepast wanneer het urnenveld aangeduid met de letters Uv volzet is.

 

Bij voorkeur wordt deze afdekplaat uitgevoerd in zwarte jassberg graniet met opschriften in witte of grijze letters. De afdekplaat moet binnen de 3 maanden na begraving van de eerste overledene worden geplaatst door de nabestaanden. Losse steentjes rond de afdekplaten worden door de stad aangevuld.

 

wordt vervangen door nieuw artikel 31 § 1;

De as van gecremeerde stoffelijke overschotten kan op de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat worden geplaatst in urnen in het urnenveld.

Voor het urnenveld aangeduid met de letters Uv op het plan van de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat moet de urn afgedekt worden met een plaat van volgende afmetingen: 0,70 m x 0,70 m en 5 cm dik. Rondom de plaat wordt een boordsteen in arduin gelegd van 5 cm breed en 5 cm dik.

 

Voor het urnenveld aangeduid met de letters Uvn1 en Uvn2 en Uvn2bis op het plan van de begraafplaats Kloosterheide moet de urn afgedekt worden met een plaat van volgende afmetingen: 0,60 m x 0,60 m en maximaal 0,40 m hoog en 3 cm dik.

 

Voor het urnenveld aangeduid met de letters Uvn op het plan van de begraafplaats Beekstraat moet de urn afgedekt worden met een plaat van volgende afmetingen: 0,60 m x 0,60 m en maximaal 0,40 m hoog en 3 cm dik.

 

De afmetingen van de afdekplaat voor de urnenveld aangeduid met de letters Uvn1, Uvn2, Uvn2bis en Uvn worden toegepast wanneer het urnenveld aangeduid met de letters Uv volzet is.

 

Bij voorkeur wordt deze afdekplaat uitgevoerd in zwarte jassberg graniet met opschriften in witte of grijze letters. De afdekplaat moet binnen de 6 maanden na begraving van de eerste overledene worden geplaatst door de nabestaanden. Losse steentjes rond de afdekplaten worden door de stad aangevuld.

 

5. Benaming team

Door een aanpassing van het organogram is de naam van het team Dienstverlening gewijzigd in Burgerzaken en Klantencontactcentrum. De verwijzing naar het team in dit reglement moet aangepast worden.

 

Artikel 33 § 2 uit het huidig reglement:

Aan de strooiweide op de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat is een gedenkteken voorzien waarop, na een uitstrooiing, een naamplaatje ter nagedachtenis van de overledene kan worden gemonteerd.

 

Dit naamplaatje vermeldt de naam van de overledene, de geboortedatum en de datum van overlijden.

 

Dit naamplaatje moet besteld en betaald worden uiterlijk 2 weken na de asverspreiding bij het team dienstverlening van de stad door de belanghebbenden conform het geldende retributiereglement.

 

De montage van het naamplaatje gebeurt door de grafmaker. Elk naamplaatje blijft voor een periode van minstens tien jaar, te rekenen vanaf de overlijdensdatum, op het gedenkteken aanwezig. Na het verstrijken van de periode van de eerste tien jaar kan het naamplaatje verlengd worden door de belanghebbende en dit zal bevestigd worden op een apart gedenkteken. Het naamplaatje zal gedurende 10 jaar blijven hangen op dit gedenkteken.

 

Indien er geen verlenging gebeurt, zal na het verstrijken van de periode van minstens tien jaar het naamplaatje worden verwijderd door de grafmaker en worden bewaard door de stad.

 

Na afspraak kan een belanghebbende het naamplaatje in ontvangst nemen in het afscheidscentrum op de begraafplaats Kloosterheide en bewaren.

 

wordt vervangen door nieuw artikel 33 § 2:

 Aan de strooiweide op de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat is een gedenkteken voorzien waarop, na een uitstrooiing, een naamplaatje ter nagedachtenis van de overledene kan worden gemonteerd.

 

Dit naamplaatje vermeldt de naam van de overledene, de geboortedatum en de datum van overlijden.

 

Dit naamplaatje moet besteld en betaald worden uiterlijk 2 weken na de asverspreiding bij het team Burgerzaken en Klantencontactcentrum van de stad door de belanghebbenden conform het geldende retributiereglement.

 

De montage van het naamplaatje gebeurt door de grafmaker. Elk naamplaatje blijft voor een periode van minstens tien jaar, te rekenen vanaf de overlijdensdatum, op het gedenkteken aanwezig. Na het verstrijken van de periode van de eerste tien jaar kan het naamplaatje verlengd worden door de belanghebbende en dit zal bevestigd worden op een apart gedenkteken. Het naamplaatje zal gedurende 10 jaar blijven hangen op dit gedenkteken.

 

Indien er geen verlenging gebeurt, zal na het verstrijken van de periode van minstens tien jaar het naamplaatje worden verwijderd door de grafmaker en worden bewaard door de stad.

 

Na afspraak kan een belanghebbende het naamplaatje in ontvangst nemen in het afscheidscentrum op de begraafplaats Kloosterheide en bewaren.

 

Artikel 36 uit het huidig reglement:

Op de vlinderheuvel kan ter nagedachtenis een tegeltje worden geplaatst, waarop enkel een figuurtje en de geboortedatum worden vermeld. Elk tegeltje heeft volgende afmetingen:

150/150/10 mm. Voor het figuurtje is er keuze uit volgende vier afbeeldingen: beertje, bloemetje, vlindertje en zonnetje.

 

Dit tegeltje moet besteld en betaald worden bij het team dienstverlening van de stad door de belanghebbenden conform het geldende retributiereglement.

 

De plaatsing van het tegeltje gebeurt door de grafmaker. Elk tegeltje blijft voor een periode van minstens tien jaar, te rekenen vanaf de geboortedatum, aanwezig op de vlinderheuvel.

Na het verstrijken van de periode van minstens 10 jaar wordt het tegeltje verwijderd door de grafmaker en bewaard door de stad.

Na afspraak kan een belanghebbende het tegeltje in ontvangst nemen en bewaren

 

wordt vervangen dor nieuw artikel 36:

Op de vlinderheuvel kan ter nagedachtenis een tegeltje worden geplaatst, waarop enkel een figuurtje en de geboortedatum worden vermeld. Elk tegeltje heeft volgende afmetingen:

150/150/10 mm. Voor het figuurtje is er keuze uit volgende vier afbeeldingen: beertje, bloemetje, vlindertje en zonnetje.

 

Dit tegeltje moet besteld en betaald worden bij het team Burgerzaken en Klantencontactcentrum van de stad door de belanghebbenden conform het geldende retributiereglement.

 

De plaatsing van het tegeltje gebeurt door de grafmaker. Elk tegeltje blijft voor een periode van minstens tien jaar, te rekenen vanaf de geboortedatum, aanwezig op de vlinderheuvel.

Na het verstrijken van de periode van minstens 10 jaar wordt het tegeltje verwijderd door de grafmaker en bewaard door de stad.

Na afspraak kan een belanghebbende het tegeltje in ontvangst nemen en bewaren

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

         De kindersectie op de begraafplaats Kloosterheide is niet meer volledig afgesloten van de andere secties. Hierdoor moet deze vermelding uit artikel 2 § 3 verwijderd worden.

         De zone voor het begraven van foetussen op de begraafplaats Beekstraat is afgewerkt. Hierdoor dient de vermelding “in opmaak” uit artikel 2 § 3 verwijderd te worden.

         Het urnenbos is al enkele jaren in gebruik waardoor de vermelding “vanaf ingebruikname” uit artikel 2 § 5 verwijderd moet worden.

         Er werd een nieuwe sectie in gebruik genomen op de begraafplaats Kloosterheide. Dit moet opgenomen worden in het reglement.

         Het is aangewezen de termijn voor het plaatsen van een afdekplaat op het urnenveld op te trekken tot een meer realistische termijn van 6 maanden en dit ook te voorzien voor graftekens op graven.

         Door een wijziging aan het organogram waarbij de naam van het team Dienstverlening werd gewijzigd, dient de benaming in dit reglement te worden aangepast

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist de gemeenteraadsbeslissing van 27 juni 2022 over de goedkeuring van het politiereglement op de begraafplaatsen op te heffen.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist het politiereglement op de begraafplaatsen, zoals hierna toegevoegd, goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

HUISHOUDELIJK REGLEMENT OP DE BEGRAAFPLAATSEN - AANPASSING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 27 juni 2022 over de goedkeuring van het huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen.

 

Feiten en context

Enkele wijzigingen aan het huishoudelijk reglement worden voorgesteld.

 

1. Begraven of bijzetten van een urne met as van een of meerdere eerder overleden gezelschapsdieren

Het decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging voorziet in de mogelijkheid om een urne met as van een of meerdere eerder overleden gezelschapsdieren samen met (de as van) de overleden eigenaar te begraven of bij te zetten. Om dit mogelijk te maken, moeten volgende aanpassingen aan het huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen aangebracht worden:

 

1.1 Artikel 3 uit het huidig reglement:

Voor de toepassing van huidig reglement wordt verstaan onder:

        Begraven: elk stoffelijk overschot in een kist, lijkwade of asurne, dat wordt gelegd in een grafkuil, grafkelder of in het urnenveld. Het kan gaan om zowel geconcedeerde als niet-geconcedeerde grond.

        Concessie: overeenkomst tussen de stad en de concessiehouder waarbij de stad een grond of nis ter beschikking stelt voor begraving of bijzetting in het columbarium van een persoon, die als begunstigde wordt aangeduid door de concessiehouder of voor de duur van de thuisbewaring. Er is geen eigendomsoverdracht van de grond of nis. Het betreft slechts een gebruiksrecht, dat verleend wordt tegen betaling voor een welbepaalde termijn. Er mag aan de concessie nooit een andere bestemming worden gegeven dan die welke waarvoor ze werd verleend. De concessies zijn onoverdraagbaar

        Hernieuwing van een concessie: de verlenging van een concessie voor een begraving- of bijzettingtermijn of voor de duur van de thuisbewaring voor een welbepaalde periode na betaling van een welbepaald bedrag

        Geconcedeerde grond/nis: grond of nis in het columbarium, waarop voor een welbepaalde termijn tegen betaling van een bepaald bedrag een concessie wordt genomen door een concessiehouder voor de begraving of bijzetting van de begunstigde van de concessie.

        Niet-geconcedeerde grond/nis: gratis begraven zonder concessie in een grafkuil, een grafkelder, het urnenveld, het urnenbos of gratis bijzetting in een nis van het columbarium

        Verstrooien van as: het uitstrooien van de as na crematie op de strooiweide

        Bijzetten in een nis van het columbarium: de asurne plaatsen in een gesloten nis van het columbarium. Het gaat zowel om geconcedeerde als niet-geconcedeerde nissen.

 

wordt vervangen door nieuw artikel 3 waarbij de definities op alfabet worden gerangschikt om de leesbaarheid te verbeteren en de definitie voor “Gezelschapsdier” uit het decreet wordt toegevoegd:

Voor de toepassing van huidig reglement wordt verstaan onder:

        Begraven: elk stoffelijk overschot in een kist, lijkwade of asurne, dat wordt gelegd in een grafkuil, grafkelder of in het urnenveld. Het kan gaan om zowel geconcedeerde als niet-geconcedeerde grond.

        Bijzetten in een nis van het columbarium: de asurne plaatsen in een gesloten nis van het columbarium. Het gaat zowel om geconcedeerde als niet-geconcedeerde nissen.

        Concessie: overeenkomst tussen de stad en de concessiehouder waarbij de stad een grond of nis ter beschikking stelt voor begraving of bijzetting in het columbarium van een persoon, die als begunstigde wordt aangeduid door de concessiehouder of voor de duur van de thuisbewaring. Er is geen eigendomsoverdracht van de grond of nis. Het betreft slechts een gebruiksrecht, dat verleend wordt tegen betaling voor een welbepaalde termijn. Er mag aan de concessie nooit een andere bestemming worden gegeven dan die welke waarvoor ze werd verleend. De concessies zijn onoverdraagbaar

        Geconcedeerde grond/nis: grond of nis in het columbarium, waarop voor een welbepaalde termijn tegen betaling van een bepaald bedrag een concessie wordt genomen door een concessiehouder voor de begraving of bijzetting van de begunstigde van de concessie.

        Gezelschapsdier: Elk dier dat tam is en traditioneel in huis wordt gehouden voor gezelschap of voor emotionele steun

        Hernieuwing van een concessie: de verlenging van een concessie voor een begraving- of bijzettingtermijn of voor de duur van de thuisbewaring voor een welbepaalde periode na betaling van een welbepaald bedrag

        Niet-geconcedeerde grond/nis: gratis begraven zonder concessie in een grafkuil, een grafkelder, het urnenveld, het urnenbos of gratis bijzetting in een nis van het columbarium

        Verstrooien van as: het uitstrooien van de as na crematie op de strooiweide

 

1.2 Een nieuw artikel 4bis wordt toegevoegd:

Artikel 4bis: begraven of bijzetten van een urne met as van een of meerdere al overleden gezelschapsdieren

§ 1. Een urne met as van een of meerdere eerder overleden gezelschapsdieren kan:

        samen met de overledene in de doodskist worden geplaatst en begraven;

        samen met de in een lijkwade gehulde overledene worden begraven;

        samen met de urne van de overledene in het urnenveld worden begraven;

        samen met de urne van de overledene in het columbarium worden geplaatst.

 

Als het gaat om as van meerdere overleden en gecremeerde gezelschapsdieren, wordt de as verzameld in één asurne.

 

Het gezelschapsdier moet al overleden en gecremeerd zijn op het ogenblik van het overlijden van de eigenaar.

 

§ 2. Een urne met as van een gezelschapsdier kan enkel samen worden bijgezet of begraven met de overleden eigenaar op het ogenblik van de bijzetting of begraving van die eigenaar. Latere bijzettingen of begravingen van een urne met as van een gezelschapsdier zijn niet mogelijk.

 

§ 3. Een urne met as van een gezelschapsdier kan enkel worden begraven of bijgezet in een concessie en wordt beschouwd als een volwaardige plaats in de concessie. De urne moet steeds samen met de overleden eigenaar worden begraven of bijgezet in een gemeenschappelijke concessie en kan bijgevolg nooit worden begraven of bijgezet in een individuele concessie.

 

Een urne met as van een gezelschapsdier kan niet worden begraven of bijgezet in een niet-geconcedeerd graf of columbarium.

 

§ 4. De urne met as van een gezelschapsdier mag nooit de plaats innemen van een urne van een overleden persoon.

 

§ 5. De urne met as van een gezelschapsdier moet steeds biologisch niet-afbreekbaar zijn zodat de assen van mens en dier nooit kunnen gemengd worden.

 

§ 6. Bij ontgraving van de overleden eigenaar of het einde van de concessie volgt de urne met de as van het gecremeerde gezelschapsdier altijd de bestemming van de kist of van de urne van de overleden eigenaar. Dat betekent dat ook de urne met as van het gezelschapsdier moet worden verwijderd.

 

§ 7. Het is niet mogelijk om as van gezelschapsdieren uit te strooien op de strooiweide van de gemeentelijke begraafplaats of te begraven in het urnenbos.

 

 

2. Kindersectie begraafplaats Kloosterheide en ingebruikname foetuszone Beekstraat

Door aanpassingen in de aanplanting is de kindersectie op de begraafplaats Kloosterheide niet meer volledig afgesloten van de andere secties. Deze vermelding moet nog uit het reglement geschrapt worden.

 

Op de begraafplaats Beekstraat kan de zone voor het begraven van foetussen in gebruik genomen worden waardoor de vermelding “(opmaak)” moet geschrapt worden.

 

Artikel 2 § 3 uit het huidig reglement:

Enkel op de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat is een afzonderlijke sectie

voorzien voor begravingen van kinderen beneden de 7 jaar.

 

        Op de begraafplaats Kloosterheide is de kindersectie (sectie Nk) de ‘vlindertuin’, afgesloten van de andere secties door middel van beplanting. In de vlindertuin zijn er een vlinderheuvel, een plaats voor kindergraven, een kinderurnenveld en een herdenkingsboom.

 

Op de plaats voor kindergraven en het kinderurnenveld mogen foetussen begraven worden vanaf 12 weken zwangerschap en kindjes tot de leeftijd van 7 jaar. Op de vlinderheuvel mogen enkel foetussen begraven worden tot 22 weken zwangerschap. De begraving op de vlinderheuvel is anoniem.

 

        Op de begraafplaats Beekstraat is er in de kindersectie (sectie F) plaats voor kindergraven, het begraven van foetussen (in opmaak) en een herdenkingsboom.

 

Op de plaats voor kindergraven mogen foetussen begraven worden vanaf 12 weken zwangerschap en kindjes tot de leeftijd van 7 jaar. Op de plaats voor foetussen mogen enkel foetussen begraven worden tot 22 weken zwangerschap. Deze begraving is anoniem.

 

wordt vervangen door nieuw artikel 2 §3:

Enkel op de begraafplaatsen Kloosterheide en Beekstraat is een afzonderlijke sectie

voorzien voor begravingen van kinderen beneden de 7 jaar.

 

        Op de begraafplaats Kloosterheide  bestaat de kindersectie (sectie Nk, de “vlindertuin”) uit een vlinderheuvel, een plaats voor kindergraven, een kinderurnenveld en een herdenkingsboom.

 

Op de plaats voor kindergraven en het kinderurnenveld mogen foetussen begraven worden vanaf 12 weken zwangerschap en kindjes tot de leeftijd van 7 jaar. Op de vlinderheuvel mogen enkel foetussen begraven worden tot 22 weken zwangerschap. De begraving op de vlinderheuvel is anoniem.

 

        Op de begraafplaats Beekstraat is er in de kindersectie (sectie F) plaats voor kindergraven, het begraven van foetussen en een herdenkingsboom.

 

Op de plaats voor kindergraven mogen foetussen begraven worden vanaf 12 weken zwangerschap en kindjes tot de leeftijd van 7 jaar. Op de plaats voor foetussen mogen enkel foetussen begraven worden tot 22 weken zwangerschap. Deze begraving is anoniem.

 

3. Urnenbos

Het urnenbos is al enkele jaren in gebruik waardoor de vermelding “vanaf ingebruikname” verwijderd moet worden.

 

Huidig artikel 2 § 5:

Enkel op de begraafplaats Kloosterheide wordt een urnenbos voorzien. Vanaf ingebruikname kunnen hier uitsluitend biologisch afbreekbare urnen begraven worden. Het is niet mogelijk een concessie te nemen in het urnenbos. Er mogen geen tekens, symbolen, afsluitingen, versieringen, … worden aangebracht zodat het natuurlijk karakter kan bewaard worden. Behalve op het daartoe voorziene wandelpad is het verboden het urnenbos te betreden met uitzondering van het personeel van de begraafplaats.

 

wordt vervangen door nieuw artikel 2 § 5:

Enkel op de begraafplaats Kloosterheide wordt een urnenbos voorzien. Hier kunnen uitsluitend biologisch afbreekbare urnen begraven worden. Het is niet mogelijk een concessie te nemen in het urnenbos. Er mogen geen tekens, symbolen, afsluitingen, versieringen, … worden aangebracht zodat het natuurlijk karakter kan bewaard worden. Behalve op het daartoe voorziene wandelpad is het verboden het urnenbos te betreden met uitzondering van het personeel van de begraafplaats.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

        Het is aangewezen om de mogelijkheid te bieden urnen met as van eerder overleden en gecremeerde gezelschapsdieren samen met de overleden eigenaar bij te zetten of te begraven. Het decreet op de begraafplaatsen en de lijkbezorging bepaalt dat de regels hierrond in een reglement moeten worden opgenomen.

        De kindersectie op de begraafplaats Kloosterheide is niet meer volledig afgesloten van de andere secties. Hierdoor moet deze vermelding uit artikel 2 § 3 verwijderd worden.

        De zone voor het begraven van foetussen op de begraafplaats Beekstraat is afgewerkt. Hierdoor dient de vermelding “in opmaak” uit artikel 2 § 3 verwijderd te worden.

        Het urnenbos is al enkele jaren in gebruik waardoor de vermelding “vanaf ingebruikname” uit artikel 2 § 5 verwijderd moet worden.

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist de gemeenteraadsbeslissing van 27 juni 2022 over de goedkeuring van het huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen, op te heffen.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist het huishoudelijk reglement op de begraafplaatsen, zoals hierna toegevoegd, goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

SUBSIDIEREGLEMENTEN SOCIO-CULTURELE VERENIGINGEN - REGLEMENT WERKINGSSUBSIDIES VOOR ERKENDE SOCIO-CULTURELE LIERSE VERENIGINGEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

De erkenning en subsidiëring van socio-culturele verenigingen van Lier gebeurt met het reglement 'houdende de erkenning en de subsidiëring van culturele verenigingen van Lier', goedgekeurd in de gemeenteraad van 19 december 2022.

In de gemeenteraad 29 september 2025 werd het 'Reglement erkenning Lierse verenigingen' bekrachtigd. De artikels uit het reglement van 19 december 2022 met betrekking tot erkenning van socio-culturele verenigingen werden toen opgeheven.

 

Feiten en context

Op 29 september 2025 heeft de gemeenteraad een erkenningsreglement goedgekeurd voor alle Lierse verenigingen.

Omwille hiervan moet het reglement houdende de erkenning en subsidiëring van culturele verenigingen van Lier aangepast worden. Er werd gekozen om dit reglement op te splitsen in 3 verschillende reglementen.
1. Erkenning Lierse Verenigingen (reeds bekrachtigd)
2. Reglement subsidies voor culturele projecten

3. Reglement werkingssubsidies voor erkende socio-culturele Lierse verenigingen

 

In het REGLEMENT SUBSIDIES VOOR CULTURELE PROJECTEN gebeurden volgende aanpassingen:

 

De informatie en voorwaarden uit overkoepelende artikelen uit het reglement van 19 december 2022 worden opgenomen in volgende artikelen van het nieuwe reglement:

1. Algemene bepalingen

2. Doelgroep

5. Voorwaarden

 

Het tijdstip van indienen wordt een flexibele datum in functie van het doel van deze subsidie.

 

De informatie rond goedkeuring, evaluatie en uitbetaling, controle en intrekking werd zorgvuldiger en gedetailleerder omschreven zodat er meer helderheid ontstaat bij de aanvrager. Er werden geen aanpassingen gedaan die invloed hebben op de inhoud. Het artikel betwisting (10) werd toegevoegd aan dit reglement.

 

In het REGLEMENT WERKINGSSSUBSIDIES VOOR ERKENDE SOCIO-CULTURELE LIERSE VERENIGINGEN gebeurden volgende aanpassingen:

 

De informatie en voorwaarden uit overkoepelende artikelen uit het reglement van 19 december 2022 worden opgenomen in volgende artikelen van het nieuwe reglement:

1. Algemene bepalingen

2. Doelgroep

5. Voorwaarden

 

De informatie rond voorwaarden, aanvraag en goedkeuring werden zorgvuldiger en gedetailleerder omschreven zodat er meer helderheid ontstaat bij de aanvrager. Er werden geen aanpassingen gedaan die invloed hebben op de inhoud. Het artikel betwisting (9) werd toegevoegd aan dit reglement.

Dit resulteert in volgende reglementen, toegevoegd als bijlage en volledig opgesomd onder 'Besluit':

- Reglement subsidies voor culturele projecten

- Reglement werkingssubsidies voor erkende socio-culturele Lierse verenigingen

 

Fasering

24 nov 2025: principiële goedkeuring van de reglementen door het College van Burgemeester en Schepenen
15 dec 2025: bekrachtiging van de reglementen door de Gemeenteraad

De reglementen treden in werking op de vijfde dag na de bekendmaking.

 

Adviezen

Er werd door de stedelijke administratie gekozen om het reglement van 19 december 2022 op te splitsen in drie aparte reglementen. Vormelijk gaat de Kern van het Cultuurforum hiermee akkoord. De Kern van het Cultuurforum had onvoldoende tijd en middelen om een inhoudelijk en gemotiveerd advies te schrijven over het reglement 'subsidies voor culturele projecten’ en het reglement ‘werkingssubsidies voor erkende socio-culturele Lierse verenigingen’. Het inhoudelijk advies wordt immers beïnvloed door de meerjarenplanning en de begroting die op het moment van advisering nog niet bekrachtigd zijn. De nieuwe Kerngroep van het Cultuurforum, die opstart vanaf 1 januari 2026, zal een werkgroep samenstellen om de inhoud van deze reglementen te bekijken en hier een gemotiveerd advies rond te formuleren.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

De aanpassingen van de reglementen voor de subsidiëring van de socio-culturele verenigingen zijn een logisch gevolg van het nieuwe goedgekeurde erkenningsreglement.
Er werden voornamelijk aanpassingen gedaan op gebied van leesbaarheid en begrijpbaarheid.
De procedure en de mogelijkheid tot betwisting werd grondiger uitgeschreven.  

 

Financiële weerslag

 

Actienummer

Omschrijving actie

01/10/KAP/03/02

 

Ondersteuning culturele verenigingen volgens reglement

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het reglement houdende de erkenning en de subsidiëring van culturele verenigingen van Lier, goedgekeurde door de gemeenteraad van 19 december 2022 op te heffen.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist het reglement werkingssubsidies voor erkende socio-culturele Lierse verenigingen goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

SUBSIDIEREGLEMENT SOCIO-CULTURELE VERENIGINGEN - SUBSIDIE VOOR CULTURELE PROJECTEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

De erkenning en subsidiëring van socio-culturele verenigingen van Lier gebeurt met het reglement 'houdende de erkenning en de subsidiëring van culturele verenigingen van Lier', goedgekeurd in de gemeenteraad van 19 december 2022.

In de gemeenteraad 29 september 2025 werd het 'Reglement erkenning Lierse verenigingen' bekrachtigd. De artikels uit het reglement van 19 december 2022 met betrekking tot erkenning van socio-culturele verenigingen werden toen opgeheven.

 

Feiten en context

Op 29 september 2025 heeft de gemeenteraad een erkenningsreglement goedgekeurd voor alle Lierse verenigingen.

 

Omwille hiervan moet het reglement houdende de erkenning en subsidiëring van culturele verenigingen van Lier aangepast worden. Er werd gekozen om dit reglement op te splitsen in 3 verschillende reglementen.

1. Erkenning Lierse Verenigingen (reeds bekrachtigd)
2. Reglement subsidies voor culturele projecten

3. Reglement werkingssubsidies voor erkende socio-culturele Lierse verenigingen

 

In het REGLEMENT SUBSIDIES VOOR CULTURELE PROJECTEN gebeurden volgende aanpassingen:

 

De informatie en voorwaarden uit overkoepelende artikelen uit het reglement van 19 december 2022 worden opgenomen in volgende artikelen van het nieuwe reglement:

1. Algemene bepalingen

2. Doelgroep

5. Voorwaarden

 

Het tijdstip van indienen wordt een flexibele datum in functie van het doel van deze subsidie.

 

De informatie rond goedkeuring, evaluatie en uitbetaling, controle en intrekking werd zorgvuldiger en gedetailleerder omschreven zodat er meer helderheid ontstaat bij de aanvrager. Er werden geen aanpassingen gedaan die invloed hebben op de inhoud. Het artikel betwisting (10) werd toegevoegd aan dit reglement.

 

In het REGLEMENT WERKINGSSSUBSIDIES VOOR ERKENDE SOCIO-CULTURELE LIERSE VERENIGINGEN gebeurden volgende aanpassingen:

 

De informatie en voorwaarden uit overkoepelende artikelen uit het reglement van 19 december 2022 worden opgenomen in volgende artikelen van het nieuwe reglement:

1. Algemene bepalingen

2. Doelgroep

5. Voorwaarden

 

De informatie rond voorwaarden, aanvraag en goedkeuring werden zorgvuldiger en gedetailleerder omschreven zodat er meer helderheid ontstaat bij de aanvrager. Er werden geen aanpassingen gedaan die invloed hebben op de inhoud. Het artikel betwisting (9) werd toegevoegd aan dit reglement.

Dit resulteert in volgende reglementen, toegevoegd als bijlage en volledig opgesomd onder 'Besluit':

- Reglement subsidies voor culturele projecten

- Reglement werkingssubsidies voor erkende socio-culturele Lierse verenigingen

 

Fasering

24 nov 2025: principiële goedkeuring van de reglementen door het college van burgemeester en schepenen
15 dec 2025: goedkeuring van de reglementen door de gemeenteraad

De reglementen treden in werking op de vijfde dag na de bekendmaking.

 

Adviezen

Er werd door de stedelijke administratie gekozen om het reglement van 19 december 2022 op te splitsen in drie aparte reglementen. Vormelijk gaat de Kern van het Cultuurforum hiermee akkoord. De Kern van het Cultuurforum had onvoldoende tijd en middelen om een inhoudelijk en gemotiveerd advies te schrijven over het reglement 'subsidies voor culturele projecten’ en het reglement ‘werkingssubsidies voor erkende socio-culturele Lierse verenigingen’. Het inhoudelijk advies wordt immers beïnvloed door de meerjarenplanning en de begroting die op het moment van advisering nog niet bekrachtigd zijn. De nieuwe Kerngroep van het Cultuurforum, die opstart vanaf 1 januari 2026, zal een werkgroep samenstellen om de inhoud van deze reglementen te bekijken en hier een gemotiveerd advies rond te formuleren.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

De aanpassingen van de reglementen voor de subsidiëring van de socio-culturele verenigingen zijn een logisch gevolg van het nieuwe goedgekeurde erkenningsreglement.

Er werden voornamelijk aanpassingen gedaan op gebied van leesbaarheid en begrijpbaarheid.
De procedure en de mogelijkheid tot betwisting werd grondiger uitgeschreven.  

 

Financiële weerslag

 

Actienummer

Omschrijving actie

01/10/KAP/03/02

 

Ondersteuning culturele verenigingen volgens reglement

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het reglement houdende de erkenning en de subsidiëring van culturele verenigingen van Lier, goedgekeurde door de gemeenteraad van 19 december 2022 op te heffen.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist het reglement subsidies voor culturele projecten goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

SUBSIDIEREGLEMENT VOOR PLAATSELIJK JEUGDWERK. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

De erkenning en subsidiëring van jeugdverenigingen van Lier gebeurt met het reglement 'subsidiereglement voor het plaatselijk jeugdwerk', goedgekeurd in de gemeenteraad van 24 juni 2019 en gewijzigd op 28 juni 2021.

In de gemeenteraad 29 september 2025 werd het 'Reglement erkenning Lierse verenigingen' bekrachtigd. De artikels uit het reglement van 28 juni 2021 met betrekking tot erkenning van jeugdverenigingen werden toen opgeheven.

 

Feiten en context

Op 29 september 2025 heeft de gemeenteraad een erkenningsreglement goedgekeurd voor alle Lierse verenigingen.

 

Omwille hiervan moet het subsidiereglement voor het plaatselijk jeugdwerk in Lier aangepast worden. Hieronder een overzicht van de aanpassingen:

         Erkenningsvoorwaarden vervangen door subsidievoorwaarden:

         Erkenning via 'Reglement erkenning Lierse verenigingen'

         Specifieke subsidievoorwaarden jeugdverenigingen:

         Minimum 50% van de leden van de vereniging is woonachtig in Lier 

         De vereniging wordt geleid door een bestuur waarvan de meerderheid jonger is dan 25 jaar. (Werkingen met personen met een beperking of met maatschappelijk kwetsbare jongeren kunnen hierop een uitzondering aanvragen aan het college van burgemeester en schepenen na advies van de jeugdraad).

 

Fasering

         1 dec 2025: principiële goedkeuring van het reglement door het college van burgemeester en schepenen

         15 dec 2025: goedkeuring van het reglement door de gemeenteraad

         Het reglement treedt in werking op 01/01/2026.

 

Adviezen

De aanpassingen in het reglement van 28 juni 2021 werden toegelicht op de algemene vergadering van de jeugdraad van 25/11/2025. Een positief advies over het 'Reglement erkenning Lierse verenigingen' werd eerder al geformuleerd door de Kerngroep van de Lierse Jeugdraad. Gezien er verder geen inhoudelijke aanpassingen zijn aan het reglement gaat de jeugdraad akkoord om het reglement zoals toegevoegd in bijlage voor te leggen ter goedkeuring.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

De aanpassingen van het subsidiereglement voor het plaatselijk jeugdwerk zijn een logisch gevolg van het nieuwe goedgekeurde erkenningsreglement. 

 

Financiële weerslag

 

Actienummer

Omschrijving actie

01/05/KAP/03/05

 

Financiële ondersteuning jeugdinitiatieven

 

Stemming

 

21 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Ellen Lissens, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger, Martine Van der Kuylen, Sander Roelandt en Katrien Van Praet

9 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun en Philippe Iglesias Bezemer

Goedkeuring met 21 stemmen voor - 9 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist het subsidiereglement voor het plaatselijk jeugdwerk, goedgekeurd door de gemeenteraad van 24 juni 2019 en gewijzigd op 28 juni 2021, op te heffen.

 

Art 2 :

De gemeenteraad beslist subsidiereglement voor het plaatselijk jeugdwerk principieel goed te keuren.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

REGLEMENT INZAKE DE THUISZORGTOELAGE VOOR OUDEREN - OPHEFFING VANAF 1 JANUARI 2026. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Op 27 april 1998 keurde de gemeenteraad het reglement inzake de thuiszorgtoelage voor ouderen goed. Wijzigingen werden door de Gemeenteraad bevestigd op 18 september 2006, op 27 mei 2012, op 27 mei 2013 en op 27 september 2021.

 

Feiten en context

De thuiszorgtoelage voor ouderen vanuit stad Lier is bedoeld om die ouderen die net uit de boot vallen voor het Vlaams zorgbudget voor zwaar zorgbehoevenden, maar toch hoge zorgnoden hebben en een beperkt inkomen te ondersteunen met een financiële toelage van 600,00 euro op jaarbasis.

 

Vanaf 2021 werd door de Vlaamse Overheid gebruik gemaakt van de BelRAI schaal om de graad van zorgbehoevendheid in te schatten. Deze schaal is meer gedetailleerd en kan de graad van zorgbehoevendheid veel nauwkeuriger inschatten dan de BEL-profiel schaal die tot dan werd gebruikt.

 

Om in Lier in aanmerking te komen voor de thuiszorgtoelage moet de oudere nog thuis wonen,

ouder zijn dan 60 jaar en mindervermogend zijn.

Het lage inkomen wordt aangetoond door het recht op verhoogde tegemoetkoming in het stelsel van de ziekte- en invaliditeitsuitkering of door het in net bezit zijn van een Uitpas met kansentarief van de stad Lier.

 

De hulpbehoevendheid wordt aangetoond via een attest van een erkende thuiszorgdienst of mutualiteit waaruit blijkt dat de zorgbehoevende een BelRAI score heeft van:

         Totaalscore van 12/30 ofwel

         5/12 Voor de scores van ADL én IADL ofwel

         Score 3 óf 4/6 op de module Cognitie

 

De oudere mag niet in aanmerking komen voor de Vlaams zorgbudget voor zwaar zorgbehoevenden en toont dat aan door het afleveren van een bewijs van het ziekenfonds dat de persoon geen erkenning heeft in het Vlaams zorgbudget voor zwaar zorgbehoevenden.

 

Sinds de overschakeling naar de nieuwe schaal om de graad van zorgbehoevendheid in te schatten is er een daling in het aantal aanvragen voor de thuiszorgtoelage voor ouderen van de stad Lier.

 

In 2021 kregen 21 inwoners een thuiszorgtoelage. In 2022 mochten 12 inwoners de toelage ontvangen, in 2023 10 inwoners en in 2024 ontvingen nog 6 inwoners de toelage van 600,00 euro.

 

Anderzijds zijn er in Lier jaar na jaar meer rechthebbenden op het Vlaams zorgbudget voor zwaar zorgbehoevenden. Van 1280 rechthebbenden in 2021 naar 1394 rechthebbenden in 2024 (cijfers departement Zorg – cijfers over de Vlaamse sociale bescherming).

 

Argumentatie

Gezien de sterke daling in het aantal aanvragen sinds de ingebruikname van de nieuwe BelRAI schaal is de impact van de thuiszorgtoelage voor ouderen eerder beperkt geworden.

De BelRAI schaal laat toe de zorgbehoevendheid zeer nauwkeurig vast te stellen waardoor het verschil tussen wel of niet in aanmerking komen, veel duidelijker wordt. Meer en meer Lierse ouderen krijgen het Vlaams Zorgbudget voor zwaar zorgbehoevenden toegewezen.

De basisdoelstelling van de thuiszorgtoelage, met name het ondersteunen van ouderen om zo lang mogelijk in de vertrouwde thuisomgeving te kunnen verblijven, blijft - ook na op het opheffen van het reglement op de thuiszorgtoelage, een prioritair beleidsthema. Onderzoek leert dat het aanbieden van zorgaanbod zoals een dagcentrum en kortverblijf, het aanbieden van laagdrempelige aanspreek- en ondersteuningspunten voor mensen in een thuiszorgomgeving - zoals bv t.a.v. mensen met dementie,... cruciale hefbomen zijn om de versterking van zelfredzaamheid voor ouderen te realiseren. Op deze items wordt blijvend ingezet, en waar mogelijk nog versterkt.

 

Financiële weerslag

De actie: 01/12/KAP/01/22 - Financiële steun om zorgkosten op te vangen heeft een budget van 38.000 euro op jaarbasis. Van deze actie wordt de thuiszorgtoelage en de sociaal pedagogische toelage betaald. Het opheffen van beide reglementen is een besparing van 38.000 euro per jaar of 228.000 euro over de komende zes jaar.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1:

De gemeenteraad beslist akkoord te gaan met de opheffing van het reglement inzake de thuiszorgtoelage vanaf 1 januari 2026.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

REGLEMENT SOCIAAL PEDAGOGISCHE TOELAGE - OPHEFFING VANAF 1 JANUARI 2026. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

De gemeenteraad van 24 september 2012 keurde het reglement inzake de sociaal pedagogische toelage goed. Wijzigingen in het reglement werden door de gemeenteraad goedgekeurd op 27 april 2020.

 

Feiten en context

Het reglement van de sociaal pedagogische toelage heeft tot doel om de zorgkosten die het gevolg zijn van een handicap van een kind te drukken. Mindervermogende ouders die in Lier of Koningshooikt wonen en die zorgen voor een kind met een beperking kunnen in Lier een sociaal pedagogische toelage voor dat kind aanvragen.

 

Om een aanvraag te kunnen indienen moeten ouders recht hebben op de verhoogde tegemoetkoming in het stelsel van de ziekte- en invaliditeitsverzekering of recht hebben op een Uitpas met kansentarief van de stad Lier. Het kind met een beperking mag geen 21 jaar zijn en de beperking wordt aangetoond via het recht op zorgtoeslag voor kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte binnen het Groeipakket. Bovendien mag het kind met een beperking geen belastbare beroepsbedrijvigheid uitoefenen.

 

In 2024 ontvingen gezinnen met in totaal 62 kinderen een sociaal-pedagogische toelage van stad Lier. In 2023 waren er 54 rechthebbenden.

 

Sinds 1 januari 2019 ontvangt elk kind in Vlaanderen een Groeipakket. Het Groeipakket bestaat uit gezinsbijslagen en andere financiële tegemoetkomingen om gezinnen te ondersteunen in de opvoeding van hun kinderen. Het is een pakket financiële tegemoetkomingen op maat van elk kind in elk gezin. Het bedrag hangt af van de situatie.

 

Kinderen geboren vóór 1 januari 2019 vallen nog onder de vroegere regels van de kinderbijslag, maar ontvangen wel toeslagen via het nieuwe Groeipakket. Enkel het maandelijkse basisbedrag is afhankelijk van het aantal kinderen in het gezin en wordt bepaald op basis van hun plaats in het gezin.

 

Het basisbedrag voor elk kind geboren na 1 januari 2019 bedraagt 180,19 euro

 

Het basisbedrag voor het oudste kind in een gezin geboren voor 1 januari 2019 bedraagt 103,72 euro en voor het tweede oudste kind 192, 92 euro. Alle volgende kinderen ontvangen 180,19 euro als maandelijks basisbedrag. Op 6, 12 en 18 jarige leeftijd wordt dit basisbedrag verhoogd met respectievelijk 32,63 euro, 49,86 euro en 63,40 euro

 

Soms hebben kinderen omwille van een beperking extra ondersteuning nodig. Voor hen bevat het Groeipakket naast het basisbedrag een extra zorgtoeslag: de ‘zorgtoeslag voor kinderen met een specifieke ondersteuningsbehoefte’ die de kosten in hun specifieke situatie beter dekt. Deze zorgtoeslag is de enige toeslag binnen het Groeipakket waarvoor een gezin een aanvraag moet indienen. Na een kwaliteitsvolle evaluatie volgens het 4-ogenprincipe waarbij minstens twee verschillende professionals de aanvraag onderzoeken neemt de evaluerend arts van Kind en Gezin  een eindbeslissing. Duidelijke, wetenschappelijk onderbouwde leidraden zorgen voor een uniforme puntentoekenning gebaseerd op de medisch-sociale schaal. De zorgtoeslag bedraagt minimum 90.94 euro tot maximum 606,27 euro per maand.

 

Scoort een kind 12 punten of meer op deze medisch-sociale schaal en is er geen specifieke hulp vanuit jeugdhulp ingeschakeld dan heeft het gezin vanuit het Groeipakket recht op de ondersteuningstoeslag. De ondersteuningstoeslag, vroeger gekend als het basisondersteuningsbudget, is een extra tegemoetkoming om kinderen met een zware zorgbehoefte  te ondersteunen in hun deelname aan de samenleving. De ondersteuningstoeslag bedraagt 337,84 euro per maand en wordt sinds januari 2023 ook uitbetaald via het Groeipakket.

 

Gezinnen met een beperkt inkomen die de opvoedingskosten moeilijker kunnen dragen krijgen vanuit het Groeipakket een sociale toeslag. Deze tegemoetkoming wordt automatisch toegekend zodra een gezin er recht op heeft en is afhankelijk van het inkomen en de gezinsgrootte. De sociale toeslag voor een kind geboren na 1 januari 2019 bedraagt maandelijks minstens 36,41 euro en maximum 105,69 euro. Voor het oudste kind in een gezin geboren voor 1 januari 2019 bedraagt deze sociale toeslag 68,41 euro, voor het tweede oudste kind bedraagt de sociale toeslag 48,33 euro en voor alle volgende kinderen 21,35 euro.

 

Voorstel bestaat erin om aan het college het opheffen van het reglement van de sociaalpedagogische toelage voor principiële goedkeuring voor te leggen, en deze door te sturen naar de gemeenteraad voor definitieve goedkeuring.

 

Argumentatie

Net zoals de aanvragen voor een zorgtoeslag op Vlaams niveau, binnen het Groeipakket, de laatste jaren stijgen, stijgen ook de aanvragen voor een sociaal pedagogische toelage in Lier. De criteria voor een sociaal pedagogische toelage in Lier zijn immers dezelfde als de minimum criteria om een zorgtoeslag vanuit het Groeipakket te ontvangen. Het enige verschil is dat er voor de zorgtoeslag niet aan een financiële voorwaarde moet worden voldaan en voor de sociaal pedagogische toelage wel, nl. recht hebben op een verhoogde tegemoetkoming of een Uitpas met kansentarief hebben van de stad Lier.

 

Alle toeslagen vanuit het Groeipakket kunnen worden gecumuleerd. Dit wil zeggen dat een kind dat in Lier een sociaal pedagogische toelage ontvangt vanuit het Groeipakket kan rekenen op een basisbedrag, eventueel aangevuld met een leeftijdsbijslag, op een zorgtoeslag en op een ondersteuningstoeslag op voorwaarde dat er geen specifieke hulp vanuit jeugdhulp is. Doordat alle rechthebbenden op de sociaal pedagogische toelage minvermogend zijn, kunnen zij ook rekenen op de sociale toeslag vanuit het Groeipakket. Een kind dat een sociaal pedagogische toelage ontvangt van de stad Lier ontvangt maandelijks minstens  263,07 euro tot maximum 1288,35 euro vanuit het Groeipakket.

 

Gezien het voorgaande, is de vaststelling dat de sociaal pedagogische toelage van de stad Lier onvoldoende toegevoegde waarde biedt ten aanzien van de Vlaamse voorzieningen, waardoor het voorstel erin bestaat om het reglement vanaf 1 januari 2026 op te heffen.

 

Bovendien richt de stad Lier zich in de toekomst tot haar lokale kerntaken; de beleidsdoelstelling die stad Lier voor ogen had via het reglement op de sociaal-pedagogische toelage wordt evenzeer ingevuld door de Vlaamse overheid.

 

Financiële weerslag

De actie: 01/12/KAP/01/22 - Financiële steun om zorgkosten op te vangen heeft een budget van 38.000 euro op jaarbasis.

Van deze actie wordt de thuiszorgtoelage en de sociaal pedagogische toelage betaald.

Het opheffen van beide reglementen is een besparing van 38.000 euro per jaar of 228.000 euro over de komende zes jaar.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist kkoord te gaan met de opheffing van het reglement inzake de sociaal pedagogische toelage vanaf 1 januari 2026.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

GEMEENTELIJK AANVULLENDE POLITIEREGLEMENTEN BETREFFENDE DE POLITIE OP HET WEGVERKEER - DELEGATIE AAN COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN SCHEPENEN. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

Artikel 5 van het decreet van 16 mei 2008 bepaalt dat in afwijking van het decreet lokaal bestuur, de gemeenteraad de bevoegdheid tot het vaststellen van aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer op de gemeentewegen die zich op haar grondgebied bevinden, kan toevertrouwen aan het college van burgemeester en schepenen.

 

Aan de gemeenteraad wordt dan ook voorgesteld akkoord te gaan met de delegatie van de vaststelling van gemeentelijke aanvullende reglementen betreffende de politie op het wegverkeer aan het college van burgemeester en schepenen. Op deze manier kan op korte termijn ingespeeld worden op diverse mobiliteitsvraagstukken.

 

Juridische grond

Wet betreffende de politie op het wegverkeer gecoördineerd bij koninklijk besluit van 16 maart 1968

Decreet van 16 mei 2008 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens

Koninklijk besluit van 1 december 1975 houdende algemeen reglement op de politie van het wegverkeer en van het gebruik van de openbare weg

Ministerieel besluit van 11 oktober 1976 waarbij minimumafmetingen en de bijzondere plaatsingsvoorwaarden van de verkeerstekens worden bepaald.

Besluit van de Vlaamse regering van 23 januari 2009 betreffende de aanvullende reglementen op het wegverkeer en de plaatsing en bekostiging van de verkeerstekens

Omzendbrief MOB/2009/01 van 3 april 2009 betreffende de gemeentelijke aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer

 

Argumentatie

Om flexibel in te kunnen gaan op diverse mobiliteitsvraagstukken en om reden dat het opstellen van dergelijke reglementen vaak binnen een korte termijn moet kunnen gebeuren, is het opportuun om de bevoegdheid aan het college van burgemeester en schepenen te delegeren.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 stemmen tegen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 stemmen tegen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad beslist de bevoegdheid tot het vaststellen van aanvullende reglementen op de politie over het wegverkeer te delegeren aan het college van burgemeester en schepenen, mits de beslissingen op de eerstvolgende gemeenteraad ter kennisname worden geagendeerd en dit tot 31 december 2031.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

BESLISSING ZAAK DER WEGEN BIJ 2025/178 - HERBESTEMMEN NORMAALSCHOOL, FASE N - VOORWAARDELIJK GUNSTIG. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

De aanvraag ingediend door Lotte Cornelis namens CAAAP NV gevestigd te Poortakkerstraat 94 te 9051 Gent, heeft betrekking op een terrein, gelegen Berlaarsestraat 23-25, 2500 Lier, kadastraal bekend: afdeling 1 sectie H nrs. 523C en 526A.

 

Het betreft een aanvraag tot het herbestemmen normaalschool, fase n.

 

De aanvraag omvat:

         stedenbouwkundige handelingen

         de exploitatie van een of meerdere ingedeelde inrichtingen of activiteiten

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft deze aanvraag onderzocht, rekening houdend met de terzake geldende wettelijke bepalingen, in het bijzonder met het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening en hun uitvoeringsbesluiten.

 

Argumentatie

  1. Stedenbouwkundige basisgegevens

Ligging volgens het gewestplan

Het gewestplan van toepassing is het gewestplan Mechelen, goedgekeurd bij K.B. van 5 augustus 76 en gewijzigd bij M.B. op 24 juli 1991, 6 mei 1997, 2 februari 1999, 26 mei 2000 en 30 maart 2001.

Het goed situeert zich volgens dit gewestplan in een woongebied met culturele, esthetische en/of historische waarde.

Volgens artikel 5.1.0. van het K.B. van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de gewestplannen en de ontwerp-gewestplannen zijn de woongebieden bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.

Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

 

Volgens artikel 6.1.2.3. van hetzelfde K.B. worden voor volgende nadere aanwijzingen gegeven.  In de woongebieden met culturele, esthetische en/of historische waarde wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden, gegrond op de wenselijkheid van het behoud.

 

Volgens de omzendbrief van 8 juli 1997 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen, gewijzigd op 25 januari 2002 en 25 oktober 2002, zijn volgende bijkomende bepalingen van toepassing in een woongebied met culturele, esthetische en/of historische waarde.

De ordeningsmaatregelen moeten worden bepaald, rekening houdend met de culturele, historische en/of esthetische waarde van het gebied.

 

Ligging volgens bijzondere plannen van aanleg

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg.

 

Ligging volgens ruimtelijke uitvoeringsplannen

Kleinstedelijk gebied Lier

De aanvraag is gelegen binnen de grenzen van het provinciaal ruimtelijk uitvoeringsplan (PRUP) ‘Afbakeningslijn kleinstedelijk gebied’.  Het betreft de vaststelling van de grens van het kleinstedelijk gebied Lier.  Binnen deze lijn wordt op de verschillende beleidsniveaus inzake ruimtelijke ordening een stedelijkgebiedbeleid gevoerd.

Het PRUP ‘Afbakeningslijn kleinstedelijk gebied’ werd goedgekeurd bij ministerieel besluit van 28 juli 2006 en is in voege getreden sinds 7 september 2006.

De bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften binnen de afbakening blijven onverminderd van toepassing.  Deze bestaande bestemmings- en inrichtingsvoorschriften kunnen door voorschriften in nieuwe gewestelijke, provinciale of gemeentelijke uitvoeringsplannen worden vervangen of verder gedetailleerd.

De aanvraag is niet gelegen binnen de grenzen van een gemeentelijk, provinciaal of gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan.

 

  1. Ligging volgens verkaveling

Het goed maakt als lot nr.3 deel uit van de verkaveling V 2020/005, goedgekeurd op 25 januari 2021.

 

  1. Historiek

Perceelnummer : (afd. 1) sectie H 523 C

Er is geen datum van het jaar van het einde van opbouw bekend in de kadastergegevens.

 

Perceelnummer : (afd. 1) sectie H 526 A

Er is geen datum van het jaar van het einde van opbouw bekend in de kadastergegevens.

 

Volgende vergunningen en/of weigeringen zijn gekend voor desbetreffende locatie:

        Stedenbouwkundige vergunning (64/326) d.d. 26 mei 1964 voor bouwen stookplaats en verbouwen bergplaats werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

        Milieuvergunning Pre-VLAREM (67/05) d.d. 22 september 1967 voor opslag mazout.  vergunning ministerie van tewerkstelling en arbeid dd. 22-09-1967 met einddatum 02-12-1995. werd bekomen door de deputatie.

        Stedenbouwkundige vergunning (72/61) d.d. 23 juni 1972 voor verbouwen winkelpui werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

        Milieuvergunning Pre-VLAREM (1972-1) d.d. 5 september 1972 voor zwembad.  vergunning ministerie van volksgezondheid en van het gezin dd. 05-09-1972 tot 02-12-1995. werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

        Stedenbouwkundige vergunning (78/47) d.d. 4 augustus 1978 voor slopen en herbouwen sanitair werd bekomen door stedenbouw.

        Stedenbouwkundige vergunning (81/114) d.d. 13 november 1981 voor vernieuwen zwembad werd bekomen door stedenbouw.

        Stedenbouwkundige vergunning (85/65) d.d. 21 juni 1985 voor verbouwen slaapzalen werd geweigerd door stedenbouw.

        Stedenbouwkundige vergunning (85/66) d.d. 21 juni 1985 voor verbouwen zwembad tot turnzaal werd bekomen door stedenbouw.

        Stedenbouwkundige vergunning (89/262) d.d. 8 april 1991 voor verbouwingswerken werd bekomen door stedenbouw.

        Stedenbouwkundige vergunning (98/141) d.d. 17 september 1998 voor het bouwen en verbouwen van een klaslokaal werd bekomen door stedenbouw.

        Melding (M2018/69) d.d. 6 april 2018 voor uitvoeren van een bronbemaling werd geakteerd door het college van burgemeester en schepenen.

        Verkavelingsvergunning (2017/13) d.d. 18 juni 2018 voor herontwikkeling normaalschool werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

        Omgevingsvergunning (2018/120) d.d. 13 september 2018 voor slopen + renoveren van enkele gebouwen werd bekomen door het college van burgemeester en schepenen.

        Melding (2019/7) d.d. 4 februari 2019 voor plaatsen van 2 mazouttanks met verdeelslang om stroomgroepen te voeden, plaatsen van 2 compressoren, opslag van propaan en zuurstof, stallen van max. 10 bedrijfsvoertuigen en opslag en mechanisch behandelen van betonpuin en mengpuin werd geakteerd door het college van burgemeester en schepenen.

        Omgevingsvergunning (V 2020/005) d.d. 25 januari 2021 voor wijzigen van een vergunde verkaveling werd voorwaardelijk vergund door het college van burgemeester en schepenen.

        Omgevingsvergunning (2020/566) d.d. 29 maart 2021 voor bouwen van een ondergrondse parkeergarage, renovatie, verbouwing en herbestemming van een schoolgebouw abcd en vellen van een hoogstammige berk, linde en solo. werd voorwaardelijk vergund door het college van burgemeester en schepenen.

        Omgevingsvergunning (2021/572) d.d. 2 mei 2022 voor oprichten van gebouw n, project normaalschool werd voorwaardelijk vergund door het college van burgemeester en schepenen.

        Melding (2024/322) d.d. 9 oktober 2024 voor plaatsen bronbemaling werd geakteerd door het college van burgemeester en schepenen.

 

Bouwmisdrijven

        Er zijn geen bouwmisdrijven gekend voor het betrokken goed.

 

  1. Beschrijving van de omgeving en de aanvraag

Beschrijving van de omgeving

Het gebied is geordend door een verkavelingsvergunning. Het grafisch plan en de bijhorende stedenbouwkundige voorschriften geven de criteria weer van een goede ruimtelijke ordening.

 

De toetsing aan de goede ruimtelijke ordening beperkt zich dan enkel tot het nakijken van de conformiteit met plannen en stedenbouwkundige voorschriften.

 

 

- Het perceel is gelegen binnen de vastgestelde archeologische zone: Historische stadskern van Lier, ID:11902

Beschrijving

De historische stadskern is een immense en complexe archeologische zone die het resultaat is van een eeuwenlange intense bewoning binnen de stedelijke grenzen, meestal een omwalling. De stadsplattegrond kent een cumulatief karakter en verschillende fasen, met een oude nederzettingskern die soms teruggaat op een vroeg- of pre-middeleeuwse aanwezigheid. Voor de afbakening is in eerste instantie gekeken naar het 19de-eeuwse gereduceerde kadaster omdat dit de eerste nauwkeurige kadasterkaart is die nog een tijdsbeeld geeft van voor de industrialisering.

 

- De voormalige gebouwen waren vastgesteld bouwkundig erfgoed: Burgerhuizen, ID:108531.

Beschrijving

Eertijds vermoedelijk één geheel, heden twee rijhuizen met in- en uitgezwenkte topgevels van bak- en natuursteen.

 

- Het perceel is gelegen binnen de bufferzone van UNESCO Werelderfgoed: Stadhuis van Lier met Belfort, ID:14986.

Beschrijving

Het stadhuis van Lier met belfort is erkend als werelderfgoed. De binnenstad van Lier werd als bufferzone hieromheen afgebakend.

Het volledige dossier kan je raadplegen op de website van UNESCO.

 

Beschrijving van de aanvraag

Aangevraagde handeling

        Bouwen of herbouwen: Nieuwbouw 4 studio's, 1 dakappartement en 5 individuele fietsenbergingen.

 

Omschrijving

Projectinhoudversie PIV2:

De aanvraag voorziet:

         Het bouwen van een meergezinswoning in gesloten bouworde bestaande uit 4 studio’s en 1 dakappartement.

 

         Het gebouw bestaat uit 3 bouwlagen onder een zadeldak met nok loodrecht op de as van de rijbaan. De kroonlijsthoogte bedraagt 12m42 en nokhoogte 16m57 t.o.v. vloerpas 0.00.

Het gebouw heeft voor alle bouwlagen een bouwdiepte van 15m op de rechter perceelgrens en 13m43 op de linker perceelgrens. De dakbasis is de volledige breedte van het gebouw. 

 

         Het gebouw wordt uitgevoerd met roodbruin gevelmetselwerk gecombineerd met horizontale prefab betonnen elementen in een cementgrijze kleur. Het schrijnwerk is aluminium in een zwarte kleur. Aan de ramen en terrassen is er een doorvalbeveiliging in staal in een zwarte kleur.

Het dak wordt afgewerkt met dakpannen. Binnen het dakgabarit wordt er een dakterras gemaakt. De binnengevels van dit dakterras worden afgewerkt met pleister. Het dakterras bestaat uit tegels op dragers en is te bereiken via een vaste trap.

De kopgevels aan het dakterras worden afgewerkt met pleister. De overige met zink.

 

         Op het gelijkvloers is er aan de linker zijde een onderdoorgang voorzien voor de brandweer met een minimale breedte van 4m en hoogte van 4m t.o.v. vloerpas onderdoorgang zijnde niveau -0.02.

 

         Er worden 5 individuele fietsenbergingen voorzien.

 

         De rooilijn 2.45_98_2 wordt gewijzigd. Deze komt te liggen op de gevelbouwlijn in de onderdoorgang.

Het openbaar domein wordt volgens de plannen uitgevoerd met halfverharding dolomiet.

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer) werd er op 28 augustus 2025 een nieuwe projectinhoudversie V3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11 september 2025.

De brandweerplannen werden aangepast:

         Achteraan wordt er een uitklapbare brandladder met geïntegreerde zijleuning voorzien vanaf het gelijkvloers tot de 2de verdieping.

         De toegangsdeuren van de studio’s worden voorzien van een deursluiter met vrijloopfunctie.

         In de traphal worden er op iedere verdieping brandhaspels + brandblussers voorzien.

         Op het gelijkvloers komt de bediening rookkoepel en brandcentrale links aan de inkomdeur te staan.

         De nooduitgang wordt aangegeven in iedere studio/appartement aan de toegangsdeur.

 

Tijdens het openbaar onderzoek werden er bezwaren ingediend.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

De plannen werden aangepast:

         Bijkomend werd er een open aluminium poort en deur geplaatst in de voorgevel ter afsluiting van het binnengebied.

 

Het aangepaste rooilijnplan opgemaakt door Meta Architectuur, BOB361 Architects, Callebaut Architecten en OKRA Landschapsarchitecten dd. 2/04/2025 met benaming ‘Rooilijnplan’ met plannummer I_N_02. Met een gratis grondafstand van 3,28m². De wegenis wordt uitgevoerd in halfverharding dolomiet.

 

Een belofte van gratis grondafstand werd toegevoegd.

 

Functie

De voorgelegde aanvraag heeft volgende functie: wonen.

 

Sinds het Besluit van de Vlaamse regering tot bepaling van de vergunningsplichtige functiewijzigingen van 14 april 2000, wat gewijzigd werd op 17 juli 2015 en 30 oktober 2015, valt hogergenoemde functie onder volgende hoofdfunctie :

1° wonen;

2° verblijfsrecreatie;

3° dagrecreatie, met inbegrip van sport;  

4° land- en tuinbouw in de ruime zin;

5° detailhandel

6° dancing, restaurant en café;

7° kantoorfunctie, dienstverlening en vrije beroepen;

8° industrie en bedrijvigheid;

9° gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen;

10° militaire functie.

 

Verklaring van de nieuwe functiecategorieën volgens het verslag aan de regering horende bij het desbetreffende besluit van 14 april 2000:

1° wonen

Met wonen wordt residentieel wonen bedoeld. Gebouwen bedoeld voor tijdelijk verblijf (vakantiehuisjes) vallen hier niet onder. Zij behoren tot de functiecategorie ‘verblijfsrecreatie’.

Ook landbouwbedrijfswoningen vallen hier niet onder. Zij behoren tot de functiecategorie ‘land- en tuinbouw in de ruime zin’. De conciërgewoning bij een industrieel bedrijf valt niet onder de categorie ‘wonen’ maar onder ‘industrie en bedrijvigheid’. Dezelfde redenering gaat op voor alle conciërgewoningen.

Wanneer woningen boven gebouwen met een andere functie zijn opgetrokken en functioneel niets te maken hebben met deze functie, dan hebben ze wel de functie 'wonen'. Het gebouw in kwestie heeft dan twee hoofdfuncties.

 

De aanvraag omvat ook een wegenis. Dit is een functie van openbaar nut / handeling van algemeen belang.

Volgens de omzendbrief van 8 juli 1997 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en gewestplannen, gewijzigd op 25 januari 2002 en 25 oktober 2002, zijn volgende bijkomende bepalingen van toepassing voor een openbare nutsfunctie.

Hier worden bedoeld inrichtingen, voorzieningen en activiteiten die gericht zijn op de bevordering van het algemeen belang, en ten dienste staan van elkeen. In de woongebieden zijn onder meer toegelaten : scholen, klinieken, gebouwen voor de eredienst, gemeentehuizen, brandweer, rijkswacht, politie, administratieve gebouwen met beperkte omvang.

Voor deze inrichtingen geldt niettemin de algemene voorwaarde dat zij verenigbaar moeten zijn met de onmiddellijke omgeving (artikel 5.1.0. i.f. - infra). Het is dan ook mogelijk dat zij omwille van hun oppervlaktebehoefte of hun gebondenheid aan andere openbare nutsvoorzieningen niet meer kunnen worden toegelaten in het woongebied en afgezonderd dienen te worden in de gebieden voor gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen, die specifiek voor dergelijke inrichtingen, voorzieningen en activiteiten zijn bestemd.

Indien de bestaande toestand uitwijst dat er reeds een bepaalde concentratie van dergelijke gebouwen gegroeid is, zullen deze gebieden - indien voldoende groot in oppervlakte - op de gewestplannen worden aangeduid met hun specifieke kleur. Dit zal vooral het geval zijn voor instellingen en openbare nutsvoorzieningen van bovengemeentelijk belang.

 

  1. Zaak der wegen

Artikel 31. (01/09/2019- ...) van het decreet betreffende de omgevingsvergunning

§ 1. Als de aanvraag de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg omvat, roept het college van burgemeester en schepenen, in voorkomend geval op verzoek van de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, de gemeenteraad samen om te beslissen over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg.


De gemeenteraad spreekt zich uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein. Hierbij wordt rekening gehouden met de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen, en in voorkomend geval met het gemeentelijk beleidskader en afwegingskader, vermeld in artikel 6 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen. De gemeenteraad kan daarbij voorwaarden opleggen en lasten verbinden, die de bevoegde overheid in de eventuele vergunning opneemt.


§ 2. Als het college van burgemeester en schepenen niet de bevoegde overheid is die in eerste aanleg over de aanvraag beslist, dan bezorgt de gemeente de beslissing van de gemeenteraad over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van de gemeenteweg binnen zestig dagen na het verzoek aan de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15.

 

In dit geval wordt in de gemeenteraad van 15 december voorgelegd en goedgekeurd:

1. Vaststelling van de rooilijn

 

  1. Adviezen

Volgende adviesinstanties zijn van toepassing:

Afdeling 2 De instanties die advies verlenen over stedenbouwkundige handelingen of het verkavelen van gronden, en de inhoud van de adviezen

Artikel 35 OVB

§ 1. Over vergunningsaanvragen of beroepen die betrekking hebben op het uitvoeren van vergunningsplichtige stedenbouwkundige handelingen of op het verkavelen van gronden wordt advies verleend door de instanties en in de gevallen vermeld in dit artikel.

 

§ 8. De adviesinstanties, vermeld in artikel 5 van het besluit van de Vlaamse Regering van 20 juli 2006 tot vaststelling van nadere regels voor de toepassing van de watertoets, tot aanwijzing van de adviesinstanties en tot vaststelling van nadere regels voor de adviesprocedure bij de watertoets, vermeld in artikel 8 van het decreet van 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid, verlenen advies in de gevallen, vermeld in artikel 3 van het voormelde besluit.

         De Vlaamse Waterweg NV – Afdeling Zeeschelde

         Cel Integraal Waterbeheer, Stad Lier

 

Artikel 36. (23/02/2017- ...) 

De adviesinstantie, vermeld in artikel 35, § 2, geeft haar advies over de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen of het aangevraagde verkavelen van gronden conform titel IV, hoofdstuk III van de VCRO.

 

De adviesinstanties, vermeld in artikel 35, § 3 tot en met § 16, geven hun advies over de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen of het aangevraagde verkavelen van gronden conform artikel 4.3.3. en 4.3.4. van de VCRO.

 

Artikel 4.3.3. (01/09/2009- ...) van de VCRO

Indien uit de verplicht in te winnen adviezen blijkt dat het aangevraagde strijdig is met direct werkende normen binnen andere beleidsvelden dan de ruimtelijke ordening, of indien dergelijke strijdigheid manifest reeds uit het aanvraagdossier blijkt, wordt de vergunning geweigerd of worden in de aan de vergunning verbonden voorwaarden waarborgen opgenomen met betrekking tot de naleving van de sectorale regelgeving.


Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder « direct werkende normen » verstaan : supranationale, wetskrachtige, reglementaire of beschikkende bepalingen die op zichzelf volstaan om toepasbaar te zijn, zonder dat verdere reglementering met het oog op precisering of vervollediging noodzakelijk is.

 

Artikel 4.3.4. (01/09/2009- ...) van de VCRO

Een vergunning kan worden geweigerd indien uit een verplicht in te winnen advies blijkt dat het aangevraagde onwenselijk is in het licht van doelstellingen of zorgplichten die gehanteerd worden binnen andere beleidsvelden dan de ruimtelijke ordening.


Voor de toepassing van het eerste lid wordt onder « doelstellingen of zorgplichten » verstaan : internationaalrechtelijke, Europeesrechtelijke, wetskrachtige, reglementaire of beschikkende bepalingen die de overheid bij de uitvoering of de interpretatie van de regelgeving of het voeren van een beleid verplichten tot de inachtneming van een bepaalde doelstelling of van bepaalde voorzorgen, zonder dat deze op zichzelf beschouwd voldoende juridisch duidelijk zijn om onmiddellijk te kunnen worden uitgevoerd.

 

Overige adviezen

 

De brandweerzone Rivierenland wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

         Gebouwen / terreinen (zonder publieke functie):

         Woningen met praktijk- of handelsruimte

         Groepswoningbouw (o.a. appartementsgebouwen, kamerwoningen, …)

         Geschakelde woningen (ééngezinswoningen die gestapeld en/of geschrankt worden al dan niet met een eigen toegang tot elke woning), woningen rond binnenkoeren die niet toegankelijk zijn voor een brandweerwagen, …

         Kantoorgebouwen

         Industriegebouwen (vb. magazijnen, werkplaatsen)

         Gebouwen met risico’s zoals onder meer gascabines, hoogspanningscabines, tankstations, … (zelfs indien met slechts 1 of 2 bouwlagen en ≤ 100 m2)

         Bij de ontwikkeling van ééngezinswoningen met de voordeur uitkomend in een binnengebied dat niet publiek toegankelijk wordt gemaakt

 

Fluvius wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

         meergezinswoningen met meer dan 3 bijkomende entiteiten

 

Pipda, Riolering wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op: riolering andere dan eengezinswoning

 

De interne Cel Technisch bureau wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

         een groter project met toekomstige publieke ruimte

 

De interne Cel Integraal Waterbeheer wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

         een aangevraagde afwijking op de verordening hemelwater

 

De interne Cel Wonen wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

         een aanvraag die afgetoetst moet worden aan de woonkwaliteit en de voorgestelde woonoppervlakte

 

De interne Cel Erfgoed wordt om advies verzocht als het voorwerp van de vergunningsaanvraag betrekking heeft op:

         gebouwen die opgenomen zijn op de inventaris bouwkundig erfgoed

 

Afdeling 3 De instanties die advies verlenen over de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit, en de inhoud van de adviezen (... - ...)

Artikel 37. ( 20/09/2024 - ... )

§ 1. Over vergunningsaanvragen of beroepen die betrekking hebben op de exploitatie van een vergunningsplichtige ingedeelde inrichting of activiteit wordt advies verleend door de instanties en in de gevallen vermeld in dit artikel.

 

Uit nazicht van betreffend(e) artikel(s) blijkt dat voor deze aanvraag tot omgevingsvergunning geen enkel extern / intern advies moet worden gevraagd.

 

Uitgebrachte adviezen:

De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio Centraal heeft op 3 september 2025 volgend advies uitgebracht: geen advies

 

         De Vlaamse Waterweg nv is voor dit dossier geen adviesinstantie voor wat betreft de watertoets. Volgens Artikel 3, §2 uit het uitvoeringsbesluit watertoets moet De Vlaamse Waterweg nv enkel om advies worden gevraagd indien het project waarvoor een vergunning wordt aangevraagd: 1° opgenomen is op de advieskaart watertoets; 2° en/of betrekking heeft op de oprichting of het herbouwen van boven- of ondergrondse constructies of de aanleg of heraanleg van verhardingen, met een oppervlakte van meer dan 1 hectare indien het project afwatert naar een bevaarbare waterloop; 3° en/of geheel of gedeeltelijk gelegen is : a) binnen de bedding van een bevaarbare waterloop; b) op minder dan 50 meter afstand van de kruin van de talud van bestaande of geplande bevaarbare waterlopen. Geen van bovenstaande voorwaarden is voor dit dossier van toepassing.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: geen advies (3 september 2025).

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio Centraal werd op 27 oktober 2025 om advies gevraagd, maar heeft nog geen advies uitgebracht. De wettelijke adviestermijn bedraagt 50 dagen volgend op de ontvangst van de adviesvraag.

 

 

Fluvius heeft op 13 augustus 2025 volgend advies uitgebracht: gunstig

 

         Beste

Indien de klant voor zijn project een nieuwe aansluiting wil, zijn huidige aansluiting (vermogens) wil wijzigingen of een verzwaring wil bekomen dient hij tijdig een aanvraag te doen via de website (Fluvius).

Het dossier komt zo ook bij de juiste interne diensten terecht.

In die aanvraag dient men de juiste vermogens mee te geven die nodig zullen zijn voor de individuele aansluitingen en/of algemene delen.

Nadien (na een gedetailleerde studie) kan er bepaald worden of er al dan niet nog bijkomende netten moeten aangelegd worden om de gevraagde vermogens te kunnen leveren.

Met vriendelijke groeten

Fluvius

 

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gunstig (13 augustus 2025).

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Fluvius werd op 27 oktober 2025 om advies gevraagd, maar heeft geen advies uitgebracht. Het advies wordt geacht stilzwijgend gunstig te zijn. De wettelijke termijn bedraagt 50 dagen volgend op de ontvangst van de adviesvraag.

 

 

Brandweer Lier heeft op 1 augustus 2025 onder ref. P15353-027/01 volgend advies uitgebracht: ongunstig

 

Het volledige brandweeradvies is terug te vinden op het omgevingsloket.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: ongunstig (1 augustus 2025).

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer) opnieuw advies gevraagd.

 

Brandweer Lier heeft op 10 oktober 2025 onder ref. P15353-027/03 volgend advies uitgebracht: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig

 

Het volledige brandweeradvies is terug te vinden op het omgevingsloket.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig (10 oktober 2025).

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Brandweer Lier heeft op 24 november 2025 onder ref. P15353-027/04 volgend advies uitgebracht: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig

 

Het volledige brandweeradvies is terug te vinden op het omgevingsloket.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig (24 november 2025).

 

Het standpunt van Brandweer Lier wordt bijgetreden, de volgende voorwaarde(n) zal/zullen worden opgelegd in de vergunning :

         De bijgevoegde maatregelen opgelegd in het advies van Brandweerzone Rivierenland (ref. P15353-027/04) van 24 november 2025 strikt na te leven.).

 

 

Pidpa - Riolering heeft op 18 juli 2025 onder ref. L-25-998/ 206651 volgend advies uitgebracht: voorwaardelijk gunstig

 

         Betreffende de aan te leggen rioleringsinfrastructuur aangaande de bovenvermelde adviesaanvraag kunnen wij u meedelen:

1. Beschrijvend gedeelte:

 

1.a. Van toepassing zijnde regelgeving:

- Het reglement voor de aanleg van rioleringsinfrastructuur in ontwikkelingen, goedgekeurd door de gemeenteraad (zie website www.pidpa.be).

- Het Vlaams reglement houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM).

- De gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater d.d. 2 oktober 2023 (De gewestelijke hemelwaterverordening 2023 | Departement Omgeving - Vlaamse overheid (vlaanderen.be).

- Gecodificeerd Decreet Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO)

- De code van goede praktijk voor het ontwerp, de aanleg en het onderhoud van rioleringssystemen.

- Het algemeen waterverkoopreglement (zie onze website bij Waterverkoopreglementen | Pidpa).

- Het bijzonder waterverkoopreglement (zie onze website bij Waterverkoopreglementen | Pidpa).

- De technische voorschriften private waterafvoer (zie website www.pidpa.be).

- Het hemelwater- en droogteplan van deze gemeente is beschikbaar. Deze zijn raadpleegbaar op onze website www.pidpa.be.

- Het watertoetsbesluit en de daarbij horende informatieplicht (www.waterinfo.be/Watertoets).

- Deze lijst is niet limitatief.

 

1.b. Omgevingsanalyse:

- De ontwikkeling is gelegen in het centrale gebied met reeds bestaande aansluiting op een zuiveringsstation (oranje gearceerd).

 

1.c. Weerhouden geval volgens het ontwikkelingsreglement:

- De ontwikkeling ligt in centraal gebied, grenzend aan centraal gebied of in geoptimaliseerd buitengebied en er zijn enkel beperkte rioleringswerken en bijhorend sleufherstel van de bestaande wegenis nodig binnen het openbaar domein. Dit valt onder de specifieke voorwaarden van het geval A.2. van het ontwikkelingsreglement.

 

1.d. Weerhouden bepalingen volgens het ontwikkelingsreglement:

- Pidpa bepaalt welke rioleringsinfrastructuur voorzien moet worden door de ontwikkelaar en maakt hiervoor eventueel een offerte over aan de ontwikkelaar.

- De werken worden uitgevoerd door Pidpa of een door Pidpa aangestelde aannemer. Dit kan slechts na betaling van de in de offerte vermelde geraamde kostprijs.

- Onvoorziene omstandigheden tijdens uitvoering van de werken die aanleiding geven tot een stijging van de kosten worden eveneens aangerekend aan de ontwikkelaar.

 

2. Voorwaarden: (onverminderd de bepalingen uit het ontwikkelingsreglement)

2.a. Specifieke voorwaarden:

- De DWA-afvoer en de RWA-afvoer dienen aangesloten te worden op de gemengde riolering langsheen de Berlaarsestraat.

Op de locatie van deze ontwikkeling bevindt zich een drinkwaterleiding in PVC 90. Deze zal onder de doorgang naar het Barbara-Vettersplein blijven liggen. Hierop dient een erfdienstbaarheid gevestigd te worden. Schade dient vermeden te worden en zal worden verhaald op de veroorzaker(s).

Er mag geen toegangspoort worden geplaatst tussen het openbaar domein in de Berlaarsestraat en het Barbara Vettersplein. Onze leiding dient ten allen tijde vlot toegankelijk te blijven.

Bij nieuwbouw of herbouw van een gebouw, bij verbouwing van een bestaand gebouw met werken aan de afwatering of bij uitbreiding van een bestaand gebouw, met meerdere woongelegenheden is de plaatsing van een of meer hemelwaterputten verplicht.

- De hemelwaterput met een inhoud van 12.200 liter voldoet aan de GSVH.

- De hemelwaterput dient voorzien te zijn van effectief hergebruik van regenwater. Het opgevangen hemelwater wordt maximaal gebruikt voor toepassingen waar geen drinkwaterkwaliteit voor nodig is, waaronder toiletspoeling, poetswater, wasmachine en gebruik voor de tuin.

- Er worden 5 wooneenheden aangesloten op het hergebruik, waarmee wordt voldaan aan de GSVH.

- Er dient geen infiltratievoorziening geplaatst te worden.

- Appartementsterrassen dienen te worden aangesloten op het RWA-stelsel.

- Een voldoende gedimensioneerde (volgens 'waterwegwijzer bouwen en verbouwen') en goed werkende voorbehandelingsinstallatie (septische put) op de afvoer van de toiletten is verplicht.

- De septische put werd op het plan ingetekend met een volume van 3.600 liter, wat overeenstemt met - De bestaande rioolaansluiting dient hergebruikt te worden. Tijdens de werkzaamheden dient deze

aansluiting op een degelijke wijze afgesloten te worden, zodat er geen onnodig vuil, zand, afval… in de riolering kan terechtkomen. Nieuwe of extra aansluitingen (op een andere locatie of met een grotere diameter) zijn ten laste van de ontwikkelaar. Hiervoor dient u vooraf een toelating te krijgen van Pidpa.

- Eén DWA-huisaansluitputje ter hoogte van elke overgang van privéwaterafvoer naar het openbaar saneringsnetwerk is verplicht.

- Eén RWA-huisaansluitputje ter hoogte van elke overgang van privéwaterafvoer naar het openbaar netwerk is verplicht.

- De huisaansluitputjes, de plaatsing ervan en de aansluiting(en) op de riolering zijn ten laste van de ontwikkelaar.

 - Deze putjes dienen te voldoen aan de voorwaarden voor een standaard huisaansluiting:

o minimaal 0,5 m en maximaal 1 m uit elkaar

o maximale diameter van 160 mm

o de bovenkant van de buis maximum 50 cm onder het maaiveld ter hoogte van de rooilijn - De aansluitingen dienen aangevraagd te worden bij Pidpa-Riolering (www.pidpa.be).

- Dossierkost

Er dient door de ontwikkelaar een éénmalige dossierkost betaald te worden van € 625,00 euro (excl. BTW), zoals vermeld in punt 2.b. en conform artikel 5 van het ontwikkelingsreglement (deze dossierkost dient betaald te worden nadat de vergunning werd afgeleverd).

 

2.b. Algemene voorwaarden:

- De dossierkost, conform artikel 5 van het ontwikkelingsreglement, dient betaald te worden nadat Pidpa in kennis werd gesteld van het afleveren van de vergunning. Deze dossierkost wordt door Pidpa rechtstreeks aan de ontwikkelaar gefactureerd. Deze dossierkost staat volledig los van een eventuele offerte voor het uitvoeren van werken door Pidpa.

- Voor elke aansluiting op de riolering (dus ook op bestaande wachtaansluitingen/ huisaansluitputjes) dient een aanvraag gericht te worden aan Pidpa-Riolering.

- Bij een bemaling is het verplicht een zandvang en een debietsmeter te plaatsen.

- Bij calamiteiten (vervuiling/verstopping/wateroverlast/…) ten gevolge van de lozing van bemalingswater zullen alle kosten worden verhaald op de veroorzaker.

- De keuring van de afvoer van de privéwaterafvoer is verplicht:

o bij nieuwbouw of herbouw

o bij het realiseren van een bijkomende aansluiting of het plaatsen van een IBA

o bij de aanleg van een gescheiden riolering op het openbaar domein tenzij er een conform keuringsattest kan voorgelegd worden van nieuw- of herbouw dat niet ouder is dan 5 jaar 3. Beoordeling:

Het advies is voorwaardelijk gunstig.

Er dient voldaan te worden aan de bovenstaande te volgen richtlijnen, voorwaarden en regelgeving. Op de locatie van deze ontwikkeling bevindt zich een drinkwaterleiding in PVC 90. Deze zal onder de doorgang naar het Barbara-Vettersplein blijven liggen. Hierop dient een erfdienstbaarheid gevestigd te worden. Schade dient vermeden te worden en zal worden verhaald op de veroorzaker(s).

Er mag geen toegangspoort worden geplaatst tussen het openbaar domein in de Berlaarsestraat en het Barbara Vettersplein. Onze leiding dient ten allen tijde vlot toegankelijk te blijven.

 

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: voorwaardelijk gunstig (18 juli 2025).

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Pidpa - Riolering heeft op 21 november 2025 onder ref. L-25-998/ 207605 volgend advies uitgebracht: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig

 

         Betreffende de aan te leggen rioleringsinfrastructuur aangaande de bovenvermelde adviesaanvraag kunnen wij u meedelen:

1. Beschrijvend gedeelte:

1.a. Van toepassing zijnde regelgeving:

- Het reglement voor de aanleg van rioleringsinfrastructuur in ontwikkelingen, goedgekeurd door de gemeenteraad (zie website www.pidpa.be).

- Het Vlaams reglement houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM).

- De gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwater d.d. 2 oktober 2023 (De gewestelijke hemelwaterverordening 2023 | Departement Omgeving - Vlaamse overheid (vlaanderen.be).

- Gecodificeerd Decreet Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening (VCRO)

- De code van goede praktijk voor het ontwerp, de aanleg en het onderhoud van rioleringssystemen.

- Het algemeen waterverkoopreglement (zie onze website bij Waterverkoopreglementen | Pidpa).

- Het bijzonder waterverkoopreglement (zie onze website bij Waterverkoopreglementen | Pidpa).

- De technische voorschriften private waterafvoer (zie website www.pidpa.be).

- Het hemelwater- en droogteplan van deze gemeente is beschikbaar. Deze zijn raadpleegbaar op onze website www.pidpa.be.

- Het watertoetsbesluit en de daarbij horende informatieplicht (www.waterinfo.be/watertoets).

- Deze lijst is niet limitatief

1.b. Omgevingsanalyse:

- De ontwikkeling is gelegen in het centrale gebied met reeds bestaande aansluiting op een zuiveringsstation (oranje gearceerd).

- Deze ontwikkeling is gelegen in overstromingsgevoelig gebied (NOG). Zoals voorzien in het watertoetsbesluit dienen de nodige beschermingsmaatregelen genomen te worden om de (toekomstige) gebouwen te vrijwaren van een overstroming. De ligging in overstromingsgevoelig gebied heeft geen invloed op het resultaat van het advies en wordt louter ter informatie meegedeeld.

1.c. Weerhouden geval volgens het ontwikkelingsreglement:

- De ontwikkeling ligt in centraal gebied, grenzend aan centraal gebied of in geoptimaliseerd buitengebied en er zijn enkel beperkte rioleringswerken en bijhorend sleufherstel van de bestaande wegenis nodig binnen het openbaar domein. Dit valt onder de specifieke voorwaarden van het geval A.2. van het ontwikkelingsreglement.

1.d. Weerhouden bepalingen volgens het ontwikkelingsreglement:

- Pidpa bepaalt welke rioleringsinfrastructuur voorzien moet worden door de ontwikkelaar en maakt hiervoor eventueel een offerte over aan de ontwikkelaar.

- De werken worden uitgevoerd door Pidpa of een door Pidpa aangestelde aannemer. Dit kan slechts na betaling van de in de offerte vermelde geraamde kostprijs.

- Onvoorziene omstandigheden tijdens uitvoering van de werken die aanleiding geven tot een stijging van de kosten worden eveneens aangerekend aan de ontwikkelaar.

2. Voorwaarden: (onverminderd de bepalingen uit het ontwikkelingsreglement)

2.a. Specifieke voorwaarden:

- De DWA-afvoer en de RWA-afvoer dienen aangesloten te worden op de bestaande gemengde riolering langsheen de Berlaarsestraat.

- Het is steeds toegestaan de RWA volledig te laten infiltreren op eigen terrein indien het grondwaterniveau en de infiltratiecapaciteit van de bodem dit toelaten.

- Bij nieuwbouw of herbouw van een gebouw, bij verbouwing van een bestaand gebouw met werken aan de afwatering of bij uitbreiding van een bestaand gebouw, met meerdere woongelegenheden is de plaatsing van een of meer hemelwaterputten verplicht.

- De hemelwaterput met een inhoud van 12.200 liter voldoet aan de GSVH.

- De hemelwaterput dient voorzien te zijn van effectief hergebruik van regenwater. Het opgevangen hemelwater wordt maximaal gebruikt voor toepassingen waar geen drinkwaterkwaliteit voor nodig is, waaronder toiletspoeling, poetswater, wasmachine en gebruik voor de tuin. Dit wordt hier voorzien door de aansluiting van toiletten en dienstkranen. Ook de wasmachines dienen verplicht mee aangesloten te worden voor hergebruik, dit dient aangepast te worden.

- Er worden 5 wooneenheden aangesloten op het hergebruik, waarmee wordt voldaan aan de GSVH.

- De overloop van de hemelwaterput moet worden aangesloten op een bovengrondse infiltratievoorziening.

Omwille van het voldoende hergebruik komt de infiltratievoorziening, volgens de berekening in de aanstiplijst hemelwater, te vervallen. Dit echter onder de strikte voorwaarde dat de wasmachines mee worden aangesloten voor hergebruik.

- Waterdoorlatende verhardingen met een hellingspercentage van minder dan 2% dienen niet te worden opgenomen in de berekening voor de dimensionering van de hemelwatervoorzieningen.

- De oppervlakte van de onverharde zone dient minimaal een vierde van de afwaterende oppervlakte te bedragen.

- Appartementsterrassen dienen te worden aangesloten op het RWA-stelsel.

- Een voldoende gedimensioneerde (volgens 'waterwegwijzer bouwen en verbouwen') en goed werkende voorbehandelingsinstallatie (septische put) op de afvoer van de toiletten is verplicht. Deze wordt voorzien en staat vermeld op het plan.

- De septische put werd op het plan ingetekend met een volume van 3.600 liter.

- De bestaande rioolaansluiting dient hergebruikt te worden. Tijdens de werkzaamheden dient deze aansluiting op een degelijke wijze afgesloten te worden, zodat er geen onnodig vuil, zand, afval… in de riolering kan terechtkomen. Nieuwe of extra aansluitingen (op een andere locatie of met een grotere diameter) zijn ten laste van de ontwikkelaar. Hiervoor dient u vooraf een toelating te krijgen van Pidpa.

- Eén DWA-huisaansluitputje ter hoogte van elke overgang van privéwaterafvoer naar het openbaar saneringsnetwerk is verplicht.

- Eén RWA-huisaansluitputje ter hoogte van elke overgang van privéwaterafvoer naar het openbaar netwerk is verplicht, tenzij wordt aangesloten op een gracht of een ander open hemelwaterlichaam.

- De huisaansluitputjes, de plaatsing ervan en de aansluiting(en) op de riolering zijn ten laste van de ontwikkelaar.

- Deze putjes dienen te voldoen aan de voorwaarden voor een standaard huisaansluiting:

         minimaal 0,5 m en maximaal 1 m uit elkaar

         maximale diameter van 125 mm voor DWA en 160 mm voor RWA

         de bovenkant van de buis maximum 50 cm onder het maaiveld ter hoogte van de rooilijn

- De aansluitingen dienen aangevraagd te worden bij Pidpa-Riolering (www.pidpa.be).

- Het plaatsen van een poort is voor Pidpa mogelijk op voorwaarde dat wij ten allen tijde toegang kunnen bekomen.

Een poort als visuele barrière maar zonder nachtslot of ander (elektrische) slot en dus te allen tijde manueel te openen.

Het inschakelen van een meldkamer of bewakingsfirma die 24/7 telefonisch (telefoonnummer dient duidelijk zichtbaar aangebracht bij de poort) bereikbaar is en die de poort vanop afstand kan loszetten of openen, of de code kan geven om de poort te openen. Bij stroomuitval dient deze poort gemakkelijk manueel geopend te kunnen worden.

- Dossierkost

Er dient door de ontwikkelaar een éénmalige dossierkost betaald te worden van € 625,00 euro (excl. BTW), zoals vermeld in punt 2.b. en conform artikel 5 van het ontwikkelingsreglement (deze dossierkost dient betaald te worden nadat de vergunning werd afgeleverd).

2.b. Algemene voorwaarden:

- De dossierkost, conform artikel 5 van het ontwikkelingsreglement, dient betaald te worden nadat Pidpa in kennis werd gesteld van het afleveren van de vergunning. Deze dossierkost wordt door Pidpa rechtstreeks aan de ontwikkelaar gefactureerd. Deze dossierkost staat volledig los van een eventuele offerte voor het uitvoeren van werken door Pidpa.

- Voor elke aansluiting op de riolering (dus ook op bestaande wachtaansluitingen/ huisaansluitputjes) dient een aanvraag gericht te worden aan Pidpa-Riolering.

- Bij een bemaling is het verplicht een zandvang en een debietsmeter te plaatsen.

- Bij calamiteiten (vervuiling/verstopping/wateroverlast/…) ten gevolge van de lozing van bemalingswater zullen alle kosten worden verhaald op de veroorzaker.

- De keuring van de afvoer van de privéwaterafvoer is verplicht:

         bij nieuwbouw of herbouw

         bij het realiseren van een bijkomende aansluiting of het plaatsen van een IBA

         bij de aanleg van een gescheiden riolering op het openbaar domein tenzij er een conform keuringsattest kan voorgelegd worden van nieuw- of herbouw dat niet ouder is dan 5 jaar

3. Beoordeling:

Het advies is voorwaardelijk gunstig.

Er dient voldaan te worden aan de bovenstaande te volgen richtlijnen, voorwaarden en regelgeving.

Ook de wasmachines dienen verplicht mee aangesloten te worden voor hergebruik, dit dient aangepast te worden.

Het plaatsen van een poort is voor Pidpa mogelijk op voorwaarde dat wij ten allen tijde toegang kunnen bekomen.

Een poort als visuele barrière maar zonder nachtslot of ander (elektrische) slot en dus te allen tjjde manueel te openen.

Het inschakelen van een meldkamer of bewakingsfirma die 24/7 telefonisch (telefoonnummer dient duidelijk zichtbaar aangebracht bij de poort) bereikbaar is en die de poort vanop afstand kan loszetten of openen, of de code kan geven om de poort te openen. Bij stroomuitval dient deze poort gemakkelijk manueel geopend te kunnen worden.

 

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig (21 november 2025).

 

Het standpunt van Pidpa - Riolering wordt bijgetreden, de volgende voorwaarde zal worden opgelegd in de vergunning :

         Strikt naleven van het advies van Pidpa Riolering ontvangen op 21 november 2025 met ref. L-25-998/ 207605.

 

 

Toegankelijk Vlaanderen (Inter) heeft op 30 juli 2025 volgend advies uitgebracht: geen bezwaar

 

         De aanvraag valt buiten het toepassingsgebied van de verordening omdat er niet meer dan 5 wooneenheden zijn.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: geen bezwaar (30 juli 2025).

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Toegankelijk Vlaanderen (Inter) heeft op 30 oktober 2025 volgend advies uitgebracht: geen bezwaar

 

         De aanvraag valt buiten het toepassingsgebied van de verordening omdat er niet meer dan 5 wooneenheden zijn.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: geen bezwaar (30 oktober 2025).

 

Het standpunt van Toegankelijk Vlaanderen (Inter) wordt bijgetreden.

 

 

Cel Erfgoed heeft onder ref. 2025/178 volgend advies uitgebracht: geen bezwaar

 

Erfgoedstatuut:

 

De site van de voormalige Normaalschool is:

 

         aangeduid als vastgesteld bouwkundig erfgoed “Hof van Gistel” en “Burgerhuizen” dd. 29/03/2019;

         gelegen in de bufferzone rond UNESCO werelderfgoed “Stadhuis van Lier met belfort” dd. 04/12/1999 (https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/14986);

         gelegen in de vastgestelde archeologische zone “Historische stadskern van Lier” dd. 19/02/2016 (https://id.erfgoed.net/aanduidingsobjecten/11902);

         volgens het gewestplan Mechelen gelegen in woongebied met cultureel, historische en/of esthetische waarde (CHE-gebied) goedgekeurd dd. 28/09/1976 (https://dsi.omgeving.vlaanderen.be/fiche-detail/1e301c22-fa8a-4bdc-96af-4ab8caeedc40).

 

 

Voor gebouwen die zijn opgenomen in de inventaris van het bouwkundig erfgoed (na vaststelling met openbaar onderzoek) moet de lokale overheid bij een beslissing over werken of handelingen motiveren hoe de erfgoedwaarden in acht werden genomen. De wetgeving op de ruimtelijke ordening bepaalt dat de aanvraag in overeenstemming moet zijn met de ‘goede ruimtelijke ordening’. Dit betekent dat bij de beoordeling van een vergunningsaanvraag o.a. de schaal, visueel-vormelijke elementen en cultuurhistorische aspecten mee in overweging worden genomen.

 

Beoordeling:

 

Afweging:

De bouwheer wenst de fase N, voorzien in het masterplan voor de herbestemming van de Normaalschool, te realiseren. Het betreft een nieuwbouw met beneden een doorgang en fietsberging en op de verdiepingen vier studio’s en een dakappartement met een dakterras. De voormalige bebouwing werd reeds eerder gesloopt en het perceel is  momenteel onbebouwd.

 

De voorgestelde nieuwbouw past zich in binnen de bestaande bebouwing qua vormgeving, materialiteit en bouwhoogte. Het nieuwe ontwerp met puntgevel verwijst naar de bestaande bebouwing in de Berlaarsestraat voornamelijk in neo-traditionele architectuur (wederopbouwstijl). De moderne materialen (combinatie van baksteen met glad beton en met zwart buitenschrijnwerk) sluiten aan bij het materiaalgebruik op de rest van de Normaalschoolsite.

 

De voorgestelde werken hebben geen negatieve impact op de erfgoedwaarden van de site.

 

Advies:

De voorgestelde werken hebben geen negatieve impact op de erfgoedwaarden van de site. Er is vanuit de stedelijke cel erfgoed geen bezwaar tegen deze werken.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: geen bezwaar (4 september 2025).

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Cel Erfgoed heeft geen advies uitgebracht. Het voorgaande advies wordt hernomen.

 

 

Cel Integraal Waterbeheer heeft geen advies uitgebracht.

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Cel Integraal Waterbeheer heeft geen advies uitgebracht. Er wordt verwezen naar de adviezen van Pidpa Riolering en Vlaamse

 

 

Cel Mobiliteit heeft volgend advies uitgebracht: gunstig

 

- Er worden meer woonentiteiten voorzien dan in de MOBER, maar de extra impact is verwaarloosbaar. De extra verkeersgeneratie is dus acceptabel.

 

- Het aantal autostaanplaatsen is, conform de voorziene plaatsen en argumentatie, voldoende.

 

- Het aantal fietsstaanplaatsen is voldoende. Bovendien zijn er laadmogelijkheden, wat aangewezen is.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gunstig (30 juli 2025).

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Cel Mobiliteit heeft volgend advies uitgebracht: gunstig

 

- Er worden meer woonentiteiten voorzien dan in de MOBER, maar de extra impact is verwaarloosbaar. De extra verkeersgeneratie is dus acceptabel.

 

- Het aantal autostaanplaatsen is, conform de voorziene plaatsen en argumentatie, voldoende.

 

- Het aantal fietsstaanplaatsen is voldoende. Bovendien zijn er laadmogelijkheden, wat aangewezen is.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gunstig (30 oktober 2025).

 

Het standpunt van Cel Mobiliteit wordt bijgetreden.

 

 

Cel technisch bureau heeft volgend advies uitgebracht: geen bezwaar

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Cel technisch bureau heeft volgend advies uitgebracht: voorwaardelijk gunstig

 

Projectinhoudversie 4

 

Gezien het poortgebouw wordt opgetrokken naast en boven de inrit van de ondergrondse parkeergarage, die op dat moment reeds in gebruik zal zijn, dient de aanvrager de nodige maatregelen te nemen om deze inrit gedurende de werken ten allen tijde vlot en veilig bereikbaar te houden voor zowel autoverkeer, traag verkeer en hulpdiensten. De tijdelijke verharding van de inrit dient op eigen initiatief én op vraag van de stad Lier onderhouden te worden als last van de aanneming.

Na optrekken en afwerking van het poortgebouw dient zo spoedig mogelijk gestart te worden met de uitvoering van de definititieve verharding. Deze verharding bestaat deels uit ingewassen kasseien (cfr Barbara Vettersplein) en deels uit een monoliete ter plaatse gestort betonverharding (uitgewassen afwerking) in de bocht naar de ondergondse garages.

Volgende voorwaarden werden door Cel technisch bureau opgelegd:

Gezien het poortgebouw wordt opgetrokken naast en boven de inrit van de ondergrondse parkeergarage, die op dat moment reeds in gebruik zal zijn, dient de aanvrager de nodige maatregelen te nemen om deze inrit gedurende de werken ten allen tijde vlot en veilig bereikbaar te houden voor zowel autoverkeer, traag verkeer en hulpdiensten. De tijdelijke verharding van de inrit dient op eigen initiatief én op vraag van de stad Lier onderhouden te worden als last van de aanneming.

Na optrekken en afwerking van het poortgebouw dient zo spoedig mogelijk gestart te worden met de uitvoering van de definititieve verharding. Deze verharding bestaat deels uit ingewassen kasseien (cfr Barbara Vettersplein) en deels uit een monoliete ter plaatse gestort betonverharding (uitgewassen afwerking) in de bocht naar de ondergondse garages.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: voorwaardelijk gunstig (6 november 2025).

 

Het standpunt van Cel technisch bureau wordt bijgetreden, de volgende voorwaarden zullen worden opgelegd in de vergunning :

Gezien het poortgebouw wordt opgetrokken naast en boven de inrit van de ondergrondse parkeergarage, die op dat moment reeds in gebruik zal zijn, dient de aanvrager de nodige maatregelen te nemen om deze inrit gedurende de werken ten allen tijde vlot en veilig bereikbaar te houden voor zowel autoverkeer, traag verkeer en hulpdiensten. De tijdelijke verharding van de inrit dient op eigen initiatief én op vraag van de stad Lier onderhouden te worden als last van de aanneming.

Na optrekken en afwerking van het poortgebouw dient zo spoedig mogelijk gestart te worden met de uitvoering van de definititieve verharding. Deze verharding bestaat deels uit ingewassen kasseien (cfr Barbara Vettersplein) en deels uit een monoliete ter plaatse gestort betonverharding (uitgewassen afwerking) in de bocht naar de ondergondse garages.

 

 

Cel Wonen heeft volgend advies uitgebracht: gunstig

 

De aanvraag betreft een nieuwbouw met 4 studio’s en 1 twee-slaapkamerappartement. Elke woonentiteit heeft een private fietsenberging op het gelijkvloers. Met deze compacte woonvorm in het centrum van Lier wordt voorzien in een aanbod voor alleenwonenden. Met de andere woningtypes in de andere delen van het project vormt dit een gemengd aanbod.

De studio’s zijn voldoende ruim en lichtrijk, met o.a. een inkomsas, apart toilet, private berging en private buitenruimte. De terrassen zijn zeer klein (1,6m²) maar bruikbaar voor één persoon. De slaaphoek is afscheidbaar met een gordijn.

Het twee-slaapkamerappartement is eveneens voldoende ruim. De leefruimte is vrij klein, maar is ruimtelijk kwaliteitsvol vanwege het opengewerkt plafond. De berging wordt nog aangevuld met een ruime private fietsenberging op het gelijkvloers. Het terras bevindt zich een niveau hoger, op de dakverdieping, en is bereikbaar via een vaste trap.

In de inkomzones van de woonentiteiten en op sommige plaatsen er hoogte van de badkamer of berging is de plafondhoogte slechts 2m40. Vanwege de functie van de betrokken ruimtes en de hogere vrije hoogte elders is dit aanvaardbaar.

De stad stelt een conformiteitsattest verplicht voor huurwoningen. Dit attest bevestigt dat een woning voldoet aan de Vlaamse woningkwaliteitsnormen en kan aangevraagd worden bij het team Wonen. De minimale eisen van de Vlaamse Codex Wonen zijn pas te controleren wanneer de appartementen gerealiseerd zijn. Op basis van deze plannen lijkt het mogelijk om de appartementen conform te realiseren.

 

De eindconclusie van het advies luidt als volgt: gunstig (4 september 2025).

 

Omwille van het ongunstig advies van hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) werd er op 28/8/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV3 aangeleverd. Deze nieuwe PIV3 werd aanvaard op 11/9/2025.

 

Er werd enkel aan hulpverleningszone Rivierenland (brandweer Lier) opnieuw advies gevraagd.

 

Naar aanleiding van de opmerkingen in de bezwaren werd er op 23/10/2025 een nieuwe projectinhoudversie PIV4 aangeleverd. Deze werd aanvaard op 27/10/2025.

 

Er werd op 27/10/2025 terug advies gevraagd aan iedere adviesinstantie.

 

Cel Wonen heeft geen advies uitgebracht. Omdat er geen wijzigingen aan de woonentiteiten zijn gebeurd wordt het bovenstaand advies hernomen.

 

Het standpunt van Cel Wonen wordt bijgetreden.

 

  1. Openbaar onderzoek

Volgens artikel 67 §1, 1° van het besluit van de Vlaamse regering van 27 november 2015 betreffende de omgevingsvergunning, moet een openbaar onderzoek worden ingesteld conform de bepalingen van titel 3, hoofdstuk 5, van dit besluit.

De aanvraag werd onderworpen aan een openbaar onderzoek.

 

Het openbaar onderzoek vond plaats van 27 juli 2025 tot 25 augustus 2025. Naar aanleiding van het openbaar onderzoek tekenden 6 indieners bezwaar aan.

 

Inhoud bezwaarschriften

 

Volgende standpunten werden uitgebracht tijdens het openbaar onderzoek horende bij projectinhoudversie PIV2:

De bezwaren handelen samengevat over de volgende elementen:

 

Wegenis en Rooilijn

         Er wordt geen poort geplaatst in de onderdoorgang zoals afgesproken in de dadingsovereenkomst van 5 september 2018 en toont dat een duidelijke regeling noodzakelijk is om de leefbaarheid en veiligheid in de buurt te vrijwaren.  Zonder afsluiting ontstaat er een permanente open doorgang naar de ondergrondse parkeergarage en achterliggende bebouwing zodat die vatbaar worden voor vandalisme, sluikstorten en overlast.

         Doorrit is niet voldoende breed voor een vlotte doorgang van leveranciers aan de achterliggende handelaars. Dit moet herbekeken worden.

 

Evaluatie bezwaarschriften

De verschillende elementen uit de bezwaren betreffende wegenis en rooilijn kunnen niet worden bijgetreden om volgende redenen:

         Op 27/10/2025 werd er een 2de wijzigingslus (PIV4) aanvaard waarin er wel een poort wordt voorzien ter afsluiting. Dit komt tegemoet aan de dadingsovereenkomst. 

         In het verkavelingsvoorschrift over het bouwvolume van lot 3 staat:

  1. Erfdienstbaarheid van overbouw: ter plaatse van de (toekomstige) onderdoorgang van het gebouw, als onderdeel van het (toekomstig) openbaar domein, geldt een erfdienstbaarheid van overbouw ten bare van het (toekomstige) gebouw, lastens het openbaar domein. De publieke onderdoorgang is minimaal 4m breed en 4m hoog en afsluitbaar met een poort.

De verkavelingswijziging PIV 4, aanvaard op 27/10/25, voorziet een poort en de onderdoorgang voldoet aan de bovenstaande minimale breedte en hoogte van 4m.

 

Alle elementen uit de verschillende bezwaren kunnen worden verworpen.

 

  1. Algemene conclusie en advies gemeentelijke omgevingsambtenaar

Aangezien de voorgelegde aanvraag voorwaardelijk in overeenstemming is met alle bepalingen uit de Vlaamse codex en de rooilijn op zich aanvaardbaar is, kan een gunstig advies gegeven worden onder volgende voorwaarden en lasten :

         De bijgevoegde maatregelen opgelegd in het advies van Brandweerzone Rivierenland (ref. P15353-027/04) van 24 november 2025 strikt na te leven.).

         Strikt naleven van het advies van Pidpa Riolering ontvangen op 21 november 2025 met ref. L-25-998/ 207605.

         Gezien het poortgebouw wordt opgetrokken naast en boven de inrit van de ondergrondse parkeergarage, die op dat moment reeds in gebruik zal zijn, dient de aanvrager de nodige maatregelen te nemen om deze inrit gedurende de werken ten allen tijde vlot en veilig bereikbaar te houden voor zowel autoverkeer, traag verkeer en hulpdiensten. De tijdelijke verharding van de inrit dient op eigen initiatief én op vraag van de stad Lier onderhouden te worden als last van de aanneming.

Na optrekken en afwerking van het poortgebouw dient zo spoedig mogelijk gestart te worden met de uitvoering van de definititieve verharding. Deze verharding bestaat deels uit ingewassen kasseien (cfr Barbara Vettersplein) en deels uit een monoliete ter plaatse gestort betonverharding (uitgewassen afwerking) in de bocht naar de ondergondse garages.

 

Aldus wordt aan de gemeenteraad voorgesteld  de rooilijn vast te stellen volgens het plan met benaming ‘Rooilijnplan’ met plannummer I_N_02 dd. 2/4/2025 opgemaakt door Meta Architectuur, BOB361 Architects, Callebaut Architecten en OKRA Landschapsarchitecten met een gratis grondafstand van 3,28m².

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art. 1:

De gemeenteraad beslist om de rooilijn vast te stellen bij de aanvraag tot omgevingsvergunning inzake herbestemmen normaalschool, fase N, volgens het plan met titel ‘Rooilijnplan’ met plannummer I_N_02 dd. 2/4/2025 opgemaakt door Meta Architectuur, BOB361 Architects, Callebaut Architecten en OKRA Landschapsarchitecten met een gratis grondafstand van 3,28m², mits voldaan wordt aan volgende voorwaarden :

         De bijgevoegde maatregelen opgelegd in het advies van Brandweerzone Rivierenland (ref. P15353-027/04) van 24 november 2025 strikt na te leven.).

         Strikt naleven van het advies van Pidpa Riolering ontvangen op 21 november 2025 met ref. L-25-998/ 207605.

         Gezien het poortgebouw wordt opgetrokken naast en boven de inrit van de ondergrondse parkeergarage, die op dat moment reeds in gebruik zal zijn, dient de aanvrager de nodige maatregelen te nemen om deze inrit gedurende de werken ten allen tijde vlot en veilig bereikbaar te houden voor zowel autoverkeer, traag verkeer en hulpdiensten. De tijdelijke verharding van de inrit dient op eigen initiatief én op vraag van de stad Lier onderhouden te worden als last van de aanneming.

Na optrekken en afwerking van het poortgebouw dient zo spoedig mogelijk gestart te worden met de uitvoering van de definititieve verharding. Deze verharding bestaat deels uit ingewassen kasseien (cfr Barbara Vettersplein) en deels uit een monoliete ter plaatse gestort betonverharding (uitgewassen afwerking) in de bocht naar de ondergondse garages

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

ONROEREND ERFGOEDGEMEENTE - AANVRAAG ERKENNING. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Het Onroerenderfgoeddecreet voorziet in de erkenning van zgn. Onroerenderfgoedgemeenten (OEG). Een OEG is  een gemeente die een duidelijke ambitie uitspreekt om zorg te dragen voor hun onroerend erfgoed. Van OEG'en wordt verwacht dat ze een integrale beleidsvisie ontwikkelen rond beheer en behoud van onroerend erfgoed (zowel bouwkundig, landschappelijk als archeologisch). Ze neemt welbepaalde Vlaamse bevoegdheden en taken over. Binnen de eigen administratie moet daarom voldoende expertise aanwezig zijn om een aantal taken en bevoegdheden van het Agentschap Onroerend Erfgoed over te nemen.

 

In zitting van 24 maart 2025 ging het college principieel akkoord met de opmaak van een aanvraag voor de erkenning van stad Lier als onroerenderfgoedgemeente.

 

Feiten en context

Om een OEG te worden moet een aanvraag tot erkenning worden ingediend bij het Agentschap Onroerend Erfgoed. Na erkenning kan ook een jaarlijkse werkingssubsidie worden aangevraagd. Voor Lier zou deze werkingssubsidie - dankzij de erkenning van zowel het begijnhof als het stadhuis met belfort als UNESCO-werelderfgoed - jaarlijks 50.000 euro bedragen. Deze subsidie moet worden aangewend voor de uitbouw van erfgoedexpertise binnen de organisatie (hetzij door het werven of inhuren van deskundig personeel). Dit zou kunnen aangewend worden om de huidige cel erfgoed binnen Technisch bureau gebouwen te versterken.

 

De volgende taken worden overgedragen van het Agentschap Onroerend Erfgoed aan de OEG:

        geven en opvolgen van toelatingen voor handelingen aan beschermd erfgoed (waarvoor geen omgevingsvergunning vereist is).

        akte nemen en koppelen van voorwaarden aan archeologienota's en nota's.

        geven van toelatingen voor archeologisch vooronderzoek met ingreep in de bodem.

        bijhouden van een register van toelatingen, bekrachtigingen en aktenames van archeologienota's en nota's.

        inventariseren van het bouwkundig en landschappelijk erfgoed in de gemeente en stimuleren van het duurzaam behoud en beheer ervan.

        handhaven inzake onroerend erfgoed en aanstellen van een gemeentelijk verbalisant onroerend erfgoed.

        oprichten van een adviesraad rond onroerend erfgoed.

        uitvoeren van de beleidsprioriteiten Vlaamse regering.

Daarnaast kan een OEG uiteraard ook (vrijwillig) aanvullende verantwoordelijkheden opnemen inzake erfgoed.

 

Binnen heel wat van die bevoegdheden speelt stad Lier nu al een rol, weliswaar in nauw overleg met het Agentschap Onroerend. Het gaat dan voornamelijk om het verlenen van vergunningen, adviesverlening bij omgevingsvergunningen, inventarisatie, handhaving, ... Volledig nieuwe verantwoordelijkheden zijn de taken inzake archeologie.

 

Voordelen:

        mogelijkheid om na inventarisatie onroerend erfgoed vast te stellen (schrappen en toevoegen van panden aan inventaris onroerend erfgoed).

        mogelijkheid tot opleggen van bijkomende toelatingsplichten voor (niet beschermd) bouwkundig erfgoed.

        Gedeeltelijke "ontvoogding" inzake onroerend erfgoed. Dit betekent o.a. ook een vereenvoudiging van de procedure voor het uitvoeren van onderhoudswerken aan ons eigen beschermd patrimonium (bv. schilderen buitenschrijnwerk, kleine interieurwerken, ...)

        Onderstreept de ambitie en de inspanningen van stad Lier voor het behoud en beheer van het onroerend erfgoed op haar grondgebied.

        Een OEG wordt een bevoorrechte partner van de Vlaamse Overheid en kan (beperkt) wegen op het Vlaamse erfgoedbeleid.

        Jaarlijkse werkingssubsidie van 50.000 euro.

        Indien gewenst kan van de erkenning ook steeds afstand worden gedaan

 

Nadelen:

        Ondanks dat stad Lier al zeer betrokken wordt door het Agentschap Onroerend Erfgoed zal dit voor een bepaalde bijkomende werklast zorgen.

        Financiële implicatie aangezien het stadsbestuur moet investeren in expertise inzake onroerend erfgoed (archeologie, gemeentelijk verbalisant). Deze taken kunnen eventueel deels worden gedelegeerd, bv. aan IGEMO (handhaving) of aan een Intergemeentelijke Onroerenderfgoeddienst (archeologie).

        Overgedragen taken zijn grotendeels administratief van aard. Er is zeker geen volledige "ontvoogding" inzake onroerend erfgoed.

        Volatiliteit van Vlaamse beleidsprioriteiten.

        Een voorbeeldfunctie betekent ook dat de stad het beheer van haar eigen patrimonium ter harte moet nemen. Als partner en klankbord van de Vlaamse Overheid zal hier ook (weliswaar beperkt) tijd voor uitgetrokken moeten worden.

 

Fasering

Een erkenning als Onroerenderfgoedgemeente is geïntegreerd binnen de lokale Beleids- en Beheerscyclus (BBC). Dit betekent dat een aanvraag tot erkenning enkel kan in het eerste en het vierde jaar van de lokale beleidscyclus. De eerstvolgende deadline is 15 januari 2026.  

 

Adviezen

Een erkenning als onroerenderfgoedgemeente is een meerwaarde voor de werking van Technisch bureau gebouwen. Hierdoor kunnen we o.a. inventarissen onroerend erfgoed gaan vaststellen, waardoor hier ook rechtsgevolgen aan gekoppeld worden, wat van groot belang is voor onze initiatieven rond herinventarisatie en valorisatie van het bouwkundig erfgoed.

Bovendien is er een jaarlijkse werkingssubsidie mogelijk.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur.

Onroerend Erfgoeddecreet en -besluit.

 

Argumentatie

Goedkeuring van de beleidsvisie en de aanvraag tot erkenning is een verantwoordelijkheid van de gemeenteraad.

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt de aanvraag tot erkenning als onroerenderfgoedgemeente en de bijhorende beleidsvisie goed.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

GELDSCHENKING VAN VZW PROVIDER EVENTS. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Feiten en context

De vzw Provider Events organiseerde in het verleden diverse evenementen in het Moevement in samenwerking met de jeugddienst van de stad Lier.

 

Deze vzw had tot doel om muzikale en culturele activiteiten te organiseren en te promoten met de bedoeling organisaties, verenigingen en mensen samen te brengen.

 

De vzw Provider Events werd per 01/11/2024 in ontbinding-vereffening gesteld.

 

Op 29/04/2025 ontving de stad Lier 100,70 eur van deze vzw met mededeling "VZW schenking Provider Events. Bedankt voor de mooie jaren dat we bij jullie hebben mogen beleven".

 

Er werd contact opgenomen met VOF ATC Vercammen (Erwin Vercammen) uit Mortsel die zich beziggehouden hebben met de vervulling van de formaliteiten bij het ondernemingsloket met het oog op de aanpassing van de gegevens in de KBO en, desgevallend, bij de BTW administratie en de Vennootschapsbelasting.

De heer Erwin Vercammen liet per mail weten dat het klopt dat het overgebleven bedrag dat nog op de rekening van de vzw Provider Events stond aan het Moevement geschonken werd en dat het geld m.a.w. voor de jongerenwerking bedoeld is.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Argumentatie

Schenkingen dienen goedgekeurd te worden door de gemeenteraad.

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad aanvaardt de schenking van 100,70 eur door de vzw Provider Events.

 

Art 2 :

Dit bedrag wordt ter beschikking gesteld voor de jeugdwerking van de stad Lier.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

SAMENWERKINGSOVEREENKOMST UITPAS RIVIERENLAND. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Het college van burgemeester en schepenen besliste in de zitting van 18/01/2016 akkoord te gaan met de invoering van UiTPAS .

Het CBS besliste in de zitting van 15/04/2024 en 08/09/2025 akkoord te gaan met de regio-uitbreiding van UiTPAS met respectievelijk de gemeente Sint-Katelijne-Waver en Nijlen.

 

Feiten en context

De stuurgroep UiTPAS adviseerde deze regio-uitbreiding positief mits vastleggen van duidelijke afspraken.

De drie gemeenten, Lier, Nijlen en Sint-Katelijne-Waver stelden de samenwerkingsovereenkomst in bijlage op waarin alle afspraken worden vastgelegd.

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

 

Stemming

 

eenparig

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad gaat akkoord met de samenwerkingsovereenkomst UiTPAS Rivierenland, zoals als bijlage toegevoegd.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

VVSG - ALGEMENE VERGADERING VAN 18 DECEMBER 2025 - AGENDA. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 24 februari 2025 over het aanduiden van een effectief en plaatsvervangend afgevaardigde in de algemene vergadering van de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten vzw (VVSG), nl. de heer Pets Rik als effectief afgevaardigde en de heer Rik Verwaest als plaatsvervangend afgevaardigde.

 

Feiten en context

De stad neemt deel aan de Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten vzw (VVSG).

 

De stad ontving de uitnodiging van de eerstvolgende algemene vergadering van VVSG. Deze vindt plaats op donderdag 18 december om 19.30 uur.

 

De agenda is als volgt vastgesteld:

 

1

Verwelkoming door de voorzitter

2

Goedkeuring verslag Algemene Vergadering van 18 juni 2025

3

Toelichting budget en jaarplan 2026

  1. Budget 2026 en toelichting bij het budget
  2. Jaarplan 2026

4

Stemming

  1. Goedkeuring verslag Algemene Vergadering van juni 2025
  2. Goedkeuring van het budget 2026

 

Juridische grond

Decreet Lokaal Bestuur

Statuten VVSG

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 onthoudingen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt de agenda van de algemene vergadering op 18 december 2025 goed.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

INTERGEMEENTELIJKE ERFGOEDDIENST ZUIDERKEMPEN WEST - MEERJARENPLAN 2027-2032. GOEDKEURING.

 

MOTIVERING

Voorgeschiedenis

Gemeenteraadsbeslissing van 29 september 2025 over de toetreding aan samenwerkingsverband rond erfgoed

Gemeenteraadsbeslissing van 24 november 2025 over het akkoord met de verlenging van de projectvereniging Erfgoed en Cultuur Zuiderkempen (voorheen Kempens Karakter) voor de periode 2027-2031 en de goedkeuring van de gewijzigde statuten.

 

Feiten en context

Na een intensief traject met alle betrokken lokale besturen en projectverenigingen besloten de gemeenten Grobbendonk, Heist-op-den-Berg, Herentals, Herenthout, Herselt, Hulshout, Lier, Nijlen, Olen, Vorselaar en Westerlo om verder intergemeentelijk samen te werken rond erfgoed en cultuur (Intergemeentelijke erfgoeddienst, afgekort IOED). De elf gemeenten besloten om binnen de projectvereniging Erfgoed en Cultuur Zuiderkempen de volgende deelwerkingen uit te bouwen:

        IOED Zuiderkempen Oost: een regioconforme IOED voor de gemeenten Grobbendonk, Herentals, Herenthout, Herselt, Hulshout, Olen, Vorselaar en Westerlo.

        IOED Zuiderkempen West: een regioconforme IOED voor de gemeenten Heist-op-den-Berg, Lier en Nijlen.

        Erfgoedcel Zuiderkempen: een regiogrensoverschrijdende cultureel erfgoedcel voor de elf gemeenten.

        Cultuurregio Zuiderkempen: een regioconforme cultuurregio voor de gemeenten Grobbendonk, Herentals, Herenthout, Herselt, Hulshout, Olen, Vorselaar en Westerlo.

 

Voor de werking rond onroerend erfgoed (IOED) zijn de elf gemeenten op dit moment allemaal aangesloten bij een intergemeentelijk samenwerkingsverband. Het gaat in totaal over vier verschillende intergemeentelijke structuren in vier verschillende referentieregio’s: Kempens Karakter, Cultuur & erfgoed de Merode, Berg en Nete en IGEMO.

De elf gemeenten besloten dus om vanaf 2027 twee IOED’s uit te bouwen binnen de projectvereniging Erfgoed en Cultuur Zuiderkempen: IOED Zuiderkempen Oost en IOED Zuiderkempen West.

 

Procedure

De aanvraag van de erkenning als intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst én van een Vlaamse werkingssubsidie als erkende intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst voor de periode 2027-2032 moet uiterlijk op 15 januari 2026 worden ingediend bij het Agentschap Onroerend Erfgoed.

De minister beslist uiterlijk op 30 april 2026 over de erkenning én over de toekenning van de subsidie. In geval van een positieve beslissing maakt het agentschap samen met de erkende IOED een samenwerkingsovereenkomst op voor de subsidieperiode. Uiterlijk op 1 november 2026 ondertekenen het agentschap en de erkende IOED de samenwerkingsovereenkomst. De subsidie omvat personeelsmiddelen voor personeel in loondienst van het erkende intergemeentelijk samenwerkingsverband en gaat van start in 2027.

 

Juridische grond

Decreet lokaal bestuur van 12 december 2017 en latere wijzigingen.

Regiodecreet van 3 februari 2023.

Decreet van 10 juni 2022 tot wijziging van het onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013.

Statuten van de projectvereniging Erfgoed en Cultuur Zuiderkempen (voorheen Kempens Karakter).

 

Financiële weerslag

Budget

Het onroerenderfgoeddecreet voorziet een jaarlijkse Vlaamse werkingssubsidie van €120.000 voor de werking van de IOED. De lokale besturen zijn verplicht eenzelfde jaarlijks bedrag van €120.000 te investeren, volgens het zogenaamde principe van ‘1 euro voor 1 euro’. De lokale besturen besloten daarom om als groep een dotatie van €1,06/inwoner te voorzien. Zoals gestipuleerd in de statuten van de projectvereniging wordt de exacte dotatie per gemeente berekent op basis van een forfaitair bedrag en een bedrag per inwoner.

 

Meerjarenplan 2027-2032

Het meerjarenplan 2027-2032 van IOED Zuiderkempen West wordt toegevoegd in bijlage. Het beleidsplan kwam tot stand op basis van een evaluatie van de huidige IOED-werkingen in het werkingsgebied en een kort maar krachtig participatief beleidsplanningstraject met veel gesprekken met de betrokken actoren. Er werden ook twee grote participatiemomenten georganiseerd voor het erfgoedveld en de lokale besturen, met name op 27 september en 15 oktober 2025.

 

Stemming

 

18 stemmen voor: Rik Verwaest, Bert Wollants, Ivo Andries, Ilse Lambrechts, Henri Pets, Charlotte Schwagten, Niels De Bakker, Annemie Goris, Anja De Wit, Thierry Suetens, Dirk Frans, Maurits De Smedt, Marc De Keulenaer, Christophe Wuyts, Ellen Brion, Xander De Vos, Piet De Zaeger en Martine Van der Kuylen

12 onthoudingen: Katrien Vanhove, Stijn Coenen, Stéphanie Van Campenhout, Tom Claes, Ellen Lissens, Anja Vlaeymans, Björn Gielen, Sylvie Bracqué, Ipek Altun, Sander Roelandt, Philippe Iglesias Bezemer en Katrien Van Praet

Goedkeuring met 18 stemmen voor - 12 onthoudingen

 

BESLUIT

Art 1 :

De gemeenteraad keurt het meerjarenplan en de meerjarenbegroting 2027-2031 van de Intergemeentelijke erfgoeddienst Zuiderkempen West in bijlage, de aanvraag met het oog op de erkenning als intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst, en de aanvraag van een Vlaamse werkingssubsidie als erkende intergemeentelijke onroerenderfgoeddienst voor de periode 2027-2032 goed.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Overzicht punten

Zitting van 15 december 2025

 

TOEGEVOEGDE PUNTEN

 

MOTIVERING

Er werden geen toegevoegde punten ingediend.

 

BESLUIT

Art 1 :

Kennisgenomen.

 

Publicatiedatum: 27/01/2026
Disclaimer

Publicatie LBLOD

De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.

Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:

Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.